Wanneer het atelier de ziel van het werk ademt

Een gesprek met kunstenaar Hervé Martijn


tekst Kathleen Ramboer

Ik ontdekte per toeval op het web een foto van het atelierhuis van Hervé Martijn. Op de afbeelding straalt het geklasseerd modernistisch atelier van de kunstenaar, een ontwerp van architect Huib Hoste in zijn oorspronkelijke kleuren. Het huis intrigeerde me mateloos. Welke wondere wereld gaat er schuil achter die mooie geel/groen/rode raamkozijnen?
‘Kom eens langs in mijn atelier’ stelde kunstenaar Hervé Martijn me voor. Daar moest ik niet over nadenken! Zijn werk volg ik al een tijdje en een atelierbezoek? Zalig!

Hervé Martijn ontvangt me hartelijk. De uitnodigende grijsgroenblauwe traphal baadt in een poëtische, melancholische, nostalgische zelfs magische sfeer. Ik kan me geen betere plaats bedenken voor het creëren van canvassen waarin familie, herinneringen en emotie een rol spelen. Bij een wandeling doorheen het huis voel ik me als een ontdekkingsreiziger en val van de ene verrassing in de andere. De vele kamers geven hun geheimen niet prijs maar tonen wel een schat aan schilderijen. In een zelfportret, het enige dat ik er zag, kijkt hij door een viewmaster verwonderd naar de wereld, de beschouwer in het bijzonder, de kunstenaar observeert om later vast te leggen wat hij voelt, ervaart en ziet. Zeggen beelden niet meer dan woorden? De ‘beelden’ die ik vandaag opvang neem ik mee mijn hele leven lang, ze doen me stilstaan, nadenken en mijmeren. Ik maak een reis doorheen de volledige carrière van de kunstenaar en ontdek werken waar ik niet eens een vermoeden van had, geschilderd in diverse technieken met vele materialen. Acrylverf, olieverf, bijenwas, dripping, gebruik maken van oxidatie, schilderen op vintage valiezen, op een oude kaft, op ongewone ondergronden… hij probeerde het allemaal. De kunstenaar staat werkelijk open voor artistieke vernieuwing en evolutie. Zijn samenwerking met de conceptuele geluidskunstenaar Baudouin Oosterlynck is daar niet vreemd aan. Tegenwoordig toont hij zijn jarenlange vakmanschap in figuratieve schilderijen in olieverf.
Niet alleen de schilderijen van Hervé Martijn wil ik ontdekken maar ook de persoon achter de canvassen. Een interview is hiervoor het gepaste medium, de kunstenaar had geen bezwaar. Een lentegroene schaduwrijke tuin, heerlijke geurende koffie en taart zorgen voor de volmaakte setting.

Kunstpoort Dragen de sfeer in het atelier, de kleuren, de lichtinval … bij tot je kleurgebruik, je techniek en het licht in je schilderijen?
Hervé Martijn Ongetwijfeld, tot 25 jaar geleden schilderde ik vooral grisaille werken. Mijn atelier bevond zich toen thuis op zolder. Ik was zeker geen colorist. Door de hier aanwezige modernistische kleuren schakelde ik stapsgewijs, langzaam over naar meer kleurgebruik. Heel veel kleuren zitten letterlijk in mijn deuren en muren.


Kunstpoort De werken die ik het beste ken, zijn die van de laatste 8 tot tien jaar. Op die doeken merk ik heel veel blauwen als achtergrond met rode accenten.
Hervé Martijn De architect Huib Hoste staat bekend voor zijn gedurfd kleurgebruik. Je ziet heel veel rode lijnen in het huis, zoals de roodomrande ramen. De lucht waarnemen door een roodomrand raam maakt het blauw intenser door het complementair contrast van blauw en rood. Zo wilde de architect het en dat heeft ook zo zijn gevolgen voor de blauwen en rood op mijn doeken.

‘De rode draad’ 110×170 cm

Kunstpoort Waar haal je je inspiratie? Ik vermoed dat je familie, kleinkinderen, je naasten enorm belangrijk zijn voor je en ook als inspiratiebron voor je schilderkunst. De meeste van je werken hebben als gemeenschappelijke deler je persoonlijk leven. Je bent een observator van je eigen leven en brengt dit over op het doek. Mag ik het zo benoemen?
Hervé Martijn Ik zoek geen onderwerpen, ik kom ze tegen op mijn pad. Ik neem enerzijds foto’s, van mensen die ik ken, van familie en vrienden maar ik werk anderzijds ook regelmatig met modellen.

Kunstpoort Het model kijkt zelden de kijker recht in de ogen. Zo ontstaat er geen verbinding met de toeschouwer. De kijker is waarnemer geen deelnemer. Er is een afstand. Is dat toeval?
Hervé Martijn Dat is zo gegroeid. Een model dat wegkijkt, verzonken is in gedachten of een daad stelt, krijgt meer aandacht omdat een emotionele beeldtaal de kijker boeit. Persoonlijk voel ik me ook meer aangetrokken tot het melancholische in een schilderij.

Kunstpoort Je visuele taal is vaak gebaseerd op nostalgie. Als kunstenaar dwaal je af naar het verleden.  Zelden zie ik voorwerpen op het canvas met een hedendaagse look.
Hervé Martijn Inderdaad, ik ben nogal bezig met wat geweest is.

Kunstpoort Het thema ‘hoe je leven in evenwicht brengen’ (zie werk ‘Balanceren’) keert vaak terug in je werk. Heel wat externe omstandigheden, waar wij geen vat op hebben, beïnvloeden ons zijn. Voor controle over de balans van het leven vallen we terug op onszelf, een enorme uitdaging voor elk individu. Helpt de schilderkunst evenwicht in je leven te brengen? Geeft kunst zin aan je leven?
Hervé Martijn 100%! Ik tracht emoties en gedachten over te brengen, zonder deze expliciet zelf goed te kunnen benoemen. Het zijn allerlei herkenbare gevoelens uit het innerlijke ‘ik’. Mijn schilderkunst is voor mij dan ook vaak een soort ronddwalen in gedachten en gevoelens en een confrontatie met diepere emoties. Het schildergebeuren zelf brengt me vaak tot rust. Het zoeken, ontwerpen en creëren van ‘de beelden’ functioneert inderdaad als een middel tot emotionele balans. Kunst is voor mij een verslaving, ik kan niet zonder. In de perioden dat ik me goed voel is dat fantastisch, iedere toets zit raak. Mijn doek en ik, meer is er niet nodig. Wanneer ik last heb van een dipje, is mijn atelier ‘The place to be’, waar ik me in de intimiteit van mijn atelier kan terugtrekken, ver weg van alle drukte.

links ‘Balanceren’ 40x30cm – rechts ‘Ensemble’ 140x90cm – foto’s copyright Hervé Martijn

Kunstpoort Je schilderijen bestaan uit ontelbare verflagen. Is van bij de aanvang de toon, de sfeer al gezet, voel je onmiddellijk dit zit goed? Worstel je of werk je gedecideerd?
Hervé Martijn Elk werk kent zijn ontstaansproces als een soort gesprek.  Je voelt aan als een schilderij goed zit. Wanneer ik geen honderd procent overtuigd ben overschilder ik gewoon het doek.

Kunstpoort Streef je anatomische juistheid na? Of hoeft dat niet? Zelf heb je technisch gezien heel veel vakmanschap, vind je dat belangrijk, ook voor een kunstenaar die abstract schildert? Zie je ook bij abstracte kunst het vakmanschap van een kunstenaar?
Hervé Martijn Voor mij persoonlijk is dat belangrijk. Vroeger niet, omdat ik toen meer schetsmatig bezig was. Vanaf het ogenblik dat je fotorealistisch schildert moet een werk niet 99% juist zijn maar 100%. Een foutje stoort me ook al ziet geen enkele toeschouwer het. Bepaalde stijlen en kunstvormen laten een anatomische afwijking toe, maar ikzelf kies voor een anatomisch correcte benadering.

Kunstpoort Bepaalde voorwerpen, symbolen en/of thema’s keren terug: de kroon, een rood kruis, het puttertje, de pleister… de tweeling.
Hervé Martijn De reden is heel eenvoudig, ik werk meestal in reeksen: bv meerdere werken rond het thema van ‘de tweeling’ … gewoon doordat ik opa ben van ‘twee’ tweelingen, of een reeks die ontstond rond het thema van ‘de viewmaster’. Ooit schilderde ik een zelfportret met viewmaster, dat is niet zomaar een viewmaster maar DE viewmaster van mijn groottante met beelden van Lourdes, Lourdes die ze  één maal in haar leven bezocht. Als kind heb ik duizend keren naar die viewmaster beelden zitten kijken. Mijn 80jarige tante vertelde telkens opnieuw en opnieuw van die ene reis naar Lourdes. Die viewmaster is een beladen voorwerp, met een enorme betekenis, gevoelsmatig zeer belangrijk. Nu kijken mijn kleinkinderen in de viewmaster van mijn moeder en vertel ik hen het verhaal van de viewmaster van hun overgrootmoeder. Ik kijk achterop naar het verleden, de melancholie is nooit ver weg, nestelt zich en voelt zich geborgen in mijn schilderijen, klaar om met de kunstliefhebber in dialoog te gaan.

Kunstpoort Hebben de symbolen iets met elkaar te maken?
Hervé Martijn Niet echt.

Kunstpoort ‘Distelvink’ verwijst naar ‘Het Puttertje’ (1654) het beroemd schilderij van Carel Fabritius, te zien in het Mauritshuis in Den Haag. Het puttertje verwijst ook naar het boek van Donna Tart. Ben je een literatuurliefhebber? Gebeurt het wel meer dat een boek, een tekst je inspireert voor de titel van een schilderij?
Hervé Martijn Niet echt. Ik lees wel, maar meer rond psychologie en filosofie. Het schilderij van het putterke was ook weer toevallig een onderwerp dat op mijn weg kwam. Op zekere dag vond ik een dood putterke op mijn vensterbank. Dat vogeltje legde ik op een boek en dit klein stilleven vertaalde ik in een schilderijtje. Zo overkomt het me wel vaker dat onderwerpen bij toeval komen ‘aangevlogen’. Stapsgewijs worden er connecties gemaakt, ontstaan er linken met de kunstgeschiedenis en groeien er reeksen schilderijen rond een bepaald thema.

Kunstpoort Denk je na over het leven, filosofeer je tijdens het schilderen of ben je één en al concentratie, gefocust op je techniek of komt er ook ‘denken’ aan te pas?
Hervé Martijn Ik werk op automatische piloot. Ik denk niet meer na over welk penseel ik hoef te gebruiken. Wat gaat er door mijn hoofd, geen idee! In het atelier is klassieke muziek mijn metgezel, zonder lukt het niet.

Kunstpoort Je schildert het zichtbare, de uiterlijke wereld en toch zijn je canvassen dragers van het onzichtbare, het innerlijke. Is het niet moeilijk de twee in eenzelfde schilderij te bundelen. Is het maakproces niet enorm belastend niet alleen fysisch maar ook voor de psyche?
Hervé Martijn Ja dat is zeker lastig. Er is die voortdurende drang tot ‘registreren’ van gedachten en gevoelens. Het is een onophoudelijke zoektocht.

“Agnus Dei, qui tollis peccata mundi, miserere nobis…” 40x40cm

Kunstpoort Het schilderij oogt mooi maar het is toch meer dan dat.
Hervé Martijn Ik moet connectie voelen met een werk. Al vind een buitenstaander het knap, wat voor mij niet af is, geraakt niet door de sluis, vertrekt niet naar een galerie.

Kunstpoort Je werken zijn moeilijk te ontcijferen voor een buitenstaander en leven een eigen leven. Kortom ze zijn raadselachtig, vaak moeilijk te doorgronden. Je oeuvre is realistisch met een verborgen inhoud, het zijn schilderijen die een inspanning vragen bij een breed publiek. Zo zijn er bepaalde verrassende elementen zoals ‘de rode bes’. Je schilderijen verbergen een geheim dat je niet graag prijsgeeft. De kijker is vrij er een eigen invulling aan te geven. Die hangt af van persoonlijke ervaringen, emoties en achtergrond. Ga je graag in gesprek met de kijker over een werk of liever niet?
Hervé Martijn Het kijkpubliek voegt een eigen betekenis toe aan een schilderij, dat mag. Ik ga met graagte een dialoog aan met het publiek. Vaak ontvang ik mails van kopers die om een woordje uitleg vragen of hun eigen inzicht mede delen. Dat vind ik fijn. Mijn schilderijen vinden een eigenaar omdat er een klik is, omdat de belangstellende voeling heeft met het schilderij. Psychologen, psychotherapeuten, psychiaters, mensen uit de zorgsector zijn de grootste groep die de laatste 15 jaar respons geven op mijn werk.

