PLAYGROUNDS expo, een broedplaats voor creativiteit

Tekst en foto Kathleen Ramboer

Er zijn zo van die gesprekken die je pakken energie bezorgen en je prikkelen om instant alles neer te pennen. Mijn gedachtewisseling met curator van Playgrounds, Sam Timmerman en co-curator Janne Gistelinck, was er zo eentje. Het kriebelde om onmiddellijk aan de slag te gaan.
Playgrounds, een expo met tekenkunst als rode draad, in 2025 in het leven geroepen door Sam Timmerman, kent nu zijn vierde editie. Beide curatoren zijn bezige bijen: Sam is kunstenaar/tekenaar en Janne is textielkunstenares, ook bedrijvig in organisaties als Not Your Muse en House Of Bones Art Collective. Persoonlijkheden die je een boost bezorgen.

Wat oorspronkelijk kleinschalig begon is nu uitgegroeid tot een expo met 114 kunstenaars en evenveel werken. De technieken zijn enorm divers en stilletjes aan kijken Sam en Janne verder dan de tekenkunst. Ze spelen met de grenzen tussen tekenkunst en andere disciplines zoals film, sculpturen, collages, strips… Ook met textiel kan je tekenen en schilderen, dat bewijst de huidige biënnale van de Schilderkunst. De werken hangen vrolijk te wezen, vertonen een heerlijke levenslust, zijn soms humoristisch maar ogen ook af en toe ernstig. Enkele bevatten een reflectie op het leven.

links Janne Gistelinck bij werk van Maarten Ingels, Hanna Rvsnborg, Alina Cristea
rechts Sam Timmerman bij werk van Maarten Inghels, Ellen Dhondt, Alina Cristea

De opbouw is volop bezig. Ik zie Sam Timmerman en Janne Gistelinck wikken en wegen, kunstwerken combineren met een oog voor detail, ritme, beweging, kleur, formaat, de ruimte… Ik noem het een beetje oneerbiedig ‘puzzelen’. Sam stelt zich terecht de vraag: Wat heeft een cartoonist optisch, niet inhoudelijk, gemeen met een fotograaf, een filmmaker met een beeldhouwer? Ontstaat er synergie als je die samenbrengt in een ruimte? De naam Playgrounds verklaart veel, vindt Janne. Volgens haar spelen ze een visueel spel. Illustratie blijft een opvallend element maar het narratieve maakt nu soms plaats voor abstractie. De kunstwerken gaan in dialoog, versterken elkaar. Disciplines blijken niet altijd sterk afgebakend. Toen de curator 20 was, benaderde hij de zeefdrukken van Andy Warhol als schilderijen.

van links naar rechts werk van
Céline Hudreaux, Janne Gistelinck + Victor Verhelst,
Eleni Papadopoulou + Ellen Pil

Het beetje van de opbouw die ik meemaak laat vermoeden dat hier een fantastische expo groeit, eentje die ik niet mag missen. Playgrounds blijkt een staalkaart te bieden van wat vandaag de dag mogelijk is, ook buiten het hokje. De curatoren tonen zowel toegankelijke als meer hermetische kunst. Natuurlijk heeft de kunstscene interesse, toch mikken ze op een breed publiek. En wie weet lokt de vernissage heel wat kunstenaars, kunstenaars die elkaar ontmoeten en die hier de basis leggen voor een fijne samenwerking. De ene is een filmmaker, de ander een beeldhouwer, illustrator… waarom zouden ze niet samen een project opstarten?

links werk van Gilles Dusong
rechts werk van Maria Farré

Hoe werkt zo een co-curatorschap, wie selecteert de kunstenaars?
Sam legt de contacten, zorgt voor een mailing. Janne volgt alles op. De keuze van de werken ligt in handen van de kunstenaars. De curatoren doen aan prospectie en bezoeken expo’s van laatstejaars. In de toekomst willen ze de kunstenaars opzoeken in hun atelier, mee gaan in hun creatie proces. ‘Niet op een dwingende manier, samen exploreren wat de mogelijkheden zijn.’ beweert Janne.
De ‘nieuwe lichting’ geven ze de kans relaxed tentoon te stellen, zonder stress, in een veilige omgeving. Voor anderen kan Playgrounds een try-out betekenen om een nieuwe, voor hen ongewone creatie op het publiek los te laten.
Onder de 114 namen merk ik voor mij enkele bekende zoals Carll Cneut, Charel Pycke,  Erika Cotteleer, Hans Vandekerckhove, Ines Raspoet, Penelope Deltour, Joke Raes, Ritsart Gobyn, Sarah Yu Zeebroek, Tine Guns, Sven Boel…
Waren die onmiddellijk enthousiast om mee te werken, vraag ik me af. Sam repliceert. De grotere namen vinden het positief om met jonge creatieve mensen tentoon te stellen. Ze vinden het fijn dat een divers en ook jong publiek belangstelling toont voor Playgrounds. Carll Cneut bijvoorbeeld werkt voor de derde maal mee, dat betekent toch iets?

Om financiële redenen nemen enkel Belgische kunstenaars of buitenlandse kunstenaars wonend in België deel. Het kostenplaatje van de verzendkosten blijkt de grote spelbreker te zijn.
Toch blijven Sam en Janne nadenken over diversiteit, andere culturen, mensen met een migratie achtergrond. Ze geloven in wat een groep mensen samen kan bereiken. Daar heeft onze maatschappij nood aan, beweert Janne. De tijd is rijp.
Een stap in die richting is alvast de samenwerking met Kunst in huis en kunstwerkplaats De Zandberg – Harelbeke. De Zandberg biedt atelierruimte en ondersteuning op maat aan kunstenaars met een mentale beperking. Playgrounds presenteert enkele illustraties van kunstenaars residerend in De Zandberg.
Een volgende stap is een samenwerking van House of bones collectief, Not Your Muse en Playgrounds onder een VZW.
Graag vermelden we ook dat de expo Playgrounds kon rekenen op de financiële steun van CultuurGent.

Nog een woordje over de uitnodiging in een stijl refererend naar de vorige edities. Door de tijdrovende organisatie van Playgrounds staat de persoonlijke artistieke activiteit bij Sam op een laag pitje. Gelukkig vond hij de tijd voor de creatie van het campagnebeeld. Manueel getekend en digitaal ingekleurd laat de tekening subtiel de structuur van de achtergrond doorschemeren. Dit alles maakt van het ontwerp de perfecte eyecatcher voor de tentoonstelling.

Playgrounds nodigt je uit te genieten van de ongebreidelde fantasie van tekenaars, kunstenaars die met pen, potlood, borstel, schaar, camera, naald, draad… in hun bagage je meeslepen in een overdonderende rollercoaster. Zeg als kunstliefhebber ja tegen deze boeiende trip langs hedendaagse illustraties, tekeningen, sculpturen of wat dan ook. En… droom alvast van een volgende editie. Die komt er zeker!

Tekst en foto Kathleen Ramboer

INFO

PLAYGROUNDS
Zebrastraat
9000 Gent
Curatoren: Sam Timmerman & Janne Gistelinck
In samenwerking met: Kunst in Huis & Kunstwerkplaats De Zandberg

open van 17 september tot 4 oktober
Opening: Donderdag 17 september 2026 van 18:00 tot 22:00
Openingsuren: telkens van woensdag tot zondag 14:00 – 18:00

deelnemers
w/Aaron Victor Peeters, Adelheid De Witte, Alina, Cristea, Anneka Robeyns, Arnaud Rogard, Aurélie Bayat, Babette Van Rafelghem, Benjamin De Backer, Beppe Geerts, Carll Cneut, Casimir Desmet, Céline Hudréaux, Celine Aernoudt, Charel Pycke, Chiara Lammens, Coralie Laudelout, Dolores Bouckaert,Eleni Papadopoulou, Elisa, Maenhout, Elise Willems, Eliza Pepermans, Elke Van Kerckvoorde, Ellen Dhondt, Ellen Pil, Erika Cotteleer, Eva Vermeiren, Fia Cielen, Flore Tanghe, Gabri Molist, Gilles Dusong, Hanna Hollevoet, Hanna Van Dun, Hans Vandekerckhove, Hazel Ver Moesen, Ilke Heuts, Indre Svirplyte, Iris Devriendt, Isabelle Lecluyse, Isabelle Vandenabeele, Jade Kerremans, Jana Van Ongevalle, Jan Van Der Veken, Janne Gistelinck, Joeri lsta, Joke Raes, Jolijn Baeckelandt, Juliette Van Dessel, Kaat Michielsen, Kato Bouckaert, Kenny Callens, Klaas Vanhee, Klaus Compagnie, Korneel Detailleur, Lenja Van Laeken, Lidia Sciarrotta, Liesbeth Van Heuverswijn, Lieselotte Vloeberghs, Lien Buysens, Lisa Ottenburgh, Lore Smolders, Louie Mauws, Louisa Roels, Louise Cremers, Louise Daneels, Louis Dewitte, Loulou João, Lukas Verstraete, Lysandre Begijn, Maó Van Dongen, Maarten Inghels, Maria Farré, Martha Verschaffel, Maurits Verstraete, Maxim Ryckaerts, Merel Van de Casteele, Morgane Trebus, Nel Maertens, Niels-Jan Tavernier, Nina Gross, Nina Van denbempt, Penelope Deltour, Peter Van Den Ende, Phebe Hermans, Pom Koo, Randoald Sabbe, Ritsart Gobyn, Robbert & Frank, Sam Ballet, Sam Scarpulla, Sara Bomans, Sara Boumkwo, Sarah Vandeursen, Sarah Yu Zeebroek, Sare Hoste, Sebastiaan Van Doninck, Sofie Vandevoorde, Spencer Bogaert, Stefan Clappaert, Steven Antonio Manes, Surya Evens, Sven Boel, Tamara Van San, Telma Lannoo, Tine Guns, Tom Borremans, Tom Schamp, Veronika Bezdenejnykh, Victor Verhelst, Warre Mulder, William Ludwig Lutgens, Yasmine Willems, Yingda Dong

https://www.instagram.com/timmerman_sam/
https://www.instagram.com/playgrounds.official
https://www.jannegistelinck.com/nl

https://www.zebrastraat.be/nl/culture/670/playgrounds
https://www.kunstwerkplaatsdezandberg.be/
https://www.kunstinhuis.be/

https://www.instagram.com/notyourmuse_space/
https://www.instagram.com/houseofbones_collective/




Over een expo die niet is wat hij lijkt te zijn…

tekst en foto Kathleen Ramboer

Galerie Drie ‘All the flowers that you planted, mama…’
kunstenaars Jean De Groote – Petrus De Man
Samenstelling Jeroen Laureyns

De deur van Galerie Drie staat uitnodigend open. Eenmaal over de drempel krijg ik onmiddellijk de voor de expo geselecteerde werken in het vizier. Ze staan klaar om ze op de gewenste plaats op te hangen. Twee merkwaardige getormenteerde zelfportretten van de kunstenaars Jean De Groote en Petrus De Man overschouwen het geheel. Het zelfportret van Jean De Groote doet me onmiddellijk denken aan de kunstenaar Oscar Kokoschka die in zijn portretten verder kijkt dan het uiterlijke en de innerlijke ziel blootlegt. Petrus De Man beeldt zich af met sprekende, doordringende en onderzoekende ogen die diep in de ziel kijken. De beeldtaal van de twee schilderijen loopt sterk uiteen. En toch later blijkt uit het gesprek met kunstrecensent Jeroen Laureyns dat de kunstenaars veel raakpunten hebben. De twee kunstenaars zijn opgeleid als grafici, wat aanwezig is in hun werk. Beide zijn tweelingen. En er is meer.

zelfportret Jean De Groote

zelfportret Petrus De Man

Het zaadje voor de expo ‘All the flowers that you planted, mama…’ werd geplant op een december maandag in het jaar 2025. Jean De Groote en Petrus De Man waren te gast op het seminarie Minima Docta in Gent. De aanloop naar dit gesprek was de uitgave van twee monografieën bij uitgeverij MER, één over Jean De Groote, de andere over Petrus De Man. Beide kunstenaars getuigden in het boek en tijdens het gesprek, over het misbruik in de kerk, Jean als klokkenluider, Petrus als slachtoffer. Galeriehouder Guy De Dapper volgde de lezing, was aangegrepen door de getuigenis, de moed van de kunstenaars en vroeg of ze interesse hadden in een vervolg onder de vorm van een expo. Met Galerie Drie vonden ze de ruimte om hun verhaal te brengen, de tijd is er rijp voor.

