Breek je schild

Multimediaal kunstenaar Katrin Dekoninck stelt haar project
BREEK JE SCHILD voor in Ferme Dehon

Ferme Dehon is een vierkantshoeve middenin de groene oase van Frasnes-lez-Buissenal, Pays des collines, Henegouwen. 
In de toonruimte stelt Katrin Dekoninck er haar project BREEK JE SCHILD voor. Ze toont er diverse installaties. BREEK JE SCHILD is ook een socio-cultureel project. In 2024 werkt Katrin Dekoninck samen met diverse scholen en jongeren waar kwetsbaarheid centraal staat.

Multimediaal kunstenaar Katrin Dekoninck onderzoekt via de mogelijkheden van de figuratieve sculptuur wat het betekent om een mens te zijn. Breek je schild is een reflectie over menselijke kwetsbaarheid, in de brede betekenis van het woord: fysiek, mentaal, sociaal, relationeel, seksueel, moreel, spiritueel. Dekoninck maakte verschillende nieuwe site-specifieke sculpturen/installaties die allen een complexe fijnmazigheid van menselijke kwetsbaarheden oproepen.

De sculpturen/installaties verbeelden verstilde menselijke lichamen van uiteenlopende leeftijden in klei of brons. Het zijn geheimzinnige, enigszins hulpeloze existenties. De losse ledematen van de lichamen, voor zover er geen ontbreken, zijn verbonden met metalen pinnen. Alsof we kijken naar trekpoppen die door toedoen van een menselijke hand van lichaamshouding kunnen veranderen. Of marionetten die met tientallen draadjes kunnen worden gestuurd. De figuren staan niet langer met beide voeten stevig op de grond. Ze zweven erboven – ze lijken hierdoor ont-aard / minder ge-aard. Voor de duur van de tentoonstelling houden ze zich staande aan ijzeren steunpilaren die herinneren aan architecturale constructies. Twee ‘voetloze’ protagonisten bevinden zich op een wip, onbereikbaar hoog, in de nok van het houten dakgebinte. Met hun voeten weerloos op de grond zoeken ze naar evenwicht.

Onderhuids zijn de lichamen verbonden door een verlangen naar bescherming. Subtiel in de vorm van een laag was/glazuur dat als een filter prikkels uit de buitenwereld op afstand houdt. Of een matras waarin diep weggezakt kan worden. Soms is de beschutting visueel prominenter zoals een glazen stolp of een stekelig harnas/schild. Tegelijkertijd houdt deze schil ook kwetsbaarheden en gevoelens van verdriet, schaamte, onzekerheid, bezorgdheid, twijfel, woede, moedeloosheid, schuld, jaloezie of eenzaamheid opgesloten. Een onderliggend narratief, dat ook in de titel Breek je schild ligt besloten, is het belang om kwetsbaarheden toe te laten en te durven tonen, er woorden aan te geven binnen een klimaat van vertrouwen. Het zorgt voor connectie, kracht en begrip en een gevoel gedragen te worden door de omgeving.

Tekst Sofie Crabbé, kunsthistoricus -curator

INFO

locatie
Ferme Dehon
Rue Bourliquet 22
7911 Frasnes-lez-Buissenal

op Kunstpoort
interview met Geneviève Van Bastelaere van Ferme Dehon, mei 2022
https://kunstpoort.com/2022/05/12/ferme-dehon-een-nieuwe-toonplaats-voor-kunst-in-een-groene-oase-van-rust/

opening Breek je schild
zaterdag 23 september 14.00 u tot 18.00 u
introductie door Daan Rau om 16u

expo 23 & 24 september
1 oktober
14.00 u tot 18.00 u
ook op afspraak 0473976110

https://www.katrindekoninck.be/nl/

Project BREEK JE SCHILD

Deze tentoonstelling vormt een eerste schakel binnen het sociaal kunstproject BREEK JE SCHILD dat een draagvlak wil creëren om kwetsbaarheid bij jongeren bespreekbaar te maken. In het voorjaar van 2024 zullen 1500 jongeren uit negen scholen in Mol uitgedaagd worden om aan de hand van diverse artistieke media en debat vorm te geven aan kwetsbaarheid.

Van 23 mei tot 2 juni 2024 zal er een openluchtfestival rond kwetsbaarheid bij jongeren plaatsvinden in Millegem (Mol). Het festival wil kwetsbaarheden onderzoeken en delen via beeldende kunst, poëzie, woord en muziek, alsook via lezingen en debatten met jongeren, psychiaters, psychologen e.a.

De basis vormt een interactieve rondreizende kunstinstallatie BREEK JE SCHILD met levensgrote sculpturen van Katrin Dekoninck en 1000n ‘stekels’ geboetseerd en beschilderd door jongeren. Deze installatie zal voor het eerst te zien zijn in Millegem (Mol). Als bezoeker kan je een stekel kopen. Je steunt er niet alleen vzw’s mee die zich inzetten voor kwetsbare jongeren. Door een stekel uit de installatie te verwijderen draag je ook bij aan het openbreken van het schild.

info Ferme Dehon, Katrin Dekoninck

foto copy right Ferme Dehon

ESA Anderlecht: un monde de paix

“Tu me demandes un avis tranché mais je ne l’ai pas”. Diane is niet boos op Nathalie, absoluut niet. Ze twijfelt. Welke kunstwerken moet ze kiezen voor de tentoonstelling? Een heel jaar werk op een wand hangen. Alles speelt een rol: “Is het representatief? Vertellen de werken een verhaal? Is het kwaliteitsvol genoeg? Zijn het mijn favorieten?” Uiteindelijk worden er drie gekozen, heel verschillend maar toch met een gemeenschappelijke benadering.

“Tu n’a pas idée de ce que venir ici chaque semaine représente pour moi”. Ghislaine, gedurende de moeilijke oefening van het kiezen van kunstwerken, stort haar hart uit. Het is het einde van het schooljaar, er zijn geen wekelijkse ateliers meer tot begin september. De sessies zijn voor haar een belangrijke bron van ontspanning, waar ze zich van het dagelijkse leven afzondert. 

Voor Nathalie is het einde van het jaar heel vermoeiend. Eerst moet ze de leerlingen begeleiden naar het finaliseren van hun werken. Daarna ontwikkelt ze het concept van de tentoonstelling. De atelierruimte wordt leeggemaakt en ze moet gevuld worden met wanden om die kunstwerken op te hangen. Het moet een weg zijn waarop de bezoekers wandelen en zo de kunstwerken ontdekken. Er zullen twee kubussen zijn.

Paul, de directeur van de school: “Ik ben verbaasd en verrast over hoe de leraren de ruimte voor de tentoonstelling veranderd hebben.” “Ze hebben een wereld van vrede gecreëerd om het mooi te tonen.”

In de week voor de vernissage komt iedere leerling langs om hun keuze te maken. Het is het einde van een dialoog die een paar weken vroeger begon en die nu wordt afgerond. Het resultaat komt tevoorschijn.

Er zijn veel bezoekers op de vernissage. Vrienden en familie komen. Ook leerlingen van andere ateliers. De politici van Anderlecht zijn ook aanwezig, dat is een belangrijk signaal voor de school.

In het boek “Human Condition” van Hannah Arendt zijn er drie aspecten van de kunstenaar die in het begin besproken worden. De “means-ends” of het “zin-einde”. Lange tijd werden de resultaten van de kunstenaar niet als commercieel product uitgewisseld. De Griekse filosofen categoriseerden kunst als een hobby. Nochtans kan een opdracht zoals de Sixtijnse kapel als “Labor” of arbeid (gebruik van de kracht van de persoon) gezien worden. Hier in het atelier is er een duidelijke zingeving voor de leerlingen, meer dan enkel het eindproduct. Het tweede aspect is het product zelf. Het is niet zoals een tafel die gebruikt wordt. Toch kan het resultaat doorgegeven worden, een leerling verkocht zelfs een schilderij tijdens de tentoonstelling. Het beantwoordt de essentiële vraag over de eeuwigheid, niet die van de onsterfelijkheid. Dan komen we tot het derde aspect, dat even belangrijk is: “spoken”. Dus van de private omgeving (privaat realm) naar de publieke (public realm). Dat is wat er gebeurt dankzij de tentoonstelling op de school. U ziet het tijdens de vernissage, de leerlingen beschrijven aan hun vriend(en) hoe ze de kunst gemaakt hebben en vaak tonen ze de kunstwerken van de andere kunstenaars.

Na afloop van de tentoonstelling, op zondagavond, moeten de leerlingen hun kunstwerken komen ophalen. Dat doen ze niet op de dag van de finissage. Ze komen die ophalen doorheen de week, telkens op afspraak met Nathalie. De laatste woorden van het schooljaar worden uitgewisseld. Vreugde, verdriet en hoop.

Voor de auteur van deze paragrafen is het een dubbel gevoel. Een jaar lang de sessies bezoeken en proberen neer te schrijven en te fotograferen wat het pluridisciplinaire atelier vertegenwoordigt. Uit “Le Petit Prince” van Saint-Exupéry: “Les grandes personnes aiment les chiffres. Quand vous leur parlez d’un nouvel ami, elles ne vous questionnent jamais sur l’essentiel. Elles ne vous disent jamais: “Quel est le son de sa voix? Quels sont les jeux qu’il préfère? Est-ce qu’il collectionne les papillons?” Elles vous demandent: “Quel âge a-t-il? Combien a-t-il de frères? Combien pèse-t-il? Et combien gagne son père?” Alors seulement elles croient le connaître.” Het is op het einde van dit jaar dat je ervaart dat Nathalie, naast de kunstacademie, filosofie heeft gestudeerd. Daarom komen de vragen naar boven zoals: “Ken ik de leerlingen? Verzamelen ze vlinders? Hebben ze kinderen of kleinkinderen?” Het is niet de bedoeling van de blog om de mensen te portretteren als mens. Wel als leerling en als mens. Alsof men het verschil tussen de leerling en de persoon kan maken. Dus zou volgens u hun vooruitgang beschreven moeten worden zoals op de normale school met objectieve criteria of op basis van hun uitspraken en gedrag gedurende de sessies? Voor sommigen is het relatief gemakkelijk, voor anderen is het onmogelijk om zo goed te zijn als de kunstwerken aan het begin van het jaar. Is de auteur van deze paragrafen in zijn ambitie geslaagd? Er is geen examen behalve de beoordeling van de lezer.