Kunstpoort Hecht je veel belang aan titels. Vaak lijken ze heel eenvoudig en vanzelfsprekend. Soms moeilijker te begrijpen. Is het nuttig dat de kijker de titel kent om uiteindelijk het schilderij ten volle te kunnen appreciëren of te ontcijferen?
Hervé Martijn Het is zeker een meerwaarde.

Kunstpoort Je schilderijen geven aanleiding tot het verkennen van het innerlijke landschap. Ook al visualiseren ze pijn, kwetsbaarheid, ze blijven esthetisch, dit in schril contrast met vaak agressieve hedendaagse werken. Hoe sta je tegenover, voor het brede publiek, vaak afstotelijke kunst?
Hervé Martijn Een agressieve dramatische intensiviteit in films, toneel en/of dans kan ik wel smaken. Ik ben ook getriggerd door de agressieve zwaarmoedigheid van kunstenaars als Anselm Kiefer die oorlog, vernietiging, verval en destructie een gezicht geeft. De expo van Louise Bourgeois in Parijs ontroerde me en betekende voor me een openbaring. Haar kunst ligt kilometers van mijn werk af maar toch verwerken we dezelfde problematiek. Bij mij overheerst de melancholie, haar werk is zwaar op de hand, getormenteerd. Ze verkent gevoelige thema’s zoals de dood, familiale trauma’s, isolement, eenzaamheid, het vrouwelijk lichaam. Ook zij kijkt achterom en put uit haar persoonlijke leven.

Kunstpoort Van welke schilderkunst hou je zelf, abstract, figuratief… Wat mag aan de muur in je leefwereld?
Hervé Martijn Ik koop regelmatig kunst ook fotografie. Wat me opvalt, ik heb een groot aantal zwart/wit werken, minder kleur. Dat sluit aan bij mijn vroegere grisaille werken, toen kleur niet de hoofdrol speelde.

Kunstpoort Betekent het veel voor je als ik beweer dat je werk tijdloos is en in de verre toekomst de kunstliefhebber zal blijven boeien. Is dat de bedoeling, is dat noodzakelijk om gemotiveerd te blijven om verder te schilderen?
Hervé Martijn Als kunstenaar leef je in een cocon, je ontmoet heel veel bevriende kunstenaars, een regionaal kunstpubliek… het is een wereld van ons kent ons. Binnen deze kringen is er ongetwijfeld waardering. Pas als je die beperkte kring doorbreekt wordt de impact van je werk op de wereld duidelijk. Ook ver van mijn bed voelt het publiek affectie met mijn schilderijen. Een universele beeldtaal is heel belangrijk voor me.

Kunstpoort De kunst van Hervé Martijn overviel me om nooit meer los te laten. Het gesprek met de kunstenaar gaf me heel veel energie, zin om te schrijven en goesting om niet alleen kunst te smaken maar ook te maken. Dit is wat goede kunst kan teweeg brengen.

Tekst Kathleen Ramboer

INFO

https://www.instagram.com/hervemartijn/
https://www.hervemartijn.com/

TENTOONSTELLING ‘STILLE GETUIGEN’

Expo ‘Stille getuigen’

Hervé Martijn en Luc Cappaert

opening 10 mei 2026 om 15u
van 10 mei tot 20 juni 2026

open do-vr-za van 15u tot 18u

galerie s. & h. de buck
Zuidstationsstraat 25
9000 Gent

ANTANAS SUTKUS PHOTOGRAPHS


Fototentoonstelling in Villa De Bondt

recensie Kathleen Ramboer

Wie terug gekatapulteerd wil worden naar de Baltische staten tijdens de Russische heerschappij kan terecht in Villa De Bondt te Gent. Daar stelt de Litouwse fotograaf ANTANAS SUTKUS (1939) tentoon.
Je mag het een documentaire fototentoonstelling noemen maar het is meer dan dat. Door de persoonlijke verhalende visie van de fotograaf, het sprekende natuurlijk licht, de gedetailleerde grijstinten, de accurate kadrering en zijn oog voor compositie, mag je de foto’s kunst noemen, kunst met een grote K.

Antanas Sutkus legt de focus op de menselijke blik en gevoelens in een onvrije autoritaire staat. Er is heel veel aandacht voor het kind, het enige vrije wezen tijdens het regime. Op de foto’s kijkt dat kind je aan met een onderzoekende, bedachtzame bijna volwassen oogopslag.
De beelden zijn een tijdloze afspiegeling van een tijdsgeest. Ze tonen universele gevoelens, de veerkracht van een onvrij volk in eenvoudige levensomstandigheden.

Onbewust denk je als bezoeker aan de Franse fotograaf Cartier-Bresson. Toch is Antanas Sutkus niet beïnvloed door de Westerse fotografie van die tijd. Op de site* kan je het volgende lezen:
“Deze fotografie heeft nooit een grote invloed gehad op mijn visie. Tegen de tijd dat ik deze internationale fotografie leerde kennen en evenementen begon te volgen, had ik mijn eigen persoonlijke stijl al gevonden.”

De beelden zijn prachtig afgedrukt in Kooldruk (carbon printing), een duurzame, hoogwaardige fotografische zwart/wit print techniek die ook in de donkere tinten details weergeeft. De kaders zijn stijlvol eenvoudige zwarte lijsten en hangen mooi contrasterend op de kraak witte expomuren van de mooie galerie ruimtes.


Omwille van een iconische foto dwaalt in de tentoonstelling ook de geest van Jean-Paul Sartre rond. De foto staat als blikvanger afgebeeld op de uitnodiging.
op de website* lees ik
“In deze iconische foto, zijn bekendste werk, voelt men de aanwezigheid van wind, hoewel er helemaal geen wind te bespeuren valt:
We zien Sartre mijmerend en overpeinzend. Wat Sutkus vastlegt, is echter geen uiterlijke handeling, maar een innerlijke toestand.
De “wind” lijkt voort te komen uit Sartres gesloten, voorovergebogen gestalte, alsof hij tegen een onzichtbare kracht in beweegt.
Dit beeld toont geen natuurkracht, maar weerstand als gedachte, het toont Sartres diep menselijke, existentiële strijd als een voelbare tegenwind.

Jean-Paul Sartre

Als bezoeker voel je je onmiddellijk thuis in de galerie. De curator/organisator ontvangt elke bezoeker met heel veel enthousiasme en diept voor de kijker boeiende verhalen en anekdotes op.
Niet alleen de fotografie tentoonstelling is een aanrader maar ook de locatie. Villa De Bondt, een architecturaal pareltje van architect Jan-Albert De Bondt (Gent 22 augustus 1888), zorgt voor een bijkomende ster. Vergeet ook niet een blik te werpen op het sculptuur in verguld gips van de Gentse beeldhouwer Geo Verbanck “Vers la Vie” of “Het Leven tegemoet”. Dit beeld is terug van 52 jaar weggeweest en staat op zijn oude vertrouwde plaats.

* https://villadebondt.be/sutkus/

INFO

ANTANUS SUTKUS PHOTOGRAPHS

8 maart 2026 tot 6 juni 2026

Villa De Bondt
Krijgslaan 124
9000 Gent
donderdag, vrijdag, zaterdag
14u tot 18u
of op afspraak

toegang gratis

Geen hapklare kunst

EXPO breekbaar / fragile
in Galerie drie met Yuna Denis en Ronny Broeckx

tekst en fotografie Kathleen Ramboer

Met de werken van Ronny Broeckx en Yuna Denis presenteert Galerie Drie geen hapklare kunst. Beide kunstenaars evoceren een innerlijke wereld waarvan ik graag de sleutel krijg die me toelaat hun artistiek universum te verkennen. Hoewel… een vleugje mysterie mag en moet er altijd zijn. Verborgenheid stimuleert een beleving die verder reikt dan kijken en de kunstliefhebber laat dromen, voelen, genieten, reflecteren…

Op het eerste zicht hebben hun werken weinig gemeen, niets is minder waar, ze raken elkaar ongewild zachtjes, niet bruusk, heel bedachtzaam.

VERWANTSCHAP

DE PATINE VAN EEN VER VERLEDEN

Beide verwerken gebruikte voorwerpen die mooi zijn, omdat ze dragers zijn van leven, deel uit maken van hun ‘zijn’ en een welkome patine uitstralen van verloren tijden.
Bij Ronny Broeckx zijn dat gebruikte verpakkingen bij Yuna Denis katoenen of linnen lakens die ooit geborgenheid betekenden, oude metalen platen… stukken hout die ze hier en daar op haar pad vindt of krijgt van vrienden…
Ronny Broeckx ge- en verbruikt verpakkingen en vergeten materiaal, omwille van de schoonheid die hij vindt in vorm, textuur of omwille van het picturale. Het onvolmaakte, een beduimelde ondergrond, een vlek, een streep… dit alles kan de aanzet zijn tot een boeiend, nieuw avontuur, de start van een kunstwerk waar de spanning tussen oud en nieuw 100% benut is.
Ik citeer graag de kunstenaar Ronny Broeckx: ‘Vlekken inspireren me, en toeval is uiteraard belangrijk. Volgens mij is toeval ook een begrip dat verdwijnt vanaf het moment dat je het gebruikt. Dan is er geen toeval meer maar ga je er constructief mee om en geeft het op dat moment richting aan het ‘zijn’. Dat is volgens mij ‘de natuur’ van het zijn, het gebeuren.’

Ronny Broeckx

In het oeuvre van Yuna Denis speelt het verleden een belangrijke rol. Door artefacten en oud materiaal te gebruiken is ze in staat zich verbonden te voelen met haar familie en met vele generaties kunstenaars. Kunst maken buiten een emotioneel kader is voor haar niet aan de orde. Het toeval speelt bij haar een hoofdrol. Ook haar werk oogt picturaal sterk omwille van de onderliggende patine en het coloriet van de materie. Ze gebruikt vaak pigmenten wat haar kunst een zekere authenticiteit bezorgt. Mag ik haar een hedendaagse ‘oude’ meester noemen?

HET ANTIGIF VAN STILLE KUNSTENAARS

Zowel Ronny Broeckx als Yuna Denis zijn ‘stille’ ‘trage’ kunstenaars die met hun poëtische tactiele kunst een antigif toedienen voor onze chaotische, drukke wereld, een wereld die ons overstelpt met afschrikwekkende, schreeuwerige beelden, een wereld die we niet graag de onze noemen.
Het werk van Ronny Broeckx straalt rust uit, iets meditatiefs, maakt stilte tastbaar. Toch is de kunstenaar niet letterlijk  een ‘trage’ kunstenaar. Om zijn energie te verdelen, schildert hij simultaan aan meerdere werken. Zo vermijdt hij het gevaar een schilderij ‘kapot’ te werken.
Het kleurenpalet van Yuna Denis bestaat hoofdzakelijk uit blauw en ijzig grijs. Blauw wordt geassocieerd met de lucht en de zee, die kalmte en sereniteit uitstralen, toch brengt kunst Yuna Denis niet altijd tot rust. Kunst maken is voor haar een vluchten en een strijd, een confrontatie met het verleden. Als een archeoloog zoekt Yuna Denis naar oude sporen op een oppervlak, naar een ziel om ermee aan de slag te gaan. Ze groeide op vlakbij de Atlantische Oceaan, die subliem is en tegelijkertijd wild. Volgens haar bezorgt het water van de oceaan innerlijke rust maar de tol betalen we met mensenlevens.

Yuna Denis

KUNST IS EEN NOODZAAK – HET ATELIER

Yuna Denis SHIELD –
my skin ain’t bulletproof
Aluminium powder on prepared cotton, oil painting, home made gesso

En ja ze hebben nog iets gemeen. Beide kunstenaars creëren kunst uit noodzaak; dwangmatig en gedreven. Hun persoonlijk leven en creativiteit hebben elkaar nodig, ze zijn stevig met elkaar verbonden.
Voor Yuna Denis is kunst maken een ontsnappingsroute naar het verleden, een manier om zich te beschermen tegen de toekomst, een schild tegen een harde realiteit. Haar atelier is een veilige haven, weg van alle leed. Maar ze is niet immuun voor het lijden in de wereld. Op Instagram lees ik naast een gevoelig werk  ‘my skin ain’t bulletproof’.