Bij een eerste kennismaking met het werk van beide kunstenaars en een blik op de expo meen je als kunstliefhebber niet geëngageerde kunst te aanschouwen, kunst die enkel hangt mooi te wezen. Petrus De man schildert zich een persoonlijk universum: een grappig ‘Art brut’ figuurtje, een manneke ‘De Man’, dwaalt rond in een gestructureerde chaos van vlakken en lijnen tussen kleurrijke organische florale vormen, bladeren, bloemen en takken. Een mediterrane explosie van kleur stemt de kijker vrolijk.
Jean De Groote toont hier slechts een glimp van zijn onmetelijk oeuvre dat hij passioneel dag na dag bijeen schildert in zijn atelier op een eerste verdieping uitkijkend op een stil Vlaams landschap. Ik leerde zijn werk en persoon kennen via een schilderij, op LinkedIn gepubliceerd. Tussen de beeldenstroom trok een geel banaal memovelletje, subliem geschilderd, mijn aandacht. Het schilderij intrigeerde me mateloos. Ik vond het museumwaardig. Later ontdekte ik meerdere verstilde contemplatieve filosofisch getinte werken waarin hij het ding ‘an sich’ weergeeft, een onbeduidend voorwerp sacraliseert. In Galerie Drie presenteert hij bloemen en bomen, meestal geïsoleerd, zonder referentiepunten, rechttoe rechtaan, ontdaan van het anekdotische. De werken zijn, op het eerste zicht, van een charmante sublieme eenvoud. Schijn bedriegt.  
De canvassen en tekeningen van beide lijken ontzettend toegankelijk en toch stel ik me de vraag: Valt hun kunst wel helemaal te vatten? Wat ventileren ze?

links werk van Petrus De Man rechts bloemen van Jean De Groote

links schilderij van Jean De Groote – rechts tekening van Petrus De Man

Bij Petrus De Man schuilt in elke getekende lijn de herinnering aan het trauma dat zijn jeugd ontsierde.
Ik citeer graag in deze context de volgende uitspraken:
‘Een geest die gealarmeerd is kan rust vinden in handenarbeid, in zintuigelijke handelingen. Ook het lichaam is op zoek naar herstel.’ Jeroen Laureyns
‘De tekening links met een figuurtje liggend op een tafel verbeeldt een kind dat geslachtofferd werd. De 2 figuren op het stapelbed zijn niet alleen een verwijzing naar het feit dat hij een tweeling is maar ook naar de splitsing die in je bewustzijn plaats vindt als je slachtoffer bent van seksueel misbruik, een verwijzing naar de dissociatie die hierdoor ontstaat.’ Jeroen Laureyns
‘Vaak weet mijn hand het beter dan ikzelf.’ Petrus De Man

tekeningen van Petrus De Man

Bij Jean De Groote verbergen de bloemblaadjes zware thema’s als misbruik in de kerk, het verhaal van een donkere periode na zijn getuigenis. De opduikende rode bloemen laten vermoeden dat hij stilaan het diepe dal verlaat. Kunst kan helend zijn.
De canvassen en tekeningen van beide ontstaan vanuit het innerlijke en nodigen de toeschouwer uit in dialoog te gaan met het doek, om via een persoonlijke levenservaring het canvas te exploreren, onder de huid van de verf te kruipen. Met hun kunst trachten beide kunstenaars het onbegrijpelijke te vatten.

links werk van Petrus De Man rechts van Jean De Groote

De geselecteerde werken voor de expo verbeelden niet expliciet het zware thema, onderliggend hebben ze wel verbinding met het onderwerp. Jeroen Laureyns geeft me wat meer duiding.

‘We wilden geen expo organiseren met de nadruk op  het seksueel misbruik.  Bloemen, de tuin, kleur staan hier centraal. De florale elementen zie ik als een metafoor voor herstel, een terugkeer naar de vreugde in het leven.’ Jeroen Laureyns

Vanwaar deze titel ‘All the flowers that you planted, mama… ?’ vraag ik de curator.
‘De titel komt uit het lied van Sinéad O’Connor ‘Nothing compares 2 U.’
All the flowers that you planted, mama, in the back yard
All died when you went away
‘Het lied verwijst naar de verhouding die ze had met haar moeder. Haar moeder, verbleef tijdens haar jeugd in een katholiek internaat in Ierland en vereerde op een ziekelijke manier de paus. Ze mishandelde haar dochter Sinead O’Connor zowel mentaal als fysiek. De titel van de expo refereert naar die donkere periode. Reactie bleef niet uit. Sinéad O’Connor rebelleerde, gedroeg zich opstandig. Tijdens haar zangcarrière verscheurde ze in 1992 live op de Amerikaanse televisie een foto van de paus. Dat betekende het einde van haar carrière in Amerika, ook platenmaatschappijen lieten haar vallen. Dat las ik allemaal in het boek ‘Wat ik me herinner’ van Sinéad O’Connor. In de documentaire uit 2022 ‘Nothing Compares’ uit de zangeres dat haar moeder zelf slachtoffer was van de bijzonder vrouwonvriendelijke katholieke Ierse machtscultuur.
Toevallig, bij een bezoek aan het atelier van Petrus De Man, zagen we werk dat hij schilderde na de dood van zijn moeder. Kleurrijke florale en organische vormen op een donkere achtergrond…’ Jeroen Laureyns
Een betere titel kon de curator niet bedenken.

schilderijen Petrus De Man

Zowel Jean De Groote als Petrus De Man werken in de luwte. Ze timmeren al jaren aan hun kunstenaarschap en verlangen ongetwijfeld meer erkenning. Naar mijn mening horen ze thuis in het rijtje van bekende sterke hedendaagse kunstenaars. Wie weet is deze expo in galerie drie ‘All the flowers that you planted, mama…’ een stap, hoe groot of klein die ook is, een stap in die richting.

Tekst en foto Kathleen Ramboer

INFO

ALL THE FLOWERS THAT YOU PLANTED, MAMA
Jean De Groote – Petrus De Man
samenstelling Jeroen Laureyns

opening vrijdag 18 september 2026
19u – 22u
expo van 19 september tot 4 oktober

openingsuren
vrijdag 9u – 18u
zaterdag 9u – 18u
zondag 9u – 14u

Galerie Drie
Sint-Amelbergastraat 3A
Gent

https://www.jeandegroote.com
https://www.instagram.com/jean_de_groote/
https://www.petrusdeman.be/
https://www.instagram.com/galeriedrie/

De vrijheid van deMagazijniers

Beschouwingen op de vooravond van de opstelling expo ‘deMagazijniers’

Tekst Kathleen Ramboer

Marc Mestdagh, bezieler van deWeverij, stapt graag in het ongewisse, wandelt vaak buiten de vaste paden. Eerst lanceerde hij de open call RIZOOM waarmee hij op zoek ging naar kunstenaars van 50 tot 67 jaar, ongeacht hun discipline of expo ervaring. Hij bood hen een springplank en gaf een steuntje in de rug tot verdere ontplooiing van hun kunst en tentoonstellingservaring. De bedoeling was ook om kunstenaars met elkaar en met hun publiek te verbinden en zo een netwerk op te bouwen..
Dit maal laat hij zich graag verrassen door deMagazijniers. Wie zijn ze deze dertien individuen? Hun kunst kent hij, wellicht niet voor 100 percent, maar hij volgt en apprecieert ze. De dertien kunstenaars namen in het verleden deel aan een expo in deWeverij. Tegenwoordig presenteren ze elk één werk in een kleinere ruimte van deWeverij: ‘het Magazijn’.

Marc Mestdagh geeft het groepje van 13 de kans nieuw werk of lang gekoesterd werk te exposeren. Enkele kunstenaars maakten werk in functie van de ruimte. Mini formaten of reuzegroot, kleurrijk of zwartwit, conceptueel of rechttoe rechtaan, vrolijk, poëtisch, melancholisch, figuratief of abstract…. sculpturen, textielkunst, fotografie, schilderkunst, tekenkunst, mixed media… kortom alles kan en alles mag.

Marc Mestdagh legt geen thema op, er zijn geen beperkingen, het curatorschap laat hij links liggen. Als organisator van de expo geeft hij de dertien kunstenaars de volle vrijheid en alle vertrouwen die ze nodig hebben om hun persoonlijke kunst te vieren. Deze tentoonstelling is een ode aan de vrijheid die elke kunstenaar nodig heeft en niet altijd krijgt. Met dit initiatief bewijst Marc Mestdagh dat deWeverij een ruimte is waar vragen gesteld worden, diverse stemmen gehoord, kritische, delicate of niet alledaagse meningen geopperd. deMagazijniers mogen hem en de toeschouwer verrassen met een onverwachte creativiteit. In deWeverij mag kunst schuren of behagen.

Als kunstenaar je eigen curator zijn voor een groepsexpo is niet eenvoudig. Het is balanceren tussen een persoonlijk trots gevoel over je eigen kunst en een objectieve selectie. Als organisator  kan je deze vragen stellen: ‘Staan de dertien kunstenaars kritisch genoeg ten opzichte van hun kunst?’ ‘Ontbreekt het de makers niet aan een frisse, onbevooroordeelde blik?’ De dertien leggen ongetwijfeld hun ziel bloot en tonen een persoonlijke visie.

links: gefotografeerd voor de opstelling – midden en rechts: gefotografeerd na het invullen van de ruimte

Initiatiefnemer Marc Mestdagh rest de moeilijke taak een overzichtelijke aantrekkelijke opstelling uit te dokteren die boeit, geen verwarring zaait en elk werk maximaal laat spreken. De rechthoekige, open museale ruimte waar het daglicht zich niet opdringt en toch voldoende aanwezig is, maakt het mogelijk om in deWeverij een tentoonstelling op te stellen op maat van het verlangen van de kunstenaar en het publiek. Deze groepsexpo opzetten met werk van 13 kunstenaars, heel divers in stijl, visie en techniek, is opnieuw een uitdaging voor Marc Mestdagh, een uitdaging die stilaan een gewoonte wordt.

Kunst is als een nalatenschap, een blauwdruk van de geschiedenis van de mens. …
Want zonder kunst is er geen vrijheid en helaas zonder vrijheid geen kunst.
Er valt nog veel te leren over kunst, daarom is het nodig om werken uit het verleden te beleven en werken die vandaag de dag gemaakt worden de ruimte te geven.
Citaat Akbar Ali-Akram, Voorzitter LVSV Brussel 2022-2023
En die ruimte geeft Marc Mestdagh aan de kunstenaars, letterlijk en figuurlijk.

We zijn benieuwd naar het resultaat, hoe de werken botsen of net niet en vooral naar de reactie van het publiek.

