Sint-Niklaas beFolkt: Folk in de stad

Het regent

Op zaterdag 27 april 2018 kon je er, niettegenstaande de ongunstige weersomstandigheden, niet omheen.  Sint-Niklaas was die dag het centrum van de Folkmuziek.

Het Feest van de Folk wordt jaarlijks georganiseerd door Muziekmozaïek vzw en beslaat een tijdspanne van een volledige week tijdens dewelke folkmuziek en aanverwante genres in de kijker geplaatst worden.  Dit jaar vond het startevenement plaats in Sint-Niklaas onder de naam Sint-Niklaas beFolkt.

Het startschot van het feest wordt gegeven voor de deur van ‘t Stamcaféken in de Nieuwstraat. Presentator van dienst, Begijn Le Bleu, kondigt met veel verve de twee sprekers aan. Luc Van Hende en Walter Evenepoel geven tekst en uitleg bij de betekenis van folk in en voor het Waasland.

Volksmuziek voor het grote publiek was de droom van Marc

Walter Evenepoel stond destijds, samen met Marc Van Reeth, mee aan de wieg van Muziekmozaïek en aan de basis van het Feest van de Folk. Marc was de bedenker, Walter nam de organisatie en praktische voorbereiding voor zijn rekening.

Het begon met de organisatie van een groot folk-festival in Gooik, een internationaal gebeuren, destijds –  na Dranouter – het grootste festival van Vlaanderen dat vorm kreeg door de samenwerking tussen Herman De Wit van ‘t Kliekse, Mark Van Reeth en Walter Evenepoel. Doelstelling was de volksmuziek dichter bij het grote publiek brengen.

Marc had een zeer ruime kennis van het muziekgenre en de muzikanten die tot ver over de landsgrenzen reikte. Hij bracht heel wat van die buitenlandse volksmuzikanten naar het Vlaamse festival.

In die periode werd Marc bestuurslid van Muziekmozaïek en in die hoedanigheid werkte hij een concept uit om de de volksmuziek binnen de stadsmuren te brengen. Zo ontstond het Feest van de Folk.

Voor het evenement in Sint-Niklaas, de zestiende uitgave,  werd samengewerkt met Dirk van der Speeten van ‘t Ey, de cultuurbeleidscoördinator van de stad en de schepen van cultuur. De selectie van de muzikanten gebeurde door Muziekmozaïek. Maar het evenement staat ook open voor muzikanten die zich die dag spontaan aanbieden.

Deze samenwerking resulteerde in het programma dat op 27 april aan de Sint-Niklazenaars en bezoekers werd aangeboden.

Folkmuziek in Vlaanderen

Luc Van Hende schetst de evolutie van de Folkmuziek in Vlaanderen.

In 1985 organiseerden Marc De Cock (doedelzakspeler) en Dirk Van der Speeten van het muziekcafé ‘t Ey in Belsele, een Speelmanstreffen. Dit was een collectief van kameraden die graag muziek maakten. De bijeenkomsten werden geformaliseerd door officieel 5 keer samen te komen in ‘t Stamcaféken in de Nieuwstraat. Daar werden jamsessies gehouden naar Ierse gewoonte maar dan met eigen instrumenten (accordeon, doedelzak, gitaar, ..) en in Vlaanderen. Luc speelde muziek, zonder notenkennis, doch evolueerde hij in het genre, zodanig dat hij lesgever werd.

Er ontstonden kleinere muzikantengroepen. Door de deelzaamheid die eigen was aan deze ensembles, kende de folkmuziek een belangrijke evolutie in Vlaanderen. Er worden nu jaarlijks zomerstages voor Traditionele Volksmuziek georganiseerd in Gooik waar ook internationale lesgevers hun kennis komen delen met een 400-tal deelnemers, van jong tot oud, van beginners tot gevorderden.

www.stagegooik.be

En dan vertrekt de stoet

De Kornemuze vertrekt onder leiding van Bart De Cock met het ganse gezelschap dat zich in de Nieuwstraat had verzameld, en verspreidt zich over verschillende locaties in de stad: straathoek, plein of plaats aangeboden door een sponsor van het gebeuren. Op het Apostelplein kan De grote Kornemuze al op heel wat belangstelling rekenen.  

Kiezen is verliezen

Onmogelijk om alle optredens bij te wonen. We laten ons leiden door regen, wind en zonnestralen.

De Pandoering heeft haar stek gevonden op de hoek van de Grote Markt en de Stationsstraat. Deze groep trekt vooral de aandacht van de toevallige voorbijgangers die naar het stadscentrum kwamen om in de winkelstraat te kuieren. Zij spelen Balkanjazz en brassbandmuziek. Het is een opzwepend genre dat je makkelijk aan het bewegen krijgt.

