Wie  is AAaRGh… ?

Tekst en fotografie Bernadette Van de Velde

AAaRGh… is pseudoniem voor Mario De Koninck, een veelzijdige Belgische cartoonist en theatermaker uit Gent.

Biografie

Ofschoon van kindsbeen af dol op tekenen en schilderen en ervan dromend daar ooit zijn beroep van te maken, ging hij voorafgaand aan zijn huidig kunstenaarschap aan de VUB Communicatiewetenschappen studeren. Hij wist toen nog niet dat hij ASS had en dat dit hem zou hinderen bij de uitbouw van een carrière als journalist, waar samenwerken en plotse veranderingen schering en inslag zijn.
Werken voor een baas, zaken als teambuilding, voortdurende stress en in contact staan met anderen, was niets voor hem. Hij ging dus al zijn pijlen richten op het tekenen. Dat kon hij in alle rust en vrijheid doen bij hem thuis. Maar er moest geld in het laadje komen.
Zijn eerste echte betalende opdrachtgever was TeVe-Blad. Voor dat blad zou hij jarenlang wekelijks 6 cartoons over TV programma’ s en cartoonraadsels maken.
Hij werd de vaste huiscartoonist van de gratis krant Metro. Jarenlang verscheen er elke vrijdag een actuele “AAaRGh…” cartoon op de achterpagina van dat blad, wat hem één van de meest bekeken cartoonisten van België maakte. In Nederland publiceerde hij 7 jaar dagelijks een actuele cartoon in de gratis krant Sp!ts.
Hij won in 2018 de “Lang Zullen We lezen” trofee van de VRT voor zijn kinderboek “De prinses die alles had”.
Op 31-jarige leeftijd kreeg hij de diagnose autisme, wat hij 16 jaar later verwerkte  in de humoristische en ontroerende theatershow “Mario, morgen gadegij naar de dokter”. Dit met de steun van de Liga Autisme Vlaanderen.
Hij won, als beste Belgische inzending, een cartoonwedstrijd ingericht door Cultuursmakers, met als thema “Cultuur verenigt mensen”.
Hij schreef teksten voor TV- en radioprogramma’s zoals De rechtvaardige rechters (Canvas), Komen Eten (Vier), De Raadkamer (Radio 2).
Hij was en is ook improvisator bij de “Nonsens Alliantie”, een 5-koppige improvisatiegezelschap.

Kennismaking

Mijn eerste kennismaking met Mario De Koninck’s werk waren de tekeningen op de muren van de oude Velba-fabriek in Schellebelle waar de kunsttentoonstelling “Kidmie” liep. Grappige figuurtjes die de bezoekers de weg toonden naar de verschillende zalen en hoekjes van het pand zoals bijvoorbeeld een mannetje dat zich repte richting toilet en het onderweg  in zijn broek deed. Alle cartoons ondertekend met het bijzondere pseudoniem AAaRGh…
Later ontmoette ik Mario in persoon op een kerstmarkt waar hij achter een standje zijn boeken en gadgets aan de man bracht. Ik kocht er 2 cartoonboeken met als titel “Corona”, handelend over zijn ervaringen tijdens de pandemie, met veel humor gebracht en met respect naar slachtoffers toe.
Recent zag ik Mario op de planken in CC De Werf in Aalst, mijn en zijn geboortestad, met zijn one-man-show “Mario, morgengadegij naar de dokter”.
Uiteindelijk kreeg ik de gelegenheid voor een persoonlijke babbel bij hem thuis. Het werd een fijn gesprek waarin mijn vele vragen met gentillesse en ,Mario eigen, met een vleugje humor , beantwoord werden.

AAaRGh… : vanwaar dat pseudoniem?

AAaRGh… is een kreet die men slaakt als er iets misgaat of als men zich ergert. Daar draaien mijn grappen meestal om: herkenbare, dagelijkse situaties die niet goed aflopen. De 3 puntjes achter het woord suggereren dan weer dat de frustratie of de kreet nooit echt stopt, zo ook  mijn eindeloze stroom aan cartoons over de kleine ongemakken van het leven. En last but not least: het alfabetische voordeel, welke een naam die begint met AA biedt: je komt overal bovenaan in alfabetische lijsten en catalogi terecht.

Ik las ergens dat je “blind kan tekenen”. Wat bedoel je daarmee?

Ik deed het bij wijze van grap en het lukte wonderwel. De fijnheid ontbrak een beetje, maar mocht ik oefenen, het zou de perfectie benaderen. Ik teken zó veel dat ik het bij wijze van spreken met de ogen dicht kan doen. Ik ben linkshandig maar kan even goed met de rechterhand tekenen. En… mocht het nodig zijn, dan kan ik het zelfs met de voeten.

Je kan blind tekenen maar kan je ook een gesprek voeren terwijl je tekent maw een soort van multitasken?

Ik doe het soms, noodgedwongen, bij het signeren van een werk, maar het gesprek valt al gauw stil. Ik verlies me in het tekenen, ik focus me op mijn blad en zie of hoor niet langer wat er rond mij gebeurt. Mocht ik bij mijn signeer-en boekenstand mijn vrouw niet in de buurt hebben, men zou heel mijn kraam kunnen leegroven zonder dat ik er erg in heb.

Aan wat moet een beeld volgens jou voldoen opdat het zowel een volwassene als een kind kan raken?

Het moet sowieso een visueel beeld zijn, met een minimum aan woorden, een beeld dat direct duidelijk en helder is. Humor is daarbij een troef. Het is omzeggens onmogelijk een beeld te brengen dat iedereen raakt. Zelfs bij de beste grap zijn er mensen die ze óf niet snappen óf ze persoonlijk nemen. De dag dat ik een cartoon teken waar werkelijk iedereen kan om lachen, stop ik ermee, want dat lukt toch nooit. Je moet iets kunnen tonen dat algemeen is én onschuldig. Dieren zijn dankbare onderwerpen. Je geeft ze menselijke trekjes, mensen herkennen er zich in zonder zich aangevallen te voelen.

Is tekenen jouw spreektaal, jouw voornaamste manier van communiceren?

Babbelen doe ik haast evenveel als tekenen. Ik schrijf boeken,  ik speel theater, ik praat. Maar ik vind het een meerwaarde dat ik mijn gedachten in beelden kan omzetten. Het cliché klopt: een beeld zegt meer dan 1000 woorden. Iets zuiver met woorden uitgelegd krijgen is soms moeilijk. Er passeren dagelijks vele gedachten door mijn hoofd en deze verdwijnen in het niets als ik ze niet onmiddellijk opschrijf. Ik wil ze opslaan vóór ze verdwijnen. Tekenen is mijn directe uitlaatklep. Speelse gedachten, zotte ideeën, absurde dingen ontspruiten uit mijn brein en wil ik onmiddellijk vorm geven.

Werk je met een thema?

Meestal wel. Maar soms wijk ik ervan af. Zo heb ik een periode “aliens” getekend. Maar het bleef niet zuiver bij dat onderwerp. Voor ik er erg in had kwam er bij die alien een piemel of een bloot achterwerk piepen en ging het niet langer om die abstracte figuur en het thema op zich.

Teken je ook nog andere dingen dan cartoons?

Ja, op vakantie, doe ik aan “urban sketching”, dit is tekenen wat ik ter plaatse zie. Zonder grappen of humor maar zuiver de weergave van een mooi beeld. Ik voel me aangetrokken tot de natuur en ook tot gebouwen waar iets aan scheelt, gebouwen met een hoek af. Dat is ook vaak met een landschap het geval, ook een landschap oogt niet altijd  perfect.

Je won in 2018 de – Lang Zullen We lezen trofee – van de VRT voor het kinderboek “De prinses die alles had”. De tekst is van jou maar de illustraties zijn van je vriend Nikola Hendrickx (pseudoniem IOA). Vanwaar deze samenwerking?

