PLAYGROUNDS expo, een broedplaats voor creativiteit

Tekst en foto Kathleen Ramboer

Er zijn zo van die gesprekken die je pakken energie bezorgen en je prikkelen om instant alles neer te pennen. Mijn gedachtewisseling met curator van Playgrounds, Sam Timmerman en co-curator Janne Gistelinck, was er zo eentje. Het kriebelde om onmiddellijk aan de slag te gaan.
Playgrounds, een expo met tekenkunst als rode draad, in 2025 in het leven geroepen door Sam Timmerman, kent nu zijn vierde editie. Beide curatoren zijn bezige bijen: Sam is kunstenaar/tekenaar en Janne is textielkunstenares, ook bedrijvig in organisaties als Not Your Muse en House Of Bones Art Collective. Persoonlijkheden die je een boost bezorgen.

Wat oorspronkelijk kleinschalig begon is nu uitgegroeid tot een expo met 114 kunstenaars en evenveel werken. De technieken zijn enorm divers en stilletjes aan kijken Sam en Janne verder dan de tekenkunst. Ze spelen met de grenzen tussen tekenkunst en andere disciplines zoals film, sculpturen, collages, strips… Ook met textiel kan je tekenen en schilderen, dat bewijst de huidige biënnale van de Schilderkunst. De werken hangen vrolijk te wezen, vertonen een heerlijke levenslust, zijn soms humoristisch maar ogen ook af en toe ernstig. Enkele bevatten een reflectie op het leven.

links Janne Gistelinck bij werk van Maarten Ingels, Hanna Rvsnborg, Alina Cristea
rechts Sam Timmerman bij werk van Maarten Inghels, Ellen Dhondt, Alina Cristea

De opbouw is volop bezig. Ik zie Sam Timmerman en Janne Gistelinck wikken en wegen, kunstwerken combineren met een oog voor detail, ritme, beweging, kleur, formaat, de ruimte… Ik noem het een beetje oneerbiedig ‘puzzelen’. Sam stelt zich terecht de vraag: Wat heeft een cartoonist optisch, niet inhoudelijk, gemeen met een fotograaf, een filmmaker met een beeldhouwer? Ontstaat er synergie als je die samenbrengt in een ruimte? De naam Playgrounds verklaart veel, vindt Janne. Volgens haar spelen ze een visueel spel. Illustratie blijft een opvallend element maar het narratieve maakt nu soms plaats voor abstractie. De kunstwerken gaan in dialoog, versterken elkaar. Disciplines blijken niet altijd sterk afgebakend. Toen de curator 20 was, benaderde hij de zeefdrukken van Andy Warhol als schilderijen.

van links naar rechts werk van
Céline Hudreaux, Janne Gistelinck + Victor Verhelst,
Eleni Papadopoulou + Ellen Pil

Het beetje van de opbouw die ik meemaak laat vermoeden dat hier een fantastische expo groeit, eentje die ik niet mag missen. Playgrounds blijkt een staalkaart te bieden van wat vandaag de dag mogelijk is, ook buiten het hokje. De curatoren tonen zowel toegankelijke als meer hermetische kunst. Natuurlijk heeft de kunstscene interesse, toch mikken ze op een breed publiek. En wie weet lokt de vernissage heel wat kunstenaars, kunstenaars die elkaar ontmoeten en die hier de basis leggen voor een fijne samenwerking. De ene is een filmmaker, de ander een beeldhouwer, illustrator… waarom zouden ze niet samen een project opstarten?

links werk van Gilles Dusong
rechts werk van Maria Farré

Hoe werkt zo een co-curatorschap, wie selecteert de kunstenaars?
Sam legt de contacten, zorgt voor een mailing. Janne volgt alles op. De keuze van de werken ligt in handen van de kunstenaars. De curatoren doen aan prospectie en bezoeken expo’s van laatstejaars. In de toekomst willen ze de kunstenaars opzoeken in hun atelier, mee gaan in hun creatie proces. ‘Niet op een dwingende manier, samen exploreren wat de mogelijkheden zijn.’ beweert Janne.
De ‘nieuwe lichting’ geven ze de kans relaxed tentoon te stellen, zonder stress, in een veilige omgeving. Voor anderen kan Playgrounds een try-out betekenen om een nieuwe, voor hen ongewone creatie op het publiek los te laten.
Onder de 114 namen merk ik voor mij enkele bekende zoals Carll Cneut, Charel Pycke,  Erika Cotteleer, Hans Vandekerckhove, Ines Raspoet, Penelope Deltour, Joke Raes, Ritsart Gobyn, Sarah Yu Zeebroek, Tine Guns, Sven Boel…
Waren die onmiddellijk enthousiast om mee te werken, vraag ik me af. Sam repliceert. De grotere namen vinden het positief om met jonge creatieve mensen tentoon te stellen. Ze vinden het fijn dat een divers en ook jong publiek belangstelling toont voor Playgrounds. Carll Cneut bijvoorbeeld werkt voor de derde maal mee, dat betekent toch iets?

Om financiële redenen nemen enkel Belgische kunstenaars of buitenlandse kunstenaars wonend in België deel. Het kostenplaatje van de verzendkosten blijkt de grote spelbreker te zijn.
Toch blijven Sam en Janne nadenken over diversiteit, andere culturen, mensen met een migratie achtergrond. Ze geloven in wat een groep mensen samen kan bereiken. Daar heeft onze maatschappij nood aan, beweert Janne. De tijd is rijp.
Een stap in die richting is alvast de samenwerking met Kunst in huis en kunstwerkplaats De Zandberg – Harelbeke. De Zandberg biedt atelierruimte en ondersteuning op maat aan kunstenaars met een mentale beperking. Playgrounds presenteert enkele illustraties van kunstenaars residerend in De Zandberg.
Een volgende stap is een samenwerking van House of bones collectief, Not Your Muse en Playgrounds onder een VZW.
Graag vermelden we ook dat de expo Playgrounds kon rekenen op de financiële steun van CultuurGent.

Nog een woordje over de uitnodiging in een stijl refererend naar de vorige edities. Door de tijdrovende organisatie van Playgrounds staat de persoonlijke artistieke activiteit bij Sam op een laag pitje. Gelukkig vond hij de tijd voor de creatie van het campagnebeeld. Manueel getekend en digitaal ingekleurd laat de tekening subtiel de structuur van de achtergrond doorschemeren. Dit alles maakt van het ontwerp de perfecte eyecatcher voor de tentoonstelling.

Playgrounds nodigt je uit te genieten van de ongebreidelde fantasie van tekenaars, kunstenaars die met pen, potlood, borstel, schaar, camera, naald, draad… in hun bagage je meeslepen in een overdonderende rollercoaster. Zeg als kunstliefhebber ja tegen deze boeiende trip langs hedendaagse illustraties, tekeningen, sculpturen of wat dan ook. En… droom alvast van een volgende editie. Die komt er zeker!

Tekst en foto Kathleen Ramboer

INFO

PLAYGROUNDS
Zebrastraat
9000 Gent
Curatoren: Sam Timmerman & Janne Gistelinck
In samenwerking met: Kunst in Huis & Kunstwerkplaats De Zandberg

open van 17 september tot 4 oktober
Opening: Donderdag 17 september 2026 van 18:00 tot 22:00
Openingsuren: telkens van woensdag tot zondag 14:00 – 18:00

deelnemers
w/Aaron Victor Peeters, Adelheid De Witte, Alina, Cristea, Anneka Robeyns, Arnaud Rogard, Aurélie Bayat, Babette Van Rafelghem, Benjamin De Backer, Beppe Geerts, Carll Cneut, Casimir Desmet, Céline Hudréaux, Celine Aernoudt, Charel Pycke, Chiara Lammens, Coralie Laudelout, Dolores Bouckaert,Eleni Papadopoulou, Elisa, Maenhout, Elise Willems, Eliza Pepermans, Elke Van Kerckvoorde, Ellen Dhondt, Ellen Pil, Erika Cotteleer, Eva Vermeiren, Fia Cielen, Flore Tanghe, Gabri Molist, Gilles Dusong, Hanna Hollevoet, Hanna Van Dun, Hans Vandekerckhove, Hazel Ver Moesen, Ilke Heuts, Indre Svirplyte, Iris Devriendt, Isabelle Lecluyse, Isabelle Vandenabeele, Jade Kerremans, Jana Van Ongevalle, Jan Van Der Veken, Janne Gistelinck, Joeri lsta, Joke Raes, Jolijn Baeckelandt, Juliette Van Dessel, Kaat Michielsen, Kato Bouckaert, Kenny Callens, Klaas Vanhee, Klaus Compagnie, Korneel Detailleur, Lenja Van Laeken, Lidia Sciarrotta, Liesbeth Van Heuverswijn, Lieselotte Vloeberghs, Lien Buysens, Lisa Ottenburgh, Lore Smolders, Louie Mauws, Louisa Roels, Louise Cremers, Louise Daneels, Louis Dewitte, Loulou João, Lukas Verstraete, Lysandre Begijn, Maó Van Dongen, Maarten Inghels, Maria Farré, Martha Verschaffel, Maurits Verstraete, Maxim Ryckaerts, Merel Van de Casteele, Morgane Trebus, Nel Maertens, Niels-Jan Tavernier, Nina Gross, Nina Van denbempt, Penelope Deltour, Peter Van Den Ende, Phebe Hermans, Pom Koo, Randoald Sabbe, Ritsart Gobyn, Robbert & Frank, Sam Ballet, Sam Scarpulla, Sara Bomans, Sara Boumkwo, Sarah Vandeursen, Sarah Yu Zeebroek, Sare Hoste, Sebastiaan Van Doninck, Sofie Vandevoorde, Spencer Bogaert, Stefan Clappaert, Steven Antonio Manes, Surya Evens, Sven Boel, Tamara Van San, Telma Lannoo, Tine Guns, Tom Borremans, Tom Schamp, Veronika Bezdenejnykh, Victor Verhelst, Warre Mulder, William Ludwig Lutgens, Yasmine Willems, Yingda Dong

https://www.instagram.com/timmerman_sam/
https://www.instagram.com/playgrounds.official
https://www.jannegistelinck.com/nl

https://www.zebrastraat.be/nl/culture/670/playgrounds
https://www.kunstwerkplaatsdezandberg.be/
https://www.kunstinhuis.be/

https://www.instagram.com/notyourmuse_space/
https://www.instagram.com/houseofbones_collective/