De groep streeft vooral naar buitenoptredens tussen de mensen door op te treden op straatfeesten en andere evenementen en festivals omdat de interactie die daardoor met het publiek ontstaat het belangrijkste gegeven is voor de groep.

www.depandoering.be

Verderop in de straat, aan de ingang van de gaanderij naar de Collegestraat, speelt een groepje muzikanten. Dit optreden is niet terug te vinden in het officiële programma. Sfeer ontbreekt hier echter niet. Voorbijgangers houden halt om te dansen. De regen wordt verlegen bij het aanschouwen van dit vrolijke spektakel.

In de ingang van Boekhandel ‘t Oneindige Verhaal heeft Uskant plaats gevat. De groep bestaat uit drie muzikanten en brengt volksmuziek van eigen bodem. De bezoekers van de boekhandel kijken aangenaam verrast naar het gebeuren.

Nog verder in de Stationsstraat is het vechten voor een plaatsje in het stijlvolle decor van ‘De Salons’. CSNY beFolkt brengt werk van Crosby, Stills, Nash & Young op een ‘folky’ manier.

Als slot van dit meer dan aangename folk feest, kiezen we voor Botswing dat jonge Ierse en Schotse folk brengt op de locatie van het Jeugdcentrum ‘Den Eglantier’. Je kan er niet onderuit: deze muzikanten genieten minstens evenveel als het publiek van hun muziek. Het klinkt aanstekelijk, dansers zijn op het appel en geven zich over aan het opzwepende ritme van de polka’s, jigs en reels. Voor ons het einde van een prachtige namiddag in Sint-Niklaas.
www.botswing.com

http://www.muziekmozaiek.be

Tekst Magda Verberckmoes
Foto’s Eric Rottée

 

 

Serenata Vocale: “Et les musiciens font comme ça, puis encore comm’ ça”

Hotel Frison

Aan de Zavel in Brussel loopt er een straat naar beneden. Aan de ene kant  staat een modern gebouw van een bekend telecom bedrijf. Aan de andere kant staan rijhuizen uit het begin van de 20ste eeuw. De huizen vertonen een mix van stijlen. Het geheel lijkt niet indrukwekkend. Op nummer 36 van de straat, boven de grote deur, zit een glasraam in jugendstil. Een paar treden op, naar binnen en dan gebeurt het. Rechts een ruimte, vroeger waarschijnlijk de eetzaal, dan een soort wintertuin en dan links het salon; boordevol licht, overal glas in jugendstil. Elk architecturaal element heeft iets speciaal, het is een genot voor de ogen. Met jugendstil is het zoals met het impressionisme: veel liefhebbers want men heeft de stijl leren begrijpen, dit in tegenstelling tot het deconstructivisme van bijvoorbeeld Frank Gehry. Daarom is de manier waarop Horta, de architect van Hotel Frison, het licht in het gebouw verwerkt heeft indrukwekkend en absoluut niet verouderd.

Hotel Frison is nu de hoofdzetel van de Hotel Frison Foundation. Gesticht door een Indische, Mevrouw Nupur Tron Chowdhry.

Het concert van Serenata Vocale, een a capella Koor, zal plaatsvinden in dit gebouw.

Serenata Vocale: organisch, zelfsturend

David Navarro Turres, de dirigent: “Het koor is in 2014 gestart, ik was er toen nog niet bij. Het was een kwartet. Dit kwartet heeft mij gevraagd lid te worden van het koor. “U zou ons iets kunnen leren” zeiden ze. Stap per stap zijn wij van 6 koorleden, naar 8 en eindelijk naar 12 gegaan. Na 2 of 3 jaar zijn we gestart met concerten. Het heeft even geduurd, omdat we een originele bezieling zochten, moesten we bepalen wat voor repertoire we wilden en wat voor stukken wij wilden zingen. Het was een belangrijke zoektocht.”

David over het koor: “de zangers en zangeressen zijn divers, een groep van zes nationaliteiten, ze hebben al jaren in andere koren gezongen. Het laat ons toe om een minder bekend repertoire uit te bouwen, dat niet vaak gezongen wordt door andere koren. Ons repertoire is meer gefocust. De toeschouwers moeten er genoegen aan beleven en wij ook, we willen nieuwe paden bewandelen.

David vergelijkt het koor met een coöperatie. Iedereen is solidair. Iedereen kan zijn gevoelens uiten over de keuze van de liedjes of over de manier van repeteren. Het is het tegenovergestelde van wat David geleerd heeft. In zijn opleiding leert men dat de dirigent dirigeert en dat de zangers moeten zwijgen. 

Het repertoire

David over het repertoire: “We zoeken componisten. In 2017 heb ik Nydsten ontdekt. Hij komt uit Finland. Ik ben verliefd geworden op zijn muziek. Het is muziek uit het Noorden. Het is fantastisch.

Hoe gaan we te werk? We willen concerten geven in 2019, we komen samen en vragen ons af wat voor stukken we willen zingen. Iedereen draagt bij aan dit proces.  

De repetitie

De laatste repetitie gaat door waar het concert zal plaatsvinden, in Hotel Frison.

“Het klinkt te luid“ zegt een van de zangeressen. Het plafond is hoog maar het is geen kerk. Dus de zangers moeten de sterkte van hun zang aanpassen.