Nikola is een vriend en een begenadigd illustrator. Ik vond zijn tekenstijl beter passen bij het verhaal dat ik schreef. We werkten samen aan dat boek in voortdurende interactie.

Naast je tekentalent beschik je ook over een schrijverstalent. In welke van je creaties/producties treedt dit laatste op de voorgrond?

Ik schreef onder andere:

  • de tekst voor mijn theatervoorstelling
  • het verhaal van “De prinses die alles had”: een modern sprookje waarin ik thema’s zoals een huwelijkscrisis en de invloed van technologie (zoals het swipen met een smartphone) verwerk
  • het jeugdboek “Soep”, dat ook geschikt  is voor volwassenen
  • het scenario in mijn strips “Familie De Koninck”
  • teksten en grappen voor TV- en radioprogramma’s

Dan is er nog je derde talent: dat van acteur/performer. Je tourt momenteel, voor het tweede jaar op rij, met je show “Mario, morgen gadegij naar de dokter”. Hoe ben je daar “ingerold”?

Op een bepaald moment kreeg ik de vraag van de Liga Autisme Vlaanderen of ze een cartoon van mij mochten gebruiken. Die cartoon had volgens mij niets met autisme te maken, het ging om het letterlijk nemen van een woord, maar de Liga zag daar een autistische eigenschap in, wat het ook wel is, want een van mijn kenmerken van autisme is taal letterlijk nemen. Ik gaf mijn toestemming en gaf terloops mee dat bij mij, op mijn 31ste autisme was vastgesteld.
Een paar maanden later hield de Liga een congres met experten en 400 begeleiders. Ze vroegen mij of ik bij die gelegenheid over mijn ervaringen wilde komen spreken. De combinatie autisme en humor vonden zij een boeiende insteek, eentje dat ze nog niet hadden gehad.
In mijn eentje praten voor een zo talrijke groep van experten zag ik niet zitten, maar een interview op scène, met vragen die mij op voorhand werden bezorgd en waar ik kon over nadenken, vond ik wel kunnen. Zo geschiedde, het optreden was een meevaller, er werd veel gelachen, de reacties waren unaniem positief. Dat bracht mij op het idee om een show rond mijn autisme op de planken te brengen. Met een hele voorraad aan anekdotes die ik nog niet verteld had, zette ik me aan het schrijven, dat ging snel, binnen de tijdsspanne van 1 week had ik een hele basisvoorstelling bijeen geschreven. Deze stelde ik voor tijdens een try-out in een zaaltje voor 30 toeschouwers waaronder de coördinatrice van de Liga. De dame vond , wat ik ten tonele bracht, zo verfrissend , leerrijk en boeiend, dat volgens haar, heel veel mensen de gelegenheid moesten krijgen de voorstelling te zien. Ze wilde voor mij een serie optredens organiseren.
En zo begon mijn tournee in 2025 en passeerde ik een aantal grote CC’s. Wegens succes nu uitgebreid tot eind 2026.

Schik je na deze theatertournee nog een volgende met een ander onderwerp te doen?

Ik heb een paar ideeën maar ben er nog niet mee bezig. Een autisme vervolgverhaal brengen of dat onderwerp volledig verlaten ? Wat ik meer kans geef is iets te doen met cartoon comedy. Dat is een combinatie van cartoons en theater. Het werkt als volgt : ik geef een voorzet en toon vervolgens de grap in de vorm van een beeld. Ik maak ook gebruik van een flipchart, roep vrijwilligers op het podium en terwijl ik hen uitvraag maak ik een lollig portret van hen. Ik hou ook een cartoon quiz. Wat, waar of wie, stelt deze cartoon voor?
Terloops: ik heb in de loop van de tijd al 481 cartoon raadsels ontworpen.
En nu ben ik begonnen met elke dag 1 van die raadsels op FB te zetten. Ze worden gretig bekeken en door sommigen erg grappig en verrassend beantwoord.

Waar haal je het meest voldoening uit ? Uit je tekeningen of uit je theateroptredens?

In eerste instantie zou ik zeggen dat ik de meeste voldoening haal uit mijn cartoons maar voor cartoons is “voldoening” niet het geschikte woord. “Voldoening” is iets voor achteraf, het is bijvoorbeeld het blije gevoel na een succesvol optreden, bij het applaus dat je te beurt valt. Dus is het correcter te zeggen dat ik de meeste voldoening haal uit mijn podiumaktes.
Voor mijn cartoons is het woord “genot” meer van toepassing. Zonder stress, rustig thuis genieten van het tekenen.

Hoe kijk je terug op je carrière en hoe zie je het vervolg?

Ik wou van mijn hobby mijn beroep maken. Dat is gelukt. Er zijn in mijn carrière momenten geweest dat ik goed geld verdiende maar het tegelijk ook veel te druk had. Ik maakte elke dag 2 cartoons voor Sp!ts (nl) en moest daarvoor de Nederlandse actualiteit volgen. Tegelijk werkt ik voor Metro en schreef ik oneliners voor de Rechtvaardige Rechters. Ik werkte voor TeVe-Blad. Voor al die dingen moest ik op de hoogte zijn van de actualiteit… TV kijken was werk voor mij, krant lezen was werk… alles wat andere mensen deden voor ontspanning was voor mij werk.
Vele van de tijdschriften waarin ik publiceerde, bestaan ondertussen niet meer of besparen op cartoonisten. Maar geen nood, ik heb werk zat, ik maak mijn eigen werk en dat in alle rust.

Mocht ik niet zo graag tekenen en mocht ik een luierik zijn, ik zou werkloos en inkomst loos zijn.
Ik blijf consequent elke dag 3 à 4 cartoons maken en op Facebook zetten. Het aantal volgers en het aantal mensen die me leren kennen neemt toe. Indirect levert dat geld op door de verkoop van mijn boeken en gadgets. Ik verkoop ook meer en meer originele tekeningen.
Los van het feit dat ik het graag doe, blijf ik tekenen om van mijn boeken en merchandise te kunnen leven. En misschien mettertijd het theater te kunnen laten varen, want dat brengt toch stress en spanning met zich mee.
Het begint te lukken maar is nog niet voldoende. Ik moet investeren vóór ik kan verdienen. Bovendien is alles wat we maken kwaliteit en kwaliteit heeft zijn prijs. Zo hebben we bvb bedrukte t-shirts die niet krimpen en jarenlang mooi blijven.

Tot slot: Wat onthouden we van Mario als kunstenaar en van zijn werk?

Mario’s succes ligt niet in de complexiteit van zijn tekeningen maar in de nietsontziende eerlijkheid van zijn blik. Waar andere cartoonisten de werkelijkheid uitvergroten om te spotten, filtert AAaRGh… de realiteit om haar begrijpelijk te maken. Zijn werk bewijst dat minimalisme geen gebrek aan detail is, maar een overvloed aan focus. Mario De Koninck tekent niet alleen wat hij ziet; hij tekent hoe hij de wereld verwerkt. Dat maakt hem niet alleen een begenadigd cartoonist maar één van de meest relevante visuele verhalenvertellers van zijn generatie. Een kunstenaar die met één enkele, trefzekere lijn de chaos van het bestaan weet te temmen.

INFO

Website Mario DE Koninck https://shop.aaargh.be
Facebook
https://www.facebook.com/profile.php?id=100043442515079
Instagram https://www.instagram.com/aaargh.cartoons
Speellijst optredens https://shop.aaargh.be/Autismevoorstelling-Mario-morgen-gadegij-naar-de-dokter-%F0%9F%8E%AD-c164918794
Info mario.dekoninck@telenet.be of info@aaargh.be

Tekst en fotografie Bernadette Van de Velde

Safier Theater: het onzichtbare zichtbaar

Tekst en Foto’s Eric Rottée

Het gebouw is grijs, gelegen tussen de parking van een tennisclub en die van een basisschool.
“Ik voel hier een community”, zegt Diana, een van onze reporters. Er worden sweatshirts verdeeld met de naam van elk groepslid erop. Bijna iedereen trekt die meteen aan, om te tonen dat ze bij de groep horen. De groep is een toneelgroep die in 1968 werd opgericht. De oprichters zouden de grootouders van de huidige leden kunnen zijn. 
Vanavond is de generale.