Over een expo die niet is wat hij lijkt te zijn…

tekst en foto Kathleen Ramboer

Galerie Drie ‘All the flowers that you planted, mama…’
kunstenaars Jean De Groote – Petrus De Man
Samenstelling Jeroen Laureyns

De deur van Galerie Drie staat uitnodigend open. Eenmaal over de drempel krijg ik onmiddellijk de voor de expo geselecteerde werken in het vizier. Ze staan klaar om ze op de gewenste plaats op te hangen. Twee merkwaardige getormenteerde zelfportretten van de kunstenaars Jean De Groote en Petrus De Man overschouwen het geheel. Het zelfportret van Jean De Groote doet me onmiddellijk denken aan de kunstenaar Oscar Kokoschka die in zijn portretten verder kijkt dan het uiterlijke en de innerlijke ziel blootlegt. Petrus De Man beeldt zich af met sprekende, doordringende en onderzoekende ogen die diep in de ziel kijken. De beeldtaal van de twee schilderijen loopt sterk uiteen. En toch later blijkt uit het gesprek met kunstrecensent Jeroen Laureyns dat de kunstenaars veel raakpunten hebben. De twee kunstenaars zijn opgeleid als grafici, wat aanwezig is in hun werk. Beide zijn tweelingen. En er is meer.

zelfportret Jean De Groote

zelfportret Petrus De Man

Het zaadje voor de expo ‘All the flowers that you planted, mama…’ werd geplant op een december maandag in het jaar 2025. Jean De Groote en Petrus De Man waren te gast op het seminarie Minima Docta in Gent. De aanloop naar dit gesprek was de uitgave van twee monografieën bij uitgeverij MER, één over Jean De Groote, de andere over Petrus De Man. Beide kunstenaars getuigden in het boek en tijdens het gesprek, over het misbruik in de kerk, Jean als klokkenluider, Petrus als slachtoffer. Galeriehouder Guy De Dapper volgde de lezing, was aangegrepen door de getuigenis, de moed van de kunstenaars en vroeg of ze interesse hadden in een vervolg onder de vorm van een expo. Met Galerie Drie vonden ze de ruimte om hun verhaal te brengen, de tijd is er rijp voor.

Bij een eerste kennismaking met het werk van beide kunstenaars en een blik op de expo meen je als kunstliefhebber niet geëngageerde kunst te aanschouwen, kunst die enkel hangt mooi te wezen. Petrus De man schildert zich een persoonlijk universum: een grappig ‘Art brut’ figuurtje, een manneke ‘De Man’, dwaalt rond in een gestructureerde chaos van vlakken en lijnen tussen kleurrijke organische florale vormen, bladeren, bloemen en takken. Een mediterrane explosie van kleur stemt de kijker vrolijk.
Jean De Groote toont hier slechts een glimp van zijn onmetelijk oeuvre dat hij passioneel dag na dag bijeen schildert in zijn atelier op een eerste verdieping uitkijkend op een stil Vlaams landschap. Ik leerde zijn werk en persoon kennen via een schilderij, op LinkedIn gepubliceerd. Tussen de beeldenstroom trok een geel banaal memovelletje, subliem geschilderd, mijn aandacht. Het schilderij intrigeerde me mateloos. Ik vond het museumwaardig. Later ontdekte ik meerdere verstilde contemplatieve filosofisch getinte werken waarin hij het ding ‘an sich’ weergeeft, een onbeduidend voorwerp sacraliseert. In Galerie Drie presenteert hij bloemen en bomen, meestal geïsoleerd, zonder referentiepunten, rechttoe rechtaan, ontdaan van het anekdotische. De werken zijn, op het eerste zicht, van een charmante sublieme eenvoud. Schijn bedriegt.  
De canvassen en tekeningen van beide lijken ontzettend toegankelijk en toch stel ik me de vraag: Valt hun kunst wel helemaal te vatten? Wat ventileren ze?

links werk van Petrus De Man rechts bloemen van Jean De Groote

links schilderij van Jean De Groote – rechts tekening van Petrus De Man

Bij Petrus De Man schuilt in elke getekende lijn de herinnering aan het trauma dat zijn jeugd ontsierde.
Ik citeer graag in deze context de volgende uitspraken:
‘Een geest die gealarmeerd is kan rust vinden in handenarbeid, in zintuigelijke handelingen. Ook het lichaam is op zoek naar herstel.’ Jeroen Laureyns
‘De tekening links met een figuurtje liggend op een tafel verbeeldt een kind dat geslachtofferd werd. De 2 figuren op het stapelbed zijn niet alleen een verwijzing naar het feit dat hij een tweeling is maar ook naar de splitsing die in je bewustzijn plaats vindt als je slachtoffer bent van seksueel misbruik, een verwijzing naar de dissociatie die hierdoor ontstaat.’ Jeroen Laureyns
‘Vaak weet mijn hand het beter dan ikzelf.’ Petrus De Man

tekeningen van Petrus De Man

Bij Jean De Groote verbergen de bloemblaadjes zware thema’s als misbruik in de kerk, het verhaal van een donkere periode na zijn getuigenis. De opduikende rode bloemen laten vermoeden dat hij stilaan het diepe dal verlaat. Kunst kan helend zijn.
De canvassen en tekeningen van beide ontstaan vanuit het innerlijke en nodigen de toeschouwer uit in dialoog te gaan met het doek, om via een persoonlijke levenservaring het canvas te exploreren, onder de huid van de verf te kruipen. Met hun kunst trachten beide kunstenaars het onbegrijpelijke te vatten.

links werk van Petrus De Man rechts van Jean De Groote

De geselecteerde werken voor de expo verbeelden niet expliciet het zware thema, onderliggend hebben ze wel verbinding met het onderwerp. Jeroen Laureyns geeft me wat meer duiding.

‘We wilden geen expo organiseren met de nadruk op  het seksueel misbruik.  Bloemen, de tuin, kleur staan hier centraal. De florale elementen zie ik als een metafoor voor herstel, een terugkeer naar de vreugde in het leven.’ Jeroen Laureyns

Vanwaar deze titel ‘All the flowers that you planted, mama… ?’ vraag ik de curator.
‘De titel komt uit het lied van Sinéad O’Connor ‘Nothing compares 2 U.’
All the flowers that you planted, mama, in the back yard
All died when you went away
‘Het lied verwijst naar de verhouding die ze had met haar moeder. Haar moeder, verbleef tijdens haar jeugd in een katholiek internaat in Ierland en vereerde op een ziekelijke manier de paus. Ze mishandelde haar dochter Sinead O’Connor zowel mentaal als fysiek. De titel van de expo refereert naar die donkere periode. Reactie bleef niet uit. Sinéad O’Connor rebelleerde, gedroeg zich opstandig. Tijdens haar zangcarrière verscheurde ze in 1992 live op de Amerikaanse televisie een foto van de paus. Dat betekende het einde van haar carrière in Amerika, ook platenmaatschappijen lieten haar vallen. Dat las ik allemaal in het boek ‘Wat ik me herinner’ van Sinéad O’Connor. In de documentaire uit 2022 ‘Nothing Compares’ uit de zangeres dat haar moeder zelf slachtoffer was van de bijzonder vrouwonvriendelijke katholieke Ierse machtscultuur.
Toevallig, bij een bezoek aan het atelier van Petrus De Man, zagen we werk dat hij schilderde na de dood van zijn moeder. Kleurrijke florale en organische vormen op een donkere achtergrond…’ Jeroen Laureyns
Een betere titel kon de curator niet bedenken.

schilderijen Petrus De Man

Zowel Jean De Groote als Petrus De Man werken in de luwte. Ze timmeren al jaren aan hun kunstenaarschap en verlangen ongetwijfeld meer erkenning. Naar mijn mening horen ze thuis in het rijtje van bekende sterke hedendaagse kunstenaars. Wie weet is deze expo in galerie drie ‘All the flowers that you planted, mama…’ een stap, hoe groot of klein die ook is, een stap in die richting.

Tekst en foto Kathleen Ramboer

INFO

ALL THE FLOWERS THAT YOU PLANTED, MAMA
Jean De Groote – Petrus De Man
samenstelling Jeroen Laureyns

opening vrijdag 18 september 2026
19u – 22u
expo van 19 september tot 4 oktober

openingsuren
vrijdag 9u – 18u
zaterdag 9u – 18u
zondag 9u – 14u

Galerie Drie
Sint-Amelbergastraat 3A
Gent

https://www.jeandegroote.com
https://www.instagram.com/jean_de_groote/
https://www.petrusdeman.be/
https://www.instagram.com/galeriedrie/

De vrijheid van deMagazijniers

Beschouwingen op de vooravond van de opstelling expo ‘deMagazijniers’

Tekst Kathleen Ramboer

Marc Mestdagh, bezieler van deWeverij, stapt graag in het ongewisse, wandelt vaak buiten de vaste paden. Eerst lanceerde hij de open call RIZOOM waarmee hij op zoek ging naar kunstenaars van 50 tot 67 jaar, ongeacht hun discipline of expo ervaring. Hij bood hen een springplank en gaf een steuntje in de rug tot verdere ontplooiing van hun kunst en tentoonstellingservaring. De bedoeling was ook om kunstenaars met elkaar en met hun publiek te verbinden en zo een netwerk op te bouwen..
Dit maal laat hij zich graag verrassen door deMagazijniers. Wie zijn ze deze dertien individuen? Hun kunst kent hij, wellicht niet voor 100 percent, maar hij volgt en apprecieert ze. De dertien kunstenaars namen in het verleden deel aan een expo in deWeverij. Tegenwoordig presenteren ze elk één werk in een kleinere ruimte van deWeverij: ‘het Magazijn’.

Marc Mestdagh geeft het groepje van 13 de kans nieuw werk of lang gekoesterd werk te exposeren. Enkele kunstenaars maakten werk in functie van de ruimte. Mini formaten of reuzegroot, kleurrijk of zwartwit, conceptueel of rechttoe rechtaan, vrolijk, poëtisch, melancholisch, figuratief of abstract…. sculpturen, textielkunst, fotografie, schilderkunst, tekenkunst, mixed media… kortom alles kan en alles mag.

Marc Mestdagh legt geen thema op, er zijn geen beperkingen, het curatorschap laat hij links liggen. Als organisator van de expo geeft hij de dertien kunstenaars de volle vrijheid en alle vertrouwen die ze nodig hebben om hun persoonlijke kunst te vieren. Deze tentoonstelling is een ode aan de vrijheid die elke kunstenaar nodig heeft en niet altijd krijgt. Met dit initiatief bewijst Marc Mestdagh dat deWeverij een ruimte is waar vragen gesteld worden, diverse stemmen gehoord, kritische, delicate of niet alledaagse meningen geopperd. deMagazijniers mogen hem en de toeschouwer verrassen met een onverwachte creativiteit. In deWeverij mag kunst schuren of behagen.

