Landjuweel 2017: Familiedag.

Sommigen zullen denken dat een familiedag een dag is met luchtkastelen, kinderen en ouders wandelend door de attracties en hotdogkraampjes. Niet dus.

Vandaag,  in de namiddag van zaterdag 4 november, zijn er twee theaterstukken opgevoerd die over de familie gaan.

De kernfamilie 

“Kaatje is verdronken” is een “huis-clos” tussen een moeder, een vader en een dochter. En een witte ridder, de tuinman.

De vader heeft een geweer in de hand en kijkt naar buiten. De moeder heeft haar hoofd in een oven gelegd. De dochter hangt bovenaan zoals een aap. Vandaag wordt vergaderd beslist de vader. De onderwerpen zijn: de tuin en het seksleven van de dochter, Kaat. Door de dialogen beseffen we langzaamaan dat de vader en de moeder licht gestoord zijn. De vader stelt zich op als de beschermer van zijn dochter en laat niemand het huis in. Mannen voor zijn dochter dus. De moeder, uitgebeeld door de metafoor van haar hoofd in de oven, probeert de realiteit van het leven niet te zien. Er volgt een schijndialoog om toch een redelijk gesprek te hebben. Als toeschouwer begrijpen we niet waarom de twee ouders hun dochter niet willen begrijpen. Kaat heeft een sterke drang naar vrijheid, ze wil mannen kunnen ontmoeten. We begrijpen dat voor de vader, Kaats keuze in mannen, de dockers zoals hij zegt, niet in de smaak vallen. Hij is er bang van.

Wij als toeschouwer geloven dat we normaal zijn, voor zover normaliteit bestaat. We worden ook geconfronteerd met de behoefte van onze kinderen naar meer vrijheid, zeker wanneer ze tieners worden. We kijken naar deze familie en denken: man toch, laat haar een beetje vrijheid, dat is nodig om volwassen te worden.

De wending in het verhaal komt wanneer Kaat een foto van een meisje vindt op zolder. Het is Kaatje, de zus van de moeder. De ouders vertellen over het drama van Kaatje, die verdronken is in het kanaal. Ze praten over twee jongeren uit het dorp. Het verhaal is niet meer duidelijk, seksuele agressie of niet, we weten het niet. Wat Kaat beseft, is dat ze de naam Kaat draagt die in verband staat met Kaatje. Een manier om Kaatje verder te laten leven. Plotseling begrijpen we het gedrag van de ouders die het drama nooit hebben kunnen verwerken. Vanaf dit punt in het stuk wordt de schijn – van het evenwicht – kapot gemaakt.

De toeschouwer wordt meegenomen in het verhaal dat heel sterk gespeeld wordt door de acteurs van het toneelgezelschap “Voor Taal en Kunst”. Wat is normaliteit? Hoe kan ik het, voor mij abnormaal,  gedrag van sommige mensen verklaren? Wanneer de geheimen van een familie naar boven komen? Dat zijn de vragen die door ons hoofd spoken.

De uitgebreide familie

Juist dat wordt besproken in het tweede theaterstuk: “Kwamen zij nog eenmaal weer”.

De toeschouwer wordt  door het gebouw van de Grote Post geleidt. Op bepaalde plaatsen wordt een “scène” gespeeld. Een “act “ zoals in het klassieke theater. Hier is niets klassiek. Ineke Nijssen, de regisseuse,  en de acteurs uit meerdere Oostendse toneelgezelschappen hebben een theatervuurwerk voorbereid. Er wordt in een gang, in een kelder, in een klein auditorium of tussen twee glasramen gespeeld. Op elke tussenstop leren we meer over de persoon die gestorven is die vandaag zal worden begraven en over zijn entourage. Dit gaat dan over de familie, in dit geval de uitgebreide familie. Er wordt zwaar naar de gestorvene uitgehaald: gierig, egoïstisch. De familieleden worden gek, cynisch, onverschillig.



Er zijn scènes die veel emoties teweegbrengen. De vrouw die helemaal alleen schreeuwt van verdriet, de twee broers die bespreken wie werd uitgenodigd op de begrafenis en waarom, de koffietafel, de slotscène. Somber is het, behalve de scène met de tante en haar nicht. Ze dansen om te tonen dat ze heel goed overeenkomen.