Op een van de repetities.
Na een paar scènes gespeeld te hebben, zitten de acteurs en de regisseur samen voor een debriefing en worden er soms aanpassingen voorgesteld voor de manier van spelen en bewegen. “De repetitie en de debriefing zijn belangrijk. Je voelt echt hoe (en wie)  je bent en hoe je dat personage kunt (moet) spelen.” zegt Femke, een van de actrices. De acteurs kennen de tekst. 30 repetities van twee uur waren er nodig om na drie maanden op dit punt te komen.  En daarnaast moesten de acteurs de tekst apart leren. Soms als ze een scène moeten herspelen en herbeginnen op een bepaald moment, vergeten de acteurs het begin van de tekst. Arlette, de souffleuse helpt om de draad terug op te nemen.

Zelfs de sleutel op de deur van de bergruimte werkt! “Zo moet het zijn” zegt Piet-Paul, de architect van het decor. Hij heeft tekeningen van elk stuk apart gemaakt. In deze multifunctionele zaal staat normaal gesproken geen podium. Dus geen keuze, er wordt een podium gebouwd volgens de geldende eisen voor veiligheid. Zwart moet zwart zijn: aan beide kanten sluiten hoge zwarte planken het decor af. Het was in de jaren negentig dat de Harvard Business Review aantoonde dat vrijwillige organisaties efficiënter zijn dan ondernemingen of publieke instellingen. De redenen zijn zin en motivatie. Er zijn minstens tien mensen betrokken bij de decorbouw, tijdens het weekend, op 11 november – een vrije dag en ’s avonds, noodzakelijk vanwege de vertraging. Knutselen, verven… sommigen hebben een speciale taak, zoals Jan voor de techniek.

‘Run Harry Run’ in het Engels, ‘handige Harry’ in het Nederlands, is door de Engelse Catherine Muschamp (vertaling Catrien Hermans) in de jaren vijftig geschreven. Harry gelooft dat hij met vrouwen goed kan omgaan. Het is hem gelukt om niet enkel één, niet twee, maar drie vrouwen te verleiden. Harry is op de vlucht. Hij zou die avond het vliegtuig nemen met twee miljoen euro in cash die hij van zijn tweede vrouw gestolen heeft. Het is niet duidelijk of hij met zijn verloofde wil weggaan. Het lijkt er niet op en hij gebruikt zijn eerste vrouw om de twee anderen te ontvluchten. Ze heeft hem wel door en op het einde van het verhaal weet ze de twee miljoen euro te bemachtigen. Inderdaad, als man zou je beter vrouwen niet voor dom houden en niet onderschatten.

Wie schuilen er achter deze twee voornamen; de regisseur en één van de spelers, respectievelijk 37 en 28 jaar actief in de theaterwereld. We duiken erin voor een interviews met Kor en Kris.
Met zoveel ervaring in de theaterwereld zitten beiden in de leesclub van Safier.

Voor de zomer lezen ze samen met de andere leden van de vereniging meerdere stukken met doel het theaterstuk voor november te kiezen. “Soms wordt heel gericht samen gelezen, soms lukraak”. Dan volgt de keuze van de acteurs. “Wie is er allemaal kandidaat?”. “Meestal kunnen wij de kandidaten een rol toewijzen”. “Onze voorkeur gaat uit naar mensen die willen spelen meer nog dan dat ze kunnen spelen” zegt Kor. “Dit is de eerste keer dat ik regisseer en daarom ben ik nerveus voor de generale” zegt Kor. “In alle bescheidenheid”, zegt Chris “eigenlijk is mijn rol meer één voor Kor. Ik ben de Leo van Gaston en Leo. Ik ben meer de man van de taal. Dit was een echte uitdaging”. Chris: “We hadden drie maanden om het theaterstuk in te studeren”. Kor: “Als regisseur zijn het proces en de repetities minder intensief dan als acteur. Vanavond is de generale, ik moet leren loslaten”. Kor en Chris hebben de indruk dat de laatste repetitie (de avond voor de generale) heel goed was.

Kor voegt nog toe dat ze bijna altijd een komedie spelen want in alle bescheidenheid zegt Kor we kunnen het goed en merken dat het publiek erom vraagt. “We willen gewoon plezier maken en ik denk dat dit het geheim is van ons succes. De mensen zien dat we ons amuseren en daardoor amuseren zij zich op hun beurt ook” zegt Chris.

Volgende voorstellingen in maart: https://www.facebook.com/photo?fbid=1756077942468743&set=a.753431172733430

Op Facebook: https://www.facebook.com/profile.php?id=100041996631146
op Instagram: https://www.instagram.com/toneelgroep_safier/

Tekst en Foto’s Eric Rottée

CASANOVA aan de DIJLE

videograaf Bert Vannoten

Een complexe en mysterieuze persoonlijkheid

Flamboyante meesterspion en geldbelegger in dienst van de Franse koning, oplichter, gokker, briljant causeur met onder meer Mozart, Voltaire en tsarina Catharina II, … Na een avontuur in Londen in de goot, nooit echt rijk, nooit lang zonder geld om een welgevuld leven te leiden en de hoogste middens te frequenteren, maar nooit vermogend genoeg om een vrouw van standing te trouwen.

Vrijdenker, libertijn, sociaal vaardige en gevaarlijk charmante man met een complexe en mysterieuze persoonlijkheid, vrouwenverleider, en nog zo veel meer.

Overvloedige diners, uitbundige feesten met dans en barokmuziek. En ja… 132 amoureuze avonturen. Behoorlijk vermoeiend, vindt hij zelf ook en hij besluit in te treden in een Zwitsers klooster.  Hilarisch, want na twee weken al bezwijkt hij bij de aanblik van een voorbijkomende dame in ruiterstenue.  Hij beleeft twee grote, passionele liefdes die op dramatische wijze eindigen voor hem. Hij staat zelfs even met zijn handen op de leuning van de brug over de Theems. ‘Dove sei amato bene’ – ‘waar ben je, mijn liefste’… tot de volgende verovering dan.

Casanova’s Europese zwerftocht

Europa aan de vooravond van de Franse Revolutie, de ideeën van de Verlichting waren rond in de salons van de intellectuelen. De rechtstaat is nog onbestaande en de Venetiaan Giacomo Casanova ondervindt dit aan den lijve. Hij belandt in de beruchte Piombi-gevangenis naast het Dogenpaleis. Aanklacht? Bezit van een verboden boek. Proces? Overbodig, het oordeel van het Tribunaal is onfeilbaar. Duur van het gevangenschap? Onbekend. gevangenen kan je maar beter in de illusie laten dat ze morgen misschien al vrijkomen.

Zijn ontsnapping uit de Piombi is een thriller van de bovenste plank en geeft het startsignaal voor zijn decennia durende vlucht langs verschillende Europese steden.

Het verhaal van mijn leven

In het verhaal van mijn leven vertelt Casanova in vierduizend bladzijden zijn turbulente levenswandel. Hij schetst een prachtig beeld van het Europa van de hogere middens aan de vooravond van de Franse revolutie.

https://www.facebook.com/Casanova.aan.de.dijle/
https://www.decamerone.be/casanova-casanova/

Videograaf: Bert VANNOTEN



Kon.Toneelvereniging De Jonge Druivelaar – Taxi Taxi! Een blijspel in Hoeilaart

Als we om 13u de inkom voor de grote zaal in het gemeenschapscentrum Felix Sohie (Hoeilaart) binnenkomen, zijn er al wat mensen in de weer om voor de voorstelling van 15u alles rond de tickets in orde te brengen. We worden hartelijk onthaald door de energieke Isabelle Hardy een van de actrices van Koninklijke toneelvereniging De jonge druivelaar en een van de hoofdrolspelers in het blijspel dat we straks gaan zien, Taxi Taxi! Nadat Isabelle iedereen enthousiast begroet heeft, gaat ze ons voor de zaal in om daar te gaan zitten voor een kort interview. Een blik op het decor maakt direct duidelijk dat we het hier over een toneelgezelschap hebben dat kwaliteit hoog in het vaandel heeft.