Als kunstenaar je eigen curator zijn voor een groepsexpo is niet eenvoudig. Het is balanceren tussen een persoonlijk trots gevoel over je eigen kunst en een objectieve selectie. Als organisator  kan je deze vragen stellen: ‘Staan de dertien kunstenaars kritisch genoeg ten opzichte van hun kunst?’ ‘Ontbreekt het de makers niet aan een frisse, onbevooroordeelde blik?’ De dertien leggen ongetwijfeld hun ziel bloot en tonen een persoonlijke visie.

links: gefotografeerd voor de opstelling – midden en rechts: gefotografeerd na het invullen van de ruimte

Initiatiefnemer Marc Mestdagh rest de moeilijke taak een overzichtelijke aantrekkelijke opstelling uit te dokteren die boeit, geen verwarring zaait en elk werk maximaal laat spreken. De rechthoekige, open museale ruimte waar het daglicht zich niet opdringt en toch voldoende aanwezig is, maakt het mogelijk om in deWeverij een tentoonstelling op te stellen op maat van het verlangen van de kunstenaar en het publiek. Deze groepsexpo opzetten met werk van 13 kunstenaars, heel divers in stijl, visie en techniek, is opnieuw een uitdaging voor Marc Mestdagh, een uitdaging die stilaan een gewoonte wordt.

Kunst is als een nalatenschap, een blauwdruk van de geschiedenis van de mens. …
Want zonder kunst is er geen vrijheid en helaas zonder vrijheid geen kunst.
Er valt nog veel te leren over kunst, daarom is het nodig om werken uit het verleden te beleven en werken die vandaag de dag gemaakt worden de ruimte te geven.
Citaat Akbar Ali-Akram, Voorzitter LVSV Brussel 2022-2023
En die ruimte geeft Marc Mestdagh aan de kunstenaars, letterlijk en figuurlijk.

We zijn benieuwd naar het resultaat, hoe de werken botsen of net niet en vooral naar de reactie van het publiek.

Tekst Kathleen Ramboer

INFO

Expo deMagazijniers
deWeverij
Dellaertsdreef 9
9940 Evergem (Sleidinge)
zondag 6 en zondag 13 september 2026
van 10u tot 18u
gratis toegang – de kunstenaars zijn aanwezig
https://deweverij.be/dm/

DE KUNSTENAARS

Anne-Marie Dhaluin, Mieke Van Den Ouweland, Bert Verhoest, Stefaan Vanhoutte, Kathleen Ramboer, Filip Dieusaert, Werner Van Lierde, Lieve Vanmaele, Els Baekelandt, Hilde Windels, Dick Schelpe, Mileen Malbrain en Katleen Van der Gucht

Deze kunstenaars presenteren ook elk één werk in het Magazijn, een kleinere ruimte van deWeverij. zie https://deweverij.be/magazijn/

In het Magazijn is ook een permanente selectie, met wisselend werk, van Marc Mestdagh te bekijken.

Op de valreep vernamen we nog dit:
Magazijnier/deelnemend kunstenaar Mieke Van Den Ouweland mocht deze week de Prijs van Cultuur, uitgereikt door Minister van Cultuur Caroline Gennez, in ontvangst nemen n.a.v. haar deelname aan de Biënnale Cultuurvuur in de plantentuin van Meise. Een deel van het werk zal ook te zien zijn in deWeverij!

Geen saaie ansichtkaarten maar muzikale berglandschappen als vertolker van emotie.

Tekst naar aanleiding van de expo ALPINEN
kunstenaar Ann Bonne, klankschappen in gemengde techniek

Tekst Kathleen Ramboer
Fotografie klankschappen Ann Bonne

Eeuwenlang bleef het landschap in de westerse schilderkunst ondergeschikt aan religieuze, mythologische of historische voorstellingen. Het landschap bleek helemaal niet het onderwerp. Met de opkomst van de romantiek wint het landschap aan betekenis als vertolker van diepe emoties, gevoelens, als metafoor voor het sublieme.

Ingepakt en klaar voor de expo

Ann Bonne voelt zich aangetrokken tot landschappen die ongrijpbaar zijn, een gevoel van vrijheid, schoonheid en spanning oproepen. Ze houdt van bergen, valleien… landschappen tussen herkenning en illusie, tussen droom en werkelijkheid, het romantische landschap. De bergen zijn haar atelier, brengen haar in een diepe concentratie, in een gemoedstoestand die haar bewogen ziel aanzet tot creëren. Ann is een romanticus, haar getekende landschappen zijn niet enkel een decor, een waarneming maar vooral één brok emotie. Ze zijn HET onderwerp.

Hoe kan je als kunstenaar omringd door monumentale bergen een gemoedstoestand verbeelden?
Als je van klassieke muziek houdt zoals Ann kan je je tekeningen en/of schilderijen toevertrouwen aan partituren, de schoonheid van de bergen projecteren op muziekpartituren die dienst doen als drager. Die partituren spelen letterlijk en figuurlijk met het getekende landschap of is het omgekeerd? Ann zorgt voor een geslaagde en gelaagde dialoog tussen muziek en beeldende kunst. Haar bergen stralen dynamiek uit, het zijn bergen waar muziek in zit, waar de wind haar weg zoekt tussen de vele notenbalken en muzieknoten.

Met Ann stappen we in een visueel avontuur doorheen een voor ons onbekend landschap dat we hopen ooit in een reële droom te ontdekken.
Ze speelt met penseelstiften, met zwarte lijnen van wax potloden, die zich een weg banen tussen muzieknoten en notenbalken, lijnen die bergen bouwen op partituren, partituren die elk kleur negeren en het witte gouache dal een kans geven. In dat dal schuilt stilte, een kleurloze eenzame stilte. Haar bergen zijn picturale tekeningen die schilderachtig zijn ook al komt er geen kleur aan te pas.

Ann Bonne An die ferne Geliebte L. van Beethoven
Plan Cernet Erde Valais 2025
aquawax potlood op partituur 30,2 x 46,5 cm

De partituren waar ze op werkt, kiest ze bewust, heel zorgvuldig, de waargenomen natuur bepaalt haar keuze. Het zijn partituren van  19de-eeuwse romantici: Schubert, Schumann en Mendelssohn. Inhoudelijk staan ze volgens Ann het dichtst bij haar houding t.o.v. het landschap, het landschap als subliem gegeven, het sublieme -onmetelijke- van Immanuel Kant. Die hunker naar het sublieme, een bijna religieus, mystiek gevoel verbeeldt Ann in deze getekende en/of geschilderde Alpen (voor haar zijn het Alpinen) zoals de Berner Alpen en de machtige Zwitserse Alpen langs de Rhône vallei. Deze tekeningen/schilderijen benoemt ze tot klankschappen. De partituren waarop ze tekent zijn de dragers waar vorm en inhoud,  maat, ritme, kleur en ruimte samenkomen.

Ann Bonne Ungeduld Der Schöne Müllerin
F. Schubert D 795
Staubbach Lauterbrunnen Suisse 2021
Pentelpenseel, gouache op partituur 30,3 x 46,8 cm

Ann treedt in de voetsporen van Mendelsohn. Ze trekt de bergen in en wandelt een stukje van de Mendelssohnweg in Wengen, boven Lauterbrünnen. Hier is ze sprakeloos, houdt de adem in bij het aanschouwen van de schoonheid van het indrukwekkende Jungfrau-massief. Vooral van de hieruit getekende klankschappen, daar houdt ze van. De jachtige expressieve schriftuur klimt naar de top, gaat een gevecht aan met de witte gouache tot een vleugje abstractie zich plotseling manifesteert. De kunstenaar is verslaafd aan bergen in beeld brengen. Haar carrière startte als portrettekenaar en evolueerde naar het evoceren van water en bergen. Berglandschappen verbeelden brengt haar een ongekende vrijheid om te balanceren tussen realisme en abstractie, om zich technieken toe te eigenen. Gelijkenis speelt minder een  rol, structuren en sfeer dus te meer.

Oud bladmuziek heeft ook  een fysiek verhaal. De aantekeningen van een muzikant, het verkleuren van oude partituren, vlekken… zijn voor een kunstenaar als Ann een welkom expressiemiddel. De vergeelde partituren verraden haar fascinatie voor tijd en vergankelijkheid. Voor mij betekenen deze klankschappen een wake-up call. Op 16jarige leeftijd leerde Ann de Zwitserse Alpen kennen. Deze bergen ondergaan door de klimaatopwarming een ongelooflijke gedaantewisseling. Gletsjers smelten en binnen een onbepaalde tijd  vertonen ‘haar’  bergen zich naakt, bekennen ze kleur. Melancholie overvalt me en stemt me somber. Wie weet wat brengt de tijd. Misschien kan Ann Bonne nu eindelijk zoals de bergen kleur bekennen en een link met haar waterschappen leggen door te schilderen met olieverf?

Ik vraag Ann of ze ook naar foto’s schildert? Nee want dan komt een veduta om het hoekje kijken. En plein air schilderen blijkt voor de kunstenaar in Ann een unieke beleving. Het licht verandert snel, de wind beroert het blad, geluiden dringen door in de zwarte lijnen en schaduwen schuiven over de muisgrijze, witte vlakken. Werken in situ bezorgt de tekening een levendige waarachtige sfeer. Ann voelt haar werk leven, vibreren zoals geluiden in haar hoofd. Ze hoort de muziek aanzwellen, hoewel ze deze niet afspeelt want ze kent de partituren. De stilte heeft ze lief. De concentratie stijgt ten top.

De partituurtekeningen, door de fysieke struggle van het plein air schilderen, zijn klein van formaat en vertonen toch een ongekende monumentaliteit. De bergketens treden buiten de randen van het blad, leven verder buiten het beeld. De compositie, het niet centreren van het landschap, dragen bij tot een magistraal gevoel, laten het landschap spreken en zingen.