Haar kunst is haar uitlaatklep voor emoties. Dit vertrouwde ze me toe: ‘Vaak vertoef ik in onstuimige wateren, dan is het fijn met de handen te werken, het andere deel van mijn ‘zijn’ op te zoeken tot de storm is gaan liggen’. Haar canvas vergelijkt ze met de huid die sporen draagt van wat eens is geweest. ‘It’s a genesis’. ‘De huid, is dat niet het grootste orgaan van het menselijk lichaam dat ons in staat stelt een complexe wereld genuanceerd te ervaren?’ dat fascineert haar. Ze zoekt een kader waar haar kunst gezien en gehoord kan worden en hoopt stilletjes dat die kunst van haar de tand des tijds doorstaat, en dat blijkt van wezenlijk belang voor haar.
Ronny Broeckx
Voor die noodzaak gaan we terug tot zijn kindertijd. Van kleins af aan was de drang er om te tekenen, dit moest en zou deel uitmaken van wat hij later wilde worden. Misschien is het moeilijk te vatten maar ook zijn kunst is de vertaler van een sfeer, een gemoed, emoties verwerkt in een subtiel, poëtisch kleurenpalet. Kleur verhaalt hoe hij de wereld beleeft: nu eens vrolijk en blij dan weer somber en triest. Misschien lijkt de kunst van Ronny Broeckx kinderlijk eenvoudig dat is het niet, het ontstaan proces is niet zo simpel en sterk gelaagd. Het maken kan vlot en snel verlopen maar ook moeizaam en traag, in fases. Na een jaar een laatste beslissende touch aanbrengen? dat kan bij Ronny Broeckx. Zijn kunst volgt het ritme van het leven, een natuurlijk proces.
Het werk van Ronny Broeckx straalt een zekere lichtheid uit. Het is alsof zijn cardboards en canvassen het licht weerkaatsen. Daarom stel ik me een atelier voor dat baadt in het licht. Niets is minder waar. Ronny Broeckx: ‘Mijn atelier is een vrij donkere ruimte. Hier wil ik dat het daglicht mijn werk zo weinig mogelijk beïnvloedt. Het gebrek aan contact met de buitenwereld laat me toe me enkel te focussen op mijn gedachten.’
Intensief creëren in de afgezonderde, introspectieve sfeer van een atelier hebben zowel Ronny Broeckx als Yuna Denis gemeen met vele andere kunstenaars.

WAAR DOEN ZE HET VOOR? VOOR AANDACHT, ENGAGEMENT EN TIJD VAN DE KIJKER?

Het werk van Ronny Broeckx is ongrijpbaar en toch ook herkenbaar, je ziet een lijn, een vlak, een streep, een vlek en nog een vlak… Het is kunst met een laagje mysterie. Wat beoogt de kunstenaar?
Ronny Broeckx merkt op dat de meeste toeschouwers zoeken naar herkenning, een herkenning die differentieert van persoon tot persoon. Hoe de kijker zijn werk interpreteert raakt hem minder. De intrinsieke motivatie, de passie waarmee het werk tot stand kwam, staat centraal. Graag laat hij de deur op een kier voor een verhaal, een invulling. Omdat een titel het interpreteren stuurt, draagt een werk vaak geen titel. Wat is er boeiender voor de beschouwer dan een eigen verhaal bij een kunstwerk verzinnen?


Het werk van Yuna Denis noem ik graag tijdloos. Ze verbeeldt emoties van alle tijden. Wil ze een emotionele reactie van het kunstpubliek? Tijdloosheid intrigeert en fascineert Yuna Denis al jarenlang . Ze vraagt zich af hoe ze aan het veeleisende ‘nu’ kan ontsnappen. Materialen en objecten zijn tegenwoordig weinig duurzaam. Maar als haar werk bij de toeschouwer een diepe gevoelige snaar raakt en een emotionele resonantie overblijft, dan is ze in haar opzet geslaagd want de essentie van haar werk overstijgt de tijd. De mogelijke impact op de kijker staat voor Yuna Denis niet ter discussie. Yuna Denis: ‘Als ik voldoende naar het werk heb geluisterd, zal het anderen raken. Anders is het misschien nog niet klaar om gezien te worden.’

links werk van Ronny Broeckx – rechts Yuna Denis

TOT SLOT

Persoonlijk vind ik het oeuvre van Ronny Broeckx fantasierijk en levendig. Hij jongleert met kleuren en vormen. Wat onmiddellijk de aandacht trekt is het gebruik van een spuitbus. De aandachtige kunstliefhebber legt ongetwijfeld onmiddellijk de link naar de Straatcultuur. Ik waag me zijn werk een veredelde vorm van Street Art te noemen wat de kunstenaar onmiddellijk weerlegt. Wat hij maakt houdt het midden tussen het klassieke schilderen met borstels en de air brush. Hij gebruikt beide door elkaar, de laatste tijd verkiest hij de spuitbus als instrument voor de laatste laag. De verf van de spray die hij gebruikt is op basis van acryl, een compleet andere verf dan deze van de straatartiesten. Zijn verhaal leunt niet aan bij dat van de straatcultuur. En… vlekken en trash zorgen bewust voor een vrolijke noot in zijn werk, zonder dat zou het geen ‘Ronny Broeckx’ zijn.

Vooral de diversiteit aan materialen waarmee Yuna Denis werkt valt me op: stof, hout, doek, metaal, artefacten… Ze experimenteert erop los met pigmenten, pastel, verf, aluminium poeder… ze schraapt, schildert, veegt, schuurt tot ze het gewenste resultaat bereikt. Op deze manier bezorgt ze de kijker een zintuiglijke beleving. De kunstenares herdenkt materialen uit het verleden, ontdekt verborgen wijsheden en transformeert de objets trouvés naar kunst. Haar werk situeert zich vaak tussen sculptuur en schilderkunst. Doek spant ze niet op want daar houdt ze niet van, de pigmenten en metaalpoeder zweven over het oppervlak, een schilderachtig sculptuur kan geboren worden. Houten voorwerpen bezorgt ze diverse picturale laagjes en tovert ze om tot een tableau. In haar kunst schuilt de herinnering aan haar jeugd, haar moeder, haar vader, de zee… kortom ze creëert een brok pure geschilderde emotie.

breekbaar / fragile
is een expo die zich nestelt in mijn geheugen. Zo kan ik later, eens het beeldend werk veilig opgeborgen is en afgeschermd in het atelier, de verrassende indruk die de tentoonstelling op me maakte terug oppikken en rustig nagenieten.

Tekst en foto Kathleen Ramboer

INFO

Breekbaar/Fragile
Yuna Denis en Ronny Broeckx
03.04-26.04.2026

Galerie drie
Sint-Amelbergastraat 3A, Gent

Vrijdag en zaterdag van 9u tot 18u
Zondag van  9u tot 14u

opening
vrijdag 3 april tussen 19 en 22 uur

https://www.instagram.com/yunadenez/

https://www.instagram.com/ronnybroeckx/

Een gesprek met kunstenaar Johan Clarysse, schilder en dichter

‘Omdat gewoon leven niet volstaat’ Patti Smith

tekst Kathleen Ramboer

Op een zonnige winterdag zit ik aan een gezellige keukentafel in een fel hoopvol daglicht samen met kunstenaar/poëet Johan Clarysse, klaar voor een warm gesprek. Talrijke onderwerpen passeren de revue: zijn loopbaan als kunstenaar/dichter, kunst en schoonheid, de communicatie met de kijker, techniek, zijn poëzie… en zo veel meer. Johan Clarysse doorspekt het gesprek met filosofische beschouwingen wat het interview een boeiende wending geeft en mijn horizon verruimt. Het zijn drukke dagen voor de kunstenaar. De aanleiding voor dit gesprek zijn een solo expo ‘Back to the nineties’ met lyrisch abstract schilderwerk uit de jaren negentig én de presentatie van zijn tweede poëziebundel ‘Randschade’.

Kunstpoort Waarom stel je nu vroeger werk tentoon, de reeksen ‘Odyssee’ en ‘Van Stof Tot Steen’? Verkoos het Willemsfonds, organisator van de expo, specifiek deze 2 series of komt het idee van jou? A la recherche du temps perdu?
Johan Clarysse Mijn eerste idee was weinig gekend werk te presenteren zoals mijn collages. Toen dacht ik waarom geen ouder werk tonen? De reden daarvoor is dat ik de voorbije jaren ben  geconfronteerd met de eindigheid van het leven met als effect een extra vibe om te creëren én het willen terugblikken op wat is geweest. Wat heb ik betekend als mens en als schilder?

Kunstpoort Je ‘Odyssee’ reeks en ‘Van stof tot steen’ reeks doen me vooral denken aan voorhistorische grotschilderijen of tekeningen, dit door hun textuur en typische aardkleuren, het zijn picturale materieschilderijen. Is het een blij en verrassend weerzien als je terugblikt naar deze vroege schilderijen? Ben je er nog altijd tevreden over?
Johan Clarysse Mijn nieuwe levenssituatie bracht de drang tot het maken van een inventaris met zich mee. Van 1988 tot nu kom ik zo tot een kleine duizend werken: schilderijen, tekeningen, collages. Deze twee reeksen die ongeveer 30 jaar in mijn atelier gestockeerd stonden, liggen me na aan het hart. Deze werken hebben mij als kunstenaar op de kaart gezet. Ze maken deel uit van mijn schilderkundige identiteit, ik ben die werken nog altijd. Ze dragen de kiem in zich van wat later volgde. In deze reeksen zie je het figuratieve element in mijn oeuvre binnen sluipen. De canvassen bevinden zich op de grens van pure abstractie naar figuratie. Geabstraheerde archetypische symbolen zoals ramen, een huis, boot, zeppelin, een zwaard… komen tevoorschijn, maar vooral vormelijk zie ik deze reeksen als de basis voor later werk. Je voelt het spel met beeldende spanningsvelden, hét kenmerk van goede kunstwerken volgens mij. Dit kan zijn een licht donker contrast, figuratie versus abstractie, , lineaire of grafische accenten tegenover organische, picturale tegenover sculpturale elementen enz… Die periode zocht ik ook naar een mogelijkheid om 3-dimensionaal te werken. Verf mengde ik met zand, cement, mortel en ik begon objecten in mijn schilderijen te integreren.

van links naar rechts
Afbeelding 1: Odyssee III, 120×100 cm, 1993
Afbeelding 2: Odyssee XX, 150×180 cm, 1993

In de ‘Van Stof Tot Steen’ reeks haalde ik mijn inspiratie uit een reis naar ‘Weltshire’ in Zuidoost-Engeland. Het is een streek met talrijke prehistorische sites en imposante stenen constructies, grafmonumenten, magische stenen cirkels, megalieten. Ik was onder de indruk van deze historische locaties, ze hebben iets sacraal, mystiek… en ik begon stenen te schilderen die een eigen leven zijn gaan leiden, ze zweven over het canvas of gaan verstild liggen. In het werk voor de uitnodiging van deze expo  (cfr infra) speel ik bv met de tegenstelling van het massieve en organische van de steen met het kwetsbare en lineaire van de stoel erboven op. Dat zorgt voor een extra spanning in dat beeld.

Afbeelding 3: Van stof tot steen X, 120×100 cm, 1995

Kunstpoort Je stijl en techniek is ondertussen sterk veranderd. Ik zie het als een persoonlijke odyssee, een zwerftocht doorheen je individuele schilderkunst en die van de kunstgeschiedenis. Sluit je huidige stijl meer aan bij de thema’s die je tegenwoordig behandelt? Hoe evolueerde je stijl, techniek, plots of langzaam aan?
Johan Clarysse In het begin was er de pure abstractie in primaire kleuren, veel blauwen en roden, dan volgde de ‘Odyssee’ en ‘Van Stof Tot Steen’ reeksen die zich bevinden op de grens van abstractie en figuratie: velden lyrische abstractie en daarin archetypische symbolen, geschilderd in aardekleuren (cfr afb 1,2 en 3). Op een bepaald moment stapte ik over naar woord/beeld schilderijen. De Dachau-reeks neemt hier een prominente plaats in en betekende de start van de woord/beeld werken. Een bezoek aan Dachau greep me zodanig aan dat ik de noodzaak voelde een nieuwe reeks te starten in een nieuwe beeldtaal, iets totaal anders dan de materie kunst van de ‘Odyssee’ en de ‘Van Stof Tot Steen’ reeks. Naast het abstract/figuratieve, het organische versus lineaire, doet hier een woord/beeld element zijn intrede. Het integreren van woorden in mijn schilderijen hield ik een tijdje aan (cfr afb 4). Omdat het geen systeem zou worden ben ik daar op een bepaald moment van afgestapt en is het puur picturale in een figuratieve context meer op de voorgrond gaan treden (cfr afb 5). Voor mij zit er een lijn in mijn evolutie, zijn het geen bruuske overgangen. Voor een buitenstaander kan dat wel zo overkomen. De potentiële kracht van al die reeksen ligt   voor mij in de al dan niet subtiele, plastische spanningsvelden die ze vertonen: de spanning onder andere tussen kleuren, tussen vormen, lijnen, vlakken, de spanning tussen licht en donkere partijen, tussen dekkende en transparante verflagen, tussen enerzijds schetsmatige en suggestieve stukken en meer gedetailleerde of uitgewerkte stukken anderzijds… Vooral dat soort zaken zorgt, denk ik, voor een continuïteit in mijn oeuvre. Of een werk figuratief of abstract is wordt dan in zekere zin bijkomstig.