We hoeven niet veel vragen te stellen. Isabelle begint met te vertellen dat ze zelf van Overijse is en daar 20 jaar geleden begon met toneelspelen bij de toneelvereniging Tros. Nu speelt ze 5 jaar bij de Jonge Druivelaar. Ze vertelt: “Het is een kleine vereniging met een warm hart. De laatste jaren komen er steeds meer leden bij en Jan van Assche, de vaste regisseur, is een fantastische man. Hij is heel creatief en een heel goede regisseur.”

Elk jaar in het laatste weekend van november speelt de Jonge Druivelaar een stuk in het gemeenschapscentrum Felix Sohie. De data voor volgend jaar liggen alweer vast. 

De keuze voor een stuk maken de spelers en de leden van het bestuur samen. Er wordt gekeken naar het aantal spelers dat mee wil doen en de verdeling mannen en vrouwen. Als de keuze gemaakt is, volgt er een eerste lezing en op basis daarvan kiest de regisseur wie welke rol zal spelen. Van dit stuk heeft Isabelle nooit een voorstelling gezien, wel hebben de spelers samen wat stukjes op YouTube gekeken, maar ze willen zich niet te veel laten beïnvloeden en zoveel mogelijk hun eigen versie maken. 

Taxi Taxi! gaat over een taxichauffeur die twee echtgenotes blijkt te hebben en Isabelle speelt een van de twee vrouwen, Marleen.

Isabelle zegt: “Ik was van het begin heel blij met deze rol. De taxichauffeur wordt gespeeld door Eric Stas en met hem speel ik al 20 jaar, ook in het andere gezelschap in Overijse. Eric is niet alleen tekstvast, maar hij speelt ook echt en daardoor is het fantastisch om met hem te spelen.” Ze heeft al dikwijls een rol gehad als zijn vrouw. 

Voor de zomer is het stuk gekozen, in augustus hebben de spelers het kunnen lezen en vanaf september zijn ze beginnen repeteren, twee keer per week, meestal op maandag en woensdagavond. Isabelle voegt toe: “Bijzonder was dat bij dit stuk iedereen bijna vanaf het begin kon spelen zonder tekst. Iedereen had heel snel door van waar hij moest opkomen en met welke rekwisieten.”

De drie voorstellingen, vrijdag-, zaterdagavond en zondagnamiddag zijn uitverkocht. Dat is de verdienste van de spelers en alle betrokkenen. Isabelle zelf heeft haar familie en vrienden gemobiliseerd en deze zondag zal een groep collega’s aanwezig zijn. Ze zegt: “Spelen voor een volle zaal is heel dankbaar. Het Hoeilaarts publiek ziet wel het liefst een blijspel zoals Taxi Taxi! Iets ‘shakespeareaans’ zou hier niet aanslaan”. Zelf heeft Isabelle wel ervaring met andere genres. 

Het blijft bij deze drie voorstellingen. Ze spelen niet in andere gemeenschapscentra of zalen. Daar zou niet voldoende belangstelling voor zijn, omdat er toch vooral lokaal publiek getrokken wordt. 

Isabelle geeft ons haar drie redenen waarom ze bij de Jonge Druivelaar speelt: “Het geeft mij ongelofelijk veel energie, ik vind de regisseur fantastisch; hij kan van iets op papier een heel leuk stuk maken. En de spelers zijn supertof. We creëren hier vriendschapsbanden.”

Over het decor vertelt ze nog dat ze pas sinds vorige zondag in het decor hebben kunnen spelen. Daarvoor oefenden ze in hun repetitiezaal met een paar stoelen en tape om een deur of zo aan te geven.

Isabelle moet zich haasten naar de schmink en wij gaan verder praten met de regisseur Jan Van Assche. Jan is pas geridderd in de Orde van het Gulden Masker (hoofddoel het steunen en promoten van het amateurtheater) en heeft al heel wat voorstellingen op zijn naam staan. Hij wordt een van de creatieve trekkers van de druivenstreek genoemd en niet alleen voor toneel, maar ook op het gebied van muziek.

Hij zegt eigenlijk vanaf zijn 15e al betrokken te zijn bij de Jonge Druivelaar. Het begon met schooltoneel en jeugdmissen en sinds 1987 is hij de vaste regisseur. Het liefst schrijft hij de stukken zelf. Zo heeft hij in 2019-2020 zijn eigen geschreven musical rond Felix Sohie mogen uitwerken met een cast van 500 man. Felix Sohie was de eerste druiventeler van Hoeilaart en stichtend lid van de harmonie De Jonge Druivelaar waar later de toneelvereniging uit voortgekomen is. 

Jan draagt De Jonge Druivelaar een warm hart toe. Het is de oudste culturele vereniging van Hoeilaart met een mooi archief. Jan heeft laatst ook een concert gemaakt met de harmoniemuziek en kluchtliederen van het einde vd 19e eeuw. 

Jan is tevreden over het gekozen stuk Taxi Taxi! en vindt de vertaling goed. Hij zegt er wel bij dat hij het stuk naar gelang de repetities vorderden, had willen herschrijven, rekening houdend met de acteurs. Hij vertelt: “Taxi, taxi is van de jaren 70. Het zou vandaag de dag niet meer geschreven worden. De humor is op het randje, maar het is hilarisch en het brengt heel rare herkenbare dingen samen. Het publiek kan ermee lachen.”

Het casten voor een gekozen stuk is moeilijk. Er is geen overschot aan acteurs. Jan vertelt: Je moet roeien met de riemen die je hebt. Jonge mensen zijn moeilijk te motiveren voor actieve kunsten, ook al is er veel talent en zou het goed zijn om dat talent te gebruiken in een omgeving als de toneelvereniging. Mensen zouden moeten inzien dat het op deze plek is dat je jezelf ontdekt, zelfzekerheid kweekt, dat je je weg vindt voor de toekomst.” 

Hij vult aan: “Met talent moet je het podium op, je moet het naar buiten brengen, anders kom je er niet. Onder de douche zingen is niet voldoende.” Jan vindt het jammer dat het nu vaak gebeurt dat jongeren tot hun 18e aan de academies zingen, muziek maken of toneel spelen en dat het stopt als ze eenmaal gaan studeren en op kot gaan wonen door een overschot aan activiteiten.

En dat is een probleem voor verenigingen als de Jonge Druivelaar. Toneelverenigingen hebben de neiging om oud te worden, als cast, bestuur en publiek. Oudere acteurs trekken ouder publiek, jonge acteurs trekken jong publiek. 

Jan denkt dat om publiek te trekken social media niet voldoen. Hij vraagt zich af of we niet terug moeten proberen de brievenbus te bereiken, ook al kost dat meer geld. 

Met het stuk voor volgend jaar is Jan nog niet bezig. Hij zou zelf wel iets willen schrijven, maar hij zou geen blijspel zoals dit kunnen schrijven. Hij zegt daarover: “Je moet een kronkel hebben die ik niet heb. Deze humor is ook niet de specialiteit van de Vlaming. Iets maken wat de mensen doet gieren van het lachen, kan ik niet. Als het geschiedkundig, origineel van benadering moet zijn, graag.”

Over het stuk zelf zegt hij: “Het is een moeilijk stuk, het verspringt constant, hoe sneller het gespeeld wordt hoe beter. De ene dag lacht het publiek wel om een grap en de andere niet. Waarom dat zo is, weet Jan niet. 