Tekst Kathleen Ramboer

INFO

Expo deMagazijniers
deWeverij
Dellaertsdreef 9
9940 Evergem (Sleidinge)
zondag 6 en zondag 13 september 2026
van 10u tot 18u
gratis toegang – de kunstenaars zijn aanwezig
https://deweverij.be/dm/

DE KUNSTENAARS

Anne-Marie Dhaluin, Mieke Van Den Ouweland, Bert Verhoest, Stefaan Vanhoutte, Kathleen Ramboer, Filip Dieusaert, Werner Van Lierde, Lieve Vanmaele, Els Baekelandt, Hilde Windels, Dick Schelpe, Mileen Malbrain en Katleen Van der Gucht

Deze kunstenaars presenteren ook elk één werk in het Magazijn, een kleinere ruimte van deWeverij. zie https://deweverij.be/magazijn/

In het Magazijn is ook een permanente selectie, met wisselend werk, van Marc Mestdagh te bekijken.

Op de valreep vernamen we nog dit:
Magazijnier/deelnemend kunstenaar Mieke Van Den Ouweland mocht deze week de Prijs van Cultuur, uitgereikt door Minister van Cultuur Caroline Gennez, in ontvangst nemen n.a.v. haar deelname aan de Biënnale Cultuurvuur in de plantentuin van Meise. Een deel van het werk zal ook te zien zijn in deWeverij!

Geen saaie ansichtkaarten maar muzikale berglandschappen als vertolker van emotie.

Tekst naar aanleiding van de expo ALPINEN
kunstenaar Ann Bonne, klankschappen in gemengde techniek

Tekst Kathleen Ramboer
Fotografie klankschappen Ann Bonne

Eeuwenlang bleef het landschap in de westerse schilderkunst ondergeschikt aan religieuze, mythologische of historische voorstellingen. Het landschap bleek helemaal niet het onderwerp. Met de opkomst van de romantiek wint het landschap aan betekenis als vertolker van diepe emoties, gevoelens, als metafoor voor het sublieme.

Ingepakt en klaar voor de expo

Ann Bonne voelt zich aangetrokken tot landschappen die ongrijpbaar zijn, een gevoel van vrijheid, schoonheid en spanning oproepen. Ze houdt van bergen, valleien… landschappen tussen herkenning en illusie, tussen droom en werkelijkheid, het romantische landschap. De bergen zijn haar atelier, brengen haar in een diepe concentratie, in een gemoedstoestand die haar bewogen ziel aanzet tot creëren. Ann is een romanticus, haar getekende landschappen zijn niet enkel een decor, een waarneming maar vooral één brok emotie. Ze zijn HET onderwerp.

Hoe kan je als kunstenaar omringd door monumentale bergen een gemoedstoestand verbeelden?
Als je van klassieke muziek houdt zoals Ann kan je je tekeningen en/of schilderijen toevertrouwen aan partituren, de schoonheid van de bergen projecteren op muziekpartituren die dienst doen als drager. Die partituren spelen letterlijk en figuurlijk met het getekende landschap of is het omgekeerd? Ann zorgt voor een geslaagde en gelaagde dialoog tussen muziek en beeldende kunst. Haar bergen stralen dynamiek uit, het zijn bergen waar muziek in zit, waar de wind haar weg zoekt tussen de vele notenbalken en muzieknoten.

Met Ann stappen we in een visueel avontuur doorheen een voor ons onbekend landschap dat we hopen ooit in een reële droom te ontdekken.
Ze speelt met penseelstiften, met zwarte lijnen van wax potloden, die zich een weg banen tussen muzieknoten en notenbalken, lijnen die bergen bouwen op partituren, partituren die elk kleur negeren en het witte gouache dal een kans geven. In dat dal schuilt stilte, een kleurloze eenzame stilte. Haar bergen zijn picturale tekeningen die schilderachtig zijn ook al komt er geen kleur aan te pas.

Ann Bonne An die ferne Geliebte L. van Beethoven
Plan Cernet Erde Valais 2025
aquawax potlood op partituur 30,2 x 46,5 cm

De partituren waar ze op werkt, kiest ze bewust, heel zorgvuldig, de waargenomen natuur bepaalt haar keuze. Het zijn partituren van  19de-eeuwse romantici: Schubert, Schumann en Mendelssohn. Inhoudelijk staan ze volgens Ann het dichtst bij haar houding t.o.v. het landschap, het landschap als subliem gegeven, het sublieme -onmetelijke- van Immanuel Kant. Die hunker naar het sublieme, een bijna religieus, mystiek gevoel verbeeldt Ann in deze getekende en/of geschilderde Alpen (voor haar zijn het Alpinen) zoals de Berner Alpen en de machtige Zwitserse Alpen langs de Rhône vallei. Deze tekeningen/schilderijen benoemt ze tot klankschappen. De partituren waarop ze tekent zijn de dragers waar vorm en inhoud,  maat, ritme, kleur en ruimte samenkomen.

Ann Bonne Ungeduld Der Schöne Müllerin
F. Schubert D 795
Staubbach Lauterbrunnen Suisse 2021
Pentelpenseel, gouache op partituur 30,3 x 46,8 cm

Ann treedt in de voetsporen van Mendelsohn. Ze trekt de bergen in en wandelt een stukje van de Mendelssohnweg in Wengen, boven Lauterbrünnen. Hier is ze sprakeloos, houdt de adem in bij het aanschouwen van de schoonheid van het indrukwekkende Jungfrau-massief. Vooral van de hieruit getekende klankschappen, daar houdt ze van. De jachtige expressieve schriftuur klimt naar de top, gaat een gevecht aan met de witte gouache tot een vleugje abstractie zich plotseling manifesteert. De kunstenaar is verslaafd aan bergen in beeld brengen. Haar carrière startte als portrettekenaar en evolueerde naar het evoceren van water en bergen. Berglandschappen verbeelden brengt haar een ongekende vrijheid om te balanceren tussen realisme en abstractie, om zich technieken toe te eigenen. Gelijkenis speelt minder een  rol, structuren en sfeer dus te meer.

Oud bladmuziek heeft ook  een fysiek verhaal. De aantekeningen van een muzikant, het verkleuren van oude partituren, vlekken… zijn voor een kunstenaar als Ann een welkom expressiemiddel. De vergeelde partituren verraden haar fascinatie voor tijd en vergankelijkheid. Voor mij betekenen deze klankschappen een wake-up call. Op 16jarige leeftijd leerde Ann de Zwitserse Alpen kennen. Deze bergen ondergaan door de klimaatopwarming een ongelooflijke gedaantewisseling. Gletsjers smelten en binnen een onbepaalde tijd  vertonen ‘haar’  bergen zich naakt, bekennen ze kleur. Melancholie overvalt me en stemt me somber. Wie weet wat brengt de tijd. Misschien kan Ann Bonne nu eindelijk zoals de bergen kleur bekennen en een link met haar waterschappen leggen door te schilderen met olieverf?

Ik vraag Ann of ze ook naar foto’s schildert? Nee want dan komt een veduta om het hoekje kijken. En plein air schilderen blijkt voor de kunstenaar in Ann een unieke beleving. Het licht verandert snel, de wind beroert het blad, geluiden dringen door in de zwarte lijnen en schaduwen schuiven over de muisgrijze, witte vlakken. Werken in situ bezorgt de tekening een levendige waarachtige sfeer. Ann voelt haar werk leven, vibreren zoals geluiden in haar hoofd. Ze hoort de muziek aanzwellen, hoewel ze deze niet afspeelt want ze kent de partituren. De stilte heeft ze lief. De concentratie stijgt ten top.

De partituurtekeningen, door de fysieke struggle van het plein air schilderen, zijn klein van formaat en vertonen toch een ongekende monumentaliteit. De bergketens treden buiten de randen van het blad, leven verder buiten het beeld. De compositie, het niet centreren van het landschap, dragen bij tot een magistraal gevoel, laten het landschap spreken en zingen.

Ann Bonne Das Zügenglöcklein Schubert D 871
Wengen ‘Mendelssohnweg’ Staubbach Bändli 2021
gouache, mixed media op partituur 30,4 x 46,8 cm

Ann is een romanticus in hart en nieren maar niet in de sentimentele zin van het woord. Ze houdt van de stijl van Delacroix, de teksten van Goethe op muziek gezet door de Oostenrijkse componist Franz Schubert, de monumentale Alpen schilderijen en ritmische symmetrie van de Zwitserse kunstenaar Hodler, en ja hoe kan het ook anders van Caspar David Friedrich, vermoedelijk de beroemdste schilder van de Duitse romantiek, de romantische kunstenaar steeds op zoek naar de overweldigende, oneindige en ontzagwekkende kracht van de natuur

Zoals bij de schilders van de romantiek zijn water en bergen haar geliefkoosde thema’s. Ze illustreren de queeste naar het sublieme, haar diep respect voor de natuur die onuitputtelijk is. Misschien ziet ze de bergen als metafoor voor het onvoltooide, de tocht van het leven, het uitzicht op het onbekende? Haar tekeningen zijn innerlijke en deels fictieve landschappen. Ze zijn een expressie van een allerindividueelste emotie.

Ann noemt zichzelf een tekenaar die schildert. Ze voelt verwantschap met Van Gogh die tekende met verf. Als tekenaar heeft ze aandacht voor structuur en voor het licht daarom schildert en tekent ze haar berglandschappen in zwart, wit en grijstinten.
Klimaatverandering zorgt ervoor dat bergen en gletsjers van kleur veranderen. Gletsjers smelten weg en laten donkere rotsen zien. Soms worden alpenweiden groener door hogere temperaturen, of kleuren ze rood door algen. Nu gaat Ann op zoek naar nieuwe avonturen, ze verlangt stilaan naar kleur, naar kleur op doek of op geprepareerd papier. De olieverf lonkt.
Cézanne voelde zich diep verbonden met de Montagne Sainte-Victoire en schilderde en tekende deze kalkstenenberg, zijn favoriete motief, wel 80 maal. Ook de fascinatie van Ann voor de bergen, de Alpen, kent geen grenzen, haar verhaal is nog niet af. Daarom zijn de bergen voor haar een metafoor voor ‘das Unvollendete’.

Tekst Kathleen Ramboer
Fotografie klankschappen Ann Bonne

INFO

Expo ALPINEN

Sint-Anna kasteel
Westeindestraat 1
9990 Maldegem

vernissage vrijdagavond 9 oktober 19 u

Openingsuren
vr 9, zat 10, zon 11 oktober 2026
vr 16, zat 17, zon 18 oktober 2026

open vrijdagen en zaterdagen van 13u30 tot 18 u
zondagen van 11 u tot 18 u

https://annbonne.wixsite.com/arts

de Biënnale van Venetië 2026 – deel 1

tekst, foto en lay-out Rik Guns

Kunstliefhebbers beschouwen de Biënnale van Venetië als de ultieme hoogmis van de kunst. Rik Guns en Kris Hendryckx liepen deze kunstmarathon op hun eigen tempo. Rik legde zijn indrukken vast in een hoogst persoonlijk tijdschrift KNUST. Graag deelt hij dit bijzondere magazine met de kunstpoortlezers. Geniet mee van zijn verrassende fotografie, de kunst, het pittoreske Venetië en de vlotte, met een knipoog geschreven tekst. Dit pakket is samengebracht in een rustgevende, stijlvolle lay-out, zonder toeters of bellen. Om de beleving te doseren, brengen we KNUST in twee opeenvolgende delen.