Maar ik heb dus blijkbaar thema’s nodig die mij intrigeren om gedreven te kunnen schilderen. Om mij niet te verliezen in de vele indrukken en associatieve ideeën die mij overvallen werk ik graag in reeksen, al wil ik daar ook de slaaf niet van zijn. Die reeksen kanaliseren die veelheid van impressies die op mij afkomen, geven ze een bedding.  Maar dat is eigenlijk niet hét belangrijkste. Wat vooral telt is de vormkracht van een werk: die beeldende spanningsvelden dus waarover we het zopas hadden en de manier van omgaan met verf, kleur enz…

Afbeelding 4: Suspicious landscapes (Icarus is lost), 60×100 cm, 2010
Afbeelding 5: Marat is alive, 60×100 cm, 2025

Kunstpoort Was er een zekere onzekerheid bij de start van je carrière, over de vroegste werken? Of dacht je onmiddellijk dit zit goed? Was er twijfel?
Johan Clarysse Ik twijfel nog altijd. Twijfel is een positieve attitude voor een kunstenaar. Verwar twijfel niet met vertwijfeling want dan ga je niet meer tot actie over. Waar ben ik mee bezig, ben ik nog goed bezig? Dat zijn ‘levensnoodzakelijke’ vragen voor een kunstenaar. Zelfvertrouwen is natuurlijk ook belangrijk, dat verwerf je door intensief bezig te zijn met je kunst en door de respons ook op je werk…

Kunstpoort Een citaat van Yves Joris: ‘Kunst mag dan wel spreken zonder woorden, het heeft een publiek nodig om echt tot leven te komen’. Probeer je zoveel mogelijk tentoon te stellen of liever niet te veel?
Johan Clarysse Kunst is voor mij nog altijd een vorm van communicatie, zij het communicatie via een omweg omdat het de dingen meer gelaagd en complexer maakt. Een kunstenaar die beweert: ‘Ik schilder alleen voor me zelf en niemand hoeft dat te zien’ dat geloof ik niet, tenzij het gaat om een louter therapeutische act en dan nog. Tentoonstellen is natuurlijk ook je kwetsbaar opstellen, het is een vorm van geven ook. Als kunstenaar moet je bovendien een minimum aan gezond egocentrisme en eigenliefde hebben. Geen arrogantie, daar neem ik afstand van.

Kunstpoort Ik stel vast dat je werken vanaf het begin, ik veronderstel de jaren 90, tot nu visueel zeer aantrekkelijk zijn. Was en ben je nog altijd op zoek naar schoonheid? Is het de bedoeling te verleiden door en met het schone? Primeert dat boven de inhoud? Of is het een middel om tot de inhoud, de kern van het schilderij te komen?
 Johan Clarysse Het begrip ‘schoonheid” was lang taboe in de kunstwereld, had een pejoratieve klank. Ooit beweerde ik zelf:  het gaat niet over ‘is een werk mooi?’ maar wel ‘is dat werk interessant, schilderkunstig gezien boeiend’? Het één sluit natuurlijk het andere niet uit. Het is zeker niet de bedoeling ‘schone prentjes’ te maken. En alles hangt af van ‘Wat versta je onder schoonheid’? Een goed schilderij mag voor mij best visueel aantrekkelijk zijn maar het moet tezelfdertijd ook iets weerbarstig in zich dragen, iets dat wat ‘wringt’ of ‘schuurt’. Bv iets dat ‘onaf’ lijkt, een perspectiefvervorming, een abstract gegeven in een overwegend figuratief beeld, een combinatie van beeldelementen die verrast enz. Een werk moet het liefst vragen oproepen, de behoefte aanwakkeren een eigen verhaal te vertellen. En dat wijkt af van een klassieke definitie van schoonheid.

Kunstpoort Je schrijft niet alleen poëzie maar schildert of tekent ook poëtisch. Tekeningen van jou verschenen in de dichtbundel ‘Verdraaide liefde’ van Jan M. Meier. Een eigen dichtbundel met persoonlijk werk, is dat een optie?
Johan Clarysse Dat biedt zeker perspectief en was ook een suggestie van de uitgever. Ik deed het tot nu toe bewust niet. Ik hou er niet van dat mijn tekeningen als illustraties overkomen. Mijn schilderkunst en poëzie hou ik voorlopig graag gescheiden. De tekeningen in de bundel van Jan M. Meier zijn niet speciaal voor die gedichten ontworpen. Er is een relatie tussen woord en beeld maar die is weerbarstig, zoals dat ook in mijn woord-beeldschilderijen destijds het geval was, ergens wringt het ook.

Kunstpoort Je tweede dichtbundel ‘Randschade’ is van de drukpersen gerold. We leven in een tijd waarin we razend snel leven en geleefd worden, een tijd waarin we vergeten te luisteren of stil te staan, een tijd waarin beelden je overrompelen en woorden minder gehoord worden. Wat betekent het vandaag de dag om poëzie te schrijven? Wat is het belang van een dichtbundel in 2026? Is er nog een publiek dat verlangt naar poëzie?
Johan Clarysse Poëzie is een kleine niche geworden. In mijn ogen is het de meest zuivere vorm van kunst: bijna niemand leest het en je kan er niets mee verdienen. Niemand is met dichten ooit rijk geworden. Misschien is poëzie belangrijk omdat het zo nutteloos is, nutteloos in commercieel opzicht. Maar ze is meer dan ooit betekenisvol, precies omdat ze een antigif vormt tegen het hapklare en vaak gedachteloze consumeren van woorden, ideeën en beelden, zo typisch voor deze tijdsgeest. Poëzie nodigt uit tot vertraging en verstilling, daagt je uit om af te stappen van je conventionele manier van waarnemen, denken, voelen.

Kunstpoort Misschien is schrijven een noodzaak om bepaalde fases in je leven een plaats te geven, te verwerken? Is het een drang die je voelt om te creëren? Nodig om te voelen dat je leeft? Is het een passie?
Johan Clarysse Tijdens het schrijven herken ik dezelfde drijfveren als bij het schilderen. Enerzijds heeft het iets dwangmatigs, iets driftmatigs. Patti Smith vroeg men ooit: ‘Waarom schrijf je nog?’ Ze antwoordde ‘Omdat gewoon leven niet volstaat’. Dat klopt, voor mij gaan schrijven en schilderen gepaard met een zekere urgentie. Die urgentie volstaat natuurlijk niet om een goed werk te maken. Het is voor mij een noodzakelijke maar niet voldoende voorwaarde om tot een interessant schilderij of gedicht te komen. Of een gedicht of een schilderij  goed of slecht is heeft zoals gezegd vooral te maken met vormkracht: het vinden van kleuren, vormen, woorden, beelden enz. die elkaars aanwezigheid nodig hebben om een goed gedicht of schilderij te zijn!

Poëzie en schilderkunst leunen wat dat betreft dicht tegen elkaar aan. ‘Poëzie is stomme schilderkunst en schilderkunst is sprekende poëzie’ schreef Simonides van Ceos. Zowel dichtkunst als schilderkunst werken beide met beelden die een communicatieve kracht in zich dragen, enkel het gehanteerde materiaal is anders.

Kunstpoort Je vorige bundel ‘Het geduld van water’ lijkt lichter van toon dan ‘Randschade’. Er zijn redenen om niet vrolijk te zijn: de tijdsgeest, vervlakking, de klimaatopwarming, ziekte… dat weerspiegelt zich in ‘Randschade’. Er is de confrontatie met de eindigheid van het leven. Ik werd er aanvankelijk niet vrolijk van en las de bundel met mondjesmaat. Hoe komt het dat je bundel toch een positieve klank nalaat, lucht en ruimte biedt?
Johan Clarysse Ik ben geen lichtvoetige dichter, dat klopt, en toch zit er inderdaad ook lichtheid in de bundel en is er – voor de goede verstaander –  ook ironie  aanwezig tussen de regels. De eerste cyclus ‘lijfspraak’ handelt over een ziekenhuiservaring, de confrontatie met lichamelijk ongemak en eindigheid. De tweede cyclus bijvoorbeeld bevat vooral liefdesgedichten. Twee polen zijn in de dichtbundel constant aanwezig en houden elkaar in balans: enerzijds het besef van eindigheid, vergankelijkheid, anderzijds de levensdrift, veerkracht en vitaliteit.  Ook de laatste cyclus in de bundel ‘WIE NIET KIJKT, ZIET NIET’ kan je lezen als een antwoord op dat eindigheidsbesef. Het is in zekere zin een pleidooi voor blijvende verwondering omdat die per definitie vitaliseert. Verwondering heeft dan weer veel met kijken en zien te maken en daar vragen bij stellen. Kunstenaars zijn volgens mij goede observators…Ik weet dat dit op zich geen originele thema’s zijn, een groot deel van de poëzie gaat daarover, maar ik wil daar mijn eigen stem in laten horen. Alles is al gezegd, maar nog niet op mijn manier, daar moet je van uitgaan.

Kunstpoort Denk je dat je met deze bundel mensen in eenzelfde levenssituatie helpt?
Johan Clarysse Dat is niet mijn bedoeling maar als dat zo is, lijkt me dat mooi meegenomen. Ik vertrek van een persoonlijke ervaring maar probeer het particuliere van die ervaring te overstijgen, een universele dimensie te bezorgen. Ik schrijf niet over -mijn- maar over hét gemis, hét lichamelijk ongemak, dé eindigheid. Met mijn gedichten raak ik hopelijk wel een gevoelige snaar.

Kunstpoort De bundel is biografisch. Je put uit je persoonlijke levenservaringen. Je fragiele gezondheidstoestand dwaalt rond in bepaalde gedichten. Heeft schrijven een positieve invloed op je gemoed?
Johan Clarysse Voor mij was het een stukje bevrijdend inderdaad. Maar daar zit ook een gevaar in. Als je schrijft over zaken die heel dicht bij je staan ben je soms emotioneel te betrokken. Ik voelde de noodzaak mijn gedichten een tijd te laten rusten om later serieus te kunnen schrappen en die algemene dimensie binnen te brengen.

Kunstpoort Op pagina 23 lees ik de volgende regels van het gedicht Nabestaand:

Daar vind je me terug, misschien.
Tussen boeken, verf en verzen.
Je verkeert in je terugblik
als in een levend huis…

Is het belangrijk dat je herinnerd wordt als schilder en dichter/schrijver? En wil je sporen nalaten? Misschien betekent verlies dan niet het einde?
Johan Clarysse Ergens hoop je stilletjes dat je nog een beetje voortleeft in je werk. Dat is vanzelfsprekend niet de enige drijfveer. Ik wil vooral mensen in het hier en nu bereiken. Let ook op het woordje ‘misschien’ in het citaat. Je hoopt dat, maar er is geen enkele garantie dat dit zo is. Je legt tenslotte een stuk van jezelf en van je ziel in je gedichten.

Kunstpoort Je beeldspraak is helder, visueel herkenbaar, niet cliché, origineel, verrassend en daarom volgens mij vrij toegankelijk. Schrijf je bewust geen hermetische gedichten?
Johan Clarysse Ik zoek de balans tussen raadselachtigheid en helderheid. Ik citeer graag een uitspraak van Rutger Kopland in dat verband: ‘Ik schrijf gedichten die op een heldere manier raadselachtig zijn en op een raadselachtige manier helder’. De twee extremen zijn volgens mij weinig interessant. Bij te hermetische gedichten heb je geen sleutel om het gedicht binnen te komen. Heel eenduidig en transparant is eveneens te mijden, want dan mist het gedicht gelaagdheid en mysterie. Een gedicht is  per definitie verdichting voor mij.