Om 15u begint de voorstelling. De zaal loopt vol, het publiek zoekt een plaats en voordat het gordijn opengaat, spreekt de voorzitter van de Jonge Druivelaar ons toe. “In de pauze is er een tombola, formuliertjes daarvoor vindt u daar en daar, …”

Het gordijn gaat open, de muziek begint en we kijken naar wat op het eerste gezicht één woonkamer lijkt, maar als je goed kijkt, zie je dat deze uit twee verschillende delen bestaat, de zetel is aan de ene kant wit en aan de andere kant beige. In het ene deel woont taxichauffeur John met Vera en in het andere deel met Marleen.

Isabelle, oftewel Marleen, opent het stuk en we zijn vertrokken voor bijna 2 uur toneel. Of het publiek lacht om dezelfde grappen als het publiek van gisteren kunnen wij niet beoordelen, maar gelachen wordt er. 

Links:
www.hoeilander.be
https://www.jongedruivelaar.be
https://www.facebook.com/profile.php?id=100054610922556
https://www.instagram.com/dejongedruivelaar/

Tekst Diana Van Bergeijk  
Foto’s Eric Rottée

Verjaardagseditie van Spots op West van start!

Op donderdag 7 juli startte de feesteditie van locatietheaterfestival Spots op West in Westouter. Het festival bestaat namelijk 20 jaar. ‘Na twee jaar van alternatieve activiteiten omwille van de coronapandemie doet het extra deugd om het festival terug in volle ornaat te mogen organiseren’ zegt organisator Hannelore Vandezande van OPENDOEK. ‘De ticketverkoop loopt super goed en we hebben een enthousiast team van vrijwilligers dat helemaal klaar is om het publiek te ontvangen.’

De theatervoorstelling Beautiful Monster van De Figuranten uit Menen mocht Spots op West 2022 openen. Nadien werd in de Spiegeltent, de kern van het festival, het glas gegeven op de 20ste verjaardag. Speeches van Frank Verdru, mede-organisator, burgemeester Wieland De Meyer en voorzitter van OPENDOEK Reginald Wietendaele maakten het gebeuren officieel. Om ze te bedanken voor hun jarenlange inzet werden Frank Verdu en Sofie Pattyn, die er al van in het begin bij waren en nog steeds een drijvende kracht zijn, in de bloemetjes gezet.

Nog tot zondag 10 juli gaat Spots op West verder in Westouter. Je kan er in de eerste plaats theater beleven in verschillende vormen. Zo komt er bijvoorbeeld een acteursduo uit Amerika, kan je een poëtische DJ-performance volgen, of improvisatietheater en toon-momenten zien. Wie nog een voorstelling wil meepikken moet snel zijn, er zijn er namelijk al heel wat uitverkocht. Voor en na het theater kan je genieten van de leuke gratis randanimatie. Wie een hart heeft voor muziek en/of een dansje wil placeren in de Spiegeltent kan genieten van gratis muziekoptredens onder begeleiding van straffe bands.

OPENDOEK
OPENDOEK faciliteert en ondersteunt het theater in de vrije tijd, waardoor iedereen met een passie voor podiumkunsten zich kan ontplooien. Hierin staan samenhang, solidariteit en ontmoeting centraal. Een van de manieren waarop OPENDOEK deze ontmoeting wil stimuleren en speelkansen aanbieden, is door de organisatie van festivals. Het festivalseizoen van OPENDOEK wordt traditiegetrouw ingezet door Spots op West in het pittoreske Heuvelland. Het volledige programma van Spots op West vind je op www.opendoek.be/spotsopwest

bron persbericht open doek

Tanja, regisseuse: “raakt het stuk mij?”

Het volk juicht, het heeft veel gelachen. De rasechte Antwerpenaren zitten in de zaal, hun vertolkers staan op het podium. Een volk dat graag van het leven geniet, zelfs als het weet dat het gedrag niet meer van deze tijd is. Of toch? 
“Ik zen tweeduizend frank armer!” 
“’t zal niet veel schelen”
“Tweeduizend frank, ik moest daar nog tot woensdag mee toekomen.”       
“Tweeduizend frank en nog geeneens een tet gevoeld. Die coiffeuse was een echte frigo.”

Verbeelding

Tanja: “Zie ik al visuele dingen gebeuren? Zodat het inspireert en tot de verbeelding spreekt.” Tanja acteert al lang en heeft in verschillende theaterstukken gespeeld, onder leiding van verschillende regisseurs. Dit is het tweede stuk dat ze zelf regisseert.  Het eerste was geen goede ervaring. Het is een toevallig gesprek met Marc, die vaak regisseert en de bestuurder van de theatergroep de Stille Hoop is, dat leidde tot het feit dat ze het opnieuw probeerde. Een regisseur moet iets in het hoofd opbouwen. Waar moeten de acteurs staan, welke beweging moeten ze maken? 
In het amateurtheater doe je als regisseur ook aan “casting”. Wie zal welke rol spelen? Tanja: “Hoe zie ik dat ook ten opzichte van de mensen met wie wij spelen? Dan start je met enkele lezingen met die mensen en die wisselen dan van rol, want soms weet je het niet en kan je de rol inleven bij de ene persoon of de andere. Op basis van wat je hoort of merkt of voelt bij zo’n lezing beslis je dan na een tijd, “nu weet ik hoe de bezetting er zal uitzien.”
De cast is een begin. Voor dit stuk hebben we vier hoofdacteurs. Er worden vier kostuums, maatpakken, gekocht. De mannen in maatpak spelen ook vrouwenrollen. Deze bewuste “décalage” brengt een humoristische plus maar eist ook meer van de acteurs, een uitdaging. Tanja: “Ze moesten contact zoeken met de vrouw in zichzelf”. Hun stem en bewegingen moeten de toeschouwers onmiddellijk laten zien dat er een gesprek tussen vrouwen gaande is.

Het geheel

De voorstelling is het resultaat van het bestuderen van veel aspecten.
Het decor. Tanja: “Ik vond het heel leuk dat wij een soort disco-bar achtige setting konden maken. Omdat het stuk zich afspeelt in de jaren zeventig en eerder, hebben wij ook in de tekst verwijzingen naar discotheken en winkels die toen bestonden in Antwerpen. Discotheken met disco-lights. Dat vond ik belangrijk om die sfeer een beetje te creëren.”
Tanja: “Ik vind ook de muziek heel belangrijk, en zeker in dit stuk, want we werken met heel weinig rekwisieten”.  
Er zijn aandachtspunten die je niet verwacht maar die voor Tanja heel belangrijk zijn: de akoestiek, het zicht en de bar. Dit cultuurcentrum is een onbekende plaats voor Tanja. Je moet zorgen dat de stem van de acteurs goed overkomt, ook dat de plaats van de stoelen het mogelijk maakt dat de acteurs op het podium voor iedereen prima zichtbaar zijn.
En wat met de bar? Tanja: “Ik vind het belangrijk dat de mensen met een drankje kunnen babbelen. In het amateurtheater, komen vrienden, familie, mensen die je kent kijken, een groot netwerk, het is fijn dat de mensen kunnen napraten.” 

De technische repetitie

Tanja: ”Dit is een hele belangrijke repetitie. Op papier, in een brochure kun je het stuk heel goed uitwerken. Je schrijft alles op maar je hebt toch mensen nodig om die knopjes te bedienen. Dit is de laatste kans om alle details juist te krijgen. Je weet het niet op voorhand, vandaag kan ik vragen: “Kun jij wat bijlichten? Kan ik het geluid zo hebben?”
De technische repetitie is de laatste voor de generale. Dit betekent dat Tanja zich op het einde van deze repetitie comfortabel moet voelen. “Wanneer denk jij dat het op punt staat?” Tanja: “Op het einde van deze repetitie. Morgen is de generale en dan kan je niet meer tussenkomen. De vorige repetities konden we doorlopen en dat is een luxe. Vaak moet je een voorstelling doorlopen in de week van de première. Nu was dit sneller mogelijk want dit is een kleine bezetting, dan kun je focussen op die vier personen.”