Waar is de hoop? Die zit in de hoofden van de leerlingen. In de vorm van het uitzicht op het volgende jaar.
Er wordt op dit moment veel over nieuwe vormen van werken nagedacht, in het bijzonder het evenwicht privé/werk. Lieve lezer, indien u twijfelt om een kunstopleiding te starten of u kent iemand die hetzelfde voelt, ….

Spring! Durf! Viva de kunstacademies! 

Website: https://www.ecoledesartsdanderlecht.be
Facebook: https://www.facebook.com/profile.php?id=100054439241781
Instagram: https://www.instagram.com/eaanderlecht/

Eric Rottée tekst en foto’s

RAAM103 laat de passant binnenkijken in het werk van residerende kunstenaars

Gesprek naar aanleiding van de komende expo extended
CLOSE-ENCOUTERS op de Kwaremont
 

Een interview met initiatiefneemster van RAAM103, Céline Geeraert, is meer dan vragen stellen en antwoorden noteren. Het is een ontmoeting met een kunstenaar/leerkracht/platformbeheerder die interactie en dialoog met anderen, ook niet-kunstenaars, vooropstelt. ONTMOETING is de sleutel tot de ziel van RAAM103. Op een rustige maandagmorgen stond de deur van RAAM103 (Baliestraat 103, stationsbuurt Gent) open voor een boeiende dialoog met kunstpoort.

Céline Geeraert in RAAM103 met passant

Kunstpoort Céline, je bent zelf kunstenares, geeft les en toch vind je ook nog de tijd andere kunstenaars te ondersteunen en een platform te geven. RAAM103 vzw heb je in het leven geroepen, waarom? Wat houdt dat precies in? Kan je er iets meer over vertellen?
Céline Als goudsmid werkte ik 12 jaar samen met mijn vader. Mijn creaties bestonden uit concrete opdrachten. Wat miste ik de volledige vrijheid! Toen de samenwerking met mijn pa ophield, kreeg ik nood aan contact met andere kunstenaars. ‘Kunstenaar’ is een eenzaam beroep. Met Roeland Nieuwborg ging ik op zoek naar een locatie en kunstenaars om mee te exposeren. Roeland stelde me de vraag: ‘Waarom niet bij jou?’ Ik verlegde toen mijn focus van tentoonstellen naar ontmoeten. Tentoonstellen is niet de hoofdzaak, het maakproces is voor mij veel belangrijker. Een kunstenaar of collectief krijgt de gelegenheid de ruimte, een kamer, RAAM103, gedurende een bepaalde periode als persoonlijk atelier in gebruik te nemen. Tijdens een finissage mag het publiek door de deur naar binnen. De overige dagen geeft de etalage aan voorbijgangers een inkijk in het werkproces, de vooruitgang en de evolutie van een installatie, performance…

Kunstpoort Hou je je persoonlijk werk gescheiden van de RAAM103 vzw. Of is het niet los te koppelen? Heeft het een met het ander te maken? Beinvloeden ze elkaar? Is het net omdat je kunstenaar bent dat je RAAM103 gestart bent?
Céline Onbewust heeft RAAM103 invloed op mijn kunst zoals er na een tentoonstellingsbezoek ook frappante zaken in het geheugen blijven hangen. Als kunstenaar ben ik nieuwsgierig naar het creatieproces. Waar is een kunstenaar mee bezig? Je krijgt prikkels. ONT-moeten, niets moeten is belangrijk, een gevoel van vrijheid kan stilletjes je bewustzijn binnensluipen.
Dank zij RAAM103 kon ik me heroriënteren. Als goudsmid was er werkstress. Eenmaal mijn pa er niet meer was, stond ik er alleen voor. Nu zijn we een team en kan ik dank zij mijn samenwerking met Kim Vandaele, Vic Van der Hoeven, Tim Stroobants, Marlies Nachtergaele, Ruben Laflere en Jozefien Muylle, de stress kanaliseren. Ik bemerk ook paralellen met vroeger. Mijn vormentaal van goudsmid neem ik mee in mijn huidige kunst. In het verleden ontwierp ik een gepersonaliseerd juweel. Tegenwoordig realiseer ik werk voor een welbepaalde locatie.

Tekening en juweel: Céline Geeraert

Kunstpoort Hoelang bestaat RAAM103 al?
Céline We zijn al 6 jaar actief waarvan de nadruk ligt op onderzoek en experimenteren. Residerende kunstenaars werken achter een vitrine terwijl passanten kunnen binnen gluren. Eén keer par jaar, nu voor de derde maal, treden we naar buiten en gaan we op zoek naar een niet conventionele ruimte om werk van RAAMkunstenaars tentoon te stellen.

Kunstpoort Velen vinden een atelier een inspirerende ruimte waar in eenzame afzondering ideeën worden uitgebroed. Kunstenaar Felix-Gonzales Torres*, een Cubaanse kunstenaar daarentegen vindt het atelier een angstaanjagend decor dat hem plankenkoorts bezorgt. Hij begon daarom in zijn eigen appartement te werken, installaties te maken die geïntegreerd zijn in bijvoorbeeld zijn keuken. Toevallige bezoekers krijgen de vrijheid iets van zijn installaties mee te nemen. Kan RAAM103 ook zo iets betekenen voor een kunstenaar, een nieuwe ruimte die ze kunnen innemen en waarop de kijker kan anticiperen, waar ze een kunstblok analoog aan een writersblock, het niet meer kunnen creëren, kunnen overstijgen? Of misschien kan het ook remmend werken. Zo iets van: ‘Nu moet ik verplicht kunst maken, er mee bezig zijn. Oei, de mensen kijken naar me. Wat denk je?’

*Gertjan Oskar in The Art Couch *https://www.theartcouch.be/nieuws/de-tentoonstelling-als-artistieke-conversatie-felix-gonzalez-torres-en-roni-horn-in-de-bourse-de-commerce/

Céline We hebben hier zo’n 25 tal kunstenaars op residentie gehad waaronder 2 kunstenaars die inderdaad een ‘kunstblok’ meemaakten. Als kunstenaar moet je je overgeven aan de ruimte wat niet altijd lukt. RAAM103 wil zeker geen druk zetten op de kunstenaar. De 2 kunstenaars werkten toen thuis en stelden later hier tentoon.

Kunstpoort Heb je zelf ervaring met het gebruik maken van een residentie?
Céline Nadat 15 kunstenaars de revue gepasseerd hadden, besloot ik zelf het experiment te wagen.
Eenmaal de residentie afgelopen, had ik moeite om opnieuw in de eenzaamheid te verdwijnen. RAAM103 is een soort gedeeld atelier. Gesprekken ontstaan automatisch; bij de koffie, bij een ontmoeting op de gang… In de aanvang is het eventjes doorbijten. Wanneer een kunstenaar RAAM103 verlaat betekent dit voor beide partijen altijd opnieuw afscheid nemen van een mooi verhaal.

Kunstpoort Hoe selecteer je een kunstenaar voor een residentie? Waarop let je? Wat is er belangrijk? Zijn visie? Zijn werk? Leeftijd? De discipline? De communicatiebereidheid?…. Let je op de diversiteit wat materiaal, discipline… betreft?
Céline Meestal bepaal ik de resident. De keuze gebeurt gevoelsmatig, intuïtief. Leeftijd speelt geen rol wel gedrevenheid en passie. Zoveel mogelijk ga ik vooraf op atelierbezoek en voer een individueel gesprek. De ‘klik’ is belangrijk. Tenslotte resideert een kunstenaar in mijn eigen huis. Telkens opnieuw ontstaat een heel speciale sfeer, creëer je een unieke band die je leven als kunstenaar zin geeft.

Kunstpoort Een kunstwerk kan je soms begrijpen door het in zijn omgeving te plaatsen, te bekijken. Zijn de kunstwerken gecreëerd in RAAM103 specifiek aan de ruimte aangepast? Of kan je ze meestal los van de ruimte bekijken?
Céline Vele kunstenaars maken werk speciaal voor deze ruimte. Het resultaat is ontzettend persoonlijk. Je exposeert hier tenslotte je eigen werkproces en je persoonlijke ‘ik’. Marlies Nachtergaele die laatst resideerde, maakte een werk ‘mensen manoeuvreren – bomen begeesteren’ volledig aangepast aan de ruimte. In dit werk voel je werkelijk het creatieve proces.

Werk van Marlies Nachtergaele in RAAM103

Kunstpoort Raam103 lijkt me heel zen. Het is een lege ruimte, kale muren, niets dat je afleiding kan bezorgen. Het zet aan tot meditatie. Slaat een kunstenaar soms een totaal nieuwe richting in als gevolg van de residentie, van de ruimtelijke ervaring?
Céline De ruimte is inspirerend door de sfeer. Meestal komt iets nieuws naar boven en werken de kunstenaars verder in die richting. Je ziet het zomaar gebeuren en groeien, niets is gepland. In RAAM103 ontmoet de kunstenaar zichzelf vooral als hij voor zijn eigen werk komt te staan. Enkelen werken hier dagelijks andere wekelijks enkele uren. Je tijd kan je zelf invullen.