Ann Bonne Das Zügenglöcklein Schubert D 871
Wengen ‘Mendelssohnweg’ Staubbach Bändli 2021
gouache, mixed media op partituur 30,4 x 46,8 cm

Ann is een romanticus in hart en nieren maar niet in de sentimentele zin van het woord. Ze houdt van de stijl van Delacroix, de teksten van Goethe op muziek gezet door de Oostenrijkse componist Franz Schubert, de monumentale Alpen schilderijen en ritmische symmetrie van de Zwitserse kunstenaar Hodler, en ja hoe kan het ook anders van Caspar David Friedrich, vermoedelijk de beroemdste schilder van de Duitse romantiek, de romantische kunstenaar steeds op zoek naar de overweldigende, oneindige en ontzagwekkende kracht van de natuur

Zoals bij de schilders van de romantiek zijn water en bergen haar geliefkoosde thema’s. Ze illustreren de queeste naar het sublieme, haar diep respect voor de natuur die onuitputtelijk is. Misschien ziet ze de bergen als metafoor voor het onvoltooide, de tocht van het leven, het uitzicht op het onbekende? Haar tekeningen zijn innerlijke en deels fictieve landschappen. Ze zijn een expressie van een allerindividueelste emotie.

Ann noemt zichzelf een tekenaar die schildert. Ze voelt verwantschap met Van Gogh die tekende met verf. Als tekenaar heeft ze aandacht voor structuur en voor het licht daarom schildert en tekent ze haar berglandschappen in zwart, wit en grijstinten.
Klimaatverandering zorgt ervoor dat bergen en gletsjers van kleur veranderen. Gletsjers smelten weg en laten donkere rotsen zien. Soms worden alpenweiden groener door hogere temperaturen, of kleuren ze rood door algen. Nu gaat Ann op zoek naar nieuwe avonturen, ze verlangt stilaan naar kleur, naar kleur op doek of op geprepareerd papier. De olieverf lonkt.
Cézanne voelde zich diep verbonden met de Montagne Sainte-Victoire en schilderde en tekende deze kalkstenenberg, zijn favoriete motief, wel 80 maal. Ook de fascinatie van Ann voor de bergen, de Alpen, kent geen grenzen, haar verhaal is nog niet af. Daarom zijn de bergen voor haar een metafoor voor ‘das Unvollendete’.

Tekst Kathleen Ramboer
Fotografie klankschappen Ann Bonne

INFO

Expo ALPINEN

Sint-Anna kasteel
Westeindestraat 1
9990 Maldegem

vernissage vrijdagavond 9 oktober 19 u

Openingsuren
vr 9, zat 10, zon 11 oktober 2026
vr 16, zat 17, zon 18 oktober 2026

open vrijdagen en zaterdagen van 13u30 tot 18 u
zondagen van 11 u tot 18 u

https://annbonne.wixsite.com/arts

Expo [bos-] een ode aan het leven, een herinnering aan wat voorbij ging

Tekst en foto Kathleen Ramboer

Pascale Bentein heeft iets met bossen. BOS is niet alleen de naam van haar expo maar ook de rode draad in haar kunst. Een rode draad die de gevoelige snaar raakt en het oog streelt. Haar schilderijen en collages vertellen een persoonlijk verhaal. Voor Pascale Bentein werkt kunst therapeutisch, voor de kijker zijn ze een lust voor het oog. Kleur, sfeer, compositie, typografie, tekst, taal… zijn de tools waarmee ze zwierig speelt, die haar werken, zowel schilderijen als collages, zo persoonlijk maken. Haar thema’s natuur, bomen, wolken… zijn universeel. Met een beetje moeite kan elke beschouwer zichzelf vinden in haar werk.

Het verhaal van BOS ving onbewust, intuïtief aan, een 2tal jaar geleden toen ze haar vader vaarwel zei. Jarenlang genoot ze met familie van een zalige vakantie in een huisje in Morvan, Frankrijk. Het huis, idyllisch gelegen aan een bosrand bracht hen zuurstof en rust. De expo BOS is een innig en gevoelig vaarwel aan het vakantiehuis in Morvan dat verkocht wordt, aan pa die er niet meer is, aan ma, bij haar overlijden, juli 2018, zakte ze weg in het woud van Morvan. Toch is BOS ook een ode aan het leven, aan de rijkdom die de natuur ons geeft, een ode aan de rust van bomen wolken, water, lucht…

Pascale aanbidt het avondlicht, vooral l’heure bleu vlak na zonsondergang. Oh wat heeft ze het lief dat diepblauwe magische melancholische licht dat rust over het land strooit, poëten woorden in de mond legt en schilders naar de verf doen grijpen. Pascale legde het poëtische blauwe uur vast in een aantal schilderijen. Stilletjes aanschouw ik het blauwe licht van de canvassen, heb de neiging het schilderij binnen te stappen, wil turen naar de diepblauwe lucht niet wetende wat de nacht me brengen zal, welke dromen mijn slaap gaan vergezellen. Die werken schildert ze aan de hand van door haar gefotografeerde beelden, eigen foto’s volgens mij de enige mogelijkheid om de juiste sfeer, de betovering vast te leggen en te evoceren.

Pascale schildert arbeidsintensieve, realistische, geraffineerde doeken waarvan de blaadjes aan de bomen me heel even doen denken aan Le Douanier Rousseau. Noem het geen naïeve spontane schilderkunst, Pascale Bentein kent haar vak door en door, ze heeft naast meesterschap ook een persoonlijke stijl en verbeeldt een persoonlijk verhaal. Pauwen wandelen over het canvas. Ook dit tafereel is een herinnering aan een tussenstop op weg naar Morvan.

De kunstenaar schuwt ook het experiment niet en gaat op zoek naar andere uitdrukkingsmiddelen. Haar subtiele landschappen herschildert ze tot abstracte miniaturen waarin kleur en compositie de hoofdrol spelen. Wie de abstracte werkjes aandachtig bekijkt vermoedt niet dat landschapsschilderijen aan de basis liggen.

De graficus in Pascale Bentein kan je ontdekken via een 70tal collages, gecreëerd tijdens gestolen momenten. Haar tekst spreekt voor zich, illustreert haar grafisch oog

[bos-]

een ode aan:
licht
donker
glinsters
kleur
pantone
dymo
taal
typografie
compositie
ritme
scherp
onscherp
geplooid
gerafeld
gescheurd
geknipt
geplakt
geassembleerd
natuur
kracht
sterk
hem/haar

Een bos zwijgt. Daarom spreekt het.

Als je naar haar kunst wil luisteren, dan leer je een kunstenaar kennen op zoek naar zuurstof, zuurstof om te kunnen leven. Haar kunst is voor Pascale Bentein een noodzaak. We zijn blij met die kunst kennis te maken.

Tekst en foto Kathleen Ramboer

INFO

https://www.instagram.com/pascalebentein

https://www.facebook.com/profile.php?id=100012544097063

[bos-] solo expo Pascale Bentein
Show Show DIY- gallery
Beverhoutplein 6 – Gent

woensdag 12/8: 14u-17u
donderdag 13/8: 14u-17u
vrijdag 14/8: 11u – vernissage vanaf 19u
zaterdag 15/8: 11u-17u
zondag 16/8: van 11u-15u

de Biënnale van Venetië 2026 – deel 1

tekst, foto en lay-out Rik Guns

Kunstliefhebbers beschouwen de Biënnale van Venetië als de ultieme hoogmis van de kunst. Rik Guns en Kris Hendryckx liepen deze kunstmarathon op hun eigen tempo. Rik legde zijn indrukken vast in een hoogst persoonlijk tijdschrift KNUST. Graag deelt hij dit bijzondere magazine met de kunstpoortlezers. Geniet mee van zijn verrassende fotografie, de kunst, het pittoreske Venetië en de vlotte, met een knipoog geschreven tekst. Dit pakket is samengebracht in een rustgevende, stijlvolle lay-out, zonder toeters of bellen. Om de beleving te doseren, brengen we KNUST in twee opeenvolgende delen.

“Canto ostinato”

KUNST- POËZIE- EN MUZIEKEVENT
waarbij beeldende kunst, poëzie en muziek met elkaar in dialoog gaan
“Canto ostinato” de weerklank van het woord
een initiatief van Jean-Paul van der Poorten, Pedro Brugada en TaLe Art Gallery

tekst en foto Jean-Paul van der Poorten – TaLe Art Gallery

Vierendertig kunstenaars uit alle Vlaamse provincies zijn met de poëtische uitspraak van PEDRO BRUGADA over het ritme van het hart, en met de gedichten in dialoog gegaan. Ze vertaalden deze naar visuele elementen zoals herhaalde vormen, patronen en ritmische lijnen. Herhaalde ritmische motieven, ook wel ostinato’s genoemd, vinden we ook terug in de muziek. Ze hebben een meditatief en betoverend effect en roepen door hun repetitieve karakter een gevoel van rust, trance of zelfs betovering op.

Curator: Jean-Paul van der Poorten

PRAKTISCHE INFO

tentoonstelling 7 tot 27 juni 2026
elke vr-za-zo 14-17u
2 locaties
Sint-Fledericuskerk & TaLe Art Gallery
Vlierzeledorp te Vlierzele

VOORSTELLING EN OPENING VAN DE TENTOONSTELLING

Zondag 7 juni – 15 uur │ Deuren om 14 uur
Sint-Fledericuskerk en TaLe Art Gallery Vlierzele

PROGRAMMA VERNISSAGE 7 JUNI

JEF VERMASSEN stelt de poëzie- en beeldende kunstuitgave voor.

The Ghent District Highlanders (doedelzakspelers), het Sint-Ceciliakoor van Vlierzele o.l.v. Johan De Vos, Pascal Podevyn (gitaar), Hans Van Gysegem (piano en orgel) en Filip Van Keer (belleman/percussiesolist/tenor) zorgen voor de muzikale omlijsting.

Er worden gedichten en poëtische teksten gelezen door Pedro Brugada, Hervé Claeys, Griet Decabooter, Jean-Paul van der Poorten, Jef Vermassen en Elia Vermeulen.

Pedro Brugada en Jean-Paul van der Poorten lezen het gedicht ‘Ode aan Vlierzele’.

Hervé Claeys veilt het werk ‘Fugit irreparabile tempus’ van Pedro Brugada
en een kalligrafisch werk van Goedele Soetewey.
voor veiling

Burgemeester Tim De Knyf opent de tentoonstelling.

De toegang is gratis. Er wordt een glaasje aangeboden.

Een boek reserveren dat kan en aanwezigheid bevestigen is wenselijk
via info@taleartgallery.be

FINISSAGE VAN DE TENTOONSTELLING

Sint-Fledericuskerk en TaLe Art Gallery Vlierzele
Zondag 27 juni – 15 uur.
Een programma met muziek, poëzie en een rondleiding in de tentoonstelling. In aanwezigheid van Route 42-dichter van 2026, Jennifer Vrielinck.
De toegang is gratis. Er wordt een glaasje aangeboden door TaLe Art Gallery.