Gedreven

Tanja: “Na covid had iedereen heel veel zin, heel veel goesting om te spelen, te repeteren. Het engagement van iedereen was heel groot. Dat merk je aan de manier waarop ze zich geven tijdens de repetitie. De bereidheid om die ‘extra mile’ te gaan.”

Groeiproces

Tanja “Ik ben op het schooltoneel begonnen met theater te spelen en sindsdien niet meer gestopt. Ik heb met heel veel verschillende regisseurs gewerkt, elke regisseur pakt dat anders aan, daar leer je heel veel van, veel om vertrouwen op te bouwen, veel om acteurs in het avontuur mee te sleuren, veel om het publiek, het volk, hard te laten lachen.”

https://www.facebook.com/destillehoop/

tekst en fotografie Eric Rottée

Seeftheater, na 40 jaar springlevend.

Seeftheater, Seefhoek, … deze plaatsnamen roepen een zekere sfeer op van volkse gezelligheid. Een bescheiden vitrine, links een inkomdeur. Het is de eerste keer dat ik voor de deur van dit cafétheater sta aan het nummer 34 van de Diepstraat in Antwerpen, een kleurrijke, levendige buurt met tal van oriëntaalse winkels en restaurants.
Ik kom niet rechtstreeks in het theater terecht maar wel in een lange pittoreske gang die toegang verleent tot het theater en enkele huurwoningen. Ik stap binnen in een kleine ontvangstruimte met daarachter een bar en het theater.
Mijn gastheer is Michel Halin, artistiek coördinator van het Seeftheater. Een interessant gesprek met een bezielend persoon.

Terug in de tijd..

De geschiedenis van het Seeftheater vindt haar oorsprong in 1980 en staat kort beschreven op haar internetpagina, zeker de moeite waard om te exploreren. Meer informatie over de figuren die aan de basis van het ontstaan van het theater lagen, is jammer genoeg niet beschikbaar. 
De geschiedenis van Michel Halin, de huidige drijvende  kracht achter het Seeftheater, leggen we bij deze vast voor het nageslacht.
Michel rolde in 1985, rond zijn 30ste levensjaar, de theaterwereld in. Een groepje vrienden die een theatergezelschap vormden was op zoek naar een secretaris. Michel werd altijd al gedreven door alles wat met secretariaat te maken had en zag hierin een mooie opportuniteit. Als jongste van de ploeg wou hij vernieuwing brengen door modernere stukken te programmeren, andere regisseurs aan te stellen, … maar dat werd niet getolereerd.
Dan maar een eigen theatergroep oprichten die gedoopt werd tot ‘Het Jonathan Theater’. Plots was hij de oudste in een groep van kennissen (onder meer studenten van het Herman Teirlinck-instituut). Dit avontuur duurde ongeveer 3 jaar. Ondertussen kreeg hij rollen toebedeeld in het toenmalige Antwerps Amateurtheater. Het bekijken van video-opnames van zijn optredens overtuigde hem om cursussen te volgen. Daarna kwam hij terecht in het Noord Theater. In de periode 1994-1995 richtte hij weer een eigen groep op, het NKT. Daar leerde Michel de knepen van het theatervak. Hij ontpopte zich als een ware duizendpoot.

Kort na de eeuwwisseling werd hij opgebeld met de vraag om het gezelschap bij Seeftheater te vervoegen voor de productie ‘Zusje trouwt en dan is er champagne’. Deze samenwerking duurde een decennium lang. Daarna was het tijd om de theaterboot even af te houden.
Via een kennis bij het Noord Theater werd Michel gevraagd om een rol op zich te nemen, en kwam de bal weer aan het rollen en is hij dezer dagen de artistiek coördinator van het Seeftheater. Samen met Luc Van Nunen, voorzitter, neemt hij de leiding van deze organisatie op zich.
Het Seeftheater was van bij het ontstaan een cafétheater en dat concept werd nooit aangepast.
Het draait volledig op vrijwilligers en dat geldt zowel voor de acteurs als voor de logistieke medewerkers. Een acteur beperkt zich niet noodzakelijk tot acteren. Die springt eveneens in achter de bar of bij de opbouw van een decor. De organisatie van het geheel vraagt om een sterk management. 
Een blik achter de schermen …

Plannen is vooruitdenken

Bij het opzetten van de planning wordt rekening gehouden met diverse factoren. De acteurs, die in de meeste gevallen beroepsactief zijn, hebben nood aan wat vrije tijd tijdens het weekend. Vakantieperiodes en feestdagen zijn momenten waarbij publiek minder makkelijk gemobiliseerd raakt.

De programmatie vraagt een vooruitziende blik. De planning voor het komende seizoen – de namen van de stukken en van de acteurs, de beschrijving van de stukken –  is volledig beschikbaar op de website. Meer nog, de programmatie tot een eind in 2027 staat reeds grotendeels op papier.

Financiële slagkracht om verder te gaan

Het Seeftheater is volledig zelfbedruipend. Dat betekent dat alle facturen zoals huur, gas- en elektriciteitsrekeningen, … dienen betaald te worden van de inkomsten die enkel voortvloeien uit de verkoop van tickets en de inkomsten van de bar.
In een lang verleden kreeg het theater subsidies, maar dat behoort tot het verleden.

Een productie kiezen

Het Seeftheater wil zich vandaag profileren als ‘theater van de lach’. Corona heeft het leven voor veel mensen een stuk moeilijker gemaakt en de nood aan luchtig amusement doen toenemen. Een komedie trekt hierdoor meer publiek aan dan een drama, wat uiteraard belangrijk is voor het overleven van het theater.
Eenmaal die keuze gemaakt, gaat men op zoek naar een gepast stuk. Hiervoor bestaan gespecialiseerde websites. Michel: “Na een tijdje begin je de namen van auteurs te kennen. De meesten hebben een eigen website. Er zijn ook groepen, bv. op facebook, waarop die schrijvers bijeenkomen en hun nieuwe stukken publiceren. Bij belangstelling kan je gratis een leesexemplaar aanvragen. Ik heb ook contact met een 30-tal franse auteurs via een kantoor in Parijs. Op de vraag of ze akkoord waren met mijn voorstel om hun stukken te vertalen om ze dan in ons theater als creatie te brengen, kwam een positief antwoord. Deze piste is tot op heden nog niet in de praktijk gebracht.” 

Eenmaal een productie gekozen, kan het echte werk beginnen.

Een ploeg samenstellen

Wie zijn die vrijwilliger-acteurs? Velen hebben een professionele opleiding gevolgd maar oefenen het acteren niet beroepsmatig uit. Anderen hebben dan weer elders ervaring kunnen opdoen. Ook beginners krijgen hun kans bij het Seeftheater, meestal in een bijrol als opstapje in de theaterwereld.

Het theater kan beroep doen op een 60-tal acteurs die contacteerbaar zijn via een globale Whatsapp groep. Dit kanaal wordt gebruikt om de diverse stukken aan te kondigen met opgave van de speeldata en rollen. Geïnteresseerden kunnen zich als kandidaat melden. Op basis van die aanmeldingen wordt een tide-casting aangemaakt: wie komt best in aanmerking voor welke rol?
Wanneer de groepen zijn samengesteld wordt voor iedere productie een specifieke Whatsapp groep aangemaakt en kunnen de repetities georganiseerd worden.

Het is noodzakelijk dat het bestand van auteurs up-to-date gehouden wordt. Er is altijd een natuurlijke afvloeiing waardoor de zoektocht naar nieuw bloed een belangrijk aspect is.
Bovendien gaat het om vrijwilligers die geen eigendom zijn van het theater. Voor die mensen kan het leerzaam zijn om ook elders te gaan spelen. Sommigen verdwijnen tijdelijk en komen op een gegeven moment weer terug. 
Enkele keren werd samenwerking met andere theaters getest. Zoiets kan bv. nuttig zijn bij een crisissituatie, maar ervaring leert dat dit niet zo evident is als het lijkt.
Bij nood aan een regisseur of acteur kan dat op de website van Opendoek – waarvan Seeftheater lid is – gepubliceerd worden. Dan is het wachten of er respons komt.