“Jullie moeten het hoofd niet naar onder bewegen, want als je met het hoofd terug naar boven gaat dan wordt het geluid te sterk” zegt David

David: “Elke week bepaal ik wat we zullen repeteren. De repetitie is 50 tot 60% van het geheel. Het is het benadrukken van bepaalde punten. De mensen repeteren niet graag. Zoveel nee, zoveel correcties, er is zoveel techniek. “Jullie moeten dat doen en dat doen.” Als dirigent moet je alles uit de mensen halen. Je moet de mensen laten openbloeien. Soms moet je ja of nee zeggen. Het is niet gemakkelijk, het is zondagmiddag, het weer is mooi.”

Het concert

Eerst thee drinken, thee van het huis. Alle zangers zijn verzameld. David bepaalt de voorbereiding op het concert. De zangers moeten zich in zichzelf verdiepen, ademen, dan A zingen, dan AO zingen. Samen.

Het is tijd, als eerste komt de achterste rij dan de eerste, de dirigent komt als laatste. De toeschouwers zitten heel dicht tegen elkaar want het is een salon. Vijfenveertig minuutjes van een origineel repertoire, Nydsten, Lauridsen. Het klinkt mooi in dit decor. Er werd met diepe gevoelens naar geluisterd.

”In het begin was er veel stress” zegt Delphine na het concert met snelle handbewegingen. Dan bewegen haar handen trager, “daarna luister je naar de anderen, het wordt steeds beter”. “Sur le pont d’Avignon” klinkt op het einde van het concert voluit in deze ruimte.

David: “De repetitie is een manier om jezelf te bevestigen, een verantwoordelijkheid naar jezelf. Op het concert moet je de zangers vrij laten. Je bent vertrokken. Als het fout gezongen werd, tja dat is het leven zoals het is.”

Les chanteurs font comme ça
et puis encore comm’ ça

Volgende concert:
Serenata Vocale, Op de 19 mei in de Chapelle du Sacré-Coeur de Lindhoudt om 17uur.

Serenata Vocale op facebook https://www.facebook.com/serenata.vocale/
Hotel Frison Foundation : https://foundation-frison-horta.be

Tekst en Foto’s Eric Rottée

Greenwich: Tic-tac, Tic-Tac, Tic-Tac

 

Een technische repetitie

“Het is juist”. “Ja, maar het is niet gemakkelijk, een halve centimeter en het is totaal anders”. De toneelmeester probeert de metronoom met die van de opname te synchroniseren. Deze avond heeft een technische repetitie van het toneelstuk Greenwich plaats. Morgen is de generale en overmorgen de première. Juist op tijd om alle technische kanten van de voorstelling op elkaar  af te stemmen. Tic-tac, tic-tac. “Licht, geluid en overgangen van acteurs, moeten op elkaar afgestemd worden” zegt Bart de regisseur.

Kristine: “ik moet door de deur met de rolstoel en het is nipt”. De overgangen, zoals de veranderingen van scène of de bewegingen van de acteurs, moeten geoefend worden.

Kristine rijdt naar de voorkant van het podium. “Waar zijn de toeschouwers?” vraagt Kristine. “Ik zal heel dichtbij komen”, “ik moet boven hun hoofd kijken”.

De familie van de glorieuze jaren ‘30

Tot op het einde van de jaren ‘70 dachten we dat de vooruitgang en de economische groei geluk zou brengen aan de mensheid. De koelkast, de stofzuiger, een moderne badkamer, een auto om op vakantie te gaan, deze elementen gaven die indruk.

Doch kwamen de eerste tekenen van een sluipende crisis in de staalindustrie en de mijnen. De families van de werknemers werden als eersten getroffen. Walter van den Broeck, de schrijver van het toneelstuk Greenwich, groeide in deze omgeving op. Hij situeert deze tragikomedie in die tijd.

Bart, de regisseur: “ Samen met Marc hebben wij een aantal toneelstukken van Walter van den Broeck gelezen. We hebben een stuk gekozen met spanning en humor dat het dichtst bij Stille Hoop lag, ons theatergezelschap.” Marc: “We hebben Walter ook gekozen vanwege de taal, dicht bij het volk, down to earth.”

De sociologische transgressie

Elisa, de moeder is afkomstig uit de gegoede burgerij, haar man, de vader, komt uit het arbeidersmilieu. Hun eerste kind heeft een psychische aandoening. De tweede dochter is sociaal geïsoleerd maar ondersteunt de hele familie in het dagelijkse leven. De moeder is verlamd, de vader werkloos. Dit is een zwaar plot.

Om het toneelstuk te laten evolueren introduceert Walter van den Broeck een extra-personage: Saturnino. Hij is een mysterieus figuur die een analyse maakt van de personages en die de toeschouwer toelaat om de geheimen van het gezin te ontwarren .

Een liefdesverhaal

Bart:”De klok (van de oudste dochter) mist haar wijzers. Die van de moeder loopt juist. Die van de vader loopt achter, die van de (jongste) dochter loopt voor.”