Er ontbreekt een scène: de begrafenisceremonie. In het echte leven wordt de gestorvene alleen met zijn kwaliteiten beschreven. Geen kwaad woord  wordt er gesproken over hem of over de aanwezigen op de begrafenis. Behalve in “Wil” van Jeroen Olyslagers. Dus in de fictie.

De toeschouwer stelt zich vragen, zoals “is dat bij ons ook zo?”, “ wie komt er in onze familie wel echt goed met elkaar overeen?”, “is de gekozen familie, de vrienden, beter dan de echte?”

Het landjuweelfestival mag een doel zijn voor de mensen in de theaterwereld. Een erkenning van het werk, van het talent…. Voor ons als toeschouwer is het de mogelijkheid om een geloofwaardig theaterstuk te beleven. Gedurfd theater, veel emoties en veel om over na te denken achteraf.

Leve het Landjuweelfestival van 2018!

Tekst an Foto’s Eric Rottée

http://www.voortaalenkunst.be
https://www.opendoek.be/landjuweel/donderdag-2-november/kwamen-zij-nog-eenmaal-weer
https://www.opendoek.be/landjuweel/2018

Open atelier in Antwerpen: Diversiteit, intimiteit, spontaniteit.

«L’atelier est, dans la plupart des cas, plus nécessaire encore à l’artiste que la galerie et le musée. De toute évidence, il préexiste aux deux. Ils sont les deux jambages du même édifice et d’un même système. Toute mise en question du système de l’art passera donc inéluctablement par une remise en question de l’atelier comme un lieu unique où le travail se fait, tout comme du musée comme lieu unique où le travail se voit».
Daniel Buren

 

 

“Het zijn handgeschreven brieven die ik naar de mensen gestuurd heb. Ik heb ze leren kennen via sociale netwerken zoals Myspace. Enkelen heb ik al ontmoet, sommigen logeerden al eens bij mij.”

“Ik werk ook op bestelling.” Krijg jij veel opdrachten? “Jawel, van mensen die juwelen van hun ouders willen laten herstellen. Er is dan een emotionele link. Ook vragen ze transformaties  om iets nieuws te krijgen. Ik verzamel alle stenen uit Dubrovnic, Zweden, in mijn keuken”.

“Ik ben nog aan het leren. Handen schilderen is heel moeilijk. Voor mij zijn de ogen heel belangrijk. Haar en de rest van het gezicht mogen vager zijn maar ogen, die moeten glashelder zijn”


Achter de deuren van de anonieme huizen verstopt zich een wereld van creativiteit, van de hoop, van de droom. Van de Brederodstraat tot de Lange Beeldekenstraat. Een wandeling tussen een diversiteit van bevolking en gebouwen. Burgerlijke, kleinburgerlijke, arbeiderswoningen. Vlaams, Indisch, Oosters, zuidelijke landen: Antwerpen is een haven.

 

 

 

Binnen, buiten, chaos, orde, netjes. De open ateliers van vandaag zijn de woningen van de kunstenaars. Erna maakt installaties, multimedia, conceptuele kunst. De ruimte heeft een sfeer van Bohemen.

Nico maakt juwelen, zijn atelier is een ordelijke chaos, met precisie.

De tentoonstellingsruimte staat met haar perfecte, rechthoekige lijnen in contrast met zijn ontwerpen. Mélanie heeft in verband met haar kunst de twijfels van een tienermeisje. De schilderijen ademen jeugddromen met open, verbaasde ogen. Haar huis ligt in het midden van Borgerhout.

Kijken naar een kunstwerk, een paar seconden, een paar stappen, kijken naar een tweede kunstwerk, een paar stappen, kijken naar een xte kunstwerk. Museum? Galerij? Juist. Open Atelier, juist niet. Onmiddellijk ontstaat een spontane dialoog met de kunstenaar of kunstenares die leidt tot een diepzinnige dialoog over vriendschap, mentor, erfenis. Het atelier is waar het kunstwerk ontstaat, waar het creatief proces eindigt met de geboorte van de kunst.

Wij, bezoekers, zijn bevoorrechte voyeurs van de liefde voor de kunst en emotie.

Erna V. Franssens https://www.facebook.com/KasjaNoova-176031752480207/
Nico Delaide www.nicodelaide.be
Melanie Bivacco www.Art-Melanie-Bivacco.com

Eric Rottée, tekst en foto’s

 

WAK – Wie niet weg is – Theaterstuk van de Bromvlieg

Zaal Zirkus aan de Zirkstraat 36 te Antwerpen bereik je via een poort met daarachter een klein gezellig pleintje dat de toegang tot het theater onthult. De zachte lentetemperaturen zorgen voor een zuiders sfeertje. Jongelui hebben zich buiten op een stoel of op de grond genesteld en genieten van de warme avond.