Kunstpoort Een schrijver van romans en verhalen dat zie ik niet in je?
Johan Clarysse Voorlopig niet…In mijn jeugdige jaren heb ik me in een schrijfcursus wel een paar keer aan een kortverhaal gewaagd. Mocht het leven mij gunstig gezind zijn, dan hoop ik te schrijven aan een weinig voor de hand liggende combinatie van essay, poëzie en dagboeknotities, een mix van genres dus en eerder beschouwend van aard; een beetje naar het voorbeeld van een Nederlandse schrijfster Lieke Marsman die ik hoog waardeer en die ik trouwens in het begin van de bundel citeer. Wie weet…

Kunstpoort Gaat het gedichten schrijven vlotter naarmate je meer ervaring hebt? Vind je ze nu beter?
Johan Clarysse De twijfel is en blijft een constante. Mijn eerste bundel is vrij goed onthaald, met mijn tweede wil ik toch het relatieve succes van de eerste evenaren. Dat zorgt voor een zekere stress, maar ik vind dat ok. Hoe meer je schrijft of schildert hoe meer je het métier ontwikkelt. De idee dat een gedicht vlot in één ruk geschreven wordt is meestal een fictie. De eerste versie misschien wel maar dan volgt nog een lange weg van schaven, corrigeren, schrappen, herschikken… Een gedicht schrijven is ook ambacht.

Kunstpoort Kan je me de titel ‘Randschade’ verklaren?
Johan Clarysse Het is een woord dat ook in de bundel voorkomt: in het gedicht ‘Uitzicht’, het eerste gedicht uit de cyclus WIE NIET KIJKT, ZIET NIET (p. 46):

De middag zet zijn ramen open:
een tuin vol weegbree, paardenbloem
en kattenpis. Een kraai verdwijnt in
de schaduw van een haag.

Daarachter zwijgzame huizen
voorbijschuivende silhouetten
een passant die de dag vervloekt
het niet begrijpende kind dat hem vergezelt.

In hun voetafdruk hangt randschade.

De kamer vult zich met het oog
dat kijkt. Licht valt op het lege doek.
Silhouetten worden cirkels, huizen dijen uit
de tuin een strook, het kind een kras.

Pompejaans rood en nachtzwart
rollen er doorheen. Feest
op de rand van een vulkaan.

‘Randschade’ is voor mij een mooi en suggestief woord dat vrij veel open laat. In de Van Dale lees je min of meer deze uitleg: het is neveneffect van een bepaalde handeling of situatie, een effect dat vaak niet of te laat opgemerkt wordt. Dat neveneffect kan zowel mentaal als fysiek zijn, denk bv aan de neveneffecten van sommige medicatie.  Je kan het ook meer filosofisch invullen. Randschade is eigen aan de ‘condition humaine’, aan het leven. Een neveneffect van leven is ons besef van vergankelijkheid. Cfr de filosoof Heidegger: ‘Dasein ist sein zum Tode’.

Kunstpoort Waarom koos je dit schilderij voor de cover?
Johan Clarysse Het schilderij met als titel ‘dance for forgiveness II’ verbeeldt een danser die uit de duisternis opduikt. Het spel van licht en duisternis is sterk aanwezig in dat beeld. Die tweeledigheid van licht en donker weerspiegelt zich in de bundel. Het beeld is suggestief en open, nodigt uit tot meerdere interpretaties zoals ook de titel ‘Randschade’ dat doet volgens mij.

Kunstpoort Stel je soms de vraag: Wat als ik geen kunstenaar was geworden?
Johan Clarysse De wat-als-vraag is eerder een spielerei. In elk geval heb ik geen spijt van mijn gemaakte keuzes. De magie van het beeld heb ik ontdekt via de film en via een tante nonnetje die een kunstbibliotheek had in haar klooster. Na mijn studies aan de KULeuven vond ik uiteindelijk de weg naar de kunstacademie. Pas de laatste 8 jaar heeft mijn passie voor poëzie, die door de combinatie van gezinsleven, vaderschap en een schildersloopbaan wat op de achtergrond was geraakt, een nieuw elan gekregen. Mijn simpele levensfilosofie is dat je  de keuzes die je maakt voluit moet omarmen, in het andere geval maak je best nieuwe keuzes, al klinkt dit gemakkelijker gezegd dan gedaan natuurlijk…

tekst Kathleen Ramboer
foto’s copy right Johan Clarysse

TENTOONSTELLING

BACK TO THE NINETIES

Speelmanskapel Beenhouwersstraat 1-3
8000 Brugge
i.s.m met het Willemsfonds Brugge
van 4 april tot 10 mei 2026

Afbeelding uitnodiging: Van stof tot steen VI, 70×90 cm, 1994

Vernissage vrijdagavond 3 april om 19u30
met introductie van Sonia De Bal onder de vorm van een interview.
Openingsuren vrij-za-zo van 15u tot 18u
de kunstenaar is aanwezig op zondagen

VOORSTELLING DICHTBUNDEL

i.s.m. het Masereelfonds Brugge
De Snuffel Ezelstraat 42 8000 Brugge
op zondag 3 mei om 11u
met medewerking van o.a. Herman Leenders, gewezen stadsdichter van Brugge,
Wout Clarysse die een aantal muzikale soundscapes componeerde bij de gedichten
en gastdichters Astrid Arns, Elise Vos en Annika Cannaerts.

https://johan-clarysse.be/

https://www.instagram.com/johanclarysse.art/

OPEN CALL Gentse Kunstwandeling

Gentse Kunstwandeling zoekt beeldende kunstenaars!

Goesting om uw werk te tonen op een locatie, eigen aan de Brugse Poort in Gent?
Alle kunstvormen kunnen een plekje krijgen. Schilders, beeldhouwers, installatiekunstenaars,…. voel jullie geroepen!
De jury selecteert met het oog, om verschillende sterke expo’s samen te stellen op diverse locaties.

Deelnemen?

Post uw werk met de hashtag #bede_vaart2026 op Instagram.
Heb je geen Instagram? Stuur ons dan een mailtje met maximum een halve pagina uitleg en een foto van uw werk, wie je bent als kunstenaar, je website naar beeldendevaart@gmail.com

Selectie

Een jury selecteert de werken die deel zullen uitmaken van de tentoonstelling ‘bedevaart’ op een 7-tal locaties in de Brugse Poort. Het parcours is toegankelijk voor het publiek van 14 tem 16 mei 2026.
Tegelijkertijd kan je ook genieten van het BOMfestival!
Begin april contacteren we de geselecteerde kunstenaars.

BEDEvaart vraagt aan de deelnemende kunstenaars om tijdens de expo een dagdeeltje aanwezig te zijn en een bijdrage van 10 euro. Deze wordt gebruikt om extra drukwerk en promo te voorzien tijdens het weekend.

Deelnemen

Deadline 31 maart 2026
Tentoonstellingsperiode
do, mei 14 – za, mei 16 2026, All day

Organisatie
Gallery Bavart & Atelier taktiek
https://bavart.be/

Het tweede leven van bavart gallery

Waarom deelnemen aan BADAFF, kunst- en designbeurs?

tekst Kathleen Ramboer

Na een break van een veertien tal jaren neemt Wim Baes, kunstenaar, curator en nu wederom galeriehouder, de draad terug op. Met een deelname aan BADAFF, de kunst- en designbeurs in Het Arsenaal, een oude spoorwegsite te Gentbrugge, zet Wim Baes met zijn bavart gallery een eerste stap in de richting van de kunstwereld en zijn publiek. Naast zijn deelname aan de beurs, is het de droom van Wim om ver van alle glitter en glamour de kunstliefhebber in de huiselijke sfeer van bavart gallery te laten kennismaken met authentieke kunst van passioneel en origineel talent.
Het hoe en waarom werd duidelijk tijdens het kunstpoort-interview met Wim Baes. Ik was zo geboeid door zijn verhaal dat ik de tijd uit het oog verloor, een hongergevoel liet zelfs op zich wachten.

Kunstpoort Ik heb het raden naar de oorsprong en naam van bavart gallery. Kan je me die vertellen?
Wim Baes Toen ik hier kwam wonen (Brugse Poort Gent) startte ik een sociaal/cultureel project op onder de naam bavart vzw. Het was de bedoeling de buurt samen te brengen en op een laagdrempelige manier te laten kennis maken met elkaar en de kunst. De kunstenaar die hier tentoonstelde, haalde zijn kookkunsten boven, nodigde de buurt en vrienden uit om samen rond de tafel te zitten. Zo ontstond een fijne sfeer om te babbelen ‘bavarder’ met elkaar en over kunst. Poëzieavonden, concerten… alles kon. Dit project zette ik later opzij om mijn taak als papa op te nemen en tijd te maken voor de kunstenaar in mij. Voor de huidige galerie zocht ik een naam die niet zozeer het sociale maar het culturele aspect benadrukt. Na een brainstorming met vrienden en kennissen kwam de naam ‘Bazart’ naar boven. Ja, als puber droomde ik al van een galerie genaamd ‘Bazart’ met referenties naar art en bazar, een winkel van kunst. De band Bazar strooide roet in het eten. Toen ik de eerste maal Bazar op studio Brussel hoorde dacht ik: oeps daar gaat mijn naam in rook op. In werkelijkheid ben ik nog steeds dezelfde sociale persoon* gebleven met een passie voor kunst, dus dacht ik ‘waarom de naam bavart niet terug opnemen’? De naam verwijst naar Baes, ‘bavarder’ over kunst en art.
*Kunstpoort Wim Baes blijft sociaal actief. Hij ligt mee aan de basis van het kunstproject Bede_vaart, een beeldende biënnale in de buurt waar hij woont, de Brugse Poort te Gent, later meer hierover op kunstpoort.

Kunstpoort Er zijn enorm veel nieuwe galeries in het Gentse, diverse kunstplatformen steken de kop op. Waarom dan na een lange tijd opnieuw een galerie opstarten? Wat is je motivatie?
Wim Baes Enkele jaren terug waren de galeries schaars in Gent, dat is een feit. Nu boomt de interesse voor kunst. Tegenwoordig kopen ook jonge mensen kunst en wil de wereld van de kunst een graantje meepikken van die letterlijk en figuurlijk ‘jonge’ belangstelling voor kunst- en kunstbeleving. En toch galeries waar een kunstenaar in een comfortabele zetel zit, galeries die het verschil kunnen maken, die een publiek hebben dat koopt… zijn schaars in Gent. Ik ben eigenwijs en wil tonen wat ik apprecieer, wat ik goed vind. Ik start een nieuwe galerie die niet nieuw is, die me nauw aan het hart ligt, die ik enkele jaren runde. De verbouwing van de galerie duurt reeds 2 jaar en is ‘still going on’. BADAFF gaf me het beslissende duwtje dat nodig was. Een deadline komt me van pas. De beurs is voor mij een ideale start, een uitstekend vertrekpunt.

Kunstpoort Geloof je in het belang van beurzen? Wat is de meerwaarde? Is de kostprijs evenredig met de feedback?
Wim Baes Dat is een moeilijke. De beurs betekent de start van mijn nieuwe galerie. Na de beurs kan ik onmogelijk het bezoekersaantal vergelijken met het aantal belangstellenden vóór Badaff. Naar de beurs neem ik ook persoonlijk werk mee. Enkel respons als kunstenaar, op mijn canvassen, kan ik inschatten. Ik hoop op boeiende inspirerende contacten met het publiek en zeker ook met galeries.

Kunstpoort Is het de bedoeling werk te verkopen van de twee kunstenaars, Erika Cotteleer en Ines Raspoet, die je presenteert op de beurs?
Wim Baes Ongetwijfeld! Beide kunstenaars volg ik al een tijdje. Hun werk leunt sterk aan bij mijn beeldende kunst. Het werk van Erika is figuratief en heeft verwantschap met mijn recente portretten. Haar manier van schilderen refereert naar mijn meer ruwe manier om met de verf om te gaan. De kunst van Ines is bevreemdend abstract en sluit aan bij mijn abstract werk en deels figuratieve schilderijen. Mijn bedoeling is netwerken, mijn werk plus dat van Erika Cotteleer en Ines Raspoet promoten en verkopen.

van links naar rechts werk van Wim Baes – Erika Cotteleer – Ines Raspoet – foto copyright Wim Baes

Kunstpoort Wil je ook internationaal gaan?
Wim Baes Het idee zit in mijn achterhoofd om grotere beurzen aan te schrijven. Vorig jaar informeerde ik naar een beurs met internationale uitstraling: Art Brussels. Een 150tal galeries zijn er vertegenwoordigd en het bezoekers aantal is immens. Op grote beurzen toegelaten worden ligt voor mij moeilijk. Ze beoordelen je op de expo’s die je in het nabije verleden realiseerde. Mijn projecten liggen te ver achter me.

