WAK – Wie niet weg is – Theaterstuk van de Bromvlieg

Zaal Zirkus aan de Zirkstraat 36 te Antwerpen bereik je via een poort met daarachter een klein gezellig pleintje dat de toegang tot het theater onthult. De zachte lentetemperaturen zorgen voor een zuiders sfeertje. Jongelui hebben zich buiten op een stoel of op de grond genesteld en genieten van de warme avond.

Ook binnen in het kleine maar gezellige cafetaria wachten bezoekers op de aanvang van het spektakel. Even na 20 uur worden we uitgenodigd om plaats te nemen in de theaterzaal.

Het podium is verlicht. De personages zijn aanwezig. Een jongeman staat recht, beweegloos. De andere zes liggen twee per twee, in lepeltjeshouding, op de grond. Allen dragen ze wit ondergoed.

Eenmaal de bezoekers zich geïnstalleerd hebben, ontrolt zich een boeiend toneelstuk.

De regisseur licht toe

In juni vorig jaar werden de audities georganiseerd voor het toneelstuk dat in het kader van de ‘Week van de Amateurkunsten’ – uitgave 2017 – door Bromvlieg zou gebracht worden. Het hele theaterstuk moest een productie worden, uitsluitend gerealiseerd door studenten, inclusief het regiewerk.

Sofie werd verkozen tot regisseur van het stuk en kon zo de wereld van de regie verkennen. Die bracht veel verrassingen met zich mee. Het werd een ware uitdaging om met ideeën voor de proppen te komen, een decor te ontwerpen, gepaste overgangen in het toneelstuk te bedenken, …  Maar daar bleef het niet bij. Ook op menselijk vlak werd het een ware leerschool. Haar leiderschapscapaciteiten werden op de proef gesteld, dit in een gezelschap van voornamelijk studievrienden, wat eveneens haar sociale vaardigheden uitdaagde.

In oktober 2016 hadden de audities voor de acteurs plaats en een week later ging het project werkelijk van start.

Dit was het gegeven: “Zes personages bewandelen dezelfde straat, op de weg komen ze iemand tegen. De stad is hun terrein, een speelveld waar ze blikken gaan spotten en werelden vangen. Vanaf daar is is hun verhaal verschillend. Wie ze zijn, dat hangt van jou af. Zie jij wat ik zie? Een stuk dat speelt met de kracht van perspectief en het heilige geloof dat iedereen een verhaal te vertellen heeft.”

Het eindverhaal is van de hand van Sofie: Simon, één van de twee mannelijke acteurs, vertelt hoe hij zijn broertje is kwijtgeraakt. Iedere dag keert hij terug naar de plaats van het onheil waar hij de voorbijgangers observeert en zich de verhalen voorstelt die ze met zich meedragen. Dit is het verhaal dat alle andere stukjes verklaart. Het is aan de kijker om die stukjes samen te brengen en de symbolische rode draden in het verhaal te ontdekken. Zo is er bijvoorbeeld de link tussen het openbaar vervoer en de achtergrond van het decor die tijdens het toneelstuk penseeltrek na penseeltrek een tramlijn weergeeft.

Het is een reflectie van wat er in het verhaal gebeurt.  Een ander voorbeeld is de plunjezak die bij het begin van het toneelstuk de aandacht van de kijker trekt. De personages ontwaken, nemen een plunjezak en beginnen zich te kleden, terwijl één zak onaangeroerd blijft hangen. Deze refereert naar het verdwenen broertje dat toch nog aanwezig is. Zo geven ook de expressies van de acteurs die zich op bepaalde ogenblikken op de achtergrond bevinden, een aanvulling op ieder stukje verhaal. Het verhaal over dromen wordt ondersteund door drie meisjes die al slapend tegen elkander aanleunen.

Wie is wie?

Sofie Gebruers, de regisseur van het toneelstuk heeft erg veel voldoening gehaald uit deze ervaring. Het was een enorme verantwoordelijkheid en ze beseft ten volle dat wanneer het was misgelopen, zij als enige hiervoor verantwoordelijkheid zou dragen.  De andere kant van de medaille: als het wel goed verloopt is het hààr verwezenlijking.

Sofie beseft ook dat ze als regisseur nog een weg heeft af te leggen. Het was bijzonder moeilijk om bij de aanvang van iedere opvoering de dingen los te laten en alles over te laten aan de acteurs, in de hoop dat ze het goed zouden doen.

Met de opvoering van vanavond, de vierde in rij, komt dit theaterstuk ook aan zijn eind. Dit is voor Sofie geen negatief gegeven.  Het eenmalige karakter geeft immers de schoonheid van theater weer: het is een uniek moment dat in het hier en nu plaatsvindt. Er is nu ruimte voor een volgende uitdaging.