Ook binnen in het kleine maar gezellige cafetaria wachten bezoekers op de aanvang van het spektakel. Even na 20 uur worden we uitgenodigd om plaats te nemen in de theaterzaal.

Het podium is verlicht. De personages zijn aanwezig. Een jongeman staat recht, beweegloos. De andere zes liggen twee per twee, in lepeltjeshouding, op de grond. Allen dragen ze wit ondergoed.

Eenmaal de bezoekers zich geïnstalleerd hebben, ontrolt zich een boeiend toneelstuk.

De regisseur licht toe

In juni vorig jaar werden de audities georganiseerd voor het toneelstuk dat in het kader van de ‘Week van de Amateurkunsten’ – uitgave 2017 – door Bromvlieg zou gebracht worden. Het hele theaterstuk moest een productie worden, uitsluitend gerealiseerd door studenten, inclusief het regiewerk.

Sofie werd verkozen tot regisseur van het stuk en kon zo de wereld van de regie verkennen. Die bracht veel verrassingen met zich mee. Het werd een ware uitdaging om met ideeën voor de proppen te komen, een decor te ontwerpen, gepaste overgangen in het toneelstuk te bedenken, …  Maar daar bleef het niet bij. Ook op menselijk vlak werd het een ware leerschool. Haar leiderschapscapaciteiten werden op de proef gesteld, dit in een gezelschap van voornamelijk studievrienden, wat eveneens haar sociale vaardigheden uitdaagde.

In oktober 2016 hadden de audities voor de acteurs plaats en een week later ging het project werkelijk van start.

Dit was het gegeven: “Zes personages bewandelen dezelfde straat, op de weg komen ze iemand tegen. De stad is hun terrein, een speelveld waar ze blikken gaan spotten en werelden vangen. Vanaf daar is is hun verhaal verschillend. Wie ze zijn, dat hangt van jou af. Zie jij wat ik zie? Een stuk dat speelt met de kracht van perspectief en het heilige geloof dat iedereen een verhaal te vertellen heeft.”

Het eindverhaal is van de hand van Sofie: Simon, één van de twee mannelijke acteurs, vertelt hoe hij zijn broertje is kwijtgeraakt. Iedere dag keert hij terug naar de plaats van het onheil waar hij de voorbijgangers observeert en zich de verhalen voorstelt die ze met zich meedragen. Dit is het verhaal dat alle andere stukjes verklaart. Het is aan de kijker om die stukjes samen te brengen en de symbolische rode draden in het verhaal te ontdekken. Zo is er bijvoorbeeld de link tussen het openbaar vervoer en de achtergrond van het decor die tijdens het toneelstuk penseeltrek na penseeltrek een tramlijn weergeeft.

Het is een reflectie van wat er in het verhaal gebeurt.  Een ander voorbeeld is de plunjezak die bij het begin van het toneelstuk de aandacht van de kijker trekt. De personages ontwaken, nemen een plunjezak en beginnen zich te kleden, terwijl één zak onaangeroerd blijft hangen. Deze refereert naar het verdwenen broertje dat toch nog aanwezig is. Zo geven ook de expressies van de acteurs die zich op bepaalde ogenblikken op de achtergrond bevinden, een aanvulling op ieder stukje verhaal. Het verhaal over dromen wordt ondersteund door drie meisjes die al slapend tegen elkander aanleunen.

Wie is wie?

Sofie Gebruers, de regisseur van het toneelstuk heeft erg veel voldoening gehaald uit deze ervaring. Het was een enorme verantwoordelijkheid en ze beseft ten volle dat wanneer het was misgelopen, zij als enige hiervoor verantwoordelijkheid zou dragen.  De andere kant van de medaille: als het wel goed verloopt is het hààr verwezenlijking.

Sofie beseft ook dat ze als regisseur nog een weg heeft af te leggen. Het was bijzonder moeilijk om bij de aanvang van iedere opvoering de dingen los te laten en alles over te laten aan de acteurs, in de hoop dat ze het goed zouden doen.

