Tentoonstelling textielkunst I Tale Art Gallery
Deze tentoonstelling vertrekt vanuit het textiele verleden van de galerie. In de voormalige naaifabriek krijgt textiel opnieuw een centrale plaats, ditmaal als artistiek medium. De tentoonstelling toont een grote diversiteit aan technieken, waarin traditioneel handwerk samengaat met hedendaagse experimenten. Talking Threads brengt een aantal hedendaagse kunstenaars en ontwerpers samen die textiel inzetten als een medium van communicatie binnen hun actuele artistieke context.
Grote, ruimtelijke beelden gaan in dialoog met kleine, bijna minutieuze werken die vragen om een aandachtige blik. Sommige kunstwerken ontstaan uit trage en repetitieve handelingen, waarin het maken zelf een vorm van denken wordt. Uren van concentratie en aandacht worden als het ware in het materiaal opgeslagen. Andere kunstenaars maken gebruik van industriële processen en technieken. Handwerk en industrie staan hier niet tegenover elkaar, maar ontmoeten en versterken elkaar. Zo beweegt textiel zich voortdurend tussen het persoonlijke en het collectieve. Elk werk ontwikkelt een eigen taal, opgebouwd uit ritme en textuur.
Zoals afzonderlijke draden samen een structuur vormen, ontstaan ook in deze tentoonstelling verhalen en verbindingen met werken van verschillende kunstenaars in relatie tot elkaar, soms zichtbaar aan de oppervlakte, soms verborgen in de vezels.
tekst curator Han De Corte
Deelnemende kunstenaars
Sébastien Alouf is een multimediakunstenaar en beeldend ambachtsman wiens werk wordt gedreven door een voortdurende nieuwsgierigheid naar materialen, oppervlakken en reproductietechnieken. Na zich te hebben verdiept in collage, tekenen, schilderen, gedrukte beelden en video, richt hij zich nu ook op textiel als nieuw experimenteel terrein.
Sébastien Alouf gebruikt tufting niet om tapijten te maken, maar om werken te creëren die eerder wandtapijten ‘tapestry’ zijn. Hij kiest er systematisch voor om de achterkant van zijn werken te tonen, waarbij hij wol in jute weeft. Dit geeft het werk een ruwere uitstraling en brengt de beeldtaal dichter bij het gevoel van ontheemding dat kenmerkend is voor zijn tekeningen en schilderijen.
Wat hem vooral interesseert aan deze techniek, is de beperking die het materiaal zelf oplegt. Omdat wol minder kneedbaar is, dwingt het hem tot radicalere keuzes, die hij vervolgens weer kan meenemen in zijn schilderpraktijk. Voor Sebastien Alouf wordt elke techniek een manier om van de andere te leren: de beperkingen, gebaren en mogelijkheden die inherent zijn aan elk medium, voeden zijn praktijk als geheel. In zijn werk leert de ene techniek de andere altijd iets bij.
Tekst Sebastien Alouf
Sam Druant is gevestigd tussen Antwerpen en Göteborg en werkt met verschillende media, variërend van textiel, aquareltekeningen, tekst en olieverfschilderijen. Ze behaalde een BA en MA in textielontwerp aan de LUCA School of Arts in Gent (BE) en een MFA in Beeldende Kunst aan HDK-Valand, Universiteit van Göteborg (SE). Het werk van Sam Druant is gebaseerd op onderzoek en een methodologie van het verzamelen. Tijdens dit proces gaat ze in op een constellatie van bronnen in haar omgeving, waaronder beelden, teksten, theorieën en gesprekken, terwijl ze deze materialen in haar praktijk verwerkt, interpreteert en hervormt.
Voortbouwend op alternatieve vrouwelijke mythologieën en feministisch denken, onderzoekt Druant in haar werk verlangen, monsterlijke lichamen, zorg voor het (vrouwelijke) lichaam en de complexiteit van het menselijk bestaan. Door middel van een speelse en ironische beeldtaal doorbreekt ze dominante westerse standpunten door tegenverhalen en maatschappijkritiek te introduceren. Haar praktijk omvat vaak het activeren van installaties door middel van bijeenkomsten, waarbij een gemeenschappelijke ruimte wordt gecreëerd om ervaringen uit te wisselen, verbindingen te bevorderen en alternatieve toekomsten te verbeelden.’