“Canto ostinato”

KUNST- POËZIE- EN MUZIEKEVENT
waarbij beeldende kunst, poëzie en muziek met elkaar in dialoog gaan
“Canto ostinato” de weerklank van het woord
een initiatief van Jean-Paul van der Poorten, Pedro Brugada en TaLe Art Gallery

tekst en foto Jean-Paul van der Poorten – TaLe Art Gallery

Vierendertig kunstenaars uit alle Vlaamse provincies zijn met de poëtische uitspraak van PEDRO BRUGADA over het ritme van het hart, en met de gedichten in dialoog gegaan. Ze vertaalden deze naar visuele elementen zoals herhaalde vormen, patronen en ritmische lijnen. Herhaalde ritmische motieven, ook wel ostinato’s genoemd, vinden we ook terug in de muziek. Ze hebben een meditatief en betoverend effect en roepen door hun repetitieve karakter een gevoel van rust, trance of zelfs betovering op.

Curator: Jean-Paul van der Poorten

PRAKTISCHE INFO

tentoonstelling 7 tot 27 juni 2026
elke vr-za-zo 14-17u
2 locaties
Sint-Fledericuskerk & TaLe Art Gallery
Vlierzeledorp te Vlierzele

VOORSTELLING EN OPENING VAN DE TENTOONSTELLING

Zondag 7 juni – 15 uur │ Deuren om 14 uur
Sint-Fledericuskerk en TaLe Art Gallery Vlierzele

PROGRAMMA VERNISSAGE 7 JUNI

JEF VERMASSEN stelt de poëzie- en beeldende kunstuitgave voor.

The Ghent District Highlanders (doedelzakspelers), het Sint-Ceciliakoor van Vlierzele o.l.v. Johan De Vos, Pascal Podevyn (gitaar), Hans Van Gysegem (piano en orgel) en Filip Van Keer (belleman/percussiesolist/tenor) zorgen voor de muzikale omlijsting.

Er worden gedichten en poëtische teksten gelezen door Pedro Brugada, Hervé Claeys, Griet Decabooter, Jean-Paul van der Poorten, Jef Vermassen en Elia Vermeulen.

Pedro Brugada en Jean-Paul van der Poorten lezen het gedicht ‘Ode aan Vlierzele’.

Hervé Claeys veilt het werk ‘Fugit irreparabile tempus’ van Pedro Brugada
en een kalligrafisch werk van Goedele Soetewey.
voor veiling

Burgemeester Tim De Knyf opent de tentoonstelling.

De toegang is gratis. Er wordt een glaasje aangeboden.

Een boek reserveren dat kan en aanwezigheid bevestigen is wenselijk
via info@taleartgallery.be

FINISSAGE VAN DE TENTOONSTELLING

Sint-Fledericuskerk en TaLe Art Gallery Vlierzele
Zondag 27 juni – 15 uur.
Een programma met muziek, poëzie en een rondleiding in de tentoonstelling. In aanwezigheid van Route 42-dichter van 2026, Jennifer Vrielinck.
De toegang is gratis. Er wordt een glaasje aangeboden door TaLe Art Gallery.

DE POËTISCHE UITSPRAAK EN DE GEDICHTEN

De poëtische uitspraak verwijst naar de wetenschappelijk bewezen synchronisatie tussen het menselijk hart en het ritme in muziek. De gedichten gaan over het alles en het niets (over de aard van bestaan en niet bestaan), over de unieke identiteit van elke persoon en hoe het ik zich verhoudt tot anderen, over de pijn van het zijn (een paradoxale relatie tussen zijn en pijn) en over wie zoekt wat er is, een gedicht dat de concepten van aanwezigheid en afwezigheid tastbaar maakt.

Pedro Brugada: ’Het ritme van het hart is als het ritme in muziek. Of is het andersom? Meer dan twee eeuwen nadat Ludwig van Beethoven de Piano Sonata Les Adieux heeft geschreven is het mysterie nog niet opgelost. Heeft Beethoven effectief het ritme van de sonate gecomponeerd na het ritme van zijn hart? Het voortdurend wisselen van adagio naar allegro, andante espressivo tot aan de vivaci met pauzes en plotse herstart hebben veel gemeen met het gestoorde ritme van het hart dat we fibrillatie noemen. Leidt Beethoven effectief aan voorkamerfibrillatie? Dat zullen we nooit weten. Wat heel duidelijk is, is dat het luisteren naar Beethovens sonate het ritme van ons hart bepaalt: het eerste deel Das Lebewohl (afscheid) doet ons hart verscheuren van verdriet. Het tweede deel Abwesenheit (afwezigheid) zingt ons hartritme naar het dal van bijna totale stilte. Het derde deel Das Wiedersehen daarentegen doet ons hart weer kloppen zoals het hart van iemand die net verliefd is geworden. In de chaos zit de gelijkenis: in een chaotische muziek en een chaotisch hartritme. Toeval? Nee, een genie zoals Beethoven liet niets aan het toeval over.’

KUNSTENAARS UIT ALLE VLAAMSE PROVINCIES

Er verlenen topartiesten hun medewerking. Daar zijn Roger Bursens wiens werk wordt gekenmerkt door ritme, vinding en muzikaliteit, Annabelle Cock die uitgepuurde collages, tekeningen en ruimtelijke installaties maakt, Christel Foncke die flarden van een verleden zijn dat blijft resoneren en Marc Goddefroy die een studie van het onzichtbare brengt. Er zijn de innerlijke landschappen van Ann Grillet, de werken van Dagmar Heymans die doen denken aan de werken van Rothko, de werken van Véronique Jansseune die haar inspiratie vindt in de Klassieke Oudheid en in de architectuur en de werken van Frie J. Jacobs die niet alleen werken met vuur maar ook partituurwerken maakt waarin hij de fragiliteit en de essentie van het bestaan vangt. Er zijn de unieke werken met acrylstift op canvas van Louise Kerkaert, het werk van Karin Keutgens die ongeveer een kwarteeuw (middeleeuwse) muurschilderingen restaureert en het werk van Bruno Mertens dat zich op het snijvlak beweegt van sculptuur, keramiek, conceptuele kunst, installatiekunst en minimalisme. Er zijn ook de gestileerde vrouwelijke en mannelijke figuren van Irène Philips die op een poëtische wijze meditatieve gebeurtenissen en harde episodes uit het leven vertalen, er is het werk van Régine Van den Broucke die collages met oud papier maakt en het werk van Liesbeth Willaert dat een dans is van geometrische en organische vormen. Kayo Quintens tekent op haar beurt nostalgische, poëtische illustraties om bij weg te dromen.

voor veiling kalligrafisch werk Canto ostinato van Goedele Soetewey

In de Sint-Fledericuskerk exposeren acht textielontwerpsters hun werk. In het werk van Manon Clement speelt het gebruik van woorden binnen de textiele ruimte een cruciale rol. Clement is op zoek naar de verbinding tussen taal, beeld en textiel. Ze plaatst vergankelijkheid tegenover tastbaarheid door de verbinding tussen woorden en beelden te onderzoeken. Lisa Decavel zet (persoonlijke) teksten om tot een geweven beeld, onleesbaar maar interpreteerbaar. Trui Demarcke werkte als textielontwerper voor de industrie en richtte het label Fil & Baukis op. Inge De Zutter ontwikkelde met de eeuwenoude technieken van het kantklossen als medium een eigen taal en creëert zowel werk voor musea, tentoonstellingen als voor interieurs. Mileen Malbrain wordt gefascineerd door ritmes, structuren, volumes en reliëfs. Ze brengt in haar werk wetenschap en kunst samen. Het verhaal van tijd en het verstrijken van tijd komt in beeld in het werk van Renieke Meyfroot. Het concept tijd komt ook aan bod in het werk van Lieve Smets in wier werk kant een metafoor is voor vergankelijkheid en kwetsbaarheid. Margot Van den Berghe speelt met de grens tussen design en kunst. Dit mooi ensemble textielkunstenaars geeft aan het event een bijzonder aanschijn. In de kerk wordt ook de kalligrafie Canto ostinato van Goedele Soetewey tentoongesteld die tijdens de voorstelling wordt geveild.

voor veiling werk van Pedro Brugada
‘Fugit irreparabile tempus’

VEILING

Op de voorstelling zal het werk Fugit irreparabile tempus van Pedro Brugada en de kalligrafie Canto ostinato van Goedele Soetewey worden geveild. Fugit irreparabile tempus is een tijdloze herinnering aan de vluchtigheid van het bestaan. Het werk herinnert ons eraan dat tijd niet kan worden gestopt of teruggehaald en dat de momenten die voorbijgaan voorgoed verloren zijn. De kalligrafie (een drieluik) is een visuele echo van het repetitieve, hypnotiserende karakter van Simeon ten Holts Canto Ostinato. Net zoals de Canto Ostinato werkt met herhalende motieven die in intensiteit en kleur variëren creëert de gelaagde kalligrafie een ritmisch en repetitief beeld. Voor de veiling zal de kalligrafie van vijf meter hoogte worden opgedeeld in drie gelijkwaardige drieluiken die elk de werken bevatten van het drieluik. Deze hebben de volgende ondertitels: Jouw hartslag is mooie muziek (Il battito del tuo cuore è una musica meravigliosa), Halsstarrig herpakken en volharden (Ostinatamente riprendere e perseverare)en Soms, met wat hulp, samen naar de finale (A volte, con un po’di aiuto, insieme fino alla finale).

BEELDENDE KUNSTUITGAVE
Canto ostinato
Voorstelling kunstuitgave: Jef Vermassen

Bij de expo hoort een poëzie- en beeldende kunstuitgave, getiteld “Canto ostinato”.
Een prachtig boek met werken van de 34 kunstenaars en gedichten.
Een exemplaar van de poëzie- en beeldende kunstuitgave Canto ostinato kan worden gereserveerd door storting van 40 euro op rekeningnummer Het verbeelde woord BE69 7310 7362 3678 met vermelding Canto ostinato. Het exemplaar dient te worden afgehaald vóór de aanvang van de voorstelling (tussen 14 uur en 14.45 uur) en wordt niet met de post toegezonden.

Canto ostinato kreeg de medewerking van TaLe Art Gallery, gemeentebestuur Sint Lievens Houtem, Houtemse verenigingen waaronder Zangkoor Sint Cecilia, Gezinsbond Vliezl, de Bib / Route42, Sint-Fledericusparochie en kunstenaars van de Kreazolder.

tekst en foto Jean-Paul van der Poorten – TaLe Art Gallery

Wie  is AAaRGh… ?

Tekst en fotografie Bernadette Van de Velde

AAaRGh… is pseudoniem voor Mario De Koninck, een veelzijdige Belgische cartoonist en theatermaker uit Gent.

Biografie

Ofschoon van kindsbeen af dol op tekenen en schilderen en ervan dromend daar ooit zijn beroep van te maken, ging hij voorafgaand aan zijn huidig kunstenaarschap aan de VUB Communicatiewetenschappen studeren. Hij wist toen nog niet dat hij ASS had en dat dit hem zou hinderen bij de uitbouw van een carrière als journalist, waar samenwerken en plotse veranderingen schering en inslag zijn.
Werken voor een baas, zaken als teambuilding, voortdurende stress en in contact staan met anderen, was niets voor hem. Hij ging dus al zijn pijlen richten op het tekenen. Dat kon hij in alle rust en vrijheid doen bij hem thuis. Maar er moest geld in het laadje komen.
Zijn eerste echte betalende opdrachtgever was TeVe-Blad. Voor dat blad zou hij jarenlang wekelijks 6 cartoons over TV programma’ s en cartoonraadsels maken.
Hij werd de vaste huiscartoonist van de gratis krant Metro. Jarenlang verscheen er elke vrijdag een actuele “AAaRGh…” cartoon op de achterpagina van dat blad, wat hem één van de meest bekeken cartoonisten van België maakte. In Nederland publiceerde hij 7 jaar dagelijks een actuele cartoon in de gratis krant Sp!ts.
Hij won in 2018 de “Lang Zullen We lezen” trofee van de VRT voor zijn kinderboek “De prinses die alles had”.
Op 31-jarige leeftijd kreeg hij de diagnose autisme, wat hij 16 jaar later verwerkte  in de humoristische en ontroerende theatershow “Mario, morgen gadegij naar de dokter”. Dit met de steun van de Liga Autisme Vlaanderen.
Hij won, als beste Belgische inzending, een cartoonwedstrijd ingericht door Cultuursmakers, met als thema “Cultuur verenigt mensen”.
Hij schreef teksten voor TV- en radioprogramma’s zoals De rechtvaardige rechters (Canvas), Komen Eten (Vier), De Raadkamer (Radio 2).
Hij was en is ook improvisator bij de “Nonsens Alliantie”, een 5-koppige improvisatiegezelschap.