Met de opvoering van vanavond, de vierde in rij, komt dit theaterstuk ook aan zijn eind. Dit is voor Sofie geen negatief gegeven.  Het eenmalige karakter geeft immers de schoonheid van theater weer: het is een uniek moment dat in het hier en nu plaatsvindt. Er is nu ruimte voor een volgende uitdaging.

Aan toekomstperspectieven heeft Sofie zeker geen nood. Zo werd ze door het Antwerps theater gevraagd om bij hen een stage te lopen. Studentenradio is een andere optie. Ze wil nu veel verschillende zaken uitproberen om later gericht te kunnen evolueren naar wat haar voorkeur draagt: tekst-wedstrijden, podiumwerk, …, kortom, zichzelf challengen zoals ze dit het voorbije jaar deed. Haar huidige studies – Politieke wetenschappen / Journalistiek – liggen trouwens ook in de richting van ‘verhalen brengen’, ‘reportages maken’.

In haar huidige situatie beschouwt ze haar studies als het theoretische gedeelte en projecten zoals dit theaterstuk als de praktische kant. Waarom later niet die beiden laten samenvloeien?

Als laatste onderdeel van ons gesprek geeft Sofie nog een nabeschouwing over haar samenwerking met de acteurs. Het betrof een groep mensen uit verschillende richtingen die je in andere omstandigheden waarschijnlijk niet zou ontmoeten. Leiding geven aan een groep jongeren van dezelfde leeftijd duwt je in een welbepaald rolpatroon. Maar van zodra ze met hen buiten het theater in een andere setting kwam, was ze gewoon vriend onder de vrienden. Ook dit onderdeel maakte het voor Sofie een leerrijke en superleuke ervaring.

Marthe De Ruysscher is student Theater, Film en Letterkunde aan de Universiteit Antwerpen.

Gezien het niet makkelijk is om toegang te krijgen tot een officieel theatergezelschap nam ze in oktober vorig jaar voor het eerst deel aan de audities van Bromvlieg.

De motivatie om zich kandidaat acteur te stellen werd vooral gedreven door een behoefte om nieuwe mensen te ontmoeten en omwille van het voor haar reeds gekende plezier dat ze ervaart in het theaterspel en het leven achter de schermen. Er zit ook een praktisch kantje aan: in het kader van haar studies is een dergelijk project de ideale manier om de theorie uit haar opleiding in de praktijk toe te passen.

Interessant en leerrijk aan dit project was vooral de vrijheid die aan de acteurs werd gegeven. Naast de rode draad in het verhaal was iedere acteur vrij om zijn deel in te vullen. Dit betekent dat ze zelf haar tekst schreef.

In de toekomst wil Marthe graag verder evolueren in de wereld van theater, film of televisie. Haar oorspronkelijke droom was regisseur worden, maar nu heeft ze de smaak te pakken van het acteren!

Simon Rubbrecht nam voor het eerst deel aan de audities van Bromvlieg, en ook met succes. Hij had in het verleden in een koor gezongen voor een toneelstuk. Hij is ook actief in operastukken, musicals en zingt in een metalband. Theater leek hem een mooie aanvulling op die andere activiteiten.

Zijn drijfveer is de erkenning van het publiek, het gevoel de mensen iets te geven om mee naar huis te nemen.

In het verleden heeft hij een cursus zang gevolgd en daar geleerd zijn stem onder controle te houden. Veel oefenen en opzoekingen op het Internet helpen hem om zijn prestaties naar een hoger niveau te brengen.

Een professionele carrière op het podium ambieert hij niet echt. In de toekomst ziet hij zich verder evolueren in zang, maar dan op vrije-tijdsbasis. Wat hij nu beleeft is eenvoudigweg leuk, en dit wil hij graag zo houden.

Nabeschouwing

De verhalen, uitgewerkt en gebracht door de acteurs, zijn moeilijk in een overkoepelend geheel te stoppen.  Het zijn stuk voor stuk verhalen uit onze tijd: positief denken, relatie met de ouders, …

Het decor is ondersteunend door zijn minimalistisch opzet.

Het thema van mensen die wachten zonder een duidelijk doel refereert enigszins naar het stuk van Samuel Beckett: “Wachten op Godot”. Daar waar Beckett naar de absurditeit van onze samenleving verwijst, wordt hier het individu in de kijker gezet. Daar waar de woorden in het stuk van Beckett geen betekenis hebben, wordt hier een discours ontwikkeld met het doel een beeld op te bouwen, een beeld van onze samenleving waarmee we het al dan niet eens zijn. Als toeschouwer van een theaterstuk beleven we onze emoties elk op onze eigen manier, ook zo het aanvoelen van de nabijheid van de acteurs. Dit maakt dat deze kunst één van de mooiste en boeiendste kunstvormen is.