Vrije vertaling via deepl.com – originele tekst in Engels van Isa Van den Wouwer – tekst overgenomen van https://www.instagram.com/taleartgallery.be/
Marie Mees (°1956, woont en werkt in Gent) maakt textiel waar pure eenvoud en aandacht voor detail elkaar vinden. In haar creaties vloeien kunst en design naadloos in elkaar over. Een liefde voor traditionele vaardigheden van het handmatig spinnen en weven van textiel vormt haar vertrekpunt. Ze werkt samen met lokale ambachtslieden in Nepal die met Tibetaanse hooglandwol kwalitatief en duurzaam handwerk maken. Op haar uitnodiging kleuren ze de wol vegetaal in secuur uitgekozen egale tinten, weven ze tot specifieke formaten met uitgebalanceerde kleurverhoudingen. Een professionele ethiek die respectvol omgaat met de lokale praktijk staat hierbij centraal. Marie Mees componeert de materialen vervolgens gevoelsmatig tot een zintuiglijke ervaring door ze te verweven, te verknippen en/of te bewerken met subtiele accenten. Zodoende ontstaan kleine, intieme textiele collages naast minimalistische lopers – ook wel ‘textielpanden’ genoemd. Hangend of liggend verkennen ze de grenzen tussen kunst, architectuur en materie. Ze verbinden tijd en ruimte, en maken een stille sereniteit invoelbaar.
Marie Mees had daarnaast een ontwerpbureau Maison Mees – Biasino. Ze dachten er ideeën uit voor o.a. architecten als Marie-José Van Hee en Robbrecht & Daem, Galerie Maniera en design label Valerie_Objects.
Marie was ook master mentor op Luca School of Arts.
Tekst Sofie Crabbé, 2024
Lisette de Greeuw (°1990) is een Nederlandse kunstenares die in België woont en werkt. Ze studeerde af aan de LUCA School of Arts in Gent met diploma’s in beeldende kunst (2012) en textiel (2014). Ze voltooide de postdoctorale opleiding aan het HISK (Hoger Instituut voor Beeldende Kunsten) in Gent (2018–2019).
De Greeuw was resident aan de Rijksakademie van beeldende kunsten in Amsterdam (2021-2023) en heeft onder meer residenties voltooid aan de Cité internationale des Arts in Parijs (2024) en bij Kouraku Kiln in Arita, Japan (2026). Ze ontving beurzen van het Mondriaan Fonds, waaronder de Artist Basis-beurs (2025-2029) en diverse beurzen van Flanders State of the Arts.
Haar werk is te zien geweest in solo- en groepstentoonstellingen bij instellingen en galeries, waaronder FRAC Grand Large in Duinkerke, M HKA in Antwerpen, S.M.A.K. in Gent, Josilda da Conceição Gallery en galerie dudokdegroot.
De Greeuws praktijk combineert tekenen, textiel, borduurwerk en installaties. Haar werk onderzoekt transformatie, materialiteit, taal en systemen, vaak door middel van processen van herhaling, vertaling en verandering. Haar werk is opgenomen in collecties zoals die van het LAM Museum, de collectie van de Rijksakademie, Stichting Strand Links, Meijers Verzekeringen, de AH-collectie, Mertens Frames en diverse particuliere collecties in Nederland, België en het buitenland.
Tekst overgenomen van https://www.instagram.com/taleartgallery.be/
In haar werk onderzoekt Emma Van Roey de kwetsbaarheid van het menselijk bestaan, de vergankelijkheid van materialen en onze verhouding tot tijd. Materiaal en handeling vormen daarbij het vertrekpunt. Van Roey werkt onder meer met zand, draad, hout en textiel. Deze materialen dragen een fysieke kwetsbaarheid in zich. Zand laat zich niet vastgrijpen, draad is dun en breekbaar, hout biedt houvast maar is te gelijk onderhevig aan tijd. Door deze materialen samen te brengen probeert ze iets te omhullen en vast te houden wat in wezen niet vast te houden is. Door het tijdelijke karakter van haar installaties zichtbaar te maken, confronteert Emma de toeschouwer met de eigen kwetsbaarheid en eindigheid. Haar werken nodigen uit om stil te staan bij wat er is, wat verloren gaat en wat we proberen vast te houden.