Kunstpoort Voelt de passant zich geen voyeur als hij door het raam kijkt? Of moet je het raam meer als een vitrine/etalage beschouwen? Een graag kijken naar iets dat je boeit?
Céline Volwassenen voelen schroom om naar binnen te gluren. Kinderen daarentegen die plakken aan het venster. In de winter werkt het verlichte raam uitnodigend en is er minder géne bij het kijken door het raam. Bij aanvang van een residentie kunnen ‘naar binnen kijkers’ een remmende werking hebben op het productieproces. Later kijkt en bekijkt ook de kunstenaar de passanten. Dan is verbinding mogelijk, contact maken met de buurt is een logische stap.

Kunstpoort Nu wat meer over de tentoonstelling CLOSE-ENCOUNTERS die je in september organiseert in het hartje van de Vlaamse Ardennen. De locatie is een oude gerenoveerde vierkantshoeve aan de kerk van Kwaremont: het Hof Ter Kwaremont.
‘Ontmoeting’ staat centraal; de kunstenaar die zichzelf ontmoet, de kunstenaar die kennis maakt met zijn toeschouwer, kunstenaars die elkaar ontmoeten, oeuvres die samenkomen. Je hebt aan residerende kunstenaars gevraagd om mee te werken maar ook nieuwe namen steken de kop op. Selecteer je de nieuwe kunstenaars in functie van de residerende? Zoek je een match of net niet? Maak je een keuze in functie van de confrontatie?
Céline We hebben een match gezocht tussen de Gentse ‘Raamkunstenaars’ die geen voeling hebben met de Kwaremont en nieuwe namen die verbonden zijn met Ronse, de Vlaamse Ardennen. Beschouw ze allen als vingers aan één hand, met een rode draad die er langsheen loopt.

De exporuimte van de vierkantshoeve te Kwaremont

Kunstpoort Het gaat volgens je visie tekst ook over ONTmoeten, niets moeten. De kijker moet een werk niet goed vinden, hij hoeft niet geraakt te worden. Maar is het niet belangrijk dat de kunstenaar de toeschouwer wel beroert, dat de kunstenaar een klein beetje moeite doet om tot verbinding te komen. Hermetische werken, alleen voor ingewijden, is dat op zijn plaats in ‘Close Encounters’?
Céline We tonen enkele werken die als hermetisch kunnen aanvoelen. We hebben voornamelijk gekeken naar de vormtaal, die zit goed. Dan kan het wel.

Kunstpoort De Kwaremont was in vroegere jaren het mekka van de landschapsschilders met als trekpleister Gies Cosijns. ‘Kunsttoerisme’ was er belangrijk. Is de ‘Kwaremont’ klaar voor hedendaagse en jonge kunst? Welk publiek hopen en denken jullie nu aan te trekken: wandelaars, fietsers, kunstliefhebbers?
Céline Kwaremont is een charmant dorp daarom had het kunsttoerisme hier zo’n succes. Een clash is mogelijk met onze jonge, hedendaagse kunst en dito aanpak. Wie weet bezorgen we deze streek een nieuw elan?
RAAM103 vertrekt vanuit de ruimte, we zijn niet bezig met welk soort publiek we zullen bereiken.
De organisatie vinden we belangrijk. Kunstenaars warm maken voor je project daar droomt elke curator toch van? Natuurlijk wil je ook dat mensen komen kijken. Onze opzet is niet-commercieel. Diverse kunstenaars en ikzelf creëren trouwens vergankelijke kunst die we op CLOSE-ENCOUTERS tentoonstellen. Als mens zijn wij ook niet voor de eeuwigheid.

Kunstpoort Wie bepaalt de opstelling? Hoe komen jullie tot een overeenkomst wie, wat, waar komt te staan?
Céline De opbouw is heel belangrijk. We plegen overleg met de kunstenaars. Kim Vandaele (lid van RAAM103 vzw) en mezelf hebben het laatste woord. We streven naar een tentoonstelling met als rode draad verbondenheid, samenhorigheid. Let op we zijn geen zwevers, we ambiëren een evenwichtige tentoonstelling, geen patchwork; eenvoud zonder glamour.

Kunstpoort Hoe zit het met de financiering?
Céline We hebben een sponsor Passa Porta en als vzw hebben we bepaalde voordelen. We kunnen bijvoorbeeld materiaal van de stad Gent lenen. We vragen ook een kleine bijdrage aan de kunstenaars.

Kunstpoort Hoe ziet volgens jou een ideale tentoonstellingsruimte eruit?
Céline Het is een ruimte die uitdaagt om vanuit een eigen vormentaal nieuw werk te maken en je de tijd laat die te ontwikkelen.

Kunstpoort Ik verlaat de Baliestraat met een zalig gevoel. Er zijn voor de kunstenaar nog goede kleinschalige belangloze initiatieven. RAAM103vzw is er ongetwijfeld één van. Het is een hecht team dat werkt met groot enthousiasme aan warme kunstprojecten waarin de kunstenaar en het maakproces centraal staan.

INFO RAAM103

RAAM103vzw Vrije Creatieve Ruimte
www.raam103.be
www.celinegeeraert.com
https://www.instagram.com/raam_103/?hl=nl
https://www.facebook.com/RAAM103/
Baliestraat 103 – 9000 Gent

INFO EXPO CLOSE-ECOUNTERS

Hof Ter Kwaremont
Ommegangstraat 1, 9690 Kluisbergen
16-17 september 2023
23-24 september 2023
telkens van 11u tot 18u
Opening vrijdag 15 september om 19u, met de performance ‘Part-time Monochrome’ van Karel Thienpont om 20u. Dit alles in het Hof Ter Kwaremont.

KUNSTENAARS
Giannina Urmeneta Ottiker, Kevin Vanwonterghem, Charlie De Voet, Toon Boeckmans, Roeland Nieuwborg, Stijn De Pourcq en Donacienne Wittevrongel, Kim Vandaele en Céline Geeraert. Performance Karel Thienpont

Tekst Kathleen Ramboer
Fotografie Kathleen Ramboer – RAAM103

Mieke Tambuyzer en de poëzie van een 3D-pen.

Op de trein naar Mechelen, op weg naar Weerde waar kunstenares Mieke Tambuyzer woont, dringt zich een slogan aan mij op -Met de trein rijden is altijd een beetje reizen-. ‘Een beetje reizen?’ dat is ook mijn bezoek aan het atelier van kunstenares Mieke Tambuyzer. Bij globetrotter Mieke Tambuyzer reis je door een fantasierijke, mysterieuze wereld van 3D-tekeningen. Een ‘Panamarenkaanse’ zeppelin domineert haar atelier en fungeert als mal voor een werk in wording. Wonderlijke, fragiele constructies zweven door het luchtruim van haar atelier of leunen nonchalant tegen de muur, geprikt en genaaid op een wit foam board. Mieke Tambuyzer geeft met een tomeloze verbeeldingskracht PLA filament een poëtische dimensie. Banale zwarte en kleurrijke draden upgradet ze tot kunst. Na de start van het tekenproces komen ideeën op haar weg, maakt ze een ommetje om uiteindelijk een fragiel en toch krachtig resultaat te bereiken. Misschien komt de inspiratie hier uit de lucht vallen?

INSPIRATIE EN WERELDPROBLEMEN

Inspiratie haalt ze uit de wereld rondom haar. Sociaal bewogen verweeft ze speels, niet zwaar op de hand, wereldproblemen in haar werk. De lichtheid van het materiaal, de ludieke aanpak, maken de thema’s verteerbaar. Bij haar vind je echo’s van Morandi’s voorwerpen, Morandi die ze mateloos bewondert. Eenvoudige voorwerpen fascineren haar. Haar stoel en zetel weten te beroeren. De kunstenaar positioneert die op een wit foam board zodat een rustige verstilling er van uitgaat, een gevoel van eeuwigheid. De stoel, een rode draad in haar werk, staat voor de mens op zoek naar een plaatsje in deze hectische, overvolle wereld. De zetel is doorleefd en toch breekbaar, uitnodigend gastvrij alsof de kunstenares wil zeggen: iedereen verdient een plaats op deze aardbol.

De onvoorstelbare neiging van de mens tot destructie door oorlog en ecologische vernietiging symboliseert de kunstenares met kleine mensjes, vallend, kruipend, klimmend of vertrapte figuurtjes. Een zwevende cocon met rood/blauwe kleuraccenten refereert naar de mystieke kegels ‘Coloured Cones’ van Michaël Borremans, nog een kunstenaar die ze volgt en bewondert. In ieder werk schuilt een verhaal dat de kunstenares mysterieus, stilletjes voor zich houdt. Mieke Tambuyzer doet appel op de verbeelding van haar publiek. Staat de cocon symbool voor de quarantaine van de kunstenaar tijdens de pandemie, een afzondering die ze niet eens zo erg vond?

MYSTERIE ALS INSPIRATIEBRON

Het boek ‘Eindeloos bewustzijn’ van cardioloog Pim van Lommel inspireerde haar tot een werk. De auteur schrijft op een menselijk-wetenschappelijke manier over de ‘bijna dood ervaring’. Het is een authentieke mystieke ervaring, niet te herleiden tot fantasie, psychose of zuurstoftekort. Haar werk kreeg de gelijknamige titel van het boek ‘Eindeloos bewustzijn’.