Kunstpoort De filosofie is tegenwoordig: kunst moet opbrengen. Mik je met bavart gallery vooral op de verkoop of hoeft de galerie niet direct te renderen?
Wim Baes Ik heb een bepaald budget en wil dat spenderen aan de kunst. Spenderen is vooral investeren, investeren in mijn persoonlijk oeuvre en in kunstenaars die volgens mij sterk werk leveren. Als ik kunst moet tonen enkel en alleen om die investering terug te winnen, dan stop ik ermee. De galerie vertaalt mijn passie voor de kunst. Ik wil werken tentoonstellen die mij passioneren en inspireren, die het dichtst bij mezelf aanleunen. Commercieel werk tonen omdat het goed in de markt ligt, neen dat is niet het beeld van mij als galerijhouder dat ik voor ogen heb, zo iemand wil en kan ik niet zijn.

Kunstpoort Mik je op solo- of groepstentoonstellingen?
Wim Baes We starten met groepstentoonstellingen. Voor individuele expo’s is de ruimte te groot. Beneden alleen al beschik ik over een 30 tal lopende meter muur, boven zijn er ook nog twee mooie grote ruimtes. De galerie kan ik zelfs uitbreiden naar nog meer toonmogelijkheid. In de zomer kan ik ook de orangerie erbij betrekken. Zowel beneden als bovenverdiepingen beschikken over een eigen specifieke sfeer, vragen een bepaald werk wat formaat, inhoud of gevoel betreft, ideaal voor groep expo’s. Perfect voor mij als een galeriehouder die graag samenstelt en begeesterd op zoek gaat naar combinaties om uiteindelijk een sterke verrassende expo in het leven te roepen.

bavart gallery – foto copyright Wim Baes

Kunstpoort Hoe ga je op zoek naar geschikte kunstenaars en werk?
Wim Baes Nu is er Instagram wat het gemakkelijk maakt om kunstenaars op te zoeken. Maar werk in werkelijkheid zien, voelen eventueel aanraken… blijft een must. Atelierbezoek is een conditio sine qua non.

Kunstpoort Ga je op de beurs de kijker rechtstreeks aanspreken of hoe ga je te werk om in contact te komen met de kunstliefhebber?
Wim Baes Eerst en vooral ga ik de toeschouwer laten weten dat ik klaar sta om alle mogelijke info te delen. Vroeger was ik zelfstandig en zo heb ik ervaring om met bezoekers om te gaan. Een soort inschattingsvermogen heb ik al doende verworven. Op de beurs laat ik me assisteren door een kunstprofessional met beurservaring. Als galeriehouder wil ik me distantiëren van mijn persoonlijk tentoongesteld werk. Het is de bedoeling dat ik contacten leg voor de kunstenaars Erika Cotteleer en Ines Raspoet, de ervaringsdeskundige plaatst meer mijn canvassen in de spotlights.

Kunstpoort De aandacht van de meeste galeries gaat naar jong aanstormend talent. Is er plaats voor oudere kunstenaars in bavart gallery? Kunstenaars die op latere leeftijd starten, een veertiger, vijftiger, vinden moeilijk onderdak in een galerie.
Wim Baes Er zijn kunstenaars die hun leven lang uit de boot vallen, niet doorbreken en toch ongelooflijk sterk werk produceren. Ik ben zeker bereid die kunstenaars, zelfs al zijn ze niet meer piepjong, een kans te geven. Persoonlijk ken ik een kunstenaar met dat profiel die ik wil promoten.

Kunstpoort De kunstwereld is bevolkt met een veelvoud aan goede kunstenaars. Misschien geeft Instagram me dat vals gevoel? De galeries vechten met ‘l’embarras du choix’. Een carrière als kunstenaar wordt er niet gemakkelijker op. Wat is jou mening?
Wim Baes Er is inderdaad meer visualiteit door Instagram, de social media. Maar zijn er wel zoveel kunstenaars die eruit springen? De toppers zijn al gesetteld en vertegenwoordigd door een vooraanstaande top galerie.

Kunstpoort Kunstenaar en galerist, vind je dat een geslaagde combinatie? En waarom?
Wim Baes Al vele jaren creëer ik kunst, voel kunst, vecht met materialen, composeer, schilder, overschilder, veeg, maak vlekken… Wanneer ik als galeriehouder werk aanprijs vind ik om die reden makkelijker de weg naar het juiste woord, kan ik de kijker medeplichtig maken in mijn zoektocht naar schoonheid. Bij een door mij georganiseerde expo wil ik kunnen roepen, schreeuwen: ‘man wauw wat een expo!’ Dat is het mooie aan het duo kunstenaar/galerist.
Een galeriehouder/niet kunstenaar ontleedt kunst meer op een analytische wijze. Persoonlijk wil ik mensen passioneren, meeslepen… Hoewel ik bekijk mezelf niet als galeriehouden. Met bavart gallery bied ik voornamelijk een toonplek waar een kunstenaar zonder financiële kopzorgen kan exposeren.

Kunstpoort Kunst wordt in toenemende mate verorberd via sociale media: contextloos, oppervlakkig en vluchtig. Hoe wil je het vluchtige omzeilen, het publiek bespelen om verder te kijken dan een rappe blik?
Wim Baes Zelf beschouw ik enkele minuten aandachtig een kunstwerk, daarna gaat mijn aandacht naar compositie, kleur, textuur… Eerst kijk ik als toeschouwer, dan met de blik van een galerist daarna met de instelling van een kunstenaar. Er bestaat geen truckje om de aandacht vast te houden. Je kan enkel hopen dat je als galeriehouder bij een bepaald werk de kijkers zodanig kan prikkelen dat ze blijven haperen en uiteindelijk verder stappen om ook de rest aandachtig te beschouwen. De toeschouwer spreek ik graag aan met feeling, als kunstenaar/galerist, bevlogen met passie en kennis. Ik breng een verhaal.

Kunstpoort Tot slot. Op welk een publiek mik je en met welke kunst?
Wim Baes  Ik mik vooral op publiek dat niet tevreden is met oppervlakkige, plat commerciële kunst. Voor mij komt schoonheid op de eerste plaats, niet wat je terloops mooi noemt, dat is niet het juiste woord maar kunst van een klassieke schoonheid. Welk werk straalt klassieke schoonheid uit? Werk waardoor je bewust of onbewust de aanwezigheid van een gouden snede voelt, waar de kleurenleer in doorschemert, met onbewuste reminiscenties aan wie weet oude meesters… Persoonlijk heb ik moeite met conceptueel werk. Kunst moet voor mij visueel mooi zijn, menselijk mooi, daarmee bedoel ik kunst gecreëerd door een mens, met zijn handen, met een persoonlijke visie, kunst als een onderdeel van een oeuvre. Ik opteer voor schilderkunst, tekenkunst, , grafiek ook wel fotografisch werk… Mijn aandacht gaat minder naar ruimtelijk werk. Kortom ik mik niet op gemakkelijke kunst, of toch wel maar op gemakkelijke kunst voor een publiek met voorkennis, voor een publiek dat werk kan plaatsen.

tekst Kathleen Ramboer
foto copyright Wim Baes

10 GRATIS toegangstickets BADAFF

bavart gallery geeft gratis toegangstickets BADAFF weg
aan tien kunstpoortlezers
ticket waarde € 14,00
De tien eerste die reageren hebben prijs!
Hoe reageren?
Stuur een berichtje naar Wim Baes
via Facebook https://www.facebook.com/wimbaes
of via instagram https://www.instagram.com/gallery_bavart/INFO

INFO

bavart gallery
Noordstraat 32
9000 Gent
www.instagram.com/gallery_bavart
https://www.bavart.be/
Wim Baes https://www.instagram.com/wim_baes_atelier/
Ines Raspoet https://www.instagram.com/raspoetines/
Erika Cotteleer https://www.instagram.com/erikacotteleer/

BADAFF
kunst- en designbeurs
19 tot 22 maart 2026
Het Arsenaal
Brusselsesteenweg 602
9050 Gent
donderdag 19 maart 16:00 – 23:00 (vernissage)
vrijdag 20 maart 16:00 – 22:00
zaterdag 21 maart 10:30 – 18:00
zondag 22 maart 10:30 – 18:00
https://badaff.be/        
https://www.instagram.com/gallery_bavart

open call

Open call voor artistieke laatbloeiers met ambitie (deadline: 1/4/2026)

Rizoom expo in deWeverij

Rizoom is op de eerste plaats een groepstentoonstelling voor beeldende kunst van kunstenaars tussen 50 en 67 jaar die nog beroepshalve actief zijn maar terzelfder tijd uitermate gedreven zijn om als kunstenaar alsnog het verschil te maken. (zie de uitgebreide omschrijving in de tekst onderaan deze pagina)

Rizoom is tegelijk ook bedoeld als lerend netwerk, waarbij er gewerkt wordt aan het kunstenaarschap door uitwisseling met de andere kunstenaars en door eventuele inbreng van externe expertise. Hiervoor worden in gezamenlijk overleg enkele extra bijeenkomsten georganiseerd.

Praktisch

Expodagen Rizoom: zondagen 3 mei, 17 mei en 7 juni 2026,
telkens van 10 tot 18u.
Locatie: deWeverij, Dellaertsdreef 9, 9940 Evergem (Sleidinge) – www.deweverij.be

Welke kunstenaars komen in aanmerking?

  • Je bent gedreven en intensief met kunst bezig – je hebt de juiste mindset (goesting en ambitie)
  • je bevindt je als kunstenaar in de ontwikkelingsfase zoals in de tekst hieronder beschreven
  • Je woont in Vlaanderen of Brussel
  • Je bent tussen de 50 en 67 jaar (dit is enkel richtinggevend, een baken, en geen harde muur)
  • Je bent beroepshalve geen kunstenaar of lesgever in het kunstonderwijs. Dit houdt geen waardeoordeel in, maar is enkel om net die andere doelgroep een kans te geven (zie tekst hierna)

Voor de selectie wordt gekeken naar de ontwikkelingsfase van de kunstenaar (heeft de kunstenaar baat bij een tentoonstelling en deelname aan een lerend netwerk?), de maturiteit van het werk (is het klaar om getoond en gezien te worden?) en de compatibiliteit met de andere kunstenaars (is er een zinvolle interactie en synergie met de andere kunstenaars mogelijk?).

Kandidaatstelling is gratis. Kostprijs voor deelname aan het traject zelf is 250 euro. Dit is voor praktische en organisatorische kosten, waaronder communicatie-acties.

Hoe deelnemen?

Stuur vóór 1 april 2026 een mail met info over jezelf, je kunstenaarschap, een duidelijke motivatie waarom je wil deelnemen en foto’s van max. 5 representatieve werken naar expo@deweverij.be.

Bedoeling is om een 8 à 10 kunstenaars met elk een 3 à 5 werken te weerhouden voor de tentoonstelling. Bekendmaking van geselecteerde deelnemers: 8 april 2026. (Opbouw 26 april 2026.)

Vanwaar de naam Rizoom?

Een rizoom of wortelstok is een ondergronds horizontaal lopende stengel die op het einde weer naar boven groeit. Op die manier krijg je een netwerk aan ondergrondse vertakkingen van waaruit nieuwe planten kunnen schieten. De kracht zit hem dus in de schijnbaar onzichtbare verbondenheid.

Waarom Rizoom?

Rizoom is een project van deWeverij voor kunstenaars tussen 50 en 67 jaar die nog beroepshalve actief zijn of een overstap naar de kunst overwegen, en tegelijkertijd uitermate gedreven zijn om als kunstenaar alsnog het verschil te maken. Het omvat een groepsexpositie met gelijkgestemden, maar ook een lerend netwerk traject waarbij er gewerkt wordt aan het kunstenaarschap door uitwisseling met andere kunstenaars en inbreng van externe expertise.

Het project biedt ondersteuning aan mensen die zich op een bepaald moment zo sterk aangetrokken voelen tot de kunst dat ze overwegen er hun job voor op te geven. In de praktijk lukt dat misschien niet direct, de goesting blijft onderhuids kriebelen. Sommigen hebben vroeger academie gedaan, anderen wringen zich nu nog wekelijks in een avondlijke sessie, en nog anderen hebben er nooit een voet binnengezet, maar weten als geen ander zichzelf te verrijken met allerlei technieken en materialen. De professionele achtergrond en de huidige dagjob is heel divers, en zorgt niet noodzakelijk voor een negatieve impact. Alleen, de lokroep van de kunst is sterker.