DE POËTISCHE UITSPRAAK EN DE GEDICHTEN

De poëtische uitspraak verwijst naar de wetenschappelijk bewezen synchronisatie tussen het menselijk hart en het ritme in muziek. De gedichten gaan over het alles en het niets (over de aard van bestaan en niet bestaan), over de unieke identiteit van elke persoon en hoe het ik zich verhoudt tot anderen, over de pijn van het zijn (een paradoxale relatie tussen zijn en pijn) en over wie zoekt wat er is, een gedicht dat de concepten van aanwezigheid en afwezigheid tastbaar maakt.

Pedro Brugada: ’Het ritme van het hart is als het ritme in muziek. Of is het andersom? Meer dan twee eeuwen nadat Ludwig van Beethoven de Piano Sonata Les Adieux heeft geschreven is het mysterie nog niet opgelost. Heeft Beethoven effectief het ritme van de sonate gecomponeerd na het ritme van zijn hart? Het voortdurend wisselen van adagio naar allegro, andante espressivo tot aan de vivaci met pauzes en plotse herstart hebben veel gemeen met het gestoorde ritme van het hart dat we fibrillatie noemen. Leidt Beethoven effectief aan voorkamerfibrillatie? Dat zullen we nooit weten. Wat heel duidelijk is, is dat het luisteren naar Beethovens sonate het ritme van ons hart bepaalt: het eerste deel Das Lebewohl (afscheid) doet ons hart verscheuren van verdriet. Het tweede deel Abwesenheit (afwezigheid) zingt ons hartritme naar het dal van bijna totale stilte. Het derde deel Das Wiedersehen daarentegen doet ons hart weer kloppen zoals het hart van iemand die net verliefd is geworden. In de chaos zit de gelijkenis: in een chaotische muziek en een chaotisch hartritme. Toeval? Nee, een genie zoals Beethoven liet niets aan het toeval over.’

KUNSTENAARS UIT ALLE VLAAMSE PROVINCIES

Er verlenen topartiesten hun medewerking. Daar zijn Roger Bursens wiens werk wordt gekenmerkt door ritme, vinding en muzikaliteit, Annabelle Cock die uitgepuurde collages, tekeningen en ruimtelijke installaties maakt, Christel Foncke die flarden van een verleden zijn dat blijft resoneren en Marc Goddefroy die een studie van het onzichtbare brengt. Er zijn de innerlijke landschappen van Ann Grillet, de werken van Dagmar Heymans die doen denken aan de werken van Rothko, de werken van Véronique Jansseune die haar inspiratie vindt in de Klassieke Oudheid en in de architectuur en de werken van Frie J. Jacobs die niet alleen werken met vuur maar ook partituurwerken maakt waarin hij de fragiliteit en de essentie van het bestaan vangt. Er zijn de unieke werken met acrylstift op canvas van Louise Kerkaert, het werk van Karin Keutgens die ongeveer een kwarteeuw (middeleeuwse) muurschilderingen restaureert en het werk van Bruno Mertens dat zich op het snijvlak beweegt van sculptuur, keramiek, conceptuele kunst, installatiekunst en minimalisme. Er zijn ook de gestileerde vrouwelijke en mannelijke figuren van Irène Philips die op een poëtische wijze meditatieve gebeurtenissen en harde episodes uit het leven vertalen, er is het werk van Régine Van den Broucke die collages met oud papier maakt en het werk van Liesbeth Willaert dat een dans is van geometrische en organische vormen. Kayo Quintens tekent op haar beurt nostalgische, poëtische illustraties om bij weg te dromen.

voor veiling kalligrafisch werk Canto ostinato van Goedele Soetewey

In de Sint-Fledericuskerk exposeren acht textielontwerpsters hun werk. In het werk van Manon Clement speelt het gebruik van woorden binnen de textiele ruimte een cruciale rol. Clement is op zoek naar de verbinding tussen taal, beeld en textiel. Ze plaatst vergankelijkheid tegenover tastbaarheid door de verbinding tussen woorden en beelden te onderzoeken. Lisa Decavel zet (persoonlijke) teksten om tot een geweven beeld, onleesbaar maar interpreteerbaar. Trui Demarcke werkte als textielontwerper voor de industrie en richtte het label Fil & Baukis op. Inge De Zutter ontwikkelde met de eeuwenoude technieken van het kantklossen als medium een eigen taal en creëert zowel werk voor musea, tentoonstellingen als voor interieurs. Mileen Malbrain wordt gefascineerd door ritmes, structuren, volumes en reliëfs. Ze brengt in haar werk wetenschap en kunst samen. Het verhaal van tijd en het verstrijken van tijd komt in beeld in het werk van Renieke Meyfroot. Het concept tijd komt ook aan bod in het werk van Lieve Smets in wier werk kant een metafoor is voor vergankelijkheid en kwetsbaarheid. Margot Van den Berghe speelt met de grens tussen design en kunst. Dit mooi ensemble textielkunstenaars geeft aan het event een bijzonder aanschijn. In de kerk wordt ook de kalligrafie Canto ostinato van Goedele Soetewey tentoongesteld die tijdens de voorstelling wordt geveild.

voor veiling werk van Pedro Brugada
‘Fugit irreparabile tempus’

VEILING

Op de voorstelling zal het werk Fugit irreparabile tempus van Pedro Brugada en de kalligrafie Canto ostinato van Goedele Soetewey worden geveild. Fugit irreparabile tempus is een tijdloze herinnering aan de vluchtigheid van het bestaan. Het werk herinnert ons eraan dat tijd niet kan worden gestopt of teruggehaald en dat de momenten die voorbijgaan voorgoed verloren zijn. De kalligrafie (een drieluik) is een visuele echo van het repetitieve, hypnotiserende karakter van Simeon ten Holts Canto Ostinato. Net zoals de Canto Ostinato werkt met herhalende motieven die in intensiteit en kleur variëren creëert de gelaagde kalligrafie een ritmisch en repetitief beeld. Voor de veiling zal de kalligrafie van vijf meter hoogte worden opgedeeld in drie gelijkwaardige drieluiken die elk de werken bevatten van het drieluik. Deze hebben de volgende ondertitels: Jouw hartslag is mooie muziek (Il battito del tuo cuore è una musica meravigliosa), Halsstarrig herpakken en volharden (Ostinatamente riprendere e perseverare)en Soms, met wat hulp, samen naar de finale (A volte, con un po’di aiuto, insieme fino alla finale).

BEELDENDE KUNSTUITGAVE
Canto ostinato
Voorstelling kunstuitgave: Jef Vermassen

Bij de expo hoort een poëzie- en beeldende kunstuitgave, getiteld “Canto ostinato”.
Een prachtig boek met werken van de 34 kunstenaars en gedichten.
Een exemplaar van de poëzie- en beeldende kunstuitgave Canto ostinato kan worden gereserveerd door storting van 40 euro op rekeningnummer Het verbeelde woord BE69 7310 7362 3678 met vermelding Canto ostinato. Het exemplaar dient te worden afgehaald vóór de aanvang van de voorstelling (tussen 14 uur en 14.45 uur) en wordt niet met de post toegezonden.

Canto ostinato kreeg de medewerking van TaLe Art Gallery, gemeentebestuur Sint Lievens Houtem, Houtemse verenigingen waaronder Zangkoor Sint Cecilia, Gezinsbond Vliezl, de Bib / Route42, Sint-Fledericusparochie en kunstenaars van de Kreazolder.

tekst en foto Jean-Paul van der Poorten – TaLe Art Gallery

De leegte fluistert in de schilderijen van Walter Dermul

tekst Kathleen Ramboer

Walter Dermul is niet het romantische type kunstenaar, eenzaam schilderend op een zolderkamer, ver weg van de hectische wereld. Hij houdt ervan te netwerken, de confrontatie op te zoeken, zijn publiek te bespelen, te ontmoeten, van gedachten te wisselen. Het was een plezier met hem in gesprek te gaan en schrijfstof te sprokkelen voor hopelijk een goed artikel over ontstaan, evolutie, techniek en inhoud van zijn canvassen in olieverf.

EEN ARTISTIEKE LAATBLOEIER

Door allerlei factoren is Walter Dermul een artistieke laatbloeier. Met heel veel enthousiasme startte Walter Dermul op latere leeftijd zijn loopbaan als kunstenaar. Het bleef niet bij enthousiasme maar werd stilaan een passie. Onder het motto een dag niet gewerkt is een verloren dag, werkt hij gestaag aan een oeuvre dat stilaan vorm krijgt. Walter Dermul startte met portretten, hij heeft trouwens een grote bewondering voor Lucian Freud. Zich bewust zijnde dat portretten buiten de geportretteerde zelf, moeilijk aan de man of vrouw te brengen zijn, begon hij andere onderwerpen te schilderen. De ambitie om het te maken groeide en groeide. Zo gedreven als hij was in zijn vroegere loopbaan in de wereld van de reclame en marketing, is hij nu als kunstenaar. Met heel veel vertrouwen gaat hij bewust op zijn doel af: erkenning en waardering van kunstkenners en tentoonstellen in een gerenommeerde, professionele galerie, thuishoren in een goede ‘stal’. Dit voor ogen is Walter Dermul proactief sterk bezig. Hij neemt initiatief, stelt tentoon, is aanwezig op het net, verbetert zijn techniek en werkt intensief verder aan zijn persoonlijke stijl. Een slaagkans heeft hij zeker.

MUZIEK

Kunstenaar Walter Dermul houdt van muziek. In het atelier maakt muziek, rock, pop, blues, jazz… of klassiek, deel uit van zijn creatieproces. Daar bovenop dragen de canvassen welluidende namen met referenties naar songs van alle tijden: Keep on running, Private Universe, Going anyway, Fool on the hill, Look Up Here I’M In Heaven, I don’t want to go to Mars … En toch als ik naar zijn canvassen kijk, hoor ik slechts één soort klank, een melancholische toon in een overheersend zacht klankkleur. De muziekliefhebber Walter Dermul viert bedachtzaam de stilte, tovert op doek met zachte gedoseerde kleuren een nostalgische wereld die rust uit ademt en leegte fluistert. Walter Dermul lijkt blij als de wind is gaan liggen. Hij observeert, vangt het licht, tast de wolken af, zoekt het gras, het water, het groen … luistert met zijn ogen en zingt met penseel een melodieus lied.
Mijn verbeelding slaat op hol. Mijn geheugen galoppeert. Ik herken de jaren 60. Het is aangenaam vertoeven in de nostalgische wereld van de kunstenaar, voor mij een veilig toevluchtsoord, negerend de bittere realiteit van de ‘echte’ wereld.