Aan toekomstperspectieven heeft Sofie zeker geen nood. Zo werd ze door het Antwerps theater gevraagd om bij hen een stage te lopen. Studentenradio is een andere optie. Ze wil nu veel verschillende zaken uitproberen om later gericht te kunnen evolueren naar wat haar voorkeur draagt: tekst-wedstrijden, podiumwerk, …, kortom, zichzelf challengen zoals ze dit het voorbije jaar deed. Haar huidige studies – Politieke wetenschappen / Journalistiek – liggen trouwens ook in de richting van ‘verhalen brengen’, ‘reportages maken’.

In haar huidige situatie beschouwt ze haar studies als het theoretische gedeelte en projecten zoals dit theaterstuk als de praktische kant. Waarom later niet die beiden laten samenvloeien?

Als laatste onderdeel van ons gesprek geeft Sofie nog een nabeschouwing over haar samenwerking met de acteurs. Het betrof een groep mensen uit verschillende richtingen die je in andere omstandigheden waarschijnlijk niet zou ontmoeten. Leiding geven aan een groep jongeren van dezelfde leeftijd duwt je in een welbepaald rolpatroon. Maar van zodra ze met hen buiten het theater in een andere setting kwam, was ze gewoon vriend onder de vrienden. Ook dit onderdeel maakte het voor Sofie een leerrijke en superleuke ervaring.

Marthe De Ruysscher is student Theater, Film en Letterkunde aan de Universiteit Antwerpen.

Gezien het niet makkelijk is om toegang te krijgen tot een officieel theatergezelschap nam ze in oktober vorig jaar voor het eerst deel aan de audities van Bromvlieg.

De motivatie om zich kandidaat acteur te stellen werd vooral gedreven door een behoefte om nieuwe mensen te ontmoeten en omwille van het voor haar reeds gekende plezier dat ze ervaart in het theaterspel en het leven achter de schermen. Er zit ook een praktisch kantje aan: in het kader van haar studies is een dergelijk project de ideale manier om de theorie uit haar opleiding in de praktijk toe te passen.

Interessant en leerrijk aan dit project was vooral de vrijheid die aan de acteurs werd gegeven. Naast de rode draad in het verhaal was iedere acteur vrij om zijn deel in te vullen. Dit betekent dat ze zelf haar tekst schreef.

In de toekomst wil Marthe graag verder evolueren in de wereld van theater, film of televisie. Haar oorspronkelijke droom was regisseur worden, maar nu heeft ze de smaak te pakken van het acteren!

Simon Rubbrecht nam voor het eerst deel aan de audities van Bromvlieg, en ook met succes. Hij had in het verleden in een koor gezongen voor een toneelstuk. Hij is ook actief in operastukken, musicals en zingt in een metalband. Theater leek hem een mooie aanvulling op die andere activiteiten.

Zijn drijfveer is de erkenning van het publiek, het gevoel de mensen iets te geven om mee naar huis te nemen.

In het verleden heeft hij een cursus zang gevolgd en daar geleerd zijn stem onder controle te houden. Veel oefenen en opzoekingen op het Internet helpen hem om zijn prestaties naar een hoger niveau te brengen.

Een professionele carrière op het podium ambieert hij niet echt. In de toekomst ziet hij zich verder evolueren in zang, maar dan op vrije-tijdsbasis. Wat hij nu beleeft is eenvoudigweg leuk, en dit wil hij graag zo houden.

Nabeschouwing

De verhalen, uitgewerkt en gebracht door de acteurs, zijn moeilijk in een overkoepelend geheel te stoppen.  Het zijn stuk voor stuk verhalen uit onze tijd: positief denken, relatie met de ouders, …

Het decor is ondersteunend door zijn minimalistisch opzet.

Het thema van mensen die wachten zonder een duidelijk doel refereert enigszins naar het stuk van Samuel Beckett: “Wachten op Godot”. Daar waar Beckett naar de absurditeit van onze samenleving verwijst, wordt hier het individu in de kijker gezet. Daar waar de woorden in het stuk van Beckett geen betekenis hebben, wordt hier een discours ontwikkeld met het doel een beeld op te bouwen, een beeld van onze samenleving waarmee we het al dan niet eens zijn. Als toeschouwer van een theaterstuk beleven we onze emoties elk op onze eigen manier, ook zo het aanvoelen van de nabijheid van de acteurs. Dit maakt dat deze kunst één van de mooiste en boeiendste kunstvormen is.

Tekst Magda Verberckmoes
Foto’s Eric Rottée

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s