Tekst overgenomen van https://www.instagram.com/taleartgallery.be/
Binnen de praktijk van Amandine David, die zich beweegt tussen traditionele ambachten en digitale productie, verschijnen artefacten als materiële sporen van een voortdurend proces van leren, delen en samenwerken. Door samen te werken met ambachtslieden, programmeurs en architecten, en door datgene wat doorgaans als context wordt beschouwd zoals technische kennis, disciplinaire tradities en sociale culturen op de voorgrond te plaatsen, creëert Amandine ruimte voor multidisciplinaire dialogen. Vanuit de samenwerkende oorsprong en het open karakter van haar werk is Amandines praktijk zich steeds bewust verbonden met de sociale structuren van het delen die elke ontwerppraktijk omringen.
Weven staat centraal in Amandines praktijk: als instrument voor een kritische reflectie op technologie, als medium om ambachtelijke kennis te archiveren en als ruimte voor dialoog. Ze beschouwt weven als een ‘transparante’ technologie, waarvan de structuur de handelingen, de tijd en de materialen die bij het maakproces betrokken zijn zichtbaar maakt. Door weven en programmeren met elkaar te verbinden, vervaagt Amandine de grenzen tussen ambachtelijke en digitale technieken en brengt ze hun overeenkomsten en gedeelde geschiedenis aan het licht.
Tekst overgenomen van https://www.instagram.com/taleartgallery.be/
Victor Verhelst is een Belgisch beeldend kunstenaar die zich bevindt op het snijvlak van digitale media, ruimtelijk ontwerp en materiële innovatie. Geworteld in het doorlopende digitale universum van ‘TRIPPY VEGAS’, een zelfuitbreidende virtuele metropool, vertaalt zijn autonome praktijk digitale doeken naar tastbare, fysieke media. De esthetiek van Verhelst wordt gedefinieerd door de vervorming en juxtapositie van 2D- en 3D-beeldvlakken, wat resulteert in een uitgesproken dialoog tussen kant-en-klaar digitaal beeldmateriaal en traditionele tactiliteit, variërend van risografie en grootschalig textiel tot interactieve gametechnologieën.
Eind juni 2020 verliet hij het collectief ‘Les Monseigneurs’, waarvan hij medeoprichter was, om zijn eigen koers te varen. Sindsdien heeft Verhelst gewerkt aan meerdere belangrijke kunstprojecten.
Verhelst is nauw betrokken bij de lokale industrie en ambacht, en werkt regelmatig samen met regionale producenten, zoals blijkt uit zijn textielinstallatie ontwikkeld in samenwerking met Fedustria voor het WONDER Creativity Festival. Zijn multidisciplinaire aanpak overbrugt de kloof tussen hedendaagse kunst, commerciële innovatie en de openbare ruimte, met gerealiseerde projecten voor vooraanstaande culturele instellingen naast opdrachten voor zakelijke partners zoals Volvo en ruimtelijke integratieprojecten voor de Rijksbouwmeester in Nederland. Het werk van Verhelst geniet aanzienlijke nationale en internationale erkenning. Hij ontving de publieksprijs voor ‘Young Belgian Talent’ tijdens de Sabato Design Awards en behaalde brons bij de Henry van de Velde Awards 2026 voor zijn debuutpublicatie, die tevens meerdere internationale erkenningen ontving in grafische vormgevingswedstrijden. Om zijn stempel op de openbare ruimte verder te versterken, onthult Verhelst in het najaar van 2026 een permanent, locatiespecifiek kunstwerk voor de heropening van Design Museum Gent.
Tekst overgenomen van https://www.instagram.com/taleartgallery.be/
Vanaf het begin voelde Maren Dubnick aan dat haar werk zich zou bewegen tussen het intieme en het publieke, tussen het kleine en het monumentale. Het begon met de Epaississements, de ‘Verdikkingen’: objecten die zo met draad zijn omwikkeld en opgerold dat de verticale as geleidelijk overgaat in een spindelvorm, verdikt in het midden en taps toelopend aan de uiteinden. Twee primaire objecten zouden de basis vormen voor de weg die voor haar lag: de veiligheidsspeld en de zuil (in een ruimte).