DE NOSTALGIE

Walter Dermul is groot geworden in een ongelooflijke boeiende tijd, in een euforische sfeer van heropbouw na de wereldoorlogen. Aan de zijkant beleefde hij de jaren 60, met als uitschieter mei 68 met zijn barricades en studenten protesten. Politiek werd alles in vraag gesteld. Die periode vindt de kunstenaar nog altijd inspirerend. Vanzelfsprekend zoekt en grijpt hij, als voedingsbodem voor zijn schilderijen, naar foto’s uit zijn familiearchief, nieuwsmedia, websites, deze met een optimistische tijdsgeest. De kunstenaar knipt en plakt die visuele prikkels tot hij een beeld bekomt, geschikt om op doek vast te leggen. Het grote werk kan beginnen. Is kijken naar de schilderijen van Walter Dermul als bladeren in een nostalgisch fotoboek, het lezen van foto’s? Voor mij gedeeltelijk wel. In iedere verflaag, in elke penseelstreek huist een stukje nostalgie, een herinnering, een melancholische gedachte. Schilderen geeft de kunstenaar kans om de klok terug te draaien, melancholie te verstoppen in het canvas.

ARCHITECTUUR

Zijn schilderijen verraden een kunstenaar met oog voor de architectuur uit vroegere tijden. Ze tonen echo’s van een niet eens zo ver verleden. Als toeschouwer kan je trappen afdalen, kloostergangen verkennen, dolen in oude gebouwen, verdwalen in een labyrint, je gedachten verliezen aan het water, mijmeren op een bank bij het meer. Walter Dermul schildert met de esthetiek van een architect. Zijn trappen herleidt hij tot een spel van vlakken en lijnen. Elimineren van het overtollige, vermijden van overdaad, dat is zijn stijl. Zijn werk is bedrieglijk eenvoudig, uitgepuurd, met een gevoel voor compositie en afmetingen, en vooral oog voor licht en schaduw.
In het kunstlandschap is Walter Dermul uniek. Hij volgt niet de trend van de ‘droge’ stille abstracte kunst noch die van de barokke, kleurrijke, dynamische figuratieve kunst. Walter Dermul wandelt een eigen pad, schildert figuratief op een abstracte wijze. Zelf stelt hij zich de vraag: ‘Deze figuratief/abstracte/gestileerde stijl is dit mijn sterk of zwak punt? De toekomst zal het uitwijzen. We zijn benieuwd naar een volgende stap. Wie weet gaat hij volledig de abstracte weg op? Ik beschouw zijn werk als een rustpunt in de energieke, emotionele kunst van vandaag.

links Labyrint 60×80 cm – olieverf op doek 2026 / rechts Step one (dyptich) 2x 80×100 cm olieverf op doek 2025

KLEURGEBRUIK

Walter Dermul koos resoluut voor olieverf. Olieverf heeft het ongelooflijke vermogen in lagen te werken en blijkt ideaal om fijne kleurnuances vast te leggen. De kleuren waarmee Walter Dermul schildert verwarmen niet, ze verzachten, stemmen milder. Het subtiel ingetogen kleurenpalet speelt een niet te onderschatten rol in de sfeerschepping, in het evoceren van een sprekende leegte. Eén enkele keer zorgt Walter Dermul met een primair kleur voor contrast maar ook weer op de beheerste manier van een denker. Wie weet schudt de visuele rust van de lege ruimtes, de stijlvolle traphal, de roltrap… de filosoof in de beschouwende kunstliefhebber wakker.

TAFERELEN VAN EEN TONEELSTUK

Walter Dermul is terzelfdertijd regisseur en observator. Zijn canvassen, scènografisch sterk, met aandacht voor een cinematografisch spel van licht en donker, verbeelden de wereld als schouwtoneel. De doeken capteren een vanzelfsprekende alledaagse handeling. De duiker in het water, de personages op de roltrap, de figuur mijmerend aan het water, de man in maatpak onderaan de trap… allen in een schier bevroren beweging, geven hun geheimen niet prijs en laten ons achter met vragen, suggererend een open einde.
Deze taferelen nodigen uit tot vertraging, tot waarnemen met de ogen nog voor het denken zich aanbiedt. De schilderijen kijken je rustig aan, schreeuwen niet om aandacht maar beroeren zacht. Walter Dermul laat een oplettende kijker met vragen achter, geen antwoorden. De schilderijen activeren de toeschouwer, ze zetten aan tot reflectie. Eén zekerheid: zijn beeldtaal spreekt. Als kijker heb je enkel je verbeelding, een ongebreidelde fantasie nodig om het verhaal verder te zetten, om een volgend hoofdstuk te schrijven. Hoe boeiend kan kunst zijn?

SCHILDERIJEN EN GEDICHTEN

Tijdens zijn zoektocht naar een persoonlijke beeldtaal vindt Walter Dermul in Marjan De Boeck, zijn levensgezel, ook een partner in crime. Enkele van haar gedichten sluiten perfect aan bij reeds afgewerkte canvassen, andere blijken een ideale inspiratiebron voor een nieuw schilderij. Marjan De Boeck grijpt naar een moment, een gebeurtenis, al of niet biografisch. Voor de kunstenaar/levensgezel helpt het persoonsgebondene de transfer naar visualisatie op doek. Haar woordkeuze, de klank, het ritme, de beeldspraak sluiten aan bij de stijl, de sfeer van het gebeuren op Walter Dermuls schilderijen. Verf en taal raken elkaar.

Let my love open the door_80x60

Schilder en poëet zoeken en dwalen in een zelfde doolhof van verlangens, beelden, emoties en gedachten. En toch is hun kunst niet louter persoonlijk maar ook tijdloos en universeel. Lees, staande vóór de schilderijen van Walter Dermul, de poëzie van Marjan De Boeck en de beleving wint aan intensiteit.

Doolhof

Ik herkauw mijn gedachten,
ze zitten in een loop.

Ik letterschrijf mijn woorden,
zoek zuurstof in de poel.

Het doolhof blijft gesloten,
´t is lopen zonder doel.

Marjan De Boeck

Wat heeft de kunstenaar te vertellen aan de kijker? Is de kunst van Walter Dermul vrolijke kunst, voedt zijn kunst donkere gedachten, stemmen ze de kijker weemoedig, toveren ze een glimlach? De kijker heeft het laatste woord. Waan je in het labyrint van Knossos waarin je als toeschouwer je weg zoekt, een weg naar beleving. Eén ding is zeker, zijn kunst bekijken is een esthetische ervaring.

Kathleen Ramboer 2 februari 2026
fotografie copy right Walter Dermul

INFO KUNSTENAAR

https://www.instagram.com/walterdermul
https://walterdermul.be/
https://www.galerijartisjok.be/
https://www.facebook.com/profile.php?id=61551918455676

INFO TENTOONSTELLING
LABYRINT

In galerie Artisjok stelt kunstenaar Walter Dermul heel wat nieuwe schilderijen tentoon. 
Een aantal daarvan wordt begeleid door een gedicht van Marjan De Boeck (partner in crime),
speciaal uitgewerkt op glazen panelen.

1 mei tot en met 16 juni
Galerij Artisjok. Antwerpsestraat 62-64, Lier
open vrijdag, zaterdag en zondag van 14u tot 18u

INFO BOEK
LABYRINT
schilderijen Walter Dermul en gedichten Marjan De Boeck

Ter gelegenheid van de expo wordt het nieuwe boek van Walter Dermul ook onder de noemer ‘Labyrint’, voorgesteld. Het 98 pagina’s tellende boek toont een overzicht van olieverfschilderijen uit de periode 2023-2026, inclusief gedichten van Marjan De Boeck. 
€ 35,00 gratis verzending

bestellen via mailadres walter@walterdermul.be of een berichtje via Instagram of FB

Op kunst staat geen leeftijd

tekst en foto Kathleen Ramboer

Expo RIZOOM in deWeverij

De meeste curatoren en galeries zetten het liefst in op jonge kunstenaars. Marc Mestdagh, bezieler van deWeverij, gooit het voor de expo RIZOOM over een andere boeg. De 12 deelnemende kunstenaars, geselecteerd na een open call, bezitten een leeftijd tussen de 50 en 67 jaar. Verwacht geen old-fashioned expo. De tentoonstelling is een staalkaart van wat er vandaag de dag reilt en zeilt in de kunstwereld, ze straalt van jeugdig enthousiasme. Jonge kunst is hier vertegenwoordigd in de betekenis van recent gecreëerd werk. Het origineel materiaalgebruik, diversiteit en de evenwichtige opstelling bezorgen de kijker een verrassende eerste indruk. Niet alleen de werken gaan in dialoog, ook de makers. De 12 kunstenaars zoeken een niet vanzelfsprekend evenwicht tussen werk, familie en kunst. Daar bovenop hebben ze ook ambitie. Ze maken geen vrijblijvende kunst en gaan op zoek naar authentiek, persoonlijk werk met de optie hun kunst bloot te stellen aan de kritische blik van de kunstliefhebber. Voor allen betekent dit een creatieve uitdaging. Deze expo brengt gelijkgestemden bij elkaar, bezorgt hen een welkom netwerk en vooral geeft hen de kans naar buiten te treden.

EEN OPVALLENDE START

Aan de op het grasveld geplaatste reuzegrote installatie van Christoph Annys ga je als bezoeker zo maar niet voorbij. Zijn constructie overvalt je, triggert en zet meteen de toon, suggereert wat nog komt. Als bezoeker voel ik nu al de open verbindende sfeer en haast me vol verwachting naar de ingang.

GEMEENSCHAPPELIJKE RAAKLIJNEN

Kunstwerken ontstaan zelden in een vacuüm. Ze worden vaak beïnvloed door een maatschappelijke tijdsgeest en weerspiegelen de leefwereld van de kunstenaar. Zo ontdek ik in deze expo inhoudelijke en technische raakpunten.

Architectuur
Enkele kunstwerken verwijzen naar architectuur. John Stack is beroepshalve architect en dat uit zich in zijn artificiële architecturale landschappen: ragfijne witte technische lijnen op blauwe gelaagde velden. Daniel Storms’ werken ontstaan uit fascinatie voor een sluimerende stad tijdens het ochtendgloren. Zelf benoemt hij zijn werk als architecturaal abstract. Interieurarchitect/designer Frank Vanderhaeghe zoekt rust na een stresserende dagtaak en trekt zich terug in een cocon waar hij canvassen omtovert in monochrome dragers van subtiele, verfijnde en vooral stille ingetogen kunst, kunst zonder toeters of bellen.