Tekst Magda Verberckmoes
Foto’s Eric Rottée

Trolls & Legends: Op zoek naar Harry P.

 

Een trol is een mythologische benaming die oorspronkelijk uit Noord-Europa, met name Noorwegen, komt. In de Noorse mythologie waren trollen jötun. Later ging het in de Scandinavische folklore om aparte reusachtige, lelijke en onvriendelijke bovennatuurlijke wezens die mensen konden opeten.

Een legende (afgeleid van het Latijn legenda, een gerundivum met de betekenis wat gelezen moet worden) is oorspronkelijk een alternatieve levensbeschrijving van een heilige met toegevoegde fictieve elementen. Ook waarin, aan de betreffende persoon, allerlei wonderen toegedicht worden

 

 

 

Fantasy is een apart genre binnen diverse media-, kunst– en cultuurvormen zoals films, televisie, literatuur, computerspellen, festivals, muziek, en dergelijke. Het is een genre dat zich kenmerkt door de aanwezigheid van onwerkelijke gebeurtenissen, verzonnen wezens en imaginaire werelden. Bovendien spelen magie en andere bovennatuurlijke elementen veelal een belangrijke rol in het genre. (Wikipedia)

 

Uit de auto gestapt en in een andere wereld gevallen, “humanoids” met kleding van een andere tijd lopen op de stoep. “Agakongi, ogi” schreeuwt een man gekleed als onze “ancestors”. Welkom in de wereld van trolls en legends. De kinderen wenen.

Een man loopt rond met een “chien ballon” en maakt een raar geluid. Een andere, op zijn “stelten, laat een zwarte vogel boven aan het plafond draaien. Beelden van buitengewone wezens hangen aan de muren. Mannen zonder bovenkledij tonen hun spieren. Een vrouw laat zich een uitgegroeid oor plaatsen. Men voelt zich in een andere wereld. Toch zijn we in Bergen op de Trolls en legends beurs festival. Hier stromen liefhebbers toe van alle leeftijden. Stands van allerlei objecten staan mooi in een rij, binnen en buiten. Rare drankjes, juwelen, spelletjes, schilderijen, Middeleeuws lijkende objecten, wapens, kledij, actiefiguren. Wat voor bazaar. De meest succesvolle stands zijn die van de boeken. Daar staan rijen mensen om een handtekening van de auteur van het boek te krijgen. Fantastische beelden gekend van beelden en tekeningen.

De bezoekers zijn soms verkleed, echt verkleed. Wat een verbeeldingskracht. Niemand is ongerust om belachelijk over te komen. En vaak zijn ze het toch. Iedereen heeft er begrip voor en glimlacht. Er speelt zich een klein theater af. Fotografen zijn gretig foto’s aan het maken en de bezoekers hebben dit zo graag. “Het boek” Is het meest indrukwekkend. Er worden verhalen verteld met de hulp van beelden. In een hoek binnen ons lichaam is er nog plaats voor het kind.

 

 

 

 

 

 

 

In de National Geographic Magazine van April 2017 gaat het over de Cyberman/woman, van onze toekomst. We komen in een andere wereld waar ons “vermogen” verhoogd wordt door biologische en elektronische ingrepen. Doorslaggevend voor de verhoging is niet de ingreep maar de culturele verrijking door de uitwisseling, de sociale media.

Is een beurs over Fantasy, Trolls en Legends deel van deze toekomst? Is dit Kunst?  Dromen de mensen die de beurs bezoeken? Hier wordt een wereld ontwikkeld, die de toekomst zou kunnen zijn, met vormen uit het verleden.

 

Trolls & Legends: http://www.trolls-et-legendes.be

Tekst en foto’s Eric Rottée

 

Fotoclub Pixa in Londerzeel: Inter acties

Een fotograaf is een jager, een voyeur, hij/zij fotografeert zichzelf door foto’s van anderen te maken. Ja, maar een fotograaf maakt mogelijks herinneringen van mooie momenten, ontdekt gemeenschappen en documenteert de belangrijke of minder belangrijke evenementen. Toch, en dit is een essentieel aspect, is er altijd een afstand tussen de fotograaf en wat hij/ze fotografeert.