Kennismaking

Mijn eerste kennismaking met Mario De Koninck’s werk waren de tekeningen op de muren van de oude Velba-fabriek in Schellebelle waar de kunsttentoonstelling “Kidmie” liep. Grappige figuurtjes die de bezoekers de weg toonden naar de verschillende zalen en hoekjes van het pand zoals bijvoorbeeld een mannetje dat zich repte richting toilet en het onderweg  in zijn broek deed. Alle cartoons ondertekend met het bijzondere pseudoniem AAaRGh…
Later ontmoette ik Mario in persoon op een kerstmarkt waar hij achter een standje zijn boeken en gadgets aan de man bracht. Ik kocht er 2 cartoonboeken met als titel “Corona”, handelend over zijn ervaringen tijdens de pandemie, met veel humor gebracht en met respect naar slachtoffers toe.
Recent zag ik Mario op de planken in CC De Werf in Aalst, mijn en zijn geboortestad, met zijn one-man-show “Mario, morgengadegij naar de dokter”.
Uiteindelijk kreeg ik de gelegenheid voor een persoonlijke babbel bij hem thuis. Het werd een fijn gesprek waarin mijn vele vragen met gentillesse en ,Mario eigen, met een vleugje humor , beantwoord werden.

AAaRGh… : vanwaar dat pseudoniem?

AAaRGh… is een kreet die men slaakt als er iets misgaat of als men zich ergert. Daar draaien mijn grappen meestal om: herkenbare, dagelijkse situaties die niet goed aflopen. De 3 puntjes achter het woord suggereren dan weer dat de frustratie of de kreet nooit echt stopt, zo ook  mijn eindeloze stroom aan cartoons over de kleine ongemakken van het leven. En last but not least: het alfabetische voordeel, welke een naam die begint met AA biedt: je komt overal bovenaan in alfabetische lijsten en catalogi terecht.

Ik las ergens dat je “blind kan tekenen”. Wat bedoel je daarmee?

Ik deed het bij wijze van grap en het lukte wonderwel. De fijnheid ontbrak een beetje, maar mocht ik oefenen, het zou de perfectie benaderen. Ik teken zó veel dat ik het bij wijze van spreken met de ogen dicht kan doen. Ik ben linkshandig maar kan even goed met de rechterhand tekenen. En… mocht het nodig zijn, dan kan ik het zelfs met de voeten.

Je kan blind tekenen maar kan je ook een gesprek voeren terwijl je tekent maw een soort van multitasken?

Ik doe het soms, noodgedwongen, bij het signeren van een werk, maar het gesprek valt al gauw stil. Ik verlies me in het tekenen, ik focus me op mijn blad en zie of hoor niet langer wat er rond mij gebeurt. Mocht ik bij mijn signeer-en boekenstand mijn vrouw niet in de buurt hebben, men zou heel mijn kraam kunnen leegroven zonder dat ik er erg in heb.

Aan wat moet een beeld volgens jou voldoen opdat het zowel een volwassene als een kind kan raken?

Het moet sowieso een visueel beeld zijn, met een minimum aan woorden, een beeld dat direct duidelijk en helder is. Humor is daarbij een troef. Het is omzeggens onmogelijk een beeld te brengen dat iedereen raakt. Zelfs bij de beste grap zijn er mensen die ze óf niet snappen óf ze persoonlijk nemen. De dag dat ik een cartoon teken waar werkelijk iedereen kan om lachen, stop ik ermee, want dat lukt toch nooit. Je moet iets kunnen tonen dat algemeen is én onschuldig. Dieren zijn dankbare onderwerpen. Je geeft ze menselijke trekjes, mensen herkennen er zich in zonder zich aangevallen te voelen.

Is tekenen jouw spreektaal, jouw voornaamste manier van communiceren?

Babbelen doe ik haast evenveel als tekenen. Ik schrijf boeken,  ik speel theater, ik praat. Maar ik vind het een meerwaarde dat ik mijn gedachten in beelden kan omzetten. Het cliché klopt: een beeld zegt meer dan 1000 woorden. Iets zuiver met woorden uitgelegd krijgen is soms moeilijk. Er passeren dagelijks vele gedachten door mijn hoofd en deze verdwijnen in het niets als ik ze niet onmiddellijk opschrijf. Ik wil ze opslaan vóór ze verdwijnen. Tekenen is mijn directe uitlaatklep. Speelse gedachten, zotte ideeën, absurde dingen ontspruiten uit mijn brein en wil ik onmiddellijk vorm geven.

Werk je met een thema?

Meestal wel. Maar soms wijk ik ervan af. Zo heb ik een periode “aliens” getekend. Maar het bleef niet zuiver bij dat onderwerp. Voor ik er erg in had kwam er bij die alien een piemel of een bloot achterwerk piepen en ging het niet langer om die abstracte figuur en het thema op zich.

Teken je ook nog andere dingen dan cartoons?

Ja, op vakantie, doe ik aan “urban sketching”, dit is tekenen wat ik ter plaatse zie. Zonder grappen of humor maar zuiver de weergave van een mooi beeld. Ik voel me aangetrokken tot de natuur en ook tot gebouwen waar iets aan scheelt, gebouwen met een hoek af. Dat is ook vaak met een landschap het geval, ook een landschap oogt niet altijd  perfect.

Je won in 2018 de – Lang Zullen We lezen trofee – van de VRT voor het kinderboek “De prinses die alles had”. De tekst is van jou maar de illustraties zijn van je vriend Nikola Hendrickx (pseudoniem IOA). Vanwaar deze samenwerking?

Nikola is een vriend en een begenadigd illustrator. Ik vond zijn tekenstijl beter passen bij het verhaal dat ik schreef. We werkten samen aan dat boek in voortdurende interactie.

Naast je tekentalent beschik je ook over een schrijverstalent. In welke van je creaties/producties treedt dit laatste op de voorgrond?

Ik schreef onder andere:

  • de tekst voor mijn theatervoorstelling
  • het verhaal van “De prinses die alles had”: een modern sprookje waarin ik thema’s zoals een huwelijkscrisis en de invloed van technologie (zoals het swipen met een smartphone) verwerk
  • het jeugdboek “Soep”, dat ook geschikt  is voor volwassenen
  • het scenario in mijn strips “Familie De Koninck”
  • teksten en grappen voor TV- en radioprogramma’s

Dan is er nog je derde talent: dat van acteur/performer. Je tourt momenteel, voor het tweede jaar op rij, met je show “Mario, morgen gadegij naar de dokter”. Hoe ben je daar “ingerold”?

Op een bepaald moment kreeg ik de vraag van de Liga Autisme Vlaanderen of ze een cartoon van mij mochten gebruiken. Die cartoon had volgens mij niets met autisme te maken, het ging om het letterlijk nemen van een woord, maar de Liga zag daar een autistische eigenschap in, wat het ook wel is, want een van mijn kenmerken van autisme is taal letterlijk nemen. Ik gaf mijn toestemming en gaf terloops mee dat bij mij, op mijn 31ste autisme was vastgesteld.
Een paar maanden later hield de Liga een congres met experten en 400 begeleiders. Ze vroegen mij of ik bij die gelegenheid over mijn ervaringen wilde komen spreken. De combinatie autisme en humor vonden zij een boeiende insteek, eentje dat ze nog niet hadden gehad.
In mijn eentje praten voor een zo talrijke groep van experten zag ik niet zitten, maar een interview op scène, met vragen die mij op voorhand werden bezorgd en waar ik kon over nadenken, vond ik wel kunnen. Zo geschiedde, het optreden was een meevaller, er werd veel gelachen, de reacties waren unaniem positief. Dat bracht mij op het idee om een show rond mijn autisme op de planken te brengen. Met een hele voorraad aan anekdotes die ik nog niet verteld had, zette ik me aan het schrijven, dat ging snel, binnen de tijdsspanne van 1 week had ik een hele basisvoorstelling bijeen geschreven. Deze stelde ik voor tijdens een try-out in een zaaltje voor 30 toeschouwers waaronder de coördinatrice van de Liga. De dame vond , wat ik ten tonele bracht, zo verfrissend , leerrijk en boeiend, dat volgens haar, heel veel mensen de gelegenheid moesten krijgen de voorstelling te zien. Ze wilde voor mij een serie optredens organiseren.
En zo begon mijn tournee in 2025 en passeerde ik een aantal grote CC’s. Wegens succes nu uitgebreid tot eind 2026.

Schik je na deze theatertournee nog een volgende met een ander onderwerp te doen?

Ik heb een paar ideeën maar ben er nog niet mee bezig. Een autisme vervolgverhaal brengen of dat onderwerp volledig verlaten ? Wat ik meer kans geef is iets te doen met cartoon comedy. Dat is een combinatie van cartoons en theater. Het werkt als volgt : ik geef een voorzet en toon vervolgens de grap in de vorm van een beeld. Ik maak ook gebruik van een flipchart, roep vrijwilligers op het podium en terwijl ik hen uitvraag maak ik een lollig portret van hen. Ik hou ook een cartoon quiz. Wat, waar of wie, stelt deze cartoon voor?
Terloops: ik heb in de loop van de tijd al 481 cartoon raadsels ontworpen.
En nu ben ik begonnen met elke dag 1 van die raadsels op FB te zetten. Ze worden gretig bekeken en door sommigen erg grappig en verrassend beantwoord.

Waar haal je het meest voldoening uit ? Uit je tekeningen of uit je theateroptredens?

In eerste instantie zou ik zeggen dat ik de meeste voldoening haal uit mijn cartoons maar voor cartoons is “voldoening” niet het geschikte woord. “Voldoening” is iets voor achteraf, het is bijvoorbeeld het blije gevoel na een succesvol optreden, bij het applaus dat je te beurt valt. Dus is het correcter te zeggen dat ik de meeste voldoening haal uit mijn podiumaktes.
Voor mijn cartoons is het woord “genot” meer van toepassing. Zonder stress, rustig thuis genieten van het tekenen.

Hoe kijk je terug op je carrière en hoe zie je het vervolg?

Ik wou van mijn hobby mijn beroep maken. Dat is gelukt. Er zijn in mijn carrière momenten geweest dat ik goed geld verdiende maar het tegelijk ook veel te druk had. Ik maakte elke dag 2 cartoons voor Sp!ts (nl) en moest daarvoor de Nederlandse actualiteit volgen. Tegelijk werkt ik voor Metro en schreef ik oneliners voor de Rechtvaardige Rechters. Ik werkte voor TeVe-Blad. Voor al die dingen moest ik op de hoogte zijn van de actualiteit… TV kijken was werk voor mij, krant lezen was werk… alles wat andere mensen deden voor ontspanning was voor mij werk.
Vele van de tijdschriften waarin ik publiceerde, bestaan ondertussen niet meer of besparen op cartoonisten. Maar geen nood, ik heb werk zat, ik maak mijn eigen werk en dat in alle rust.