Natuur en  gerecycleerde materialen
De natuur blijkt een tijdloze en onuitputtelijke bron van inspiratie voor kunstenaars. Nu de mens zelf zijn natuur aan banden legt en de verstedelijking zegeviert hebben kunstenaars een scherp oog voor organisch materiaal. Enkele zoeken geen bruikbare voorwerpen maar vinden ze, in de natuur, op de werkvloer of zelfs thuis. Herkenbare, dagdagelijkse zaken worden zodanig verwerkt dat ze toetreden tot de wereld van de kunst, het land van de verbeelding. Ze werken met wat voor handen ligt. In deWeverij zijn hier voorbeelden van terug te vinden. Enkele som ik hier op. Ik zoek naar gevleugelde woorden om een poëtisch werkje van Sandra Ruyssinck te omschrijven. Een dure verfborstel had ze niet van doen. Sandra Ruyssinck, geïnspireerd door de Japanse cultuur, schildert met zwarte inkt sierlijke lijnen met de veren van haar vogels. Patricia Gheysens verwerkt kunstig vruchten van de esdoorn ‘helikopters’ die in het citadelpark van Gent voor het rapen lagen. De observatie van een treurwilg leidde bij Els Robberechts niet tot een natuurgetrouwe tekening maar tot een grijsblauwe tedere abstractie. Annabelle Cock maakt minimalistische, extreem eenvoudige collages die de vier seizoenen verbeelden. Geometrische lijnen als grassen, geknipt in aangepaste kleuren, kleuren kenmerkend voor lente, zomer, herfst of winter, doorklieven het witte blad. Als gewezen florist sprokkelt Annick Haesendonckx vruchten van de judaspenning en andere plantresten om te verwerken in haar ‘boxes’. Slijpschijven vinden bij haar een tweede leven in een assemblage. Christiaan Van Damme valt voor de vernuftige samenstelling van honinggraadkarton. Voor zijn sculpturen, geabstraheerde figuren, kiest hij meer traditioneel materiaal zoals steen, albast…  Marianne Van der Wielen gebruikt voor haar muurhoge sculptuur terrepapier. Haar werk ‘Where is my home?’ is gecreëerd met houten kratjes. Het oogt aantrekkelijk, lief en lichtvoetig maar is het niet. Een huis is niet altijd een thuis.

Abstrahering
Zoals Els Robberechts een treurwilg abstraheert, Annabelle Cock de seizoenen minimalistisch verbeeldt, vereenvoudigt Yves Buysse de menselijke figuur op doek tot een krachtige organische vorm. Het zwarte buitenrandje rond het geschilderd oppervlak verraadt de fotograaf in de schilder.

Samenspraak van materialen
Christoph Annys verkiest geen herbruikbaar en/of broos materiaal maar grondstoffen die spreken. Het survivaldeken is niet alleen het symbool van de mens zonder huis of thuis, een thema dat ook Marianne Van der Wielen behandelt, neen zijn gouden glans verbeeldt, evenals het Carrera marmer van de installaties, onze rijke westerse wereld. Het werk van deze kunstenaar is van een schoonheid die vragen oproept. Patricia Gheysens laat harde met zachte materialen dialogeren, keramiek met blokken mousse, hard met kwetsbaar.

Marc Mestdagh heeft de mensenruimte deWeverij omgetoverd in een kunstkamer vol wondere, verrassende kunst. De 12 kunstenaars, met een gelijkaardig traject en gedeelde ambitie, spelen met vormen, materialen en beleven samen de expo. Hier dirigeert de kunstenaar/homo ludens, de bezoeker luistert ademloos. De expo RIZOOM is het levende bewijs dat kunst verbindt en dat het spelelement een fundamentele pijler is van onze cultuur.

En… ook op spelen staat geen leeftijd.

Tekst Kathleen Ramboer

INFO

RIZOOM

deWeverij
Dellaertsdreef 9
9940 Evergem (Sleidinge)
open zondagen 3 en 17 mei en 7 juni 2026
telkens van 10u tot 18u
https://deweverij.be/rizoom/

KUNSTENAARS

Christophe Annys @christophe.annys
Yves Buysse @yves_buysse 
Annebelle Cock @annabelle.cock 
Patricia Gheysens @gheysenspatricia 
Annick Haesendockx @annickhaesendonckx
Els Robberechts @els_robberechts_designer 
Sandra Ruyssinck @sandra_ruyssinck 
John Stack @johnstackworks
Daniel Storms @daniel.storms.painter 
Christiaan Vandamme @christiaan.vandamme.372 
Frank Vanderhaeghe @frankvanderhaeghe_artist 
Marianne Vanderwielen @marianne.vanderwielen

Wanneer het atelier de ziel van het werk ademt

Een gesprek met kunstenaar Hervé Martijn


tekst Kathleen Ramboer

Ik ontdekte per toeval op het web een foto van het atelierhuis van Hervé Martijn. Op de afbeelding straalt het geklasseerd modernistisch atelier van de kunstenaar, een ontwerp van architect Huib Hoste in zijn oorspronkelijke kleuren. Het huis intrigeerde me mateloos. Welke wondere wereld gaat er schuil achter die mooie geel/groen/rode raamkozijnen?
‘Kom eens langs in mijn atelier’ stelde kunstenaar Hervé Martijn me voor. Daar moest ik niet over nadenken! Zijn werk volg ik al een tijdje en een atelierbezoek? Zalig!

Hervé Martijn ontvangt me hartelijk. De uitnodigende grijsgroenblauwe traphal baadt in een poëtische, melancholische, nostalgische zelfs magische sfeer. Ik kan me geen betere plaats bedenken voor het creëren van canvassen waarin familie, herinneringen en emotie een rol spelen. Bij een wandeling doorheen het huis voel ik me als een ontdekkingsreiziger en val van de ene verrassing in de andere. De vele kamers geven hun geheimen niet prijs maar tonen wel een schat aan schilderijen. In een zelfportret, het enige dat ik er zag, kijkt hij door een viewmaster verwonderd naar de wereld, de beschouwer in het bijzonder, de kunstenaar observeert om later vast te leggen wat hij voelt, ervaart en ziet. Zeggen beelden niet meer dan woorden? De ‘beelden’ die ik vandaag opvang neem ik mee mijn hele leven lang, ze doen me stilstaan, nadenken en mijmeren. Ik maak een reis doorheen de volledige carrière van de kunstenaar en ontdek werken waar ik niet eens een vermoeden van had, geschilderd in diverse technieken met vele materialen. Acrylverf, olieverf, bijenwas, dripping, gebruik maken van oxidatie, schilderen op vintage valiezen, op een oude kaft, op ongewone ondergronden… hij probeerde het allemaal. De kunstenaar staat werkelijk open voor artistieke vernieuwing en evolutie. Zijn samenwerking met de conceptuele geluidskunstenaar Baudouin Oosterlynck is daar niet vreemd aan. Tegenwoordig toont hij zijn jarenlange vakmanschap in figuratieve schilderijen in olieverf.
Niet alleen de schilderijen van Hervé Martijn wil ik ontdekken maar ook de persoon achter de canvassen. Een interview is hiervoor het gepaste medium, de kunstenaar had geen bezwaar. Een lentegroene schaduwrijke tuin, heerlijke geurende koffie en taart zorgen voor de volmaakte setting.

Kunstpoort Dragen de sfeer in het atelier, de kleuren, de lichtinval … bij tot je kleurgebruik, je techniek en het licht in je schilderijen?
Hervé Martijn Ongetwijfeld, tot 25 jaar geleden schilderde ik vooral grisaille werken. Mijn atelier bevond zich toen thuis op zolder. Ik was zeker geen colorist. Door de hier aanwezige modernistische kleuren schakelde ik stapsgewijs, langzaam over naar meer kleurgebruik. Heel veel kleuren zitten letterlijk in mijn deuren en muren.


Kunstpoort De werken die ik het beste ken, zijn die van de laatste 8 tot tien jaar. Op die doeken merk ik heel veel blauwen als achtergrond met rode accenten.
Hervé Martijn De architect Huib Hoste staat bekend voor zijn gedurfd kleurgebruik. Je ziet heel veel rode lijnen in het huis, zoals de roodomrande ramen. De lucht waarnemen door een roodomrand raam maakt het blauw intenser door het complementair contrast van blauw en rood. Zo wilde de architect het en dat heeft ook zo zijn gevolgen voor de blauwen en rood op mijn doeken.

‘De rode draad’ 110×170 cm

Kunstpoort Waar haal je je inspiratie? Ik vermoed dat je familie, kleinkinderen, je naasten enorm belangrijk zijn voor je en ook als inspiratiebron voor je schilderkunst. De meeste van je werken hebben als gemeenschappelijke deler je persoonlijk leven. Je bent een observator van je eigen leven en brengt dit over op het doek. Mag ik het zo benoemen?
Hervé Martijn Ik zoek geen onderwerpen, ik kom ze tegen op mijn pad. Ik neem enerzijds foto’s, van mensen die ik ken, van familie en vrienden maar ik werk anderzijds ook regelmatig met modellen.

Kunstpoort Het model kijkt zelden de kijker recht in de ogen. Zo ontstaat er geen verbinding met de toeschouwer. De kijker is waarnemer geen deelnemer. Er is een afstand. Is dat toeval?
Hervé Martijn Dat is zo gegroeid. Een model dat wegkijkt, verzonken is in gedachten of een daad stelt, krijgt meer aandacht omdat een emotionele beeldtaal de kijker boeit. Persoonlijk voel ik me ook meer aangetrokken tot het melancholische in een schilderij.

Kunstpoort Je visuele taal is vaak gebaseerd op nostalgie. Als kunstenaar dwaal je af naar het verleden.  Zelden zie ik voorwerpen op het canvas met een hedendaagse look.
Hervé Martijn Inderdaad, ik ben nogal bezig met wat geweest is.