De pater familias is in feite niet betrouwbaar. Hij verwacht van zijn jongste dochter dat ze een ei perfect kookt. Hij kan niet communiceren met zijn oudste dochter. Hij zoekt werk maar verlaat het heel snel of wordt ontslagen. Hij zoekt tevergeefs naar een optimalisatie van het productieproces van zijn vorige job. Hij vertelt verkeerde verhalen aan de familie. Toch gelooft de moeder elke keer opnieuw wat hij vertelt. En de dochter ook. Ze willen erin geloven. De arrogante houding van de vader is slechts een dekmantel voor zijn onzekerheid. Het is Saturnino die, tijdens een hele emotionele scène, de beide ouders dwingt om tegen elkaar te zeggen dat ze van elkaar houden.

Een gezelschap, een familie

Bart: “Wij zijn een gezelschap waarvan de leden al 31 jaar samen spelen. De Stille Hoop. Vorig jaar hebben wij Marius gespeeld, met live muziek. Wij kennen de kwaliteiten van de verschillende acteurs en wij proberen hun kwaliteit zo goed mogelijk naar voren te brengen en ik denk dat u dat zal zien. Iedereen kan alles spelen. Maar er zijn dingen die toch beter zijn bij die of die persoon. Als je de luxe hebt om dat te gebruiken, dan moet je dat doen. Wij doen dat voor het publiek, dan moet je het zo goed mogelijk doen.”

Een familie kies je niet. Die groeit organisch. Walter van den Broeck beschrijft een familie met haar moeilijkheden. De rollen zijn gedefinieerd in het begin. Ze evolueren doorheen de tijd door interne en externe invloeden. De jongste dochter droomt bijvoorbeeld van weg te gaan en haar autonomie te veroveren. Op het einde van het stuk keert de familie terug naar de wijk waar ze begonnen is. Wij vermoeden dat de ouders deze wijk verlaten hebben vanwege de druk van de omgeving. De terugkeer naar Greenwich op het einde van het toneelstuk is een overwinning van de liefde op het lijden en op de omgeving.

Op de terugweg

Een deel van het publiek behoort tot de naaste omgeving van de leden van het toneelgezelschap. Mensen die elkaar sinds jaren niet meer gezien hebben, ontmoeten elkaar opnieuw. De sfeer tussen deze mensen is teder. Het verleden komt naar boven en wordt op weg naar huis verteld en besproken. Wat er gebeurde met de families, kinderen, wie met wie is getrouwd en de drama’s. Deze onderwerpen vinden wij, met de nodige spanning, terug in het toneelstuk.

Stille Hoop: https://m.facebook.com/destillehoop/?tsid=0.601780209339322&source=result

Tekst & Foto’s Eric Rottée

 

 

 

Katleen Vinck: Van buiten naar binnen

Op initiatief van KUNSTWERKT heeft op 12 januari 2019 een bezoek plaats aan de studio van kunstenares Katleen VinckHet initiatief is een succes. Voor de poort van het gebouw aan de Duinstraat 124, een voormalig onderstation van de Antwerpse Elektriciteitsmaatschappij, gebouwd in 1910 in hartje Antwerpen, staat een twintigtal nieuwsgierigen te wachten in de ochtend-kilte.

Het bezoek start met een presentatie van Katleen. Er worden gauw nog enkele stoelen bijgeschoven in de warme bureauruimte die met de aanwezigen aan haar maximale capaciteit zit. Het wordt een aangenaam gesprek, gedocumenteerd met foto’s van kunstwerken, exposities, samenwerkingen met andere kunstenaars, …

Dan breekt het moment aan waarop we de studio kunnen verkennen.

Het atelier: drie ruimtes, een iso-statisch geheel

Het voorste gedeelte van het gebouw dat nog de sporen van een vroegere industriële activiteit draagt, is een enorme ruimte waarin exposities zouden kunnen plaatsvinden.

Eigen werk van monumentale omvang wordt hier wel eens tentoongesteld, meestal in combinatie met een tentoonstelling op een andere plek. Ze wordt nu ook gebruikt voor studentenprojecten. Er staan enkele kunstwerken uitgestald.

De ruimte achteraan het gebouw is de echte werkplek van Katleen.  Eveneens een immense ruimte die er op het eerste gezicht uitziet als een schrijnwerkerij. Bij nader toezien komt tot leven wat we tijdens de voordracht hebben vernomen over toegepaste technieken en gebruikte materialen.

Het denkwerk gebeurt in het bureau, een meer intieme plek verborgen in het gebouw, met uitzicht op een tuintje. Hier gebeurt het zoekwerk en komen de ideeën tot stand.

Van Architectuur naar Kunst

Katleen volgde architectuur, maar werd beeldend kunstenaar.  Op het eerste gezicht een ietwat bizarre evolutie. Niets is minder waar: in haar werk is architectuur een drijfveer waarvan ze de kenmerken verbindt met die van sculptuur en scenografie.