ABSTRACTIE

Kunst mag voor Mieke Tambuyzer ook alleen maar mooi wezen. Thematische werken wisselt ze af met abstracte. Ze verkent met een 3D-pen de grenzeloze mogelijkheden van abstractie. Compositie speelt nu de hoofdrol. Een wervelend ritme van vormen, dikke en dunnere draden, kleuren, een bestudeerde chaos, verleiden met verve de kijker. Lichtvoetige monumentale werken, een netwerk van loshangende ragfijne draden, waar gaan die heen, zijn ze klaar om het atelier uit te vliegen? Kijken is voor de kunstenares hier even belangrijk als creëren. In deze werken weet de kunstenares een evenwicht te vinden tussen verbeelding, creativiteit, inspiratie en kunde. Haar abstracte werken neigen naar textielkunst: een vlechtwerk van zwarte dikke en dunne draden zwieren, kronkelen, zwiepen in en door de ruimte, op het witte foam board, op de werktafel… De draden vieren feest onder deskundige leiding van de kunstenares met haar 3D-pen. Mieke Tambuyzer verraadt hier een ongetemde vreugde, een ‘joie de vivre’, een liefde voor het leven, voor de kunst en voor de kunstliefhebber.

STUDIE – KENNIS

Mieke Tambuyzer studeerde aan de academie van Vilvoorde, kreeg er les van Walter Goossens, een studiegenoot van Fred Bervoets. Ze sloeg de weg in van de schilderkunst. Later strooide een kerstpakje met 3D-pen roet in de verf en maakte de sluimerende creatieve geest in haar wakker. De handige kleuterjuf, niet pejoratief bedoeld, die ze beroepshalve was, haalt in deze kunsttak de bovenhand. 3D-tekenen heeft ze in de vingers, haar subtiele werken zijn daar het levendige bewijs van. Contact houdt ze met collega/kunstenaars. In kunstenares Ulrike Bolenz ziet ze een mentor en raadgeefster.

RECUP

De kunstenares is een kind van haar tijd, minder goede werken recycleren, waarom niet? Werken waar ze niet tevreden over is, worden opnieuw gesmolten, gelast, verknipt… tot een nieuwe creatie.

3D-PEN TEKENEN IS NIET ALLEEN EEN HOBBY

Ik vraag of ze andere 3D-pen kunstenaars kent. Neen ze is een einzelgänger maar wat voor één. Een google sessie naar 3D kunst levert me enkel kunstige werken op die blijven hangen in de hobbysfeer. Daar is zeker niets mis mee. Maar Mieke Tambuyzer overstijgt grandioos dit hobbyisme. Ze geeft blijk van materiaalkennis en innovatief vernuft. Je mag haar terecht een wegbereider van de 3D-pen kunst noemen. Is er met deze materiaalkeuze mogelijkheid tot evolutie? Waarom niet? De kunstenares is nieuwsgierig en heeft oog voor experimenteren, met de tijd krijgt haar werk zeker nog meer diepgang. Zonder twijfel kriebelt, het na jaren 3D-tekenen, om terug te schilderen, de borstel vast te nemen en laag op laag verf aan te brengen. Deze twee disciplines in één werk samenbrengen, met dit idee speelt Mieke Tambuyzer. Een wisselwerking van de 2 disciplines opent voor haar zeker ongekende nieuwe perspectieven.

INFO

http://www.mieketambuyzer.be
https://www.instagram.com/mieketambuyzer/


Tekst en fotografie Kathleen Ramboer

ESA Anderlecht: “Een kwartier ademen”

“Wanneer je een beetje te veel gedronken hebt, moet je een kwartier wandelen en diep in- en uitademen.” “Daarna is de alcohol bijna weg” zegt Michèle.

“Ik nodig de leerlingen uit om onder elkaar te communiceren” zegt Nathalie, de lerares. “Niet enkel over kunst maar toch zeker ook over kunst”. Er zijn ‘stamtafels’, zoals in een café. De meeste leerlingen kiezen altijd dezelfde zitplaats. Het is belangrijk dat ze onder elkaar communiceren want iedere leerling heeft een andere richting gekozen.

Evelyne tekent een aantal glasobjecten met spiegels aan de kant. De weerspiegelingen tekenen is de uitdaging. Ze is ook ingeschreven in een ander atelier, het tekenatelier. Dus zit ze vier avonden per week op school. Ze geniet in het atelier van Nathalie meer vrijheid. Haar constructie van glasobjecten mag absoluut niet gewijzigd worden. Nathalie let er op dat niemand aan de tafel komt, zoals een kip let op haar eieren.

Sandrine brengt altijd veel materiaal mee. Ze is tevreden met haar vooruitgang, sinds het beging van het jaar. “Kijk hier wat ik in het begin heb geschilderd”, toont ze me trots. Ze wisselt boeken uit met Nathalie. Beiden houden van boeken als inspiratiebron.
Ghislaine gebruikt Chinese inkt op verschillende materialen zoals plastic folie. De inkt droogt heel snel, dus schildert ze met snelle bewegingen, zonder te aarzelen. Soms moet ze wat afschrapen. “Veel” zegt ze.
Michèle gaat door een Japanse fase. Ze is naar Japan geweest. Ze schildert met lichte pastelkleuren, vage vormen. “De Japanse kunstenaars houden van de leegte” zegt Nathalie, leegte zoals stilte in de muziek. Michèle heeft net deelgenomen aan een tentoonstelling. Ze heeft een kunstwerk verkocht.

Maria heeft hulp nodig om te weten wat ze zal schilderen. Nathalie helpt haar erbij. Maria schildert op basis van bestaande kunstwerken in boeken. Ze probeert haar eigen ‘touch’ in haar schilderij te verwerken. “Ze heeft het er moeilijk mee” zegt Nathalie.
Pierre heeft een beperking en zit in een rolstoel. Tekenen en schilderen is voor hem leuk. Hij straalt vreugde uit en zijn handbeweging is snel, bijna nerveus. Hij is, voor zover het gaat, precies in zijn bewegingen. Hij heeft een ‘stamtafel’ in een hoek van de zaal.

Christina draagt altijd haar hoofdtelefoon. “Geen Bloempot” zegt Nathalie. Om aan te geven dat inspiratie andere bronnen moet hebben dan de karikatuur van de amateurschilders/-sters.
Céline doet aan Japans tekenen. Ze tekent heel snel, op elke pagina van een boek. Op een keer was Nathalie haar model. Het is snel herkenbaar. Céline zal dan streepjes toevoegen, een gebroken portret.
Danie schildert dorpen, hangend aan bergen. Vol kleuren. Ze vindt voorbeelden op Pinterest. De kleuren die ze schildert zijn totaal anders dan het beeld op haar telefoon. Een eigen creatie. Het verschil tussen foto en schilderij.
Diane en de vingers. Diane kiest ervoor om plaatsen in Brussel te schilderen die ze graag ziet, zoals het Flagey gebouw. Ze begint met oliepastels en gaat er dan snel met de vingers over. Het is een belangrijk fysiek contact.
Johan komt met zijn hond. Hij komt elke keer met het materiaal dat hij wil gebruiken. Materiaal dat hij onderweg verzamelt heeft. Hij komt niet naar elke sessie.

Frances is, zoals Michèle, al acht jaar bezig. Ze weet wat ze wil schilderen. Ze heeft houtstukken geschilderd in de vorm van speelstukken. Toen Nathalie dit zag vond ze het heel leuk en begon ermee te spelen.
Aurore is bezig met bloed en vrouwen. Intrigerend. Het laatste kunstwerk is meer een collage, ‘Le Meurtre des Cheveux’, waarin echt haar wordt gebruikt.
Gaëlle is bezig met tekeningen, geometrisch. Wanneer ze begint, weet ze niet exact waar ze zal eindigen. Ze heeft iets met de openingen in de muur tegenover de plaats waar ze meestal zit.
Alham is heel rustig, spreekt weinig, is altijd elegant gekleed. Ze werkt met de chemie. Haar schilderijen zijn een samenvoeging van verflagen. Soms bubbelt het. Met een willekeurige verdeling van kleuren. Het doet denken aan het einde van de film ‘2001: A Space Odyssey’.

Nathalie springt van de ene leerling naar de andere en wisselt van onderwerp. Tekening, schilderij, verf, inkt, oliepotlood, donker, licht, in perspectief. Ze schijnt alle trucs te kennen. Ze brengt deze kennis zachtaardig over. Ze heeft een paar ‘obsessies’: de diepte, ieder streepje, iedere oppervlakte, … moet voor zichzelf bestaan, de variatie van tonaliteit. Ze let er op om niet te directief te zijn. Ze suggereert, ze nodigt uit om te proberen, ze toont hoe je het kan doen.

En wat gebeurt er op het einde van het jaar? Ons volgende artikel zal over de tentoonstelling van de eindejaarswerken gaan.

Website: https://www.ecoledesartsdanderlecht.be
Facebook: https://www.facebook.com/profile.php?id=100054439241781
Instagram: https://www.instagram.com/eaanderlecht/

Eric Rottée tekst en foto’s

Het boeiende leven van geëngageerd kunstenaar Bart Vanwalle

Het kunstenaarsleven van de 81 jarige Bart Vanwalle is moeilijk samen te vatten. Als interviewer kan ik slechts een fractie van zijn visies, projecten en werk behandelen. Mijn excuses aan de kunstenaar Bart Vanwalle. Ik hoop langs deze bescheiden weg, Kunstpoort, de kunstwereld te beroeren met zijn verhaal.