Een lange rit door de bebouwde wijken van Londerzeel leidt tot de gemeenschapscentrum Gerard Walschap. Een bescheiden gebouw met hoge ramen. Binnen is Kristof  al bezig met het monteren van het decor. Een zwart doek van 3 meter hoog en twee flitsers worden gemonteerd op een raam. Kristof heeft dit gekocht om betere foto’s van zijn kinderen te kunnen maken.

Vanavond is er een fotoshoot-avond in de fotoclub Pixa Londerzeel. Het model, een vrouw, en de make up artist zijn al bezig. Een paar clubleden zijn aanwezig. Danny, één van de stichters, is er ook.  5 Jaar geleden heeft hij samen met Frank de club opgericht. Een beetje reclame in het begin en ze waren vertrokken. Nu met nieuwe leden  zoals Martine,  hier al voor de tweede keer, hebben ze het van mond tot mond reclame. Het DNA van de club is doen. Dus veel activiteiten, zoals de fotoshoot deze avond of verschillende uitstappen. “Inter acties”.

De toestellen “stapelen” zich op, de tafel ligt vol gerief. De eerste metingen gebeuren. Danny is het model. ISO 200, F8, 1/250 de magische cijfers die iedereen op zijn/haar toestel moet instellen. Manueel dus.

Het model is klaar en plaatst zich op de set. Martine en Frank doen de eerste pogingen. Frank spreekt met het model, 2 meter en dan 1 meter afstand. Het is het begin van een “ballet”.

Ieder clublid maakt op zijn beurt foto’s van het model en vraagt verschillende poses. Daarna kijkt hij/zij naar de foto’s en bespreekt die met de anderen. Die op hun beurt wachten. De meest ervaren geven raad. En opnieuw worden verdere pogingen gedaan, het model wisselt van outfit. Ze draagt nu een hoed en dit schijnt meer inspiratie te geven aan de fotografen . Een object waarmee kan worden gespeeld. Dat ook meer contrast brengt met het licht. “Inter acties”.

Blenda is sinds een jaar lid. Ze was op zoek naar een fotoclub om ervaring op te bouwen. Ze is tevreden want ze ontdekt nieuwe aspecten, ze is bezig met verschillende onderwerpen. Ze houdt van het landschap en dieren. Zo gaat het ook voor de andere leden: ervaring verzamelen, ideeën uitwisselen. Gilbert doet graag macro. Macro is niet gemakkelijk zegt hij. Hij gebruikt Lightroom, dit is heel krachtig, alles in één. Er worden een paar grapjes over de Canon of de Nikon gebruikers gemaakt. Een klassieker in de fotoclubs.

René praat met de make-up dame en plotseling ,wie weet waarom, door interactie, wordt ze een model. Dit keer met twee paraplu’s en twee mobiele flitsers, een eenvoudige installatie. Het object is niet de hoed maar een appel. De witte muur vervangt het zwarte doek.

Zijn ze tevreden met de foto’s? Frank in het begin niet zo, hij zoekt het bijzondere, een detail die de foto’s een stempel geeft. Gilbert moet de zijne thuis bekijken. Het is niet evident om die op het kleine scherm te bekijken.

 

De missie van een clubverantwoordelijke is vooral om activiteiten te organiseren, zegt Danny. Het moet aangenaam zijn. Bijvoorbeeld de fotoshoot, deze is in twee delen, de tweede is binnen twee weken, zodat niet te veel leden aanwezig zijn en dat iedereen gemakkelijk aan de beurt kan komen en genoeg tijd heeft om interactie met het model op te bouwen. Het programma van de clubvergadering is opgebouwd uit het DNA van de club. Dus acties, en wat Danny, Frank en de leden interessant vinden. In october is de tentoonstelling gepland, de tweede al, van de club.

Om af te sluiten worden snel foto’s gemaakt van de nieuwe leden. Een tekst moet nog over elk nieuw lid geschreven worden om de ledenfiches op de website te publiceren. Quotes zoals “Ik ben een echte fotografische opportunist” of “ toen mijn eerste dochter is geboren ben ik me meer gaan toeleggen op het fotograferen van mensen en dan vooral kinderen” of “ Die frisse eerste lentebloem, een kleurrijke zonsondergang, iets dat rust uitstraalt” en ten slotte nog “vergeet de tijd, verdwaal in beelden”. Inderdaad.