Een kunstenares geboeid door kunst in het algemeen, maar ook door scenografie, de verbeelding in zijn meest essentiële vorm en natuur versus architectuur met de relatie tussen beide. Natuurlijke fenomenen zoals kraters, grotten, heuvels, … vormen de input die ze benadert als overgangsfase tussen natuur en architectuur. Ze worden verder vertaald naar een schaalmodel dat de ideeën bundelt.

Buiten naar inspiratie zoeken

Katleen gaat voortdurend op zoek naar inspiratie in de natuur. Die zoektocht kan diverse vormen aannemen: het bezoeken en onderzoeken van een waarachtig landschap of natuurfenomeen maar ook het uitpluizen van landschappen op Google Earth. Wanneer een bijzondere vorm of model wordt waargenomen gaat ze deze vertalen naar een object dat in vele gevallen een driedimensionale vertaling op schaalmodel krijgt.

Materialen

Katleen manipuleert geen materialen zoals bv. klei, maar vertrekt van onderdelen om zo naar de opbouw van een nieuw geheel te evolueren.  Hiervoor gebruikt ze voornamelijk hout en schuim. Ze gaat voortdurend op zoek naar materialen die zo nauw mogelijk aanleunen bij natuurlijke, onschadelijke producten.

Samenwerking, radicale dans

Naast haar individuele creaties werkt Katleen ook opdrachten uit. Soms wat moeilijk omwille van het niet overeenstemmen qua visie tussen kunstenaar en opdrachtgever, soms ook heel verrijkend door de kruisbestuiving die eruit voortvloeit.

Valt te citeren haar samenwerking met choreograaf Marc Vanrunxt, die startte in 2013 en een eerste concreet resultaat opleverde met ‘Dune Street Project’ een uitvoering die plaatsvond in de studio van de kunstenares. Het vervolg kwam er in 2014 met de voorstelling ‘L’Art touche au Ciel et à La Terre’, een stuk dat in de branding/golfslag van de zee werd opgevoerd en waarbij een niet min aantal praktische hinderpalen moest overwonnen worden.

Opdrachten, wedstrijden, eigen initiatief

Naast haar creaties op eigen initiatief, werkt Katleen ook opdrachten uit en heeft ze een enkele keer deelgenomen aan een wedstrijd, die ze ook gewonnen had. Dit schrijft ze toe aan het feit dat de vraag volledig bij haar werk paste. Gezien ze kunst en werk geen goede noch interessante combinatie vindt, neemt ze principieel niet deel aan wedstrijden. Opdrachten daarentegen liggen haar meer, op voorwaarde dat er ruimte genoeg is voor persoonlijke inbreng.

Voor promotie en verkoop van haar creaties, werkt Katleen samen met Base-Alpha Gallery.

 

Een paar links:

Tekst Magda Verberckmoes

Foto’s Eric Rottée

 

Dansvitrine bij Danspunt: boodschap van algemene nut

Algemeen nut

“Lief publiek, we hebben een boodschap van algemeen nut. Jullie mogen jullie oortjes opzetten, maar alsjeblieft niet fotograferen…”

Gedurende de avond zal de presentator deze zinnen meermaals uitspreken. Het is midden december, op dit moment is een Boodschap van algemeen nut zeker welkom in België. Een vergeten concept.

Nadat wij deze woorden drie of vier keer gehoord hebben, komt langzaam het besef dat de Dansvitrine de boodschap van algemeen nut in feite zelf vertegenwoordigt.

De Dansvitrine

We zitten heel comfortabel in een moderne “theaterzaal”, die van STUK in Leuven. Het is de derde editie, er zijn nog twee edities gepland in 2019.

Kijk naar onze “making of” reportage: De grote Belgische Dansvitrine- STUK Leuven  voor meer info over Dansvitrine.

Voor deze blog gebruiken wij een interview met Christine Soenens en Eric Steyaert als rode draad. Het interview gebeurde tussen de twee voorstellingen in op zaterdag 15 december 2018.

Zoeken en leren

Christine en Eric: “Onze dans gaat over zoeken. Zoeken naar de andere, wie ben jij, wat beteken jij, hoe ver of hoe dicht zit jij bij mij? In essentie twee personages, een man en een vrouw, die elkaar screenen, die een röntgenfoto nemen van de andere, die elkaars innerlijke persoon willen kennen. Een zoektocht, wat betekent de andere, wat zou hij of zij kunnen betekenen voor mij of de andere?”

Hazel Lam schijnt ook haar weg te zoeken. Met het getouw in elkaar verweven probeert ze zichzelf te bevrijden. Ze klimt naar boven, ze trekt en duwt het getouw.

Karolien Heyndrickx: “Dansen is voor mij reizen, doorheen mijn eigen lichaam, soms met anderen, soms alleen met mezelf. Het is een kans om op te merken wat mijn lichaam en geest beweegt, letterlijk en figuurlijk en dat in zijn meest pure vorm te beluisteren en te laten zien.” (extract uit de Dansvitrine website).