Een namiddag lang kon ik me verliezen in het universum, clusterdom, van Bart Vanwalle. Een wereld van geëngageerde kunst, van iemand die de gave en de moed opbrengt te denken over de invloed van de plaats van de verbeelding, de patatopia. Observatie van zijn werk brengt meer vragen dan antwoorden. Bart Vanwalle troont me mee naar zijn atelier, kamers volgestouwd met intrigerende kunst, tegen de muren, op de grond… zonder poespas gepresenteerd; werk van een halve eeuw, een archivering dringt zich op.

De aimabele kunstenaar beantwoordt mijn vragen geduldig. Niets doet vermoeden dat deze kunstenaar anarchistisch en bijwijlen provocerend uit de hoek kan komen. Oh ironie van het lot, zijn atelier is gelokaliseerd in een vroegere rijkswachtkazerne te Eeklo.

Kunstpoort Gerhard Richter zei ooit ‘Iedereen begint ermee dat hij een paar kunstwerken ziet en dan net zoiets wil doen’ Kan je deze uitspraak spiegelen aan je beginperiode als kunstenaar? Herinner je de dag waarop je artistieke carrière begon?
Bart Vanwalle Hoewel ik de afdeling Latijns-Grieks volgde, was het evident dat ik een opleiding in de kunst zou ambiëren. Ik was op school al de decorateur van dienst. Niet mijn vader de intellectueel maar mijn moeder stimuleerde me om de richting monumentale aan het Sint-Lucasinstituut, het huidige LUCA/School of Arts, te volgen. Tussendoor studeerde ik 2 jaar aan het Hoger Instituut voor Wijsbegeerte, KULeuven.
kunstpoort: Tijdens zijn opleiding in 1966 ontving Bart Vanwalle de Talens-prijs voor schilderkunst

Kunstpoort Wie was je leermeester? Naar wie keek je op als jonge gast?
Bart Vanwalle Gaspard De Vuyst was mijn leerkracht atelier aan het Sint-Lucasinstituut. Wat je deed moest kloppen en juist zijn, daar drong hij op aan. Verder tolereerde hij diverse stijlen, technieken en richtingen.  https://www.instagram.com/gasparddevuyst/

Kunstpoort Hoe ging het verder na je studies en militaire dienst?
Bart Vanwalle Ik startte onder andere Open Huis ‘Dewittepoppentoren’ te Gent- Knokke-Hasselt (1969-1973). Open Huis was een galerie voor Modern Hedendaagse Kunst met nadruk op alles wat kritisch en vernieuwend was. In 1973 besloot ik militant arbeider te worden. Ik ben gaan werken in de fabriek. De aanleiding was de wereldwijde oliecrisis. Het achterliggende idee was: de kunsten zijn afhankelijk van de infrastructuur van de maatschappij.  Met als gevolg; eerst moet je de maatschappij aanpakken daarna de kunst. Deze ommekeer in mijn leven bracht de ‘pamflet(kunst)’ met zich mee.
Van 1979 tot 1984 doorspartelde ik een persoonscrisis. Vrijzinnig denker, filosoof Leo Apostel (1925-1995) hielp me er bovenop. Een herbronning was het resultaat. In deze periode besefte ik hoe belangrijk de ‘context’ is voor de totstandkoming van een werk (‘tekst’). Ik vatte dit in een eigen topologie. Een gevolg hiervan is het werken onder meerdere aliassen* en projectnamen. Het alias ‘Patatopia Academy’ verwijst naar de pataphysica van Alfred Jarry. De patatopia is de typische plaats van de verbeelding, de plaats die bepalend is voor het waarnemen en de inhoud van de werkelijkheid.

*(Patatopia2.0, Patatopia Academy (2000), b.Art (2000), Patatopia Academy (1998), Dadaling (1993), Bart Vanwalle (1962-1969 °1942 Waregem Be), Bartel-Joris Edmu(o)nd (1970), Pat Aspoot (Patatopos) Independent artist (1980), Club 31-12-1999 (1979)

Vanaf 1980 tot 2005 werkte ik als ‘weekendarbeider’ Deze formule liet me toe tijdens de vrije weekdagen een kunstpraktijk op te bouwen. Het was mijn uiteindelijke bedoeling om als arbeider/kunstenaar totaal onafhankelijk te worden van de toenmalige K-wereld.

Kunstpoort ‘Dadaling’ is ongetwijfeld een Chinese alias, vanwaar de naam?
Bart Vanwalle Mijn Chinese alias is afgeleid van ‘Badaling’ de naam voor de ‘Great Wall’* nabij Beijing, China.
*’Great Wall’ De Chinese Muur of Grote Muur is een uit aarde en stenen opgetrokken verdedigingslinie in het noorden van China. De muur is ruim 21.000 kilometer lang.

Kunstpoort Je hebt een rebels kantje en was één van de gangmakers van Antichambre in 1986, de tegenhanger van Chambres d’Amis, een concept van Jan Hoet.
Vonden jullie het concept van Jan Hoet, het naar buiten treden uit het museum niet oké of waren jullie ontevreden met de aanpak, het beleid of het elitaire karakter ervan?
De locatie was Fabriek voor Entartete Kunst, Drongensesteenweg 281, Gent, België. De naam vind ik persoonlijk een schitterende vondst. Waarom deze naam? Waarom noemden jullie de kunst die er te zien was ‘ontaarde’ kunst?
Bart Vanwalle Jan Hoet, toenmalig museumdirecteur, bezette toen de stad Gent met zijn Chambres d’Amis, dit zonder inbreng van de galerijen. De personencultus rond Jan Hoet vindt hier zijn oorsprong. Samen met kunstenaars Willy Van Sompel, Marc Vanslembrouck (Sleppe) en kunsthistoricus Piet Vanrobaeys riep ik Antichambre in het leven. 186 kunstenaars waaronder zelfs Hugo Claus namen deel aan onze Antichambre. De (pata)topologie kreeg hier vaste vorm. Elke kunstenaar koos zijn eigen locatie in de bezette fabriek en – belangrijk – kon een eigen project uitwerken zonder opgelegde criteria. Deelnemende kunstenaars als Berlinde De Bruyckere en Thierry Decordier werden later door Jan Hoet opgevist voor eigen projecten. Jan Hoet selecteerde Thierry Decordier in 1992 voor zijn Documenta IX.
De slogan ‘No to the One Art, the One Standard, the One Freedom’ vatte het concept samen. In de ‘Anti’ van onze projectnaam was ook de betekenis van ‘wachtkamer’ vervat. Wij richtten ons niet tegen de Hedendaagse Kunst, integendeel.
Tenslotte werden wij organisatoren het slachtoffer van ons eigen succes. Na 2 maanden legden we Antichambre stil. De veiligheid (de bezoekers sloegen er zelfs hun tenten op) kon niet meer gegarandeerd worden. De fabriek was bezet terrein waarvoor wij de eindverantwoordelijkheid droegen.

Kunstpoort In de film – Ander Onderwerp – van Bulls Eye Films, 2023  
https://youtu.be/O5NXUDE1_Ns
zien we werk dat je tentoonstelde tijdens Antichambre: een projectie/onderzoek/studie/installatie naar het beroemde schilderij van Velasquez ‘Las Meninas’ Beschouw je dit als één van je belangrijkste werken en waarom?
Bart Vanwalle Het project ‘Las Meninas’ beschouw ik inderdaad als één van mijn belangrijkste realisaties. Voor de uitwerking kon ik steunen op de medewerking van Carlos Betsens. In 1987 kende het project een vervolg in het kunstencentrum De Warande te Turnhout en nog een jaar later aan de Technische Universiteit van Eindhoven. De installatie is tot mijn grote spijt niet meer compleet: de spiegels van de spiegelkamer werden gestolen. De beelden sieren momenteel mijn atelier te Eeklo.

project ‘Las Meninas’

Kunstpoort Je bent een kunstenaar pur sang, hypersensitief, gevoelig voor wat er gebeurt in de wereld om je heen. Brengt kunst innerlijke rust?
Bart Vanwalle Ik heb leren leven met mijn demonen.

Kunstpoort Je zit in de marge en geeft commentaar op het centrum, dat vertelde je in de film ‘Ander onderwerp’. Wat doet dat met je?
Bart Vanwalle Vroeger verwachtte men van kunstenaars en intellectuelen dat ze ageerden tégen het centrum. Kunstenaars en/of intellectuelen zagen het als hun morele plicht en opdracht om vanuit de marge kritisch tégen dat centrum te reageren. Wie vandaag vanuit de marge in de contramine gaat, beschouwt de burger als een marginaal. De Antichambre, de tegencultuur is dood. We leven in een spektakelmaatschappij waar een lege selfiecultuur oppermachtig is, waar met engagement geld verdiend wordt. De markt regeert.