Dat kan zich vertalen in hard werken in de kelder, op zolder of vanuit een comfortabel atelier. Inspanningen die misschien door buitenstaanders als ontspoorde hobby bestempeld worden of als uitvlucht om geen andere dingen te moeten doen. Maar als kunstenaar is er wellicht geen andere keuze. En ondanks dat menig kunstenaar heel lang in een eigen cocon dreigt te blijven hangen, is er op een bepaald moment de noodzaak om de confrontatie met de buitenwereld aan te gaan. Misschien eerst aarzelend en binnen de veilige omgeving van family, friends and fools. Maar de zin om de deuren verder open te zetten laat niet lang op zich wachten. 

Voor galeries zijn deze laatbloeiers met ambitie niet meteen aantrekkelijk. Hoeveel tijd rest er nog om er iets van te maken? Hoe flexibel zijn de kunstenaars om mee te gaan in een ontwikkelingstraject van vallen en opstaan, onderhevig aan de frivoliteiten van de kunstwereld? Welk referentiekader brengt de kunstenaar mee vanuit zijn professionele achtergrond en is dat verzoenbaar met de specifieke wetmatigheden van de kunstmarkt? Zelf alles in handen nemen zou een oplossing kunnen zijn, maar dat vergt dan weer tijd. Tijd die niet aan het artistieke werk zelf besteed kan worden. En misschien zijn daar dan ook weer net niet de passende competenties als ‘ondernemer in de kunstwereld’ voorhanden.

Er komt nu eenmaal heel wat bij kijken, gaande van het regelen van het sociaal statuut van professioneel kunstenaar, over het vormgeven van een portfolio om de boer op te gaan tot het uitbouwen van een netwerk van mensen die de kunstenaar vooruit kunnen helpen. Om nog te zwijgen van het uitstippelen van een ontwikkelingstraject waarbij voldoende kwalitatief werk gemaakt kan worden als basis om de titel van kunstenaar waardig te zijn. En dat alles mits bewaking van de ambitie en goesting om een en ander haalbaar en duurzaam te maken.

Door het Rizoom-traject wordt de kennis en kracht van deze kunstenaars met elkaar verbonden en krijgt hun kunst de zichtbaarheid die zij verdient in deWeverij.

(Marc Mestdagh, 17 januari 2026)

Smeltende stiltes

Drie kunstenaars en vele ijsformaties

tekst en foto Kathleen Ramboer

deWeverij laat opnieuw van zich horen, dit maal met -Smeltende stiltes- een expo vol krachtige schilderijen van Brigitte De Vuyst, met een teder sculptuur van Mieke Smet en subtiele collages/assemblages van Marc Mestdagh.
Om 14u sta ik aan de deur van deWeverij. De opbouw is volop bezig, de toon is gezet en het resultaat laat zich raden. De sfeer van het hoge Noorden vult de daglicht vangende ruimte. Met een beetje verbeelding streelt een vleugje arctische lucht mijn wangen en sta ik langs de waterkant de magische fascinerende ijsschotsen gade te slaan. Het timmeren, nagels kloppen, draadjes spannen… kan even wachten. De kunstenaars maken graag wat tijd om met mij in dialoog te gaan.

Brigitte De Vuyst, Smeltende stiltes

Ik sta voor een immens canvas van Brigitte De Vuyst, bijna 4m breed. Het is een monumentaal schilderij, niet alleen het formaat maar ook het onderwerp, een drijvende ijsschots, imponeert. Het gebruik van een paletmes, de afwisselend driftige en gladde penseelstreken, de sporen van het vegen met de vingers, de donkerblauwe achtergrond en zachte ook harde blauwen verraden de passie waarmee dit doek het daglicht zag.

De vraag werpt zich op: wat was het prille begin van het project ‘Smeltende stiltes’?
Thuisgekomen na haar IJsland reis begint Brigitte, onder de indruk van zoveel schoonheid, zonder vooropgesteld plan onmiddellijk te tekenen in haar schetsboek. Ze wil de kleuren, structuren en vormen van die prachtige natuurlijke sculpturen aanvoelen tot haar vingers in staat zijn ze vlot tot leven te wekken. Een schetsboek biedt geen overzicht vandaar dat ze beslist op een groot schilderdoek (ook te zien op de expo) kleine werkjes te schilderen tot ze, eureka, de ultieme schets schildert. Die blijkt ideaal om op verder te werken, om haar IJsland verhaal aan de kijker te vertellen.
Ik vraag haar: ‘Kan een mooie foto ook eenzelfde magisch bijna mystiek gevoel oproepen, beroeren en ontroeren?’ Brigitte: ‘De ijsschots heb ik geïsoleerd, gecentreerd tegen een donkerblauwe achtergrond, een foto zou ik ongetwijfeld willen bewerken om hetzelfde effect te bereiken. Een schilderij is materie, één en al structuur, een foto vlak, bijgevolg voelt de kijker een fotografisch beeld automatisch anders aan.
Stilletjes hoop ik dat deze canvassen een wake up call vormen voor de mensheid. Ze confronteren de kunstliefhebber met de kwetsbaarheid en fragiliteit van de natuur, met onze onverantwoorde leefwijze, de noodzaak tot actie. Brigitte De Vuyst is zich zeker bewust van het in snel tempo verdwijnen van de ijsschotsen en de ijskap maar het is niet haar bedoeling een statement te maken, aandacht te vragen voor klimaatopwarming al dringt de gedachte aan de opwarming van de aarde zich wel op. Wat Brigitte De Vuyst nastreeft is het verbeelden van een persoonlijke intense ervaring, de verwondering, het stil worden, wat haar raakt. Die ervaring geeft ze graag door aan de kijker met als enige optie: ‘communiceren, raken en verbinden’.
Af en toe een werk op zij zettend om het later terug op te nemen, werkte Brigitte De Vuyst twee jaar lang aan de reeks. Schilderen vergt enorm veel concentratie, de kunstenaar kruipt in een schilderij, op een bepaald moment verslapt de aandacht en schuilt gevaar voor nonchalance dan is het volgens Brigitte De Vuyst tijd de borstel neer te leggen om later verder te werken. ‘Het valt me soms moeilijk de draad terug op te nemen. Met oliepastel teken ik dan de vorm op het canvas om terug op gang te komen.’ vertrouwt ze me toe. (kunstpoort: wie goed observeert, merkt zeker de sporen van oliepastel.)
Milieubewust is Brigitte De Vuyst ongetwijfeld. In de toekomst koopt de kunstenares geen nieuw materiaal en heeft ze de intentie oud academisch werk te recycleren, in toepasselijke woorden uitgedrukt, om andere horizonten op te zoeken. Zo is de cirkel rond, circulaire kunst is geen ijdel woord.

Mieke Smet, (im)maculata

De schilderijen van Brigitte De Vuyst spreken een beeldende, krachtige taal. (Im)maculata, het sculptuur van Mieke Smet fluistert zacht. Beide kunstenaars eren de natuur op een persoonlijke eigengereide manier. Voor deze tentoonstelling en locatie creëerde de kunstenares een object -(im)maculata-, bestaande uit een aantal sculpturen die samen één geheel vormen en het thema illustreren. Haar fragiele ijsschotsen, één en al poëzie, zachtjes wiegend in de ruimte, vervoeren me heel even naar het hoge Noorden, naar de natuur en de stilte.


De materie die de kunstenares gebruikt blijkt papier te zijn, papier in model gebracht door middel van geplooide randen. Wonderlijk dat je door bepaalde vouwtechnieken een blanco vel papier kunt omtoveren tot dergelijk fragiel sculptuur. Mieke werkt heel intuïtief en laat toeval een rol spelen. Ze houdt ervan werk in situ te maken zoals hier in deWeverij. Spelen met de ruimte maakt het voor haar extra boeiend. Hoe uniek is het beeld van de aan een zijden draadje zwevende sculpturen, bewegend op het ritme van schuivende ijsschotsen!
De titel van het werk (im)maculata spreekt voor zich. Mieke Smet verwijst naar een pure, onbevlekte witte ijsberg, vóór het tragisch smeltproces. De reusachtige ijsberg A23a heeft ze in gedachten, eens 3900 km², nu gefragmenteerd tot een 1000 tal km².
(Im)maculata is vervaardigd met een overschot aan papier, papier dat de kunstenares ook al gebruikte bij een project in Wallonië. De rol lag te verkommeren in de kelders van een museum. Circulaire kunst dat heeft bij Mieke Smet voorrang, een duurzaamheidsinsteek vindt ze, zoals Brigitte De Vuyst, prima.

Marc Mestdagh, Witboek

Wat is een ‘witboek’?
Een witboek verzamelt data, analyseert een probleem en zet lijnen uit voor acties aan de hand van objectieve data. Het Witboek ‘Smeltende stiltes’ van Marc Mestdagh verwijst naar de nefaste impact van de mens op de natuur. Het is een repliek op het werk van Brigitte en Mieke, een antwoord op hun lofzang over de ijsformaties van IJsland, schitterend in al hun pracht. Zijn ‘bijbel’ is gesloten, symbolisch voor de onmacht, het niet weten waarheen we gaan, welke acties te ondernemen.
Het weerwerk van Marc Mestdagh is driedelig, hij maakte drie reeksen die volgens mij het handelsmerk van de kunstenaar dragen namelijk: assemblages/collages, een tactiele materiaalkeuze, een zekere patine vertonend, vaak niet opdringerige kleuren… en een perfecte afwerking.


De eerste reeks symboliseert de feiten, de data, dossiers…
De tweede reeks vestigt de aandacht op framing, het kiezen van een denkraam om de boodschap te communiceren, hoe stellen we de feiten voor? Marc gebruikt het beeld van ijsblokjes met een gekleurde inhoud.
De derde reeks verbeeldt het thema expeditie: het tonen van de sporen van de mens, zijn ID, zijn paspoort. Hiermee verwijst hij naar een rode draad in zijn werk; het ID, het paspoort.

Misschien is zijn repliek, de drie reeksen, te mooi om echt een witboek te symboliseren? Het blijft kunst en kunst mag voor mij esthetisch zijn. Activisme is hier niet de bedoeling, mild ageren kan letterlijk en figuurlijk op een mooie manier.

‘Smeltende stiltes’ stemt tot nadenken, laat ons dromen van een leven middenin ongerepte natuur wetende dat onze wereld dat niet te bieden heeft. Kunst kan dat wel, met en door kunst kan je bij wijlen in alle eenvoud puur genieten van een mooie wereld zoals hier in deWeverij.
deWeverij – ruimte waar mensen en kunst met elkaar verweven raken
(quote te lezen op de site https://deweverij.be/)
Naast -mens en kunst-, zeker toepasselijk op deze expo plaats ik graag het woord ‘natuur’.

Tekst en foto Kathleen Ramboer 

INFO

Smeltende stiltes
Brigitte De Vuyst https://www.instagram.com/brigittedevuystart/
Mieke Smet https://www.instagram.com/studio_orimi/
Marc Mestdagh https://www.instagram.com/deweverij/

Zondag 1 februari en zondag 1 maart 2026
telkens van 10u tot 18u
gratis toegang – de kunstenaars zijn aanwezig

deWeverij
Dellaertsdreef 9
9940 Evergem (Sleidinge)
www.deweverij.be

De krasse stunt van TO KEEP GALLERY

tekst Kathleen Ramboer

TO KEEP GALLERY: stand 152 op de gerenommeerde kunstbeurs BRAFA ART FAIR – BRUSSELS EXPO!

Dries De Meutter, student KMO management,  en Nand Haegeman, een jonge kunstenaar/student, ontmoette  ik ongeveer een jaar geleden. Hun project TO KEEP GALLERY stond toen nog in de kinderschoenen. TO KEEP GALLERY wil jonge kunstenaars een duwtje in de rug geven door tentoonstellingen te organiseren in te koop gestelde panden, in samenwerking met een immokantoor.  

Wat gebeurde er sinds het prille begin?

Dries en Nand hebben zeker niet stil gezeten.
Hun vuurdoop was een samenwerking met het immokantoor  WAARDEVOL VASTGOED. In een nieuwbouw project te Machelen, drie woningen, cureerden ze een expo waar heel wat kandidaat kopers en kunstliefhebbers op af kwamen; een win/win situatie voor beide partijen.
Hun tweede project was een expo in een aantal nieuwbouw appartementen van de prachtige Residentie Van Simaey in Gavere, gehuisvest in een historische industriële site.
Vastgoed Huysewinkel stelde een huis te koop in de Forelstraat 89 te Gent. Als derde project vestigde TO KEEP GALLERY er een tijdelijke galerie.