Het publiek

Het publiek van het Seeftheater bestaat uit vaste en toevallige bezoekers.
De matinee-voorstellingen, op zondagmiddag, worden voornamelijk door ‘habitués’ bijgewoond.
De kennissenkring van de spelers maakt ook een belangrijk deel uit van het publiek. Stukken met grote bezetting zorgen dan ook voor een grotere opkomst. En bij deze laatste groep ziet men ook dat bezoekers op termijn evolueren naar het vaste publiek. Er wordt geen moeite gespaard om nieuw publiek aan te trekken. Alle bezoekers van vroegere producties krijgen regelmatig de Nieuwsbrief toegestuurd.
Twee a drie weken voor de première van een productie wordt ook de folder ruim verspreid.

Vandaag gebeurt de marketing ook meer en meer via de pers (Radio Minerva, Radio Express, ..) en gespecialiseerde culturele programmabladen (Antwerp Events, Uit in Vlaanderen, …). Michel bespeelt eveneens de social media als een ware pro: Facebook, Instagram, Twitter, Youtube, … niets van deze kanalen heeft nog geheimen voor hem.

Heeft het cafétheater een toekomst?

Michel heeft een duidelijke visie waar het theater binnen drie a vijf jaar moet staan: het publiek en de opvoeringen moeten elkaar bestuiven.

Het Seeftheater kan bij een voorstelling 47 bezoekers huisvesten. Er zijn geen plannen om het theater te verhuizen naar een ruimere plaats. De corona periode heeft een zware tol geëist onder meer op financieel vlak. Daarom is het belangrijk dat het publiek minstens gehandhaafd blijft maar – liever nog – uitbreidt. Momenteel wordt een productie ongeveer vijftien keer vertoond. Hoe meer vraag vanuit het publiek, hoe meer er kan gespeeld worden…. leuk voor de acteurs en beter voor de kassa.

Ook variatie in de programmatie kan hiertoe bijdragen. Zo zal in de zomer een Revue gebracht worden die Michel zelf regisseert en zal bestaan uit een aantal sketches, afgewisseld met muziek en interventie van een ‘stand-up comedian’.  Marco Ramirez, beroepszanger en ook organisator van Revues, komt dan meespelen en zingen. Het wordt een productie met 22 spelers.

Voor liefhebbers van cafétheater … niet twijfelen! Neem nu contact op met het Seeftheater en reserveer je tafeltje … gezelligheid gegarandeerd!

Een beginnend acteur met potentieel

Na de generale repetitie van de productie “Plasje doen?”, waarvan ik met volle teugen genoot, krijg ik Jacqueline, de toiletjuffrouw in de openbare genderneutrale toiletten van een station, in het vizier en strik haar voor een kort gesprek.

Haar echte naam is An Van Opstal. Ik sta perplex wanneer ik verneem dat ze met de hoofdrol in deze productie voor het eerst optreedt in een echt gezelschap.
Tijdens haar jeugd deed ze wel kleine opvoeringen en volgde ze in de Academie ‘Woord en Kunst’, maar dit alles viel stil, onder meer door familie-uitbreiding.
Later, na een ziekte kwam de vraag naar boven: “wat heb ik gemist in mijn leven?” Op die vraag kwam spontaan een duidelijk antwoord: op de planken staan! 
En alsof het in de sterren geschreven stond, viel haar oog op een oproep op Facebook: Seeftheater zoekt nog mensen. Veel nadenken hoefde ze niet te doen. “Ik spring gewoon.”
En dat is wat ze deed. Samen met haar 16-jarige zoon is ze in dit nieuwe avontuur gerold en beiden beleven de tijd van hun leven.

https://www.seeftheater.be
https://www.facebook.com/Seeftheater
https://www.instagram.com/seeftheater/

Tekst Magda Verberckmoes
Foto’s Eric Rottée

KUNSTTIJDSCHRIFTEN GESPOT IV

OPENDOEK-magazine

Door een tweede lockdown sluimert de kunstwereld stilaan in slaap. KUNSTPOORT is niet in de mogelijkheid reportages te maken over evenementen, kunstenaars, projecten, tentoonstellingen… Om onze volgers niet op hun honger te laten zitten laten we onze lezers de komende weken kennis maken met kunstmagazines van diverse kunstenorganisaties: muziek, beeldende kunst, theater, dans, creatief schrijven… In deze magazines ontdek je heel wat nuttige info over de leefwereld van de kunst, de kunstmakers en hun creaties.
OPENDOEK magazine van de organisatie OPENDOEK is het vierde magazine in de rij. 

Een bevraging hielp ons op weg.

Hoe lang bestaat OPENDOEK-magazine al? Hoeveel maal verschijnt het per jaar?
We bestaan sinds 2002 en publiceren vier themanummers per jaar.
Check onze website: https://www.opendoek.be/magazine/home

Wie is jullie doelpubliek?
Mensen met een hart voor theater. Meestal zijn ze actief in het liefhebberstoneel, maar ook mensen uit het professionele theaterveld en andere geïnteresseerden lezen ons.

Welke info proberen jullie te brengen? Zijn er terugkerende rubrieken?    
We brengen verhalen uit het amateurtheater (interviews, getuigenissen) en beschouwende artikels, maar proberen ook handvatten aan te reiken om elk onderdeel van het theaterproces (van de speelvloer over het bestuur tot de publiekswerking) te optimaliseren. Daarbij hebben we bijzondere aandacht voor diversiteit in genres, geografische afkomst, gender, leeftijd en etniciteit.

Terugkerende rubrieken zijn:
– De column
– Het Pleidooi, waarin een redacteur een theatergebruik of -tekst bepleit die dringend vanonder het stof gehaald mag worden
– Splitscreen, waarbij twee scènebeelden inspireren tot een associatieve, poëtische beschouwing
– Kunstenaars uit de coulissen, waarin de minder belichte theaterrollen (zoals rekwisiteurs) een boekje opendoen over hun stiel
– De Souffleurs, waarin een open vraag aan ons lezerspubliek prikkelende theateranekdotes oplevert
– Kwantiteitstheater, met markante cijfers over het amateurtheater
– Wist je dat?, waarin een satirische pen bijzondere verhalen uit de theatergeschiedenis opdiept
– Repertoire, waarin we teksten uit onze theaterbibliotheek voor het voetlicht houden

fotografie copyright Karolina Maruszak

Jullie schrijven over theater en theatermakers. Brengen jullie hoofdzakelijk gevestigde waarden of verkies je te verhalen over aanstormend talent?

We streven naar een gezonde mix. Zo brachten we al interviews met bekende acteurs als Joke Emmers en Valentijn Dhaenens en theaterschrijvers als Tom Lanoye, maar laten we evengoed jong geweld aan het woord. Om het met een thema uit één van onze recente nummers te zeggen: we staan ‘tussen traditie en toekomst’.

Joke Emmers fotografie copyright Anneleen van Kuyck

Wel een constante: in het hoofdinterview staat steevast iemand centraal die nieuwe perspectieven aanreikt vanuit een expertise buiten het theater. Cretien van Campen onderzoekt de levenskwaliteit van ouderen en hield een pleidooi voor seniorentheater, artistiek rouwbegeleider Barbara Raes sprak over de kracht van rituelen, AFS-directeur Caroline Steyaert gaf tips om vrijwilligers duurzaam te engageren.

Een door jullie geportretteerd aankomend talent wordt achteraf een gevestigde waarde. Is dit reeds voorgevallen?
De schoonheid van ons magazine is misschien wel dat het die hiërarchische tegenstelling opheft. Bekende actrices als Maaike Cafmeyer doen hun verhaal naast piepjonge ‘groentjes’, met expressie en spelplezier als verbindende factor.