Kunstpoort Kiki Smith beweerde ooit ‘dat kunstenaars geen binnenhuisarchitecten voor musea zijn’ Je bent sterk gehecht aan je atelier. Je atelier is een privémuseum op zich. Ik veronderstel dat wanneer je ’s morgens je werkplaats binnenstapt, de confrontatie met eigen werk voldoening geeft. Vind je tentoonstellen wel fijn of een noodzakelijk kwaad? Hou je ervan je werk in een museum te zien? Stelde je veel tentoon in wat ze noemen een klassieke galerij? Of doe je dat liever niet, in het commerciële circuit tentoonstellen?
Bart Vanwalle Je hebt rijkdom, christendom, heldendom maar bij mij heerst het clusterdom. Het clusterdom is ontstaan uit de topologie, de locatie, de context die telkens wijzigt. In 1987 stelde ik als B. J. Edmund bijna al mijn werk tentoon in een leegstaande UCO fabriek als een cluster tussen industriële textielmachines. Je moet mijn werk in zijn totaliteit zien: tekst, beeld, muziek, kunst en in een welbepaalde context.
Voor de toekomst dringt zich een digitaal museum, een digitale cluster, op. Ik tip op interactie met het publiek. Elke digitale kijker zal zijn eigen cluster kunnen samenstellen, in feite een eigen werk maken door telkens andere teksten, muziek, beeld en werken te combineren.
Wat tentoonstellen in een klassieke galerie betreft: in Parijs stelde ik tentoon met werk dat hoorde bij de Nieuwe Figuratie (een aan de Pop Art verwante schilderstijl). De galeriehouder had interesse, wou in me investeren. De Nieuwe Figuratie was echter niet mijn habitat, ik had geen zin om verder deze stroming aan te hangen.

drieluik ‘Impression Soleil Couchant’ Galerie Karl Finkler – Parijs

Kunstpoort Je bent internationaal bekend, werkte in Polen, Frankrijk, China… Waarom trek je over de grens?  
Bart Vanwalle Ik wilde 1000 km ver van Gent een nieuw leven beginnen en dat werd Polen. We kochten er een ‘kasteel’ en knapten het op. Kunstenaar Mathieu Ronse, werkte er ook. Naar China* trok ik voor mijn projecten. In 1993 organiseerde ik er het topologisch Malevich-project op drie plaatsen. Ook in Israël* en Palestina stelde ik mijn projecten voor.
*1993 Malevich-project in Beijing
1994 Chineese european art center Brussels-Beijing
1996 Beijing museum, ‘3 generaties Belgische kunstenaars’
1998 Belgium Embassy project Beijing
1998 Permeke project Beijing- Shanghai- Shenzen
*1999 Israël, Golan-project _ Club 31 12 1999
31-12-1999 ‘There is no place for malevich on the golan golan hight’. Israël.
Daheisha camp westbank Palestina

Kunstpoort Je bent niet bang voor een confrontatie met andere culturen. Met de Patatopia Academy had je, zoals reeds vermeld, projecten in China onder andere in 1993 op het Tiananmenplein, het Plein van de Hemelse Vrede. Je legde daar een zwart vierkanten doek neer. Wat was de bedoeling. Kan je er iets meer over vertellen?
Bart Vanwalle  Het was een onderdeel van mijn topologisch Malevich-project ‘There is no place for Malevich’. Omdat ik compleet verschillende topoi zocht voor Malevich, realiseerde ik dit project op drie uiteenlopende locaties in China: een publieke plek, het Tiananmenplein; een ontmoetingsplaats, the September Gallery (wat door de lokale autoriteiten last minute werd geannuleerd) én in een huiskamer in de Xidanwijk; drie topoi die een totaal verschillend beleven van Malevich teweeg brachtten.

MALEVICH project China, Tiananmenplein, 1993 / Patatopia Academy

Kunstpoort Je bent een adept van de pamfletkunst. Zijn je pamfletten noodzakelijk om je kunst te begrijpen en zijn pamfletten wel kunst.
Bart Vanwalle Vanaf 1979 schrijf ik pamfletten, traktaten en vlugschriften. Zo publiceerde ik in 1981 onder het alias B.J.Edmond ‘Pleidooi voor een stijlloze kunst, Open brief aan Jan Hoet’. Persoonlijk zie ik een pamflet niet als een kunstwerk. Het is een reactie tegen de kunstwereld, tegen een bepaalde context. Tijdens mei 68 was er engagement bij de kunstenaar. Protestbetogingen zoals er toen waren tegen de oorlog in Vietnam zie ik nu niet meer gebeuren. Ik merk wel dat er iets beweegt in deze maatschappij. Kassel 2022 was een toonbeeld van nieuw protest: mensenrechten, de collectiviteit en maatschappijkritiek waren aan de orde. Kunst is nu eenmaal een spiegel van wat speelt en beweegt in een samenleving.

Kunstpoort Je hebt al een rijk leven achter de rug. Wie mag je biografie schrijven?
Bart Vanwalle Dit is een moeilijke vraag, zeker niet één van mijn kleinkinderen, zelfs kritisch ingestelde personen die opgroeien in onze huidige cultuur vind ik verre van ideaal; zij leven in een andere wereld. Het liefst zou ik iemand van mijn leeftijd aanwijzen.

Kunstpoort Welk project wil je nog realiseren, waar droom je nog van? Waar werk je op dit moment nog aan?
Bart Vanwalle Ik wil mijn werk loslaten, vind het een plicht mijn kunst, teksten, beelden… digitaal te archiveren. Mijn archief voor het CKV (MHKA) zou ik graag afronden. Verder zoek ik een platform om mijn werk aan de wereld toe te vertrouwen. Het clusterdom staat hier centraal. Mijn eindwerk wordt een digitaal museum. Verder kriebelt het ook om nieuw werk te creëren. Jammer genoeg moet ik mijn atelier verlaten en ben ik genoodzaakt uit te kijken naar een andere werkplaats. Zonder atelier kan ik niet.
Kunstpoort Heeft er iemand onder de lezers atelier tips voor Bart Vanwalle? Die zijn welkom op ons mailadres kunstpoortmail@gmail.com .

beeldcluster

Tot slot publiceren we een doordenker, een bij dit interview passende veelbetekenende tekst, mij aangereikt door de kunstenaar Bart Vanwalle:
Fr. Nietzsche schreef in zijn jeugdwerk ‘Geboorte van de tragedie’ (1872) dat ‘we kunst nodig hebben om niet aan de waarheid te sterven’!
Ik stel de vraag -in alle bescheidenheid- of het uitzetten van contextuele bakens van de ‘tekst’ (de afbeelding) tot meer kunst kan leiden zonder aan waarheid te sterven?!

Tekst Kathleen Ramboer
Fotografie Kathleen Ramboer en @Bart Vanwalle

Jean De Groote stelt tentoon in Het Adornesdomein te Brugge

Het Adornesdomein is een familiaal privédomein, gesticht door de familie Adorno uit Genua en dateert uit de 15de eeuw. Het bestaat uit de Jeruzalemkapel, godshuizen en een herenhuis met een grote aanpalende tuin. Tegenwoordig zetten graaf en gravin Maximilien de Limburg Stirum, de 17de generatie sinds de oprichters, zich gepassioneerd in voor het behoud van dit uitzonderlijke Brugse erfgoed.

In de Pieterszalen in het voormalige koetshuis van het huis van Anselms vader, wordt twee keer per jaar een tentoonstelling van hedendaagse kunst gehouden. Het doel is om Belgische kunstwerken en artistieke trends te ontdekken en met het zeer internationale publiek te delen. Info site www.adornes.org

Van 29 april 2023 tot 9 september 2023 is het de beurt aan kunstenaar Jean De Groote met de expo IT IS
opening op uitnodiging zaterdag 29 april om 17u tot 20u in aanwezigheid van de kunstenaar.
Toespraak van Johan Debruyne om 17u30

The Fallen Madonna, olie op doek, 135x90cm – Foto David Samyn

In een twintigtal werken laat Jean De Groote ons nadenken over de essentie van de dingen, over wat het is te bestaan, te zijn. Zijn eenvoudige onderwerpen op sobere achtergronden vormen een bijzonder soort stilleven, waarin de voorwerpen, zonder enige betekenis of functie, baden in een diepe stilte en volstaan met te zijn. Zo zetten zijn schilderijen aan tot nadenken over zowel het onzichtbare als het zichtbare. Een serene en esthetische kunst, maar wel een die ons kan onderdompelen in metafysische vragen die aan de grenzen van het begrip van ons menselijk brein liggen.

In de tentoonstelling ‘It is’ wordt het werk van Jean De Groote geconfronteerd met de architectuur en de kunstwerken van het landgoed Adornes en de Jeruzalemkapel, die vol geschiedenis en betekenis zijn. Het roept een reeks fundamentele vragen op over de relatie tussen zijn en tijd, conventies, spiritualiteit en doen.

Jean De Groote is schilder-filosoof en woont en werkt in Nazareth (Oost-Vlaanderen). Zijn kunst is al meer dan veertig jaar een passie-obsessie. Info site www.adornes.org

INFO EXPO IT IS

Het Adornesdomein
Peperstraat 3
8000 Brugge

29 april 2023 tot 9 september2023
maandag tot en met vrijdag van 10u tot 17u
zaterdag van 10u tot 18u
gesloten op zon- en feestdagen

Tickets
bezoek aan het Adornesdomein en aan de tentoonstelling IT IS van Jean De Groote
die tevens doorgaat in de Jeruzalemkapel
€10,00 volwassenen
€8,00 senioren
€6,00 jongeren 7 tem 25 jaar
gratis met museumpas
speciale tarief voor Bruggelingen

vernissage op uitnodiging zaterdag 29 april om 17u
inleiding 17u30 door Johan Debruyne

www.jeandegroote.com
www.adornes.org

Info over de kunstenaar op kunstpoort

https://kunstpoort.com/2022/11/14/painting-without-an-alibi/
https://kunstpoort.com/2017/10/14/jean-de-groote-schildert-het-ding-an-sich/
https://kunstpoort.com/2019/12/16/jean-de-groote-ontmoet-emma-van-roey/

Fotografe Carmen De Vos, de vrouw achter de camera

Voor fotografe Carmen De Vos zijn -een nieuwe lente, een nieuw geluid- geen holle woorden. Net voor de lente losbarst, het frisse groen verschijnt, de luchten blauw kleuren, stelt ze haar nieuwe fotoboek -Belly Riot- voor in haar spiksplinternieuwe studio te Antwerpen. Daarbovenop ruilt ze de gemeente Lochristi voor de stad Antwerpen. Voor het eerst in haar leven houdt ze werkplaats en woonhuis gescheiden. Het wordt -another way of living- Wie weet welke weg haar portretten opgaan? Voor Carmen De Vos zijn het ongetwijfeld drukke tijden. Fijn dat ze tijd vrij maakte voor een interview met Kunstpoort. Aan het staartje van het interview waren de rollen eventjes omgekeerd en toonde de fotografe heel veel human interest, een gave die ongetwijfeld van pas komt bij het portretteren.