De speld doet denken aan de eerdere opleiding van de kunstenares in de couture. Hij roept ook de familiale sfeer op. De kunstenares heeft aan veel van dit soort objecten gewerkt. Sommige doen denken aan de wereld van textiel, naalden, haakwerk. Deze voorwerpen zijn beladen met betekenis, geassocieerd met ‘vrouwenwerk’ en maken deel uit van het verweven verhaal van vrouwen en het huiselijke leven. Door deze specifieke voorwerpen op een bijna obsessieve manier te binden/verstrengelen, getuigt Maren Dubnick van een vorm van introversie, van eenzaamheid in het werk, van zelftroost/verlichting door het proces heen.
Vertaald via DeepL.com uit originele Engelse tekst van Virginie Mamet, 2024
Emma Desirée Comer
werkt op het snijvlak van weven en sculptuur. Met afgedankte visserstouwen als haar voornaamste materiaal onderzoekt ze spanning van zowel een fysieke als conceptuele kracht, aan de hand van weef- en knooptechnieken.
In haar geweven werken vertaalt ze de structurele eigenschappen, weerstand en tactiele kwaliteiten van touw naar wandtapijten, terwijl ze binnen haar sculpturale praktijk het materiaal herinterpreteert door middel van transformatieprocessen en traditionele ambachtelijke technieken.
Tekst overgenomen van https://www.instagram.com/taleartgallery.be/
Curatoren
Han Decorte (°1986) is curator en scenograaf, actief op het snijvlak van hedendaagse kunst, design en erfgoed. In haar tentoonstellingen verbindt ze inhoud, ruimte en beleving. Recent realiseerde ze Echoes of a Lost Garden, een tentoonstelling met hedendaagse kunst in Villa Les Zéphyrs in Westende.
Haar praktijk wordt gekenmerkt door een bijzondere aandacht voor de dialoog tussen historische collecties en hedendaagse artistieke praktijken. Zo cureerde ze History of the Future, een tentoonstelling geïnspireerd op de erfgoedcollectie van het Sint-Janshospitaal in Damme en Vrouwen van Papier in de Erfgoedbibliotheek Brugge, waarin de brieven van tweehonderd vrouwen aan Guido Gezelle centraal stonden. Vanuit dit historische materiaal ontstond een dialoog met werk van hedendaagse kunstenaars, dichters en schrijvers die zich door deze correspondentie lieten inspireren.
Naast haar curatoriële praktijk is Han Decorte teamcoördinator van Graphic Arts aan LUCA School of Arts Gent. Ze doceert er textielontwerp en geeft daarnaast les in productdesign aan LUCA Campus Genk. In haar onderwijs stimuleert ze studenten om abstract en conceptueel te denken, hun werk kritisch te bevragen en hun positie binnen de maatschappij bewust te onderzoeken.
Sophie De Somere studeerde af als licentiaat Kunstwetenschappen en maakte vervolgens meer dan tien jaar deel uit van het kernteam van internationaal gerenommeerd theatergezelschap Ontroerend Goed. Daarnaast was ze zeven edities lang programmator van het jongwerkprogramma van Theater Aan Zee.
Vandaag is ze de drijvende kracht achter haar eigen bedrijf ONBETAALBAAR. Gedreven door vakmanschap en verbeelding realiseert ONBETAALBAAR circulaire interieurs op maat. Van grootschalige ruimtelijke projecten tot unieke meubelstukken: elk ontwerp ontstaat vanuit aandacht voor materiaal, mens en vorm.
Naast haar ontwerppraktijk heeft Sophie een bijzondere passie voor kunst. Zo cureerde ze eerder VONK en RUIS in Gent. Momenteel ondersteunt ze Han Decorte bij het curatorschap van de groepstentoonstelling over textielkunst ‘Talking Threads’ bij TALE ART GALLERY
Doorheen haar parcours verbindt Sophie kunst, ontwerp en vakmanschap met een uitgesproken aandacht voor circulariteit en de waarde van materialen.
Tekst Tale Art Gallery
INFO
expo Talking Threads
Tale Art Gallery
Vlierzeledorp 12A
Vlierzele
20/09/2026 – 18/10/2026
Vrijdag – Zaterdag 14:00–18:00
Zondag 11:00–17:00
Opening zondag 20/09/2026
11u tot 18u
15u voorstelling van de kunstenaars door de curatoren
Finissage zondag 18/10/2026
De kunstenaars zijn aanwezig vanaf 14u