Pixa Club Londerzeel: http://pixa-londerzeel.weebly.com

Centrum voor Beeldexpressie: https://www.beeldexpressie.be
Tekst en foto’s Eric Rottée

WAK: Inspiratie Dag

making-of

“Logik bringt dich von A nach B.
Deine Phantasie bringt dich überall hin.”
Einstein

dscf4705-rew

dscf4687

Er wordt vaak over de reis gesproken. Vaak wordt gezegd dat de reis belangrijker is dan de bestemming. We zullen een reportage maken over the making of van “the making of”. Dus het meta-niveau. Te intellectueel?

De Vooruit werd gebouwd voor, onder andere, de geestelijke ontwikkeling van de arbeiders. Hier zitten wij. Het Forum voor Amateurkunsten organiseert hier een dag, een inspiratiedag. Een stap naar de Week van Amateurkunsten, de WAK. Het motto van dit jaar is “the Making of” of in het Nederlands “het maken van”. De directrice van het Forum Voor Amateurkunsten:  “the Making of“ is er om te tonen dat het proces om een kunstwerk te creëren  even belangrijk is als het kunstwerk zelf. De evenementen tijdens de week van de amateurkunsten moeten laten zien hoe het creatief proces werkt.

Er zijn organisaties die trouw zijn aan de WAK. Fameus, Zinnema, Poppunt, Danspunt…

Er zijn ook steden. Ook die zijn trouw aan de WAK. Het is een manier om verschillende initiatieven op één moment te tonen. Het kan ook een doel geven aan bepaalde projecten. Zoals bij een wedstrijd voor een atleet. Poppunt zal bijvoorbeeld het evenement van Lokale Helden door cultuurcentra laten organiseren, maar ook iedereen die zijn lokale scene een warm hart toedraagt kan deelnemen. Het lijkt op een feest van de muziek.

Elk jaar is er een ander onderwerp en dat betekent dat je als organisator een accent kunt leggen op bepaalde de initiatieven. Om je concrete ideeën te geven over hoe je kan deelnemen, werd de inspiratiedag in het leven geroepen.

In de namiddag zijn er vier workshops voorzien.

“Ik ben tevreden over de workshops, er zijn mooie ideeën.” “Maar ik ben een bestuurder, dus ik moet aan de praktische dingen denken”. Aan de praktische dingen heeft Isabelle gedacht.

dscf1009-rew

De deelnemers hebben 30 seconden om hun ideeën rond hun projecten te presenteren. “to the point”. Om de workshop af te sluiten verdeelt Isabelle een A3-blad met de matrix. De boodschap luidt: elke rechthoek in de matrix moet ingevuld worden. Één rechthoek is bijvoorbeeld de financiering.

Dus is het volgens Einstein de weg van A naar B.
Dat is ook essentieel.

dscf8644-rewdscf1004-rew

De andere rechthoeken gaan ook over hoe en wie er moet bij betrokken worden. Dit is het onderwerp van de twee andere sessies: Diversiteit door Ken (van Formaat.be) en Jongeren door Sara (van Zinnema). Twee moeilijke bevolkingsgroepen betrekken, die niet automatisch deel van de verenigingswereld zijn. Ken en Sarah leggen uit hoe ze dit in hun organisatie doen en de deelnemers spreken over hun eigen ervaring en starten een dialoog. Zinnema heeft veel ervaring en boekt veel succes bij het betrekken van jongeren met diverse origines.

Verrijking gebeurt door de dialoog tussen de deelnemers. Als dit het enige resultaat van de hele dag zou zijn, is het al een succes. Dus het is een succes want gedurende de koffiepauze op het einde van de dag zijn er veel groepen waar er hevig gediscussieerd wordt. Diversiteit is een onderwerp voor veel geanimeerde gesprekken, hoe betrek je migranten bijvoorbeeld bij sport en/of kunst. Uit de gesprekken blijkt dat je op families moet focussen en alle leden ervan betrekken bij de activiteiten.

rencontre

De vierde workshop, gegeven door Benedikte, ging over communicatie: de eerste stap om mensen te betrekken, en een essentieel deel om toeschouwers aan te trekken.