De originele look, het management

Dries en Nand werken bewust aan hun imago. Fijne humor, subtiele ironie en een knipoog naar de kunstwereld zijn nooit veraf. Ze presenteren zich aan de kunstwereld als een jeugdige versie van Guilbert & George: ze zijn onberispelijk gekleed in twee gelijkende maatpakken met een stijlvol hemd plus das en aan de voeten perfect glanzende schoenen.

Volgens Nand is het een middel om te net-werken met de nadruk op NET. In maatpak transformeren ze naar een laagdrempelig aanspreekpunt. Dat stelde het duo vast op ART ANTWERP.  Ze bouwen bewust aan een unieke consistente branding . Nand zorgt voor het grafische deel, Dries voor het management.  TO KEEP GALLERY zoekt deskundige hulp door onder andere te rade te gaan bij GENTREPRENEUR, een organisatie voor student/ondernemers, onderzoekers en jongeren.
TO KEEP GALLERY startte spontaan vanuit een idee dat stilaan vorm kreeg en uiteindelijk een onderneming geworden is wat organisatorisch en administratief een pluspunt betekent.

Waarom doen ze het?

Nand aan het woord:  het commerciële is niet onze drijfveer. We willen de jonge kunstenaars het volgende bijbrengen: een toonaangevende galerie hoeft niet je betrachting te zijn, zoek eenvoudig weg een manier om met je werk naar buiten te komen, om de muren van je atelier te slopen. Vergeet alle romantiek van de eenzame schilder op een zolderkamer die bij toeval ontdekt wordt. De kunstscholen blijven hangen bij dit romantisch idee, voor hen primeert de zoektocht naar een eigen beeldtaal, naar authenticiteit. De leefbaarheid is bijkomstig. Wellicht is deze houding nog zo slecht niet, met vallen en opstaan het reilen en zeilen van de kunstwereld persoonlijk  ervaren kan de beste leerschool zijn. Persoonlijk leerde ik enorm veel door stage te lopen bij Galerie drie te Gent.

Hoe gaat TO KEEP GALLERY te werk?

Het beeldend werk van een kunstenaar kan schitterend zijn maar een klik met de kunstenaar is tevens hard nodig. Om die reden verkiest TO KEEP GALLERY met medestudenten te werken, de verstandhouding is meestal reeds aanwezig.
Als commissieloon vragen Dries en Nand een klein percentage. Nand: ‘Daar schrikken sommige kunstenaars van. Ze zijn in het ongewisse van wat een galerie kan en mag vragen als commissie’. TO KEEP GALLERY wil gewoon hun onderneming levend houden, de kunstenaars wat kunnen bieden, vandaar die vergoeding.
Dries en Nand organiseren de expo niet alleen maar samen met de kunstenaars. Nand: ‘Hoe meer zij zich engageren, hoe sterker de tentoonstelling wordt’.

TO KEEP GALLERY: stand 152 op de gerenommeerde kunstbeurs BRAFA ART FAIR – BRUSSELS EXPO!

Deelnemen aan kunstbeurzen leek voor hun bedrijfje niet haalbaar. Daarom neemt TO KEEP GALLERY één dag, 25 januari, op een ludieke wijze deel aan BRAFA ART FAIR. BRAFA is een prestigieuze kunstbeurs van exclusieve werken uit de oudheid tot de 21ste eeuw. Ze gaat door in Brussels Expo. Niet evident om een manier uit te dokteren om daar vertegenwoordigd te zijn. Een schaftwagen op de parking van Brussels expo is de oplossing. De schaftwagen doet dienst als exporuimte. De beurs telt 151 exposanten, Nand en Dries beschouwen hun schaftwagen als stand 152. Ze hebben geen kritiek op deze internationale beurs. Een protestactie is het niet. TO KEEP GALLERY wil enkel aandacht vragen voor jonge, startende kunstenaars, ze een kans geven hun werk zichtbaar te maken voor een kunstminnend publiek.
Zes kunstenaars tonen in Brussel elk één werk. TO KEEP GALLERY opteert uit praktische overwegingen voor schilderkunst.
25 januari om 11u gaat de deur van de schaftwagen open. Nand en Dries geven acte de présence in hun kenmerkende maatpak. Kunstenaars en sympathisanten, gehuld in een oranje overall met logo, zorgen voor wandelende reclame. Waarom een overall? Nand: ‘Om het weergeven van een werksfeer en de nadruk te leggen op OVERAL-L, op het feit dat we geen vaste locatie hebben voor onze expo’s, overal kunnen tentoonstellen’.

Kunstpoort duimt voor het slagen van deze actie.
Aan de bevoegde instanties, sleep aub de exposchaftwagen niet weg! Dries en Nand zijn jonge ondernemers met ontwapende initiatieven. Zichzelf niet te veel ‘au sérieux’ nemend maar toch hun project grondig aanpakkend verdienen zij een steuntje in de rug.

Zolang ze er plezier in hebben willen Dries en Nand hun project verder zetten. In naam van vele jonge kunstenaars hopen we dat hun maatpak niet te vlug in een muffe kast aan de kapstok hangt.

tekst Kathleen Ramboer

INFO

TO KEEP GALLERY

25 januari 11u
Keizerin Charlottelaan Brussels expo
parking Brussels expo
schaftwagen aan de rand van de beurs Brussels Art Fair
https://www.instagram.com/to_keep_gallery_/
https://www.instagram.com/dries_de_meutter/
https://www.instagram.com/drs_nandus/
https://www.brafa.art/nl/home

kunstenaars

Nand Haegeman https://www.instagram.com/nandhaegeman/
https://www.instagram.com/drs_nandus/
Alex Brassart https://www.instagram.com/alex.brassart/
Doina Mindrean https://www.instagram.com/mindreand/
Kaman Ackerman https://www.instagram.com/kaman_ackerman/
Emile Desweemer https://www.instagram.com/emiledesweemer/
London Gasparian https://www.instagram.com/london_gasparian/

Verstilde taal

Na de ‘sprekende’ expo RE-ASSEMBLED kiest Tale Art Gallery, met curators Christine Adam en Tanja Leys, dit maal voor een ‘stille’ tentoonstelling VERSTILDE TAAL.

Curator Christine Adam omschrijft de expo als volgt:

De prachtige titel van deze tentoonstelling, Verstilde taal, heeft in deze context geen taalkundige betekenis maar verwijst naar de beeldtaal die de vier kunstenaars hanteren.
Het is een taal die oproept, die suggestief en meditatief is. In het zoeken naar de essentie, naar het tijdloze, naar verstilling, elimineren de kunstenaars het overtollige. Alles wordt rust en ingetogenheid terwijl de toeschouwer gestimuleerd wordt aandachtig te kijken en de intensiteit te voelen die het kunstwerk weerspiegelt.
Christine Adam

Kunstenaars

MARNIX HOYS
BERNARD SERCU
REBECCA DUFOORT
ANNE DE MAESSCHALCK

De figuren van MARNIX HOYS hebben geen armen of armen die te kort zijn, staan ​​op stevige benen met voeten die veel te klein zijn, hebben inkepingen of ‘misvormingen’ in hun intens zwarte huid en hebben vaak geen ogen of slechts rudimentaire aanduidingen van een gezicht. Ze dragen bellen, ‘rugzakken’ of andere toevoegingen. Letterlijke en symbolische betekenis gaan hand in hand.
Het leven van Marnix Hoys is doordrenkt van keramiek. Gedurende zijn carrière was hij de drijvende kracht achter het keramiekatelier van Sint-Lucas Gent, waar hij zelf in de jaren 60 studeerde. Als kunstenaar heeft hij ook bijgedragen aan de moderne geschiedenis van de sculpturale keramiek in onze regio.
Zijn passie voor de menselijke figuur en de relatie ervan met de natuur is een integraal onderdeel van zijn oeuvre. Een andere doorslaggevende factor is ongetwijfeld zijn intense interesse in de technische kant van het ambacht, waarvoor hij nog steeds regelmatig naar Japan reist om zijn vaardigheden te verfijnen. Hij put ook inspiratie uit de Japanse cultuur voor de vele symbolen die zijn werk zo uniek maken.
tekst Gustaaf Vander Biest
website Tale Art Gallery https://taleartgallery.be/

Het werk van BERNARD SERCU is grotendeels verbonden met zijn onderzoek naar het materiaal van het medium dat hij gebruikt – hout, papier of canvas – en naar het ritme van inkepingen en markeringen. Op deze manier drukt hij perfect de diepe oorsprong van de iconoclastische vernietiging uit en gebruikt hij deze om een ​​nieuw beeld te creëren. In zijn visuele wereld roept vernietiging een daad van wederopbouw op.

De vervorming van het oppervlak van het medium is een permanent kenmerk van zijn oeuvre en de essentiële weg naar vernieuwing. De symboliek – cirkel, vierkant, lijn – is niet alleen een fundamentele ingreep, maar ook een uitdrukking. Het is ingebed in een overwegend geometrisch abstracte structuur waarin herhaling een opmerkelijke rol speelt en een duidelijke, herhalende inkeping een ritme impliceert dat een fundamenteel idee weerspiegelt.
tekst website Tale Art Gallery https://www.instagram.com/taleartgallery.be/

REBECCA DUFOORT werkt binnen een abstract-minimalistische, constructivistische beeldtaal, waarin schilderkunst een onderzoek wordt naar vorm, lijn, kleur en ritme.
Fragmenten van landschap en architectuur worden vertaald naar heldere structuren van vlakken en banden, waarin ritme, balans en stilte centraal staan. Olieverf wordt gecombineerd met matte acryl, waardoor subtiele variaties in glans het oppervlak laten reageren op licht en diepte creëren binnen aangrenzende of overlappende kleuren. Het gebruik van diverse dragers geeft bepaalde werken een sculpturale kwaliteit, waardoor hun relatie met de ruimte wordt versterkt en ze uitnodigen tot langzaam, aandachtig kijken.
In mijn werk zoek ik steeds naar de spanning tussen orde en intuïtie. Terwijl de constructieve logica van lijnen en vlakken een zekere strengheid oproept, brengen kleine verschuivingen, onregelmatigheden en nuances in toets en glans een menselijke maat aan. Zo ontstaat een stille kracht, een verstilde intensiteit die de blik vertraagt en ruimte laat voor reflectie. Mijn werk nodigt uit tot aandachtig kijken, tot het ervaren van evenwicht, adem en stilte — een zeldzaam tegengewicht voor de snelheid van onze tijd.
info Instagram account https://www.instagram.com/taleartgallery.be/

ANNE DE MAESSCHALCK Een “leesbaar” landschap werd de voorbije jaren extreem vereenvoudigd. Wat overbleef was de impressie ervan: stilte en rust. Nu vertrek ik vanuit vormen die naar verhouding toe zo evenwichtig mogelijk zijn en vaak vanuit een gelaagdheid tevoorschijn komen. Ze hebben op zich geen betekenis, bestaan soms op zichzelf of worden onlogisch verbonden. Ze willen een persoonlijke invulling mogelijk maken maar het belangrijkste is dat ze een moment van rust en stilte veroorzaken en aanbieden. De materiaalkeuze moet hiervan ten dienste staan.
info Instagram account https://www.instagram.com/taleartgallery.be/

INFO

Expo “VERSTILDE TAAL”
25 JANUARI > 22 FEBRUARI 2026

Open
vr-za 14>18u
zo 11>17u

MARNIX HOYS https://www.instagram.com/marnixhoys/
BERNARD SERCU https://www.instagram.com/bernardsercu/
REBECCA DUFOORT https://www.instagram.com/rebeccadufoort/
ANNE DE MAESSCHALCK https://www.instagram.com/annedemaesschalck/

▪ VERNISSAGE & RECEPTIE
zondag 25/01 van 11u > 18u
Introductie kunstenaars om 15u door CHRISTINE ADAM, kunsthistorica

▪ APEROCONCERT
zondag 08/02 11u >12u
Yohrind Naidu
solorecital  
van Dowland’s polyfone weefsels tot Merz’s rhapsodies over 5 eeuwen (klassieke gitaar)

▪ FINISSAGE
zondag 22/02 11u > 18u
de kunstenaars zijn aanwezig vanaf 14u

▪ LOCATIE
TaLe Art Gallery – Vlierzeledorp 12A – 9520 Vlierzele
+32 476504952
info@taleartgallery.be