Kunstpoort Het thema ‘hoe je leven in evenwicht brengen’ (zie werk ‘Balanceren’) keert vaak terug in je werk. Heel wat externe omstandigheden, waar wij geen vat op hebben, beïnvloeden ons zijn. Voor controle over de balans van het leven vallen we terug op onszelf, een enorme uitdaging voor elk individu. Helpt de schilderkunst evenwicht in je leven te brengen? Geeft kunst zin aan je leven?
Hervé Martijn 100%! Ik tracht emoties en gedachten over te brengen, zonder deze expliciet zelf goed te kunnen benoemen. Het zijn allerlei herkenbare gevoelens uit het innerlijke ‘ik’. Mijn schilderkunst is voor mij dan ook vaak een soort ronddwalen in gedachten en gevoelens en een confrontatie met diepere emoties. Het schildergebeuren zelf brengt me vaak tot rust. Het zoeken, ontwerpen en creëren van ‘de beelden’ functioneert inderdaad als een middel tot emotionele balans. Kunst is voor mij een verslaving, ik kan niet zonder. In de perioden dat ik me goed voel is dat fantastisch, iedere toets zit raak. Mijn doek en ik, meer is er niet nodig. Wanneer ik last heb van een dipje, is mijn atelier ‘The place to be’, waar ik me in de intimiteit van mijn atelier kan terugtrekken, ver weg van alle drukte.

links ‘Balanceren’ 40x30cm – rechts ‘Ensemble’ 140x90cm – foto’s copyright Hervé Martijn

Kunstpoort Je schilderijen bestaan uit ontelbare verflagen. Is van bij de aanvang de toon, de sfeer al gezet, voel je onmiddellijk dit zit goed? Worstel je of werk je gedecideerd?
Hervé Martijn Elk werk kent zijn ontstaansproces als een soort gesprek.  Je voelt aan als een schilderij goed zit. Wanneer ik geen honderd procent overtuigd ben overschilder ik gewoon het doek.

Kunstpoort Streef je anatomische juistheid na? Of hoeft dat niet? Zelf heb je technisch gezien heel veel vakmanschap, vind je dat belangrijk, ook voor een kunstenaar die abstract schildert? Zie je ook bij abstracte kunst het vakmanschap van een kunstenaar?
Hervé Martijn Voor mij persoonlijk is dat belangrijk. Vroeger niet, omdat ik toen meer schetsmatig bezig was. Vanaf het ogenblik dat je fotorealistisch schildert moet een werk niet 99% juist zijn maar 100%. Een foutje stoort me ook al ziet geen enkele toeschouwer het. Bepaalde stijlen en kunstvormen laten een anatomische afwijking toe, maar ikzelf kies voor een anatomisch correcte benadering.

Kunstpoort Bepaalde voorwerpen, symbolen en/of thema’s keren terug: de kroon, een rood kruis, het puttertje, de pleister… de tweeling.
Hervé Martijn De reden is heel eenvoudig, ik werk meestal in reeksen: bv meerdere werken rond het thema van ‘de tweeling’ … gewoon doordat ik opa ben van ‘twee’ tweelingen, of een reeks die ontstond rond het thema van ‘de viewmaster’. Ooit schilderde ik een zelfportret met viewmaster, dat is niet zomaar een viewmaster maar DE viewmaster van mijn groottante met beelden van Lourdes, Lourdes die ze  één maal in haar leven bezocht. Als kind heb ik duizend keren naar die viewmaster beelden zitten kijken. Mijn 80jarige tante vertelde telkens opnieuw en opnieuw van die ene reis naar Lourdes. Die viewmaster is een beladen voorwerp, met een enorme betekenis, gevoelsmatig zeer belangrijk. Nu kijken mijn kleinkinderen in de viewmaster van mijn moeder en vertel ik hen het verhaal van de viewmaster van hun overgrootmoeder. Ik kijk achterop naar het verleden, de melancholie is nooit ver weg, nestelt zich en voelt zich geborgen in mijn schilderijen, klaar om met de kunstliefhebber in dialoog te gaan.

Kunstpoort Hebben de symbolen iets met elkaar te maken?
Hervé Martijn Niet echt.

Kunstpoort ‘Distelvink’ verwijst naar ‘Het Puttertje’ (1654) het beroemd schilderij van Carel Fabritius, te zien in het Mauritshuis in Den Haag. Het puttertje verwijst ook naar het boek van Donna Tart. Ben je een literatuurliefhebber? Gebeurt het wel meer dat een boek, een tekst je inspireert voor de titel van een schilderij?
Hervé Martijn Niet echt. Ik lees wel, maar meer rond psychologie en filosofie. Het schilderij van het putterke was ook weer toevallig een onderwerp dat op mijn weg kwam. Op zekere dag vond ik een dood putterke op mijn vensterbank. Dat vogeltje legde ik op een boek en dit klein stilleven vertaalde ik in een schilderijtje. Zo overkomt het me wel vaker dat onderwerpen bij toeval komen ‘aangevlogen’. Stapsgewijs worden er connecties gemaakt, ontstaan er linken met de kunstgeschiedenis en groeien er reeksen schilderijen rond een bepaald thema.

Kunstpoort Denk je na over het leven, filosofeer je tijdens het schilderen of ben je één en al concentratie, gefocust op je techniek of komt er ook ‘denken’ aan te pas?
Hervé Martijn Ik werk op automatische piloot. Ik denk niet meer na over welk penseel ik hoef te gebruiken. Wat gaat er door mijn hoofd, geen idee! In het atelier is klassieke muziek mijn metgezel, zonder lukt het niet.

Kunstpoort Je schildert het zichtbare, de uiterlijke wereld en toch zijn je canvassen dragers van het onzichtbare, het innerlijke. Is het niet moeilijk de twee in eenzelfde schilderij te bundelen. Is het maakproces niet enorm belastend niet alleen fysisch maar ook voor de psyche?
Hervé Martijn Ja dat is zeker lastig. Er is die voortdurende drang tot ‘registreren’ van gedachten en gevoelens. Het is een onophoudelijke zoektocht.

“Agnus Dei, qui tollis peccata mundi, miserere nobis…” 40x40cm

Kunstpoort Het schilderij oogt mooi maar het is toch meer dan dat.
Hervé Martijn Ik moet connectie voelen met een werk. Al vind een buitenstaander het knap, wat voor mij niet af is, geraakt niet door de sluis, vertrekt niet naar een galerie.

Kunstpoort Je werken zijn moeilijk te ontcijferen voor een buitenstaander en leven een eigen leven. Kortom ze zijn raadselachtig, vaak moeilijk te doorgronden. Je oeuvre is realistisch met een verborgen inhoud, het zijn schilderijen die een inspanning vragen bij een breed publiek. Zo zijn er bepaalde verrassende elementen zoals ‘de rode bes’. Je schilderijen verbergen een geheim dat je niet graag prijsgeeft. De kijker is vrij er een eigen invulling aan te geven. Die hangt af van persoonlijke ervaringen, emoties en achtergrond. Ga je graag in gesprek met de kijker over een werk of liever niet?
Hervé Martijn Het kijkpubliek voegt een eigen betekenis toe aan een schilderij, dat mag. Ik ga met graagte een dialoog aan met het publiek. Vaak ontvang ik mails van kopers die om een woordje uitleg vragen of hun eigen inzicht mede delen. Dat vind ik fijn. Mijn schilderijen vinden een eigenaar omdat er een klik is, omdat de belangstellende voeling heeft met het schilderij. Psychologen, psychotherapeuten, psychiaters, mensen uit de zorgsector zijn de grootste groep die de laatste 15 jaar respons geven op mijn werk.

Kunstpoort Hecht je veel belang aan titels. Vaak lijken ze heel eenvoudig en vanzelfsprekend. Soms moeilijker te begrijpen. Is het nuttig dat de kijker de titel kent om uiteindelijk het schilderij ten volle te kunnen appreciëren of te ontcijferen?
Hervé Martijn Het is zeker een meerwaarde.

Kunstpoort Je schilderijen geven aanleiding tot het verkennen van het innerlijke landschap. Ook al visualiseren ze pijn, kwetsbaarheid, ze blijven esthetisch, dit in schril contrast met vaak agressieve hedendaagse werken. Hoe sta je tegenover, voor het brede publiek, vaak afstotelijke kunst?
Hervé Martijn Een agressieve dramatische intensiviteit in films, toneel en/of dans kan ik wel smaken. Ik ben ook getriggerd door de agressieve zwaarmoedigheid van kunstenaars als Anselm Kiefer die oorlog, vernietiging, verval en destructie een gezicht geeft. De expo van Louise Bourgeois in Parijs ontroerde me en betekende voor me een openbaring. Haar kunst ligt kilometers van mijn werk af maar toch verwerken we dezelfde problematiek. Bij mij overheerst de melancholie, haar werk is zwaar op de hand, getormenteerd. Ze verkent gevoelige thema’s zoals de dood, familiale trauma’s, isolement, eenzaamheid, het vrouwelijk lichaam. Ook zij kijkt achterom en put uit haar persoonlijke leven.

Kunstpoort Van welke schilderkunst hou je zelf, abstract, figuratief… Wat mag aan de muur in je leefwereld?
Hervé Martijn Ik koop regelmatig kunst ook fotografie. Wat me opvalt, ik heb een groot aantal zwart/wit werken, minder kleur. Dat sluit aan bij mijn vroegere grisaille werken, toen kleur niet de hoofdrol speelde.

Kunstpoort Betekent het veel voor je als ik beweer dat je werk tijdloos is en in de verre toekomst de kunstliefhebber zal blijven boeien. Is dat de bedoeling, is dat noodzakelijk om gemotiveerd te blijven om verder te schilderen?
Hervé Martijn Als kunstenaar leef je in een cocon, je ontmoet heel veel bevriende kunstenaars, een regionaal kunstpubliek… het is een wereld van ons kent ons. Binnen deze kringen is er ongetwijfeld waardering. Pas als je die beperkte kring doorbreekt wordt de impact van je werk op de wereld duidelijk. Ook ver van mijn bed voelt het publiek affectie met mijn schilderijen. Een universele beeldtaal is heel belangrijk voor me.

Kunstpoort De kunst van Hervé Martijn overviel me om nooit meer los te laten. Het gesprek met de kunstenaar gaf me heel veel energie, zin om te schrijven en goesting om niet alleen kunst te smaken maar ook te maken. Dit is wat goede kunst kan teweeg brengen.

Tekst Kathleen Ramboer

INFO

https://www.instagram.com/hervemartijn/
https://www.hervemartijn.com/

TENTOONSTELLING ‘STILLE GETUIGEN’

Expo ‘Stille getuigen’

Hervé Martijn en Luc Cappaert

opening 10 mei 2026 om 15u
van 10 mei tot 20 juni 2026

open do-vr-za van 15u tot 18u

galerie s. & h. de buck
Zuidstationsstraat 25
9000 Gent