Hardwerken en de coach

Christine en Eric namen in augustus deel aan de Out of the Toolbox workshops, georganiseerd door Danspunt. Zie https://kunstpoort.com/2018/09/23/danspunt-out-of-the-toolbox-pina-zie-jij-hoe-de-mensen-zo-ver-kunnen-gaan/

Melanie Lomoff organiseerde elke late namiddag een “Free Studio”. Christine en Eric hebben hun project aan haar voorgesteld.

“Melanie was heel belangrijk voor ons. Ze gaf een impuls. Ze heeft ons gestimuleerd om als stel verder te werken, in het bijzonder de scène met de toenadering van de hoofden. Het was een cadeau, in het kader van de Dansvitrine, om een coach als Lisi Esteras te krijgen. De coach heeft een overzicht. In het algemeen neigen we naar een minimalistische benadering en de coaches reageerden sceptisch. Ze merkten op dat wij toch met een publiek werken in een theater. Het idee van de dans is langzaam gegroeid, organisch. We hebben heel lang gewerkt om een 10-15 minuten durende voorstelling te kunnen opzetten”.

In de videoreportage zegt Maxime Membrive dat de dansers de hele voormiddag op twee bewegingen hebben geoefend. Het is hard werken.

De voorstelling

Een solo met een muzikant, een solo met knikkers, een solo met houtblokken, een duo met twee stoelen, een zevental dansers met GSM, een achttal met een paardenstaart, een elftal met een kostuum metamorfose, een volledig ingepakt lichaam… wat voor een Dansvitrine, dit is een wonderlijke “vitrine de Luxe”.

Strakke bewegingen in een web van een plastic touw, repetitieve stappen, twee hoofden die heel traag naar elkaar “toenaderen”, gestileerd typen op een toetsenbord, dansers zitten in en dansen met het publiek, een vallen en opstaan in een zwart kleed, een gezicht dat de hele tijd bedekt wordt door “bruisend” haar, de Laban taal in haar diversiteit… veroorzaken veel verschillende emoties.

De kijker voelt een maatschappelijk engagement in de verhalen, een kritisch inzicht. Hoe kan men overleven? Hoe kan men tegen de dodelijke routine vechten? Zijn wij simpele knikkers waarmee wordt gespeeld?

Het eten

Er zijn twee voorstellingen op de dag van de Dansvitrine. Intussen wordt een maaltijd voor de dansers geserveerd. Ze zitten allen samen aan een lange tafel. Ze wisselen zeker hun belevenissen uit. Na zo’n ontdekkingstocht herhalen ook wij dezelfde zin in ons hoofd: “algemeen nut, algemeen nut, algemeen nut, algemeen nut.” In het belang van het.

Er zijn twee evenementen van Dansvitrine gepland in 2019: op 11 mei in Gent, op 7 december in Genk.

Enkele links:

http://dansvitrine.be
https://evamarch.com
http://hazel-lam.com
https://www.danspunt.be

Tekst en foto’s Eric Rottée

Nine visions of Brussels: Bruxelles ma belle! Bruxelles attends-moi j’arrive

Een zee van mensen in Jazzcafé l’Archiduc. Aan de rechter kant is er een jazz band een concert aan het voorbereiden.Toen ik naar België kwam, raadden de lokale mensen me de bar l’Archiduc aan. Het was er aangenaam vertoeven. Toch was ik verwonderd hoe de wijk naast de Beurs er zo verschrikkelijk kon uitzien. De gebouwen waren aan het verkommeren.

Vandaag, 30 jaar later, is het één van de meest florerende wijken van Brussel.

Daar zal ook het toekomstige administratieve gebouw van de stad Brussel gevestigd worden.

Politieke wil

Yolaine Oladimeji, medewerkster van de stad Brussel en verantwoordelijk voor Streetart: “In 2013 werd een project in het kabinet van de Schepen van Cultuur, Karine Lalieux, opgezet. Het project kende een langzame start. In 2017 raakte het in een stroomversnelling. In 2018 hebben we meer dan 20 projecten ondersteund. Het doel was en is nog steeds een openluchtmuseum op te richten om Streetart en de hedendaagse kunst toegankelijker te maken voor de bevolking. De kunstenaars zullen er ook de mogelijkheid krijgen om vrij en toch wettelijk Streetart te tonen, een kunstvorm die heel populair is”.

“Nu krijgen we organisaties zoals het Justitiepaleis of zelfs privé-ondernemingen over de vloer. Ze vragen onze hulp om een deel van hun gebouwen te beschilderen.”

“Nine visions is één van de vier projecten waarvoor dit jaar een projectoproep werd gelanceerd door de stad Brussel.” Het is de uitvoering van 9 kunstwerken op een van de vier omheiningen rond de bouwplaats van het toekomstige administratieve centrum van de Stad Brussel.

Brussel in beweging: Nine visions

Yolaine: “Het is de eerste keer dat wij een onderwerp opleggen. Brussel beweegt en verandert enorm. Het toekomstige administratiegebouw zal dat uitstralen en op die wijze kwam het onderwerp tot stand.”

Elke kunstenaar/kunstenares heeft zijn/ haar visie.