Mocht ik niet zo graag tekenen en mocht ik een luierik zijn, ik zou werkloos en inkomst loos zijn.
Ik blijf consequent elke dag 3 à 4 cartoons maken en op Facebook zetten. Het aantal volgers en het aantal mensen die me leren kennen neemt toe. Indirect levert dat geld op door de verkoop van mijn boeken en gadgets. Ik verkoop ook meer en meer originele tekeningen.
Los van het feit dat ik het graag doe, blijf ik tekenen om van mijn boeken en merchandise te kunnen leven. En misschien mettertijd het theater te kunnen laten varen, want dat brengt toch stress en spanning met zich mee.
Het begint te lukken maar is nog niet voldoende. Ik moet investeren vóór ik kan verdienen. Bovendien is alles wat we maken kwaliteit en kwaliteit heeft zijn prijs. Zo hebben we bvb bedrukte t-shirts die niet krimpen en jarenlang mooi blijven.

Tot slot: Wat onthouden we van Mario als kunstenaar en van zijn werk?

Mario’s succes ligt niet in de complexiteit van zijn tekeningen maar in de nietsontziende eerlijkheid van zijn blik. Waar andere cartoonisten de werkelijkheid uitvergroten om te spotten, filtert AAaRGh… de realiteit om haar begrijpelijk te maken. Zijn werk bewijst dat minimalisme geen gebrek aan detail is, maar een overvloed aan focus. Mario De Koninck tekent niet alleen wat hij ziet; hij tekent hoe hij de wereld verwerkt. Dat maakt hem niet alleen een begenadigd cartoonist maar één van de meest relevante visuele verhalenvertellers van zijn generatie. Een kunstenaar die met één enkele, trefzekere lijn de chaos van het bestaan weet te temmen.

INFO

Website Mario DE Koninck https://shop.aaargh.be
Facebook
https://www.facebook.com/profile.php?id=100043442515079
Instagram https://www.instagram.com/aaargh.cartoons
Speellijst optredens https://shop.aaargh.be/Autismevoorstelling-Mario-morgen-gadegij-naar-de-dokter-%F0%9F%8E%AD-c164918794
Info mario.dekoninck@telenet.be of info@aaargh.be

Tekst en fotografie Bernadette Van de Velde

Verstilde taal

Na de ‘sprekende’ expo RE-ASSEMBLED kiest Tale Art Gallery, met curators Christine Adam en Tanja Leys, dit maal voor een ‘stille’ tentoonstelling VERSTILDE TAAL.

Curator Christine Adam omschrijft de expo als volgt:

De prachtige titel van deze tentoonstelling, Verstilde taal, heeft in deze context geen taalkundige betekenis maar verwijst naar de beeldtaal die de vier kunstenaars hanteren.
Het is een taal die oproept, die suggestief en meditatief is. In het zoeken naar de essentie, naar het tijdloze, naar verstilling, elimineren de kunstenaars het overtollige. Alles wordt rust en ingetogenheid terwijl de toeschouwer gestimuleerd wordt aandachtig te kijken en de intensiteit te voelen die het kunstwerk weerspiegelt.
Christine Adam

Kunstenaars

MARNIX HOYS
BERNARD SERCU
REBECCA DUFOORT
ANNE DE MAESSCHALCK

De figuren van MARNIX HOYS hebben geen armen of armen die te kort zijn, staan ​​op stevige benen met voeten die veel te klein zijn, hebben inkepingen of ‘misvormingen’ in hun intens zwarte huid en hebben vaak geen ogen of slechts rudimentaire aanduidingen van een gezicht. Ze dragen bellen, ‘rugzakken’ of andere toevoegingen. Letterlijke en symbolische betekenis gaan hand in hand.
Het leven van Marnix Hoys is doordrenkt van keramiek. Gedurende zijn carrière was hij de drijvende kracht achter het keramiekatelier van Sint-Lucas Gent, waar hij zelf in de jaren 60 studeerde. Als kunstenaar heeft hij ook bijgedragen aan de moderne geschiedenis van de sculpturale keramiek in onze regio.
Zijn passie voor de menselijke figuur en de relatie ervan met de natuur is een integraal onderdeel van zijn oeuvre. Een andere doorslaggevende factor is ongetwijfeld zijn intense interesse in de technische kant van het ambacht, waarvoor hij nog steeds regelmatig naar Japan reist om zijn vaardigheden te verfijnen. Hij put ook inspiratie uit de Japanse cultuur voor de vele symbolen die zijn werk zo uniek maken.
tekst Gustaaf Vander Biest
website Tale Art Gallery https://taleartgallery.be/

Het werk van BERNARD SERCU is grotendeels verbonden met zijn onderzoek naar het materiaal van het medium dat hij gebruikt – hout, papier of canvas – en naar het ritme van inkepingen en markeringen. Op deze manier drukt hij perfect de diepe oorsprong van de iconoclastische vernietiging uit en gebruikt hij deze om een ​​nieuw beeld te creëren. In zijn visuele wereld roept vernietiging een daad van wederopbouw op.

De vervorming van het oppervlak van het medium is een permanent kenmerk van zijn oeuvre en de essentiële weg naar vernieuwing. De symboliek – cirkel, vierkant, lijn – is niet alleen een fundamentele ingreep, maar ook een uitdrukking. Het is ingebed in een overwegend geometrisch abstracte structuur waarin herhaling een opmerkelijke rol speelt en een duidelijke, herhalende inkeping een ritme impliceert dat een fundamenteel idee weerspiegelt.
tekst website Tale Art Gallery https://www.instagram.com/taleartgallery.be/

REBECCA DUFOORT werkt binnen een abstract-minimalistische, constructivistische beeldtaal, waarin schilderkunst een onderzoek wordt naar vorm, lijn, kleur en ritme.
Fragmenten van landschap en architectuur worden vertaald naar heldere structuren van vlakken en banden, waarin ritme, balans en stilte centraal staan. Olieverf wordt gecombineerd met matte acryl, waardoor subtiele variaties in glans het oppervlak laten reageren op licht en diepte creëren binnen aangrenzende of overlappende kleuren. Het gebruik van diverse dragers geeft bepaalde werken een sculpturale kwaliteit, waardoor hun relatie met de ruimte wordt versterkt en ze uitnodigen tot langzaam, aandachtig kijken.
In mijn werk zoek ik steeds naar de spanning tussen orde en intuïtie. Terwijl de constructieve logica van lijnen en vlakken een zekere strengheid oproept, brengen kleine verschuivingen, onregelmatigheden en nuances in toets en glans een menselijke maat aan. Zo ontstaat een stille kracht, een verstilde intensiteit die de blik vertraagt en ruimte laat voor reflectie. Mijn werk nodigt uit tot aandachtig kijken, tot het ervaren van evenwicht, adem en stilte — een zeldzaam tegengewicht voor de snelheid van onze tijd.
info Instagram account https://www.instagram.com/taleartgallery.be/

ANNE DE MAESSCHALCK Een “leesbaar” landschap werd de voorbije jaren extreem vereenvoudigd. Wat overbleef was de impressie ervan: stilte en rust. Nu vertrek ik vanuit vormen die naar verhouding toe zo evenwichtig mogelijk zijn en vaak vanuit een gelaagdheid tevoorschijn komen. Ze hebben op zich geen betekenis, bestaan soms op zichzelf of worden onlogisch verbonden. Ze willen een persoonlijke invulling mogelijk maken maar het belangrijkste is dat ze een moment van rust en stilte veroorzaken en aanbieden. De materiaalkeuze moet hiervan ten dienste staan.
info Instagram account https://www.instagram.com/taleartgallery.be/

INFO

Expo “VERSTILDE TAAL”
25 JANUARI > 22 FEBRUARI 2026

Open
vr-za 14>18u
zo 11>17u

MARNIX HOYS https://www.instagram.com/marnixhoys/
BERNARD SERCU https://www.instagram.com/bernardsercu/
REBECCA DUFOORT https://www.instagram.com/rebeccadufoort/
ANNE DE MAESSCHALCK https://www.instagram.com/annedemaesschalck/

▪ VERNISSAGE & RECEPTIE
zondag 25/01 van 11u > 18u
Introductie kunstenaars om 15u door CHRISTINE ADAM, kunsthistorica

▪ APEROCONCERT
zondag 08/02 11u >12u
Yohrind Naidu
solorecital  
van Dowland’s polyfone weefsels tot Merz’s rhapsodies over 5 eeuwen (klassieke gitaar)

▪ FINISSAGE
zondag 22/02 11u > 18u
de kunstenaars zijn aanwezig vanaf 14u

▪ LOCATIE
TaLe Art Gallery – Vlierzeledorp 12A – 9520 Vlierzele
+32 476504952
info@taleartgallery.be

RE-ASSEMBLED

Tekst en foto Kathleen Ramboer

Een groepsexpo naar aanleiding van drie jaar Tale Art Gallery

Tanja Leys, bezieler van Tale Art Gallery, zei in 2022 haar loopbaan als ingenieur in de farmawereld vaarwel om haar passie voor kunst te volgen. Ze opende een kunstgalerie in het kleine dorp Vlierzele, wat een sprong in het ongewisse betekende. Nu drie jaar later organiseert Tanja Leys een expo met 11 kunstenaars van het eerste uur, kunstenaars die deelnamen aan haar eerste tentoonstellingen. Heel nieuwsgierig aanvaard ik de uitnodiging tot een preview.

Eenmaal de deur geopend, valt mijn blik op een explosief kleurrijk werk van Manon De Craene, geflankeerd door een sculptuur van Hilde Van de Walle. Beide houden de belofte in van een kleurrijke, feestelijke expo. De inkomhal en de opvallende benedenruimte, geschilderd in een gewaagd diepblauw gelijkend op Yves Kleins ‘International Klein Bleu’, verwelkomen me met werk van Anne Vanoutryve, Manon De Craene, Hilde Van de Walle, Inge Dompas, Hervé Martijn, Chris Vanderschaeghe. We zijn benieuwd naar wat Tale Art Gallery nog te bieden heeft en nemen de trap naar boven om het werk van nog meer kunstenaars te ontdekken: Johan Clarysse, Kathleen Ramboer, Inge Dompas, Stephanie Gildemyn en Philippe Badert. Daar knoop ik een gesprek aan met Tanja Leys over de voorbije drie jaar en de nieuwe expo RE-ASSEMBLED.

Het gesprek

Kunstpoort Je galerie bestaat drie jaar. Is je kijk op de kunstwereld gedurende deze drie jaren veranderd? Dacht je een andere wereld aan te treffen?
Tanja Leys Aanvankelijk focuste ik me vooral op gevestigde waarden, kunstenaars die reeds hun sporen verdiend hebben in de wereld van de kunst. Ik werkte ook af en toe samen met andere galeries. Nu ga ik liever zelf op ontdekking, op zoek naar originele, unieke talenten waarmee ik mijn publiek kan verrassen. Jong talent heeft nood aan aanmoediging, moet en mag een kans krijgen. Om die reden bezoek ik regelmatig het atelier van jonge, pas afgestudeerde kunstenaars. Zij krijgen soms moeilijk de kans tentoon te stellen in een galerie.
Op de sociale media presenteert kunst zich in een stroom van afbeeldingen. Deze nieuwe platformen zijn voor mij een unieke mogelijkheid om intrigerende kunstenaars te ontdekken.