Kan je één goede reden opsommen om een abonnement te nemen op OPENDOEK-magazine?
Ons magazine laat zien dat theater geen afzonderlijk, specialistisch hokje is, maar een wezenlijk deel van een mensenleven. In deze democratische benadering is elk theaterverhaal het waard om gehoord te worden, en kunnen inzichten uit andere disciplines en sectoren ook de spelende mens voeden.
All the world’s a stage.

Heb je een favoriete cover?
Waarom vind je die zo goed?
De cover van ons septembernummer,
over loutering, zuivering en catharsis.
Een thema dat op het juiste moment kwam,
middenin de coronacrisis, met een straf en
sprekend beeld als vlag.

Welk artikel, reportage of interview blijft in je geheugen gegrift na al die jaren? Heb je een favoriete publicatie?
Het interview met Joke Emmers, omdat het de eerste keer was dat we een professioneel acteur op zo’n persoonlijke manier lieten getuigen. Bovendien was dit het eerste nummer in ‘de nieuwe stijl’. In 2018 was het nodig om het magazine te transformeren tot een hedendaagse magazine met een aangepaste look en feel. Missie geslaagd!

Check eerste nummer nieuwe stijl: https://www.opendoek.be/magazine/vorige-edities/thema-dialect-inhoud
Check interview met Joke Emmers: https://www.opendoek.be/magazine/huidige-editie/rijzende-ster-joke-emmers-van-de-slimste-mens-naar-het-theater?via=4582

Heb je een ultieme droom voor het magazine?
Superverspreider worden van de theatermicrobe.

Zijn er losse nummers te koop? Waar? Hoe abonneren?
Een abonnement (4 nummers per jaar) voor niet-leden kost € 15 per jaar en kan je bestellen via secretariaat@opendoek.be.
Daar kan je ook terecht voor een gratis proefnummer.

BLIJVEND CREATIEF De Stille Hoop

 

KUNSTPOORT bevraagt digitaal kunstenaars die ooit aan bod kwamen in haar reportages, naar hun leven en werk in deze surreële tijden. Elke kunstenaar krijgt een vragenlijst voorgelegd. De respons wordt gepubliceerd in chronologische volgorde.
Stille Hoop is een theatergezelschap dat door Open Doek beheerd wordt. Een eenvoudige weg kiezen ze niet, 
een uitdaging daar gaan ze voor. Kunstpoort maakte vorig jaar een reportage over het gezelschap zie link https://kunstpoort.com/2019/04/05/greenwich-tic-tac-tic-tac-tic-tac/

KUNSTPOORT Welke creatie staat er op stapel?
STILLE HOOP Voor het ogenblik zijn er twee producties in voorbereiding. Ten eerste het vervolg op ‘Marius’ van Marcel Pagnol dat we brachten in 2016.  Het werd toen gespeeld in openlucht op het fort van Merksem.  Ook ‘Fanny en César’ zal op locatie worden gespeeld.  Vermoedelijke speeldata lente, begin zomer 2021.
Ten tweede staat ‘De Buitenwippers’ van John Godber op de planning, een komedie over het uitgaansleven waarin 24 rollen door 4 acteurs worden gespeeld.  We brachten in het verleden reeds ‘Shakers’ van dezelfde auteur. Dat stuk heeft hetzelfde concept maar met vier actrices.  Dit zou mogelijk gebracht kunnen worden in de winter 2020/2021 of in het najaar 2021.

KUNSTPOORT Heeft het risico dat spelen in coronatijden met zich meebrengt een invloed op uw kunst? Op de keuze van nieuwe theaterstukken?
STILLE HOOP Het virus komt voor ons in een tijdspanne waarin we zoeken naar goede stukken, en eenmaal we die gevonden hebben om deze voor te bereiden. Dat gebeurt meestal door de  regisseur alleen.  Het voorjaar en de zomer zijn dus altijd periodes waarin het gezelschap op non actief staat.  In die zin heeft het geen enkele invloed op onze plannen.  Enkel het tijdstip waarin we kunnen en mogen spelen kan nog beïnvloed worden door het virus.  Laat ons hopen dat er in de herfst mag gerepeteerd worden, en anders zal het nog even wachten worden.

KUNSTPOORT Welke invloed heeft de lockdown op uw creatie proces? Repetities op afstand?
STILLE HOOP Net als vele mensen zijn we reeds acht weken thuis aan het werken.  Dat heeft het voordeel dat je geen tijd verliest met verplaatsingen. Voor het creatieve proces is dit gegeven positief want we zitten in een fase van nadenken, plannen, herwerken van scenes, uitdenken van regie.  Door het verplichte ‘blijf in uw kot’ hebben we daarvoor nu ruimschoots de tijd.  Wat we wel al tweemaal hebben uitgesteld is onze jaarlijkse statutaire vergadering waarop we vorige producties evalueren en komende producties goedkeuren.  En ook ons feest hebben we nog te goed.

KUNSTPOORT Hoe bereid je de uitgang van die lockdown voor?
STILLE HOOP We bereiden niets voor. We hopen dat we in september mogen starten. Zo niet dan zal het allemaal wat worden uitgesteld.  We behoren niet meer tot de sturm- und dranggeneratie, we kunnen wachten.  Repeteren op afstand, of met afstand heeft geen zin. We moeten ons 100 % kunnen smijten.  Maar ook ons publiek heeft geduld, alles komt goed.

Info

https://www.facebook.com/destillehoop/

Foto’s Copyright De Stille Hoop

Veel geluk voor Lucky Leo

Lucky Leo met ‘De Loonsverhoging’ geselecteerd voor het Canadese Liverpool International Theatre Festival!

KUNSTPOORT merkte vorig jaar het theatergezelschap Lucky Leo op tijdens het 83ste Landjuweelfestival. Onze reporter Bert Vannoten filmde toen een video over deze productie.
zie kunstpoortlink https://kunstpoort.com/2019/11/04/38ste-landjuweel-in-brussel/
Het Mechelse theatergezelschap Lucky Leo haalde de selecties voor het 83ste Landjuweelfestival van Vlaanderen en Brussel. Slechts zeven van de 83 inzendingen gingen toen door. Medeoprichtster Hilde Moyson hoopte ooit buiten Mechelen te kunnen optreden. Droom werd werkelijkheid. Lucky Leo is met ‘De Loonsverhoging’ geselecteerd voor een theaterfestival in Liverpool in Canada.

In oktober trekt Lucky Leo naar Liverpool, een stad gelegen langs de Atlantische Oceaan van de Zuidkust van de provincie Nova Scotia. Hier wordt – reeds sinds 1992 – om de twee jaar een internationaal (competitief) theaterfestival georganiseerd voor gezelschappen uit heel de wereld. Lucky Leo dienden hun dossier in en werden Lucky Leo’s! Deze erkenning geeft hen de mogelijkheid in het buitenland een unieke ervaring op te doen. De Loonsverhoging zal namelijk The Raise worden: de acteurs schaven alvast hun Engels bij.

Het is sinds 2004 geleden dat België er vertegenwoordigd werd. Op het festival worden o.a. prijzen uitgedeeld voor
Beste productie, Beste acteur, Beste script,…

Wil je het avontuur van dichtbij meemaken? Het gaat door van 15 t.e.m. 18 oktober 2020 en vindt plaats in het historische Astor Theatre.
Wil je weten welke andere landen er deelnemen? Neem een kijkje op de Facebookpagina van het festival (LITF) en hou zeker de website van Lucky Leo in het oog voor meer updates!

foto: Astor Theatre, Liverpool Nova Scotia.

 

 

 

http://www.luckyleo.be/

https://www.facebook.com/pg/www.luckyleo.be/posts/

copyright foto’s Theatergezelschap Lucky Leo