Patrick Croes (Aka Jelly Fish): “Ik wilde een meerwaarde aan de stad geven door haar diversiteit in de verf te zetten. De personages op mijn schilderij zijn de mensen die men in Brussel ontmoet.”

Ted Nomad: “Ik wilde de jeugd naar de voorgrond brengen, want zij is de toekomst!”

Marion Demeulenaere: “Twee maanden geleden begon ik illustraties over Brussel te maken. Toen ik over het project hoorde dacht ik: super, ik kan mijn tekeningen in de praktijk brengen.”

Yolaine: “ We hebben ongeveer 80 dossiers ontvangen. Met het selectieteam hebben we geprobeerd negen visies te onderscheiden die ook verschillen in techniek en vorm. Sommigen zijn meer illustratief, anderen eerder figuratief, maar ook de abstracte benaderingen zijn vertegenwoordigd. Allen gefocust op de vraag: wat betekent Brussel?”

Kunstenaars en voorbijgangers communiceren

Die zaterdagnamiddag regent het in de Kiekenmarktstraat. De kunstenaars hebben gans het weekend de tijd om hun werk te realiseren.

“Morgen kom ik om zeven uur” Ze stond op de wachtlijst. Op vrijdag werd ze verwittigd dat ze geselecteerd was. “Snel het materiaal kopen en nu ben ik hier” zegt Lucile van Laecken.

Voetgangers stoppen en kijken nieuwsgierig naar “the making of”. Er heerst een goede sfeer bij de kunstenaars die welwillend hun werk toelichten.  

De volgende donderdag om 17 uur regent het nog altijd. Lampen hangen boven de houten panelen. Niet iedereen stopt om te kijken, op deze werkdag zijn het vooral toeristen die belangstelling hebben, die hebben meer tijd. Het is leuk langs de kunstmuur te flaneren en hier en daar halt te houden. De kunstwerken zijn zo verschillend dat er altijd een verrassing wacht.

Yolaine: “Ik ben heel tevreden met het resultaat. Het was bijzonder leuk om de kunstenaars te ontmoeten. De diversiteit van de deelnemers is duidelijk te merken, maar één ding hebben ze zeker gemeen: hun liefde voor Brussel. Soms hebben wij – Brusselaars – de tendens om de stad te bekritiseren. De positieve kijk op de stad van de kunstenaars, waaronder enkele buitenlanders, heeft me echt deugd gedaan.”

“Je vais continuer si on me donne l’opportunité” zegt Marion

Over het toekomstige gebouw

Daarnaast wil de Stad Brussel ook animatie voorzien op de gevels van de gelijkvloerse verdieping buiten de openingstijden van het Administratief centrum (verlichting, tentoonstelling, informatie,…).” (Tekst, gepubliceerd op de website van de Stad Brussel).

Wat na het project?

“Ik doe projecten een beetje overal in Europa.” “Ik zal mijn werk op tolerantie richten.” Ik doe geen kunstwerk meer zonder toestemming of opdracht.”

Het vervolg

Yolaine:” We hebben veel kunstenaars ontdekt, we bewaren ze in onze databank en misschien zullen we hen voor andere projecten contacteren.” “Wat wij missen zijn Vlaamse kunstenaars, dus dit geldt als een oproep naar hen toe!”

https://parcoursstreetart.brussels/

Ted Nomad: http://tednomad.com/

FIMO: http://fimow.com/, https://www.instagram.com/fimow/

Patrick croes (aka Jelly Fish): https://www.patrickcroes.com/  https://www.facebook.com/croespatrick/

Marion Demeulenaere: https://www.facebook.com/ateliertonpiquant/

Lucile Van Laecken: http://lucilevanlaecken.com/

Berrekki: https://berrekki.com/about-him/

Pierre Bolide: http://www.pierrebolide.fr/

Lolo fonico: https://www.facebook.com/lolo.fonico

Dake 25: https://www.dake25.com/

Tekst & Foto’s Eric Rottée

Flanders Boys Choir: een requiem voor een goed doel

Een goed doel

Op het scherm verschijnt een ‘mille feuilles’ van betonnen blokken. Dit is alles wat van de Muziekacademie in Mosul overblijft. Wanneer de film stopt wordt onze aandacht getrokken naar Iraakse muzikanten op het podium. Rudi Vranckx heeft, als gevolg van zijn engagement om de akademie te helpen,  vijf muzikanten uit Mosul uitgenodigd voor een tournee door Vlaanderen, “DImagine tour. Die avond in mei kregen we inzicht in de levensomstandigheden onder de heerschappij van IS.

Vanavond  vindt in Diest een concert plaats met een optreden van het Flanders Boys choir.  De opbrengst zal besteed worden aan een nieuw op te richten dagcentrum voor volwassenen met een beperking.

Een muziekacademie en een dagcentrum: nogmaals het bewijs dat de muziek een universeel medium is.