Kunstpoort Heb je kunstvormen, kunstenaars, kunstwerken, stijlen… leren appreciëren waar je vroeger minder voor openstond?
Tanja Leys Ik sta nu meer open voor abstracte kunst, vooral poëtisch abstract, en conceptuele kunst, kunst buiten een traditionele context. Christine Adam introduceerde me bij een aantal kunstenaars die kiezen voor eenvoud, minimale uitgepuurde kunst, voor een eerlijke abstractie. In de galerie kon het afgelopen jaar de kunstliefhebber abstracte kunst beschouwen.

Kunstpoort De expo RE-ASSEMBLED toont vooral figuratieve kunst. Is dit een bewuste keuze?
Tanja Leys Ik vind het belangrijk diverse stijlen te brengen. Een coup de coeur kan mij overkomen bij zowel figuratieve als bij abstracte kunst. Graag wil ik beide vertegenwoordigen.

Kunstpoort Het is ongelooflijk welke boeiende kunstenaars je bracht, kijk je tevreden terug op de voorbije drie jaar?
Tanja Leys Absoluut, ik betreur mijn beslissing een galerie te starten zeker niet! Trots ben ik op de 16 expo’s die de revue passeerden, fier op de kunstenaars die ik kon presenteren aan een geïnteresseerd kunstpubliek. Dankbaar kijk ik terug op het vertrouwen dat ik van de kunstenaars kreeg, nodig om knappe, originele tentoonstellingen op te bouwen. Ze lieten me binnen in hun passionele wereld met vele verhalen over inspiratie, technieken, verleden en toekomst.

Kunstpoort Een curator werkt soms mee aan een tentoonstelling, heb je dan het laatste woord? Aanvaard je zijn keuze onvoorwaardelijk?
Tanja Leys Ik verkoos 5X met een curator samen te werken. We zochten samen een thema, ook de selectie gebeurde in samenspraak. Het is gewoon fijn met zijn tweetjes een expo te realiseren, visies te delen, feedback te ontvangen. Samenwerken met een curator helpt mij nog beter de taal van de kunst te begrijpen, dat is voor mij een boeiend leerproces.
Bij de meeste expo’s nodig ik een spreker uit voor de introductie en het schrijven van een korte tekst over de expo. Dit kan zowel een curator, kunstcriticus of kunstminnend persoon zijn.

Kunstpoort Voor de tentoonstelling RE-ASSEMBLED ben je zelf curator. Het zijn niet alleen 11 kunstenaars die je nauw aan het hart liggen maar ook kunstenaars die sterk uiteen liggen wat stijl en techniek betreft. Een moeilijke opgave?
Tanja Leys Ongetwijfeld, de opstelling bleek een uitdaging. Het resultaat mag er zijn. De expo weet te verrassen. Verwondering, bevreemding, verrassing… schuilt om elke hoek.
RE-ASSEMBLED is dan ook bewust gekozen. De expo is een dynamische tentoonstelling, een ontmoeting tussen diverse kunstenaars die me gesteund hebben, een assemblage van stijlen en kunstvormen. RE-ASSEMBLED is een expo van gelijkgestemden die niet alleen goede kunst creëren maar ook kunstenaars zijn met een warm hart.

De preview

Wat valt me op bij een eerste kijk op de expo?
Ontelbare indrukken komen op me af. RE-ASSEMBLED brengt vooral tijdloze kunst.
Is de expo een staalkaart van wat er in de kunstwereld te zien en te beleven is? Enigszins wel. Ik ontdek een magische combinatie van stijlen en kunstenaars. Deze mix wil ik laten bezinken om later, bij een tweede bezoek, de draad terug op te nemen.
Bij de ene kunstenaar staat de mens centraal, bij de andere de natuur. En ergens ontstaat er een match made in heaven, toepasselijk bij het koningsblauw van de ruimte bij het binnenkomen.


De kunstenaars

Hervé Martijn

Zijn schilderijen ogen esthetisch, verhullend en onthullend. Ze hebben de kracht om te behagen. ‘Het meisje’ op het canvas intrigeert en ontlokt een innerlijke vraag: ‘Wat wil de kunstenaar ons vertellen?’ Als toeschouwer mag jezelf een verhaal bedenken.
De blauwen van de intimistische schilderijen zijn mysterieus en sereen, de roden warm oranje. Rood en blauw contrasteren niet maar vullen elkaar aan in de bedachtzaam geschilderde werken. Als ik kijk laat ik de schoonheid binnen in mijn ziel.

Philippe Badert

Het benadrukken van silhouetten, het compositorisch afbakenen met warm gele lijnen blijft me bij, telkens ik werk van de kunstenaar aanschouw. Hij beklemtoont niet alleen het specifieke van een houding maar het is ook een picturaal aspect dat vrolijk stemt. Dit opvallende gebruik laat hij achterwege in enkele recente schilderijen. De nadruk ligt meer op de inhoud dan op de vorm. Hij onderzoekt de invloed van de sociale media op de mens en specifiek op de kunstenaar. De kunstenaar die wil gezien worden en toch zijn gevoelens, emoties niet wil te grabbel gooien. Hij doet dat met ongekunstelde, gestileerde figuren en gezichten vermomd als pixels.

Chris Vanderschaeghe

Chris Vanderschaeghe schildert zijn mysterieuze ingetogen omfloerste portretten in zachte, poëtische pastel kleuren. De portretten kijken niet vrank en vrij de wereld tegemoet, alsof ze niet recht in de lens durven te kijken. Vaak maakt hij het perfecte plaatje op een zachte stijlvolle manier lichtjes onherkenbaar net of de geportretteerden hun ware gezicht niet willen tonen aan de kijker. Misschien toont niemand zijn ware ik aan de buitenwereld?

Anne Vanoutryve

Anne Vanoutryve interpreteert de natuur expressief, zonder rem op borstel en verf. In haar werk bruist de natuur van leven, voel je de buitenlucht, de wind waaien, de zon branden. Hier schildert een kunstenaar die de natuur en de verf liefheeft. Bekijk daarbij de penseelstreken veroorzaakt door een fors gebaar van de borstel en je moet er geen verhaal bij vertellen. Het is puur genieten.

Johan Clarysse

De werken van Johan Clarysse zijn narratief, hij bekijkt de wereld, schildert de mens, gaat in op sociale issues die de wereld raken. Vaak geven de schilderijen van Johan Clarysse een onaffe indruk. Het werkproces, de onderschildering blijft zichtbaar aanwezig. Zo wint zijn werk aan picturaliteit en gelaagdheid. Zijn tekeningen verwijzen vaak naar de schilderijen. Wat was er eerst, de tekening of het schilderij? Het speelt geen rol, het zijn aparte pareltjes die je los van elkaar kunt zien maar ook samen. Zien we een geschilderde tekening of een getekend schilderij?

Inge Dompas

Inge Dompas observeert en registreert. Ze schildert de stad in al zijn facetten: een vluchtig moment, een weerspiegeling, een reflectie. Ze borstelt dromerig een realiteit, ziet de bizarre schoonheid van een drukke stad. Vaak gebruikt de kunstenaar vogelperspectief waardoor ze afstand neemt van haar onderwerp en de compositie een speelse allure bezorgt.

Stephanie Gildemyn

Stephanie Gildemyn verdiept zich in de mythologie en verwerkt een oeroude beeldtaal in een persoonlijk werkproces. Het resultaat is werk dat de verbeelding prikkelt. De blauwen vallen op en zijn intens. Het werk dat ze hier toont doet me verlangen om nog ander werk van haar te ontdekken.

Anouk Thys

Anouk Thys zorgt voor afwisseling in de expo. Vindingrijke kleine keramieken sieren de witte muur en brengen stilte en rust middenin de kleurenovermacht van de andere kunstenaars. Het is alsof haar wandsculpturen mediteren en samen overleggen luid te roepen: ‘hier zijn we!’ Dit is helemaal overbodig, haar werk dwingt de toeschouwer dichtbij te kijken naar de fijne structuren, speciale natuurlijke kleuren en het gebruikt materiaal. Ik wil ze aanraken maar blijf er toch wijselijk af.

Manon De Craene

Manon De Craene schildert explosief met warme kleuren die elkaar dreigen te verdringen maar toch samen hun eigen plaats veroveren op het canvas. Op haar doeken vind ik een geordende chaos terug. Ik zie vormen en kleuren samen op reis naar een bestemming, het definitieve schilderij. Haar schilderijen lijken me intuïtief en spontaan in één ruk geschilderd. Maar zoals zo vaak het geval is, misschien sla ik de bal volledig mis en schildert ze bedachtzaam, vlak na vlak, streep na streep.

Kathleen Ramboer

Kathleen Ramboer houdt van de natuur en dat merk je in al haar werken. Maakt ze foto’s, schilderijen of tekeningen, alles gebeurt in de buiten lucht, en plein air, zonder vooropgesteld plan. Bomen blijken door de jaren heen haar belangrijkste inspiratiebron. Bomen in het bos, in het park, op de wei, op foto, op doek, op papier, op karton…, getekend met potlood, geschilderd met acrylverf.. in alle seizoenen, onder diverse hemels…  het kan allemaal.
De kunstenaar schuwt het experiment, noch mislukkingen, dat houdt de drang om te creëren levendig. Haar reeks ‘Grenzeloos’ is daar het levendig bewijs van.

Hilde Van de Walle

Ook Hilde Van de Walle zorgt voor diversiteit. Haar beeldend werk omvat sculpturen in brons en composiet. Blauwgrijze en aardkleurige figuren vullen sierlijk de ruimte, zijn discreet aanwezig. Haar grootse zorg is niet de juiste anatomie nastreven maar door weglaten van lichaamsdelen een boeiende vorm scheppen met een sterke uitstraling. Enkele sculpturen groeien vanuit een bol- of peervorm, alsof de beelden balanceren op de rand van de wereld, op de grens tussen droom en daad. Onbewust maken ze, zonder armen, een evenwichtsoefening die ze met glans doorstaan.

Het is geen uitgesproken stille tentoonstelling. Enkele werken roepen luidop en kleurrijk, andere fluisteren zacht. Ik raad de bezoeker aan zijn intuïtie te volgen, vaak op zijn stappen terug te keren, open te staan voor wat op je afkomt, te genieten van RE-ASSEMBLED met de ogen wijd open maar ze ook even te sluiten  om weg te dromen en een verhaal te verzinnen want tenslotte ben je in Tale Art Gallery.

Tekst en foto Kathleen Ramboer

INFO EXPO

Expo ‘RE-ASSEMBLED’
TaLe Art Gallery
Vlierzeledorp 12A, 9520 Vlierzele
+32 476 50 49 52
21nov tot 21 dec
https://taleartgallery.be/expo-21-11-2025-21-12-2025/

Open
vrijdag . zaterdag 14>18h
zondag 11>17h

Hervé Martijn
Anne Vanoutryve
Chris Vanderschaeghe
Anne Vanoutryve
Johan Clarysse
Philippe Badert
Stephanie Gildemyn
Annouk Thys
Manon De Craene
Inge Dompas
Hilde Van De Walle

opening en receptie
vrijdag 21.11 18h > 22h
de kunstenaars zijn aanwezig

INFO KUNSTENAARS

curator @tanja_leys
@kramboer
@hervemartijn
@philippe.badert
@chrisvanderschaeghe
@anne.vanoutryve
@johanclarysse.art
@ingedompas
@stephanie_gildemyn
@annoukthys
@manon.de.craene
@hilde_van_de_walle

ENTER

tekst en foto Kathleen Ramboer

De expo ENTER kan je bezoeken in de Pastorie van het landelijke Munte. Annick Wallaert, Begga Vermaelen, Els Malyster en Tom Van Nuffel stellen er tentoon. Het viertal studeerde vrije grafiek maar daar bleef het niet bij. Hun artistiek pad maakte zijsprongen naar diverse andere technieken. Het viertal stelt het leven centraal, het persoonlijk leven, het leven van elke dag. De kunstenaars vertonen betrokkenheid met hun omgeving, de mens en de wereld van vandaag. ENTER is een dialoog tussen bevriende kunstenaars over het onuitgesprokene, over wat nog leeft, ook als woorden ontbreken. Annick Wallaert.