dscf1003-rew

Gegevens

Benedikte De Vos, voor Forum voor amateurkunsten

Ken Van Roose, voor Format.be

Sara van der Zande, voor Zinnema

Isabel van de Vyvere, voor Artevelde Hogeschool

WAK: www.wak.be

Eric Rottée tekst en foto’s

Clicklik: van Paleis tot Paleis

dscf8421-final

Version Française: https://kunstpoort.com/ned-fr-gezamenlijke-projecten/

Wij wandelen naar het gebouw met de zuilen. Het is donker. De deuren zijn gesloten. Twijfels overvallen ons. Het uur? De datum? De plaats? Nieuwsgierig stappen we naar de rechterkant van het gebouw. Een glasconstructie vol licht komt tevoorschijn. Links het café. In het midden de kassa. Er heerst een gezamenlijke opluchting. “Waar bevindt zich de zaal voor het theaterstuk? “ Vous déscendez les escaliers, vous prenez la porte à gauche, sortez dans la cour et c’est le premier bâtiment sur la gauche.” Wacht, in ander gebouw?  Ja, een gebouw voor hedendaagse kunst.

Bij de voorstelling in Brussel, waren wij in het Paleis voor Schone Kunsten. Ook daar moesten wij trappen naar beneden. Van Paleis tot Paleis.
Van Artdscf0588-final Deco naar Neo-modernisme.

Katia, buiten, herhaalt haar tekst. Ze rolt met haar ogen, ze mompelt. Ze heeft een lange monoloog, verbluffend. Het gaat over de relatie met haar dochter. Ze woont met haar alleen. De moeilijke weg van een alleenstaande moeder wordt beschreven in de monoloog. “Alles draait altijd rond haar.” zegt ze.

Toch heeft het publiek gelachen. Veel meer dan in Brussel.

LUDWIG
Ik dacht: Moet ik haar nu een kus geven?dscf8426-final
Ik wilde het niet gênanter maken dan het al was.
Ze stond zo en ik zo, en dan, ja, ik maakte tandcontact.
KRISTOF
Tandcontact?
LUDWIG
Maar zo wat te hard.
KRISTOF
Oei.

Er is veel veranderd zegt Renate juist voor Patrick, de regisseur, aankomt. Patrick komt een halfuur voor de voorstelling aan en zegt onmiddellijk tegen de acteurs “Jullie gaan van de andere kant van het podium vertrekken.” Hij wijst van de ene kant naar de andere.

dscf0533-final

De hele avond zitten wij aan de andere kant. In Brussel was het podium, met zijn donkere kant, een gesplitst levensverhaal. Vandaag zien wij alleen licht. Van boven naar beneden. Van beneden naar boven, zoals de verhalen. De acteurs zijn altijd in een soort onevenwicht, zoals in het echte leven.

dscf0577-final

Malika wil de zaal kopen, Josiane wil stoppen. Ze gelooft niet dat Malika de zaal kan beheren.

MALIKA

Ik kan mij inkopen, Josiane.
We hebben daar al over gehad.
Ik breng op.
Ik ben heel goed. Ik kan het.
Ik heb het van u geleerd.
….
Ge kunt hier in de buurt
nergens fatsoenlijk dansen.
Het is hier een perfecte plek
voor een dancing.
JOSIANE
Ge hebt geen geld Malika.
MALIKA
Waar moet ik dan naartoe?

 

 

 

Het is veranderd. De bewegingen van de acteurs zijn bescheidener. Het is de vierde voorstelling in Charleroi. “Arne Sierens, de auteur van het stuk, was hier zondag.” zegt Renate; “Hij vond het goed.“ zegt ze bescheiden. Na de vierde keer hebben de acteurs nog plankenkoorts. Jérôme is zenuwachtig voor de voorstelling. Hij loopt heen en weer door de ruimte. Hij zal een liefdesscene moeten simuleren met Malika. De acteurs verzamelen niet voor de voorstelling. Dat deden ze in Brussel. “je me serais ennuyé s’il n’y avait pas de changement” zegt Patrick.

dscf8445-final

 

dscf0569-final

In Charleroi eten de acteurs samen na de voorstelling. De volgende voorstelling is in Moeskroen. “U zal toch komen kijken?” vragen Renate en Katia. “Er zullen vrienden vanuit Vlaanderen komen.” Het is namelijk niet ver van West-Vlaanderen. Negen december. Nog twee en een halve maand. “Het is nog lang.” zucht Katia, al ongeduldig om opnieuw te spelen.

 

 

 

 

 

 

dscf8456-final

Moeskroen, 9 december, in het Centre Culturel de Mouscron.

Eric Rottée Tekst en Foto’s