Diest op 21 oktober 2018

Op de dorpsplein staat een grote kerk, ietwat bizar opgetrokken met twee verschillende materialen. Rondom het plein zijn er diverse restaurants die hun aantrekkelijke gerechten aanprijzen zoals noedels met truffel. Toch vloeit de mensenstroom richting kerk, de plaats van het volledig uitverkocht concert.

De dirigent stemt het orgel. Wanneer hij opmerkt dat hij een beetje laat is, rent hij naar een ander gebouw, “het gebouw van de nonnen”. In een grote ruimte is het 50-koppige koor zich aan het voorbereiden. De dirigent moet snel zijn kostuum aantrekken, de jongens zijn al klaar. Ze spelen met hun telefoon en tegelijk discussiëren ze met elkaar. Er is veel geroezemoes. Voor Vic, één van de knapen, is het zijn eerst concert. Hij ondervindt een beetje stress.  “Het zal goed gaan denk ik. Met het orkest denk ik wel dat het ook goed zal gaan. Hier en daar moesten wij iets aanpassen, dat is normaal.”

Een requiem, niet door Mozart afgewerkt

De dirigent aan het woord: “Vanavond horen we het Requiem van Mozart, een werk dat het koor nog nooit gezongen heeft. Het koor bestaat al 80 jaar en heeft in die tijd nog nooit iets van Mozart gezongen. De laatste fase  in de herdenking  van de eerste wereldoorlog…. 11 november komt eraan. Met dit idee wilden wij een requiem brengen, een ode aan de overledenen.”

Dit requiem werd niet door Mozart afgewerkt. Het is een van zijn leerlingen, Franz-Xavier Süssmayr die het op aanvraag van Constanze, de weduwe van Mozart, heeft afgewerkt, vooral de instrumentatie.

Stemmen

Olav Grondelaers, presentator en radioprogrammamaker bij Klara, introduceert het concert. Hij geeft een kort overzicht van het leven van Mozart terwijl hij inzoomt op de totstandkoming van het Requiem. Het zitcomfort in de kerk is niet van hoge kwaliteit en hij waarschuwt de aanwezigen voor de onbarmhartigheid van de kerkstoelen.

En dan, en dan, het schip van de kerk wordt overspoeld met noten en stemmen. We kunnen de diverse stemtypes onderscheiden. Op het moment waarop de sopraan begint te zingen voel je de aandacht, een moment dat menigeen kippenvel bezorgt. We begrijpen de songtekst niet, dit is niet essentieel, het is wel een ode aan God, voor een concert in een kerk past dit uitstekend. De stemmen van de jongens klinken helder .

Een koor, een orkest

Dieter Van Handenhoven: “Het koor repeteert eigenlijk altijd zonder orkest. Als wij een werk willen brengen zoals een waarbij een orkest-begeleiding voorzien is, dan moeten we op zoek gaan naar een orkest dat dit kan spelen. Voor deze gelegenheid hebben we een ensemble uit Antwerpen aangesproken. De eerste twee repetities (nvdr: met orkest) vonden plaats zonder het koor. Op de laatste repetitie, ditmaal samen met het koor, wordt het nieuwe werk in een tijdspanne van drie uur volledig gecompileerd. 

Het is inderdaad moeilijker (nvdr: het orkest en het koor te besturen), het moet goed voorbereid worden, de repetitietijd is beperkt. Ik moet goed plannen en heel goed weten hoe de twee, orkest en koor, op elkaar kunnen inspelen om een goede basis te leggen.”

Imagine

Wanneer Rudi Vranckx in de buurt van de muziekacademie in Mosul aankwam, hoorde hij twee muzikanten “Imagine” van John Lennon zingen en spelen.

De beelden van Mosul en onze verbeelding van de eerste uitvoering van het Requiem rond 1792 botsen met elkaar.

Dieter Van Handenhoven: “Het werk is destijds gecomponeerd voor en uitgevoerd door jongens. Het koor dat voor het eerst het Requiem gezongen heeft was een jongenskoor. Het Requiem werd oorspronkelijk geschreven voor een jongenskoor, en niet voor een koor met vrouwenstemmen.”

 

 

Bouwen

De muziekacademie in Mosul zal heropgebouwd worden op initiatief van de organisatie “Revive the spirit of Mosul”, met ondersteuning van Unesco.  Initiatieven zoals dat van Rudi Vranckx zijn concreet en brengen heling op korte termijn.

De vzw “Martine Van Camp” is een organisatie die een regionaal antwoord wil geven op de nood aan opvang en begeleiding van meerderjarige personen met een mentale handicap. Deze vzw krijgt ondersteuning van de overheid en onderneemt zelf initiatieven om mensen samen te brengen en geld in te zamelen om haar project te verwezenlijken. De muzikale beleving van deze avond in Diest is er een mooi voorbeeld van.

 

Martine Van Camp www.martinevancamp.be

Flanders Boys Choir http://flandersboyschoir.org/index.php/en/

Een paar video’s

De Imagine Tour https://communicatie.canvas.be/imagine-tour-muzikanten-uit-mosul-met-rudi-vranckx-op-tournee-in-vlaanderen

 

Tekst en foto’s Eric Rottée