Kunstpoort Voor de lezers is het interessant wat achtergrond informatie te vernemen. Heb je artistieke studies gevolgd? Fotografie? Ben je onmiddellijk als fotograaf aan het werk gegaan?

Carmen De Vos Ik ben wat je noemt een late roeping. Mijn eerste opdracht kreeg ik op mijn eenenveertigste en die opdrachten zijn blijven komen. Tegenwoordig ben ik freelance fotografe voor De Morgen, Knack, Humo, De standaard …. Mijn passie werd onmiddellijk mijn beroep. Vroeger was ik wat je noemt de beste fotograaf van de straat, fotograaf van familiefeesten, huis- en tuinfotograaf. De bal ging aan het rollen toen ik mij een point-and-shoot camera, een polaroid aanschafte. Het internet deed zijn intrede. Zo kon ik deelnemen aan internationale wedstrijden en won wereldwijd onmiddellijk prijzen. Ik was 40 jaar, had een administratieve job die stilletjes aan begon te vervelen. Mijn tienerdochter had mijn hulp niet meer nodig, ik besloot een sabbatjaar te nemen om mijn foto’s te archiveren. Dat archief verdween op de achtergrond en ik startte het magazine TicKL, een ambitieus gedrukt Engelstalig internationaal magazine met kunstporno. Ik wilde niet de klassieke erotiek brengen met fake modellen en siliconenborsten maar koos resoluut voor ondeugende humor. Ondertussen is het magazine een collectorsitem. Begin 2008 vroeg Cathérine Ongenae, journaliste en antropologe, mijn medewerking voor de serie ‘Man in hemd’ in de bijlage van De Morgen: WAX. Ik had geen ervaring, besloot met heel veel lef mijn eerste stappen te zetten in een mannelijk bastion dat toen het medialandschap was. Ik fotografeerde, sensueel, mannen, BV’s, politici… , in hun onderhemd, niet evident natuurlijk. Heel veel overtuigingskracht werd aan de dag gelegd. Ik vond het belangrijk mijn kans te grijpen, meester te zijn van mijn eigen verhaal.

Kunstpoort Je maakt vrouwelijke portretten, meestal polaroid foto’s, weg van het alledaagse schoonheidsideaal, van de traditionele beeldvorming die we kennen van de magazines. Welk beeld van de vrouw wil je tonen: de kwetsbare vrouw of de zelfbewuste vrouw?

Carmen De Vos Ik wil de vrouw in al haar kracht verbeelden, niet pleasend, niet lief. Ik kies voor een speelse, humoristische, ondeugende, frivole benadering en toon de vrouw in een absurde context, surreëel, niet alledaags. Ze is meer dan het mooie snoetje, buiten haar lichaam heeft ze ook een eigen verhaal.

Kunstpoort Je bent een vrouw achter de camera, sowieso kijk je anders naar een vrouw dan de mannelijke fotograaf. Is dit de reden dat vrouwen zich anders tonen en gedragen voor je lens? Of is het je persoonlijkheid, manier van omgaan met het model?

Carmen De Vos De mannelijke fotograaf kan bij het model als een bedreiging overkomen, als een man in een machtspositie. Bij mij speelt de shoot zich af in een leuke ontspannen theatrale sfeer. Bij een vrouw hoeven ze geen bevestiging dat ze mooi zijn, de keurende blik ontbreekt.

Kunstpoort Ik veronderstel dat naakt fotograferen niet evident is. Hoe ga je tewerk bij het fotograferen? Ken je de modellen, leer je die kennen, zijn er veel voorafgaande gesprekken? Moet je ook niet een beetje psycholoog zijn? Is de eerste vereiste dat het klikt met het model?

Carmen De Vos Vooraf corresponderen we per mail. Als fotograaf ben je inderdaad ook een beetje psycholoog. Heb ik een zelfverzekerde vrouw voor de lens? Zijn er barrières? Poseren kan een therapeutische uitwerking hebben. Ik zorg ervoor dat de vrouw haar grenzen verlegt en vooral niet blokkeert. De naakt shoot moet je opbouwen in een onbevangen sfeer.

Kunstpoort Zijn de foto’s een echo van de ziel? Of zetten je modellen gewoon een masker op? Is het een spel, theater, een soort performance? Is het meer dan een speciaal kiekje? Hangt er soms een verhaal aan vast? Zijn je foto’s een vertaling van persoonlijke emoties en gedachten? Probeer je in je model iets van jezelf te herkennen?

Carmen De Vos Het is niet uitsluitend theater. De ene keer toont de foto mijn verhaal de andere keer dat van het model. De stoutere kant van het model komt aan bod. Er is input van beide. Als fotograaf sta ik open voor improvisatie. Vaak duurt een shoot langer dan gepland omdat er heel wat ideeën opborrelen. Wanneer ik voor de pers fotografeer hou ik rekening met de eigenheid van het medium: krant, magazine of boek. Elk medium vereist een diverse aanpak.

Kunstpoort Aan je foto’s herken ik iemand met een enorme verbeeldingskracht en creativiteit. Ben je al van jongs af bewust van deze talenten?

Carmen De Vos Zelf had ik geen vermoeden van mijn ongebreidelde fantasie. Als werknemer in het bedrijf van mijn schoonouders ontwierp ik zonder enige opleiding een huisstijl: logo, website… Een teken aan de wand?

Kunstpoort Fotografeer je vaak op locatie? Zoek je een locatie of kom je die toevallig tegen?

Carmen De Vos Ik zoek een locatie volgens de persoonlijkheid van het model. Vaak zijn dat hotels B&B ‘s zelfs bij mensen thuis. Ik fotografeer weinig portretten in de studio.

Kunstpoort Wat is je mening over de sociale media, FB bijvoorbeeld, die naakt niet toelaat?

Carmen De Vos Het is jammer dat de moraliserende censuur op Facebook vanuit Amerika ook het FB gebruik in België controleert. Het berispende vingertje is ronduit censuur wat nefaste gevolgen heeft voor mijn werk. Uit noodzaak probeer ik nu braaf te zijn op de sociale media. Er is gebrek aan vrijheid, de jonge mensen leven nu in een wereld met blokjes en balkjes op instagram en FB. De David Hamilton foto’s van de jaren 70, droomachtige, wazige portretten van naakte adolescente meisjes zouden tegenwoordig sneuvelen onder de censuurdrift van FB.

Kunstpoort Je nieuwste boek -Belly Riot- toont zwangere vrouwen in absurde en surreële scenes. Vanwaar komt het idee een boek te maken met foto’s van zwangere vrouwen, vanuit je eigen leefwereld, gezinssituatie of sfeer?

Carmen De Vos Ik had niet bewust het idee zwangere vrouwen te fotograferen voor een boek. Het begon allemaal heel spontaan. Mijn eerste shoots van zwangere vrouwen waren met onder andere Murielle Scherre, Cathérine Ongenae. Na een tijdje bleek ik er een aanzienlijk aantal te hebben en ben ik doelbewust zwangere vrouwen gaan fotograferen in ongewone situaties. Ik fotografeer ze in een stoutere versie van zichzelf, niet de romantische maar wel de zelfbewuste vrouw, de amazones van deze tijd.

Kunstpoort Is het boek een salon- kijkboek of vind je het veel meer dan dat?

Carmen De Vos Ik heb vooral een feministisch statement willen maken met aandacht voor de zwangere vrouw. Vrouwen hebben nog altijd minder jobkansen. Vrouwen zijn nog niet zo lang juridisch beschermd. Het zwangerschapsverlof is pas in 1978 wettelijk geregeld. Een standbeeld van een heldhaftige man, militair, koning of wie dan ook, zie je overal in het straatbeeld, een beeldhouwwerk waarin de vrouw centraal staat is minder evident. Cathérine Ongenae heeft het in haar voorwoord over het ontbreken van de zwangere vrouw in de kunst en over de manier waarop een zwangere vrouw is afgebeeld. Galeries zitten vol met geïdealiseerde portretten van het moederschap, onberispelijke Madonna’s in lange gewaden met de hand zedig op de buik. Mijn boek toont de vrouw op een verrassende manier. Een sensuele en speelse reis naar een wereld van zelfontdekking, vrouwelijke empowerment en grenzeloze verbeeldingskracht. (vertaald citaat uit het Engels op site van Carmen De Vos.)

Kunstpoort Zijn de foto’s in je boek polaroids, digitaal? Bewerk je na de opname je foto’s?

Carmen De Vos De foto’s in -Belly Riot- zijn zowel polaroids als digitaal. Ik bewerk ze achteraf, steek er mijn eigen palet op, geef ze die specifieke kenmerkende Carmen De Vos sfeer.

Kunstpoort Onlangs las ik het volgende citaat van Elizabeth Shannon in The rise of the Photobook in the twenty-first century (2010): Een fotoboek is een autonome kunstvorm, vergelijkbaar met een beeldhouwwerk, een toneelstuk of een film. De foto’s verliezen hun eigen fotografischn karaktier als dingen ‘op zichzelf’ en worden onderdelen, vertaald in drukinkt, van een dramatische gebeurtenis die een boek wordt genoemd. Beschouw je je boek ook als een kunstwerk op zich. Je moet het geheel bekijken en niet de onderdelen?