ANNICK WALLAERT

Annick Wallaert communiceert het liefst via haar schilderkunst. Annick was voor mij de kunstenaar van expressieve, kale bomen, grafisch van opzet, bijna getekend, ze staan mooi te wezen op een effen kleurig vlak. Deze periode is verleden tijd. Bij het aanschouwen van de nieuwste canvassen vorm ik me een beeld over het hoe en waarom, over de gedachte die ze wil overbrengen.

Wat de reeks ‘Our unlived Life’ betreft, sla ik de bal compleet mis. Haar felle roden en rozen roepen bij mij passie en rebellie op. Niets is minder waar. De heftige kleuren zijn de vertolkers van haar gebarsten ziel, van haar droefheid, haar kwetsbaarheid en veerkracht, van haar emotionele landschap. De kleuren staan volgens Annick symbool voor een huid die leeft, zacht en kwetsbaar tegelijk. Door mijn verdriet zijn de roden hevig, vertrouwt Annick me toe. En leven dat wil ze… de kunst helpt haar hierbij; kunst is voor haar hét middel om te overleven.

Our unlived Life – pastel

Mij lijken de werken spontaan geschilderd. Ook hier heb ik het mis. Annick benoemt ze als SLOW ART. De canvassen bouwt ze heel traag op, laag op laag. Ze start heel zachtjes om later heftig te eindigen.
In de dominante verticalen vermoed ik een tralies, een hek… metaforen voor een zekere onvrijheid waar de kunstenaar wil aan ontsnappen. Annick repliceert: Sangatte, daar ligt de oorsprong van die geschilderde verticalen, Sangatte het dorp waar de vluchtelingen vertoeven om van daaruit de overtocht te wagen. De rechtopstaande lijnen zijn houten spijlen van neergewaaide hekkens maar voor mij zijn het beenderen van de ontheemden op zoek naar andere betere horizonten. Deze reeks ‘Sangatte’ is gestart in 2022 vanuit een maatschappelijke universele achtergrond en evolueerde naar ‘Unlived life’ die vertrekt vanuit mijn persoonlijke beleving. Ik lees veel boeken over psychologie, de reeks is genoemd naar een quote van Carl Gustav Jung: ‘Our unlived life, the unseen – unfelt parts of our psyche’ . De quote verwijst volgens Annick Wallaert naar ‘… dingen die er altijd zijn maar niet aan de oppervlakte komen of mogen komen’, naar het collectief onbewuste.

uit de reeks Our unlived Life

Het niet negeren van haar verdriet, het op het canvas wegschilderen van een donkere tijd, helpt de kunstenaar deze periode in haar leven af te sluiten.

BEGGA VERMAELEN

Kunst is de rode draad in het leven van Begga Vermaelen. Kleurpotloden waren de poppen van haar kindertijd. Na haar middelbare studies kunstonderwijs kiest ze uit onzekerheid voor conservatie en restauratie van muurschilderingen. En toch de drang naar creatie blijft kriebelen. Nu is vrije grafiek onder de vorm van houtsneden haar passie. Laatst verschenen ook mezzotinten op het appel.

Houtsnede en boekje, handmatig vervaardigd door Begga Vermaelen, met Japanse binding – houtsneden aangevuld met partijen in potlood

Hoe komt het toch dat jij moeilijke technieken als mezzotint, houtsneden… zo snel beheerst, vroeg ik haar. Waarschijnlijk omdat ik door mijn beroep als restaurateur vertrouwd ben met vele technieken, je pikt gemakkelijker in op handelingen, was het antwoord. Ze heeft het in de vingers, dat zie je zo.

Houtsnede, 6 lagen, 2 verschillende drukken van eenzelfde werk

Ze aanbidt de schoonheid van het alledaagse. De straat, haar omgeving en haar persoonlijke leefwereld… voeden haar kunst. De houtsneden ogen desolaat, geen spoor van mensen en toch zijn ze ergens aanwezig. Dit heeft ze gemeen met Koen van den Broek: de fascinatie voor stoepranden, straatstenen en modernistische architectuur.
Licht, schaduw, rechte lijnen en een subtiele vlakverdeling zijn de basis bouwstenen, de fundamenten waarop haar werk gebouwd is. Wellicht brengt deze zoektocht, deze queeste naar een ruimtelijk onderwerp haar dichter bij de abstractie. Bij Begga Vermaelen ligt volgens mij deze mogelijkheid voor de hand.
Bij restauratie heb je oog voor het detail daarom waren haar vroeg schilderijen meer verhalend realistisch nu opteert Begga Vermaelen resoluut voor de essentie, de eenvoud, zelfs voor eliminatie, het uitpuren van een onderwerp. Een boom bestaat uit 2 lijnen, een weg is een vlak, een huis telt horizontale lijnen en verticale… Wie woont in het huis, waar zijn de tafel, de stoel, de zetel, het bed? Bij haar heeft het publiek het laatste woord. De beschouwer verbeeldt zich een verhaal, zoekt tekst bij het beeld, vult de ruimte in. Haar werken halen het creatieve in de toeschouwer naar boven. En dat is fijn.

ELS MALYSTER

Els Malyster studeerde vrije grafiek, voelde zich niet thuis in die richting en koos zoals Begga Vermaelen voor de restauratie. Na 25 jaar werken als restaurateur was de passie op de vlucht en studeerde ze avondles keramiek. Ze startte met gebruiksvoorwerpen maar nu zoekt Els Malyster het artistieke op. De ideeën om beelden te creëren hopen zich op, dwalen rond in haar dromen, klaar om uit te breken. De materiaal kennis en vaardigheden, verworven tijdens de restauratie van muurschilderijen, zijn nuttig voor haar kunst van nu. Oude materialen boeien haar, afval containers zijn voor haar een schatkist met uniek materiaal. In het atelier stapelen de verzamelde voorwerpen zich op. Ze maakt er objecten mee waar niet altijd een concept in terug te vinden is. Dat hoeft ook niet voor haar, iets moois maken dat wil ze wel. Kunst mag toch ook amusement zijn? Het maakproces vindt ze fantastisch en dat kan je zien aan de schopjes die ze omtoverde tot kunstvoorwerpen.
Ook werk dat spreekt toont ze hier in de Pastorie. Wat in de wereld gaande is beroert haar. Als reactie creëerde ze een pot met een tekst die de mensen wil aansporen te communiceren, met elkaar te praten, wie weet helpt dat de wereld vooruit. De werken met de neuzen en oren hebben dezelfde bedoeling. De oren zijn gelabeld met de tekst LUISTER, in vele talen, Chinees, Russisch…. De neuzen… die wijzen in dezelfde richting, eentje niet, altijd is er die ene dwarsligger. En dat hoeft niet negatief te zijn.


Haar beelden zijn verstild, doen me denken aan dodenmaskers, zonder uitdrukking. De inspiratiebron blijkt een Weens museum, een ziekenhuis, een soort  rariteiten kabinet waar wassen afgietsels van psychisch zieke mensen te zien zijn. Tijdens covid trok de kunstenaar zich terug in haar atelier om deze werken te maken. Zo kwam ze er tot rust, haar beelden vertolken die stilte, die concentratie, het alleen zijn ver van de turbulente wereld buiten het atelier, het berusten.
De psyche, het fysische en medische zijn drie pijlers die je terugvindt in het werk van Els. ‘Is dat niet wat depri?’ vraag ik de kunstenaar. Els Malyster: ‘Helemaal niet, het is pure fascinatie.’ Haar oma had een Larousse médical illustré. De prenten met afwijkingen van het menselijk lichaam, van allerlei vreemde ziektes die de huid en het uiterlijk van de mens extreem veranderen, die waren het meest bekeken. Bij oma werd het zaadje geplant, nu zie je de vruchten waar elke kunstliefhebber mag en kan van genieten.

TOM VAN NUFFEL

Tom Van Nuffel is graficus van opleiding maar grafiek verdween op de achtergrond, fotografie neemt sinds 2002 de overhand. Bij de opstelling fotografeer ik zijn werk. Rapper gezegd dan gedaan. Zijn foto’s voorziet Tom Van Nuffel met een laagje epoxy en dat maakt mijn taak oh zo moeilijk. De herfstzon speelt met het glanzend oppervlak, brandt optisch witte vage vlekken in het beeld, creëert een nieuwe foto, een gelaagdheid die de fotograaf niet voor ogen had. Fotografie is spelen met licht, hier in de Pastorie speelt het zonlicht met de foto. Ik beleef een magisch moment. Ook zonder het spelende zonlicht zijn de foto’s één en al mysterie. Ze omarmen de poëzie van het onvolmaakte. Soms is het raden naar het onderwerp. Zie ik een vlieg of is het een zwarte vlek? Is dat varkentje wel echt? Wat verstopt dat vervuilde glas, die aangeslagen ruit? Zoals Begga Vermaelen vindt hij inspiratie in zijn dagelijkse omgeving of onderweg. Op reis, in een museum… overal komen de onderwerpen naar hem toe. Als professioneel fotograaf, illustrator, grafisch vormgever (bij onder andere Collect, de Gentenaar, het jaarboek Snoecks, De Standaard… ) werkte hij met haarscherpe foto’s, de perfectie nabij. Hier in Munte toont hij creatieve fotografie, ver van de glossy magazines. Zijn foto’s zijn digitaal met een analoge uitstraling. Misschien omdat Tom Van Nuffel als graficus het niet laten kan de foto’s bij te werken met potlood en inkt?

links werk van Els Malyster en Tom Van Nuffel – rechts foto Tom Van Nuffel

foto Tom Van Nuffel

Ook lichaamsdelen bevolken de foto’s. Zoals bij zijn partner Els Malyster heeft het menselijk lichaam een plaats in zijn kunst. Een fascinatie voor skeletten, beenderen en rariteiten ligt aan de oorsprong. Zijn grootvader woonde tegenover een slachthuis. Tom Van Nuffel: ‘Ik zag horens van een stier, oren van een koe….ook dat liet zijn sporen na, ik was er niet vies van.’ In de kunstschool Sint-Lucas kwam de betovering nogmaals de kop op steken tijdens het waarnemingstekenen en modeltekenen waar een geraamte de klas sierde. Op een vorige expo, een tijdje terug toen AI nog weinig bekend was bij het grote publiek, hadden kijkers het vermoeden dat hij AI benutte, wat helemaal niet het geval was. Sculpturen, gefotografeerd in musea overal ter wereld, geeft hij een ander aanzicht. Ook zonder AI kan de fotograaf Tom Van Nuffel zijn foto’s een twist geven.

Het sterk persoonlijk werk van deze vier kunstenaars maakt indruk. Zoals de herfstzon tijdens mijn bezoek aan de Pastorie, zet ik de expo graag in het zonnetje.

Tekst en foto Kathleen Ramboer
gefotografeerd tijdens de opbouw van de tentoonstelling

INFO

Pastorie Munte
Munteplein 6
Merelbeke – Melle
za 1 nov van 15u tot 20u
open 2nov 7 nov 8nov 9nov
telkens van 11u tot 18u

https://www.instagram.com/wallaertannick/

https://www.instagram.com/begga_vermaelen/

https://www.facebook.com/tomvannuffel

https://www.instagram.com/ateliergloed/