Inside the dark room in PARIS

Familiegeschiedenis wordt erotische fictie. De besloten kamers van Frédéric Fontenoy

Een duistere kamer in een 19de eeuws Parijs Haussmann appartement. Bijna een “huis clos” maar niet helemaal: de deur staat open. Soms bemerk je in die deuropening een kunstwerk, maar meestal is het de meester zelf die langs daar binnentreedt. Hij ziet er streng en schoolmeesterachtig uit, een rond brilletje hoog op zijn neus, zijn haar strak achterwaards gemodelleerd met brillantine. Deze kamer is zijn universum, waar hij de ene keer gewapend met een stofmepper, de andere keer met een bos rozen, dan weer met een pauwenveer dames naar zijn pijpen laat dansen.

De dames in dit boudoir-atelier zijn zonder uitzondering schaarsgekleed. De hoge hakken, nylons, corsetten en garçonnière pruiken dienen enkel om hun naaktheid te accentueren. En hoewel ze in alle maten en kleuren de revu passeren, zijn het zonder uitzondering vluchtige verschijningen, ze bestaan slechts in die ene fractie van een seconde waarin de glasplaat van de technische camera belicht wordt. De personages zitten zo dubbel gevangen: tussen de wanden van dit “huis clos”, maar ook in de kader van de glasplaat. Binnen dat kader zijn zij gewillige slachtoffers van ‘s meesters oudtestamentische wrok. Zij onderwerpen zich aan zijn blik en aan zijn luimen, laten zich inspecteren, binden en straffen. Slechts een enkele keer worden de rollen omgekeerd, of laten ze hem van zijn opiumroes genieten.

Vergis u niet, in zijn reeks “Inside” (2006-…) wil Frédéric Fontenoy allesbehalve zijn erotische fantasiën uitleven om u te intrigeren of te chockeren, zoals Pierre Molinier dat op zijn zolderkamer en in zijn fotocollages deed. De dames in kwestie dansen niet zozeer naar zijn pijpen, als naar die van zijn familiegeschiedenis, een opeenstapeling van taboes en geheimen. Fontenoy trekt in een poging zichzelf te vinden, alle schuiven van dit familieverleden open. Hij stapt in de sporen van zijn grootvaders, langs moederskant een joodse intellectueel die moest onderduiken tijdens de oorlog, langs vaderskant een eccentrieke Havas-journalist die zoals Kuifje van Moskou naar Shanghai trok om uiteindelijk te verdwijnen in de puinen van de Nazi-hoofdstad Berlijn. In zijn zog verdween als in een opiumroes ook een heel netwerk van Franse intellectuelen uit het interbellum, met figuren als Jean Cocteau. Maar in de schuiven schuilen ook andere familiegeheimen, zoals de minnaars van zijn vrouw Lizica Codréano, een Roemeense balletdanseres, zonder uitzondering kunstenaars uit het interbellum waarvan het werk veelvuldig geciteerd wordt in deze bijzonder gestileerde zwart-wit foto’s.

Is deze meester van de fotografische vertelkunst slaaf van zijn familiegeschiedenis? Allesbehalve. Hij zet ze naar zijn hand, rekent er mee af, zet de deur open naar heel eigen persoonlijke perspectieven, spiegelt zich aan de hele 20ste eeuwse geschiedenis om een volstrekt uniek en onmiddellijk herkenbaar universum te creëren, dat uitnodigt en blijft intrigeren tegelijk.

voor meer info over de fotograaf zie

http://www.fredericfontenoy.com/

Videograaf: Bert VANNOTEN

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s