Carmen De Vos Dat geldt voor sommige fotoboeken. Het geheel is krachtiger dan de onderdelen. De foto’s zie je best in hun totaliteit dan pas begrijp je de bedoeling. Zo is mijn boek geen bundeling van leuke foto’s, het is een statement.

Kunstpoort Is het moeilijk fotograferen in opdracht met eigen werk te combineren? Telkens switchen van onderwerp en aanpak, van analoog/polaroid naar digitaal, moet vermoeiend zijn. Denk je niet vaak tijdens een shoot aan je opdrachten en omgekeerd? Kunnen ze elkaar beïnvloeden?

Carmen De Vos Het is verrijkend met de twee bezig te zijn. Mijn opdrachtfotografie maakt van mij een betere kunstfotograaf. Mensen met bepaalde beroepen hebben voortdurend tijdsgebrek. Het is de boodschap om supersnel tot het beste resultaat te komen. Vandaag had ik een shoot met een regisseur. De deur gaat open, je treedt de privésfeer binnen. In een minimum aan tijd moet je de persoon doorgronden en leren kennen voor je een portret kan maken. Het is een training in snel werken.

Kunstpoort Ben je een reportagefotograaf die kunstfoto’s maakt of andersom? Een kunstfotograaf die ook reportages maakt?

Carmen De Vos De reportagefotograaf heeft de kunstfotograaf nodig en andersom. Het moet in balans zijn. Soms zit ik gevangen in mijn eigen kop. Dan breek ik uit, de afwisseling is interessant.

Kunstpoort Ga je vaak met een journalist op stap?

Carmen De Vos Zelden, dat is nefast voor de foto. Ik verkies zelfstandig te werken. Zo ging ik met Lize Spit alleen op stap naar de gewenste locatie. Fascinerend toch, die wisselwerking tussen geportretteerde en fotograaf. Met een journalist aan je zij kan je niet connecteren en je concentreren.

Kunstpoort Als illustratie van het gezegde lees ik op de instagrampagina Carmen De Vos
Ik had laatst een houten jubileum met Lize Spit. Ik mocht haar voor de vijfde keer fotograferen. Bij hout denk je toch al gauw aan krukken dus nam ik haar mee naar een oud hospitaal in Brussel. De staat van het pand was een stuk minder florissant dan in mijn verbeelding, maar gelukkig huist er nog steeds een speelvogel in ons beider wezen die we desgewenst naar boven kunnen roepen. We gingen op ontdekkingstocht door een labyrint van shabby hospitaalgangen. Terwijl ik Lize in beeld bracht, smolt er iets onverwachts. Avontuur, weet je wel. Niet de verf op de muren, maar ikzelf toen ik door mijn lens een keer teveel in haar grote reeënogen keek.

Kunstpoort Op je site zie ik enkel vrouwelijke portretten. Acht je het ook mogelijk portretten van mannen te maken? Ik zag enkel het portret van Etienne Vermeersch op je site.

Carmen De Vos Voor de pers fotografeer ik wel meermaals mannen. In opdracht van De Morgen had ik een fotosessie met Tania Vander Sanden geflankeerd door 2 mannen, dit naar aanleiding van haar 60ste verjaardag – Pool Party for an Actress-. Bij mijn vrij werk staan bijna uitsluitend vrouwen voor de lens. Met vrouwen is identificatie mogelijk. Een man zwoel en erotisch fotograferen valt moeilijker. Mannen hebben het daar moeilijk mee of er hangt iets meer in de lucht, de context is minder duidelijk.

Kunstpoort In welk fotomuseum of museum zou je ooit willen tentoonstellen of zou voor je de ultieme erkenning zijn?

Carmen De Vos Laat me maar bescheiden blijven: het FOMU in Antwerpen. Als ik het groots mag zien en luidop dromen: het MOMA in New York.

Kunstpoort Wat verkies je, een fotoboek of tentoonstellen in een museum?

Carmen De Vos Tentoonstellen in een museum. Ik stelde 2 maal tentoon in het Stedelijk museum te Zwolle. In een museale context tentoonstellen is tof en verrijkend. Je mag niet bang zijn om te falen. Ik kan jammer genoeg geen tijd spenderen aan het leggen van contacten met musea en/of curatoren.

Kunstpoort Misschien kan dit interview musea en curatoren triggeren?

INFO

https://www.instagram.com/carmendevoss/

cdv@carmendevos.com

Studio Carmen De Vos
Guldenberg 8
2000 Antwerpen

BELLY RIOT

Belly Riot is een revolutionair eerbetoon aan de moed en veerkracht van vrouwen overal ter wereld. Een sensuele en speelse reis naar een wereld van zelfontdekking, vrouwelijke empowerment en grenzeloze verbeeldingskracht.

Join the Belly Riot revolution!

Praktisch

Belly Riot is een bibliofiele uitgave. Er zijn maar 300 exemplaren beschikbaar en daarvan moet de gehele wereld bediend worden. Super gelimiteerd dus!
‘Belly Riot’, Carmen De Vos by Studio Carmen De Vos, 96 pp., 75 euro

Carmen De Vos gaat mee met haar tijd! Ze heeft 25 extra exemplaren laten drukken met 3 andere covers gegenereerd door haarzelf in co-creatie met DALL E-2. De covers zijn een interpretatie van AI prompted door een beschrijving van drie van haar eigen foto’s in het boek. Waarschijnlijk zullen dit de eerste fotoboeken ooit zijn met een door AI gegenereerde cover. Ze zullen verkocht worden als een tastbare en bibliofiele NFT via het nieuwe Belgische platform WAW Street.

Zondag 19 maart 14-18u – bezoek expo + mogelijkheid tot aankoop boek of NFT
Guldenberg 8 – 2000 Antwerpen

Verneem meer over Belly Riot via onderstaande link

Tekst Kathleen Ramboer
Foto’s Carmen De Vos


Kunst maakt vrienden

Expositie Acadisten in het Oud Hospitaal te Oudenaarde

De Acadisten zijn een informele vriendengroep met een gemeenschappelijke passie voor Kunst. Wat ruim vijf jaar geleden op de Koninklijke Academie Beeldende Kunst van Oudenaarde begon met een bemoedigend knikje, een vriendelijke aansporing en een enthousiaste belangstelling voor het werk van een “medestudent”, groeide uit tot een hechte vriendschap buiten de muren van de Academie.

Samen kijken naar kunst en tentoonstellingen bezoeken in binnen- en buitenland zorgt voor artistieke ontdekkingen, nieuwe inzichten, ideeën en esthetische ervaringen.

Hoewel de Acadisten samen optrekken, behouden ze elk hun eigen stijl door de aard van de verschillende disciplines: schilderen, tekenen, beeldhouwen, keramiek, grafisch werk, textiel, fotografie en nature art. Wat bindt is de belangstelling voor kunst en bovenal de passie voor het maken van eigen werk, zowel realistisch, experimenteel als fantasierijk.

Met deze eerste groepstentoonstelling willen de Acadisten laten zien dat creativiteit nooit stopt en willen ze graag hun enthousiasme met de bezoekers delen.

INFO

expositie Oud Hospitaal Oudenaarde
St Walburgstraat
17-18-19 maart
24-25-26 maart
open van 11u tot 18u

tekst Mieke Bailleul

Poëzie in beweging

Interview met Anne Provoost – Alja Spaan
een uitwisseling met MEANDERmagazine

MEANDERmagazine is een blog van onze noorderburen. Toevallig ontdekte één van de recensenten onze blog KUNSTPOORT. MEANDER contacteerde ons en dat resulteerde in een uitwisseling van een publicatie. Graag plaatsen wij het interview met Anne Provoost van MEANDER in de kijker en op hun beurt publiceren zij het KUNSTPOORT interview met dichter Rob Van de Zande.
https://kunstpoort.com/2022/01/25/dichter-rob-van-de-zande-een-romanticus-pur-sang/

MEANDER is een literair e-magazine over poëzie en heeft tot doel literatuur onder de aandacht te brengen van een breed publiek, gebruikmakend van de mogelijkheden van het internet. Ze besteden vooral aandacht aan aankomende dichters, publiceren elke dag beschouwingen, recensies, columns, interviews, hebben verschillende series lopen en nemen ingekomen kopij serieus.
Voor meer info https://meandermagazine.nl/

Wekelijks stuurt meandermagazine een nieuwsbrief naar een ieder die interesse heeft in poëzie. Gratis en voor niks.

INTERVIEW ANNE PROVOOST

‘De dichtkunst drukt het onvermogen uit om ons diepste zelf te verwoorden.’
interviewer Alja Spaan

foto © Mathias D’Haen

Anne Provoost schrijft romans, essays, korte verhalen en sinds kort ook poëzie. Ze is lid van de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Zij won met haar werk de Gouden Uil, de LIBRIS Woutertje Pieterseprijs, twee keer een Zilveren Griffel, twee keer de Gouden Zoen. Haar roman –Vallen- werd verfilmd. Voor -In de zon kijken- kreeg ze de driejaarlijkse Cultuurprijs van de Vlaamse Gemeenschap, dat is de voormalige Staatsprijs voor Literatuur. Haar werk is in twintig talen vertaald.

Alja Spaan Onlangs verscheen je eerste gedichtenbundel Krop, gefeliciteerd daarmee. Waarom koos je na alle romans, kinder- en jeugdboeken en essays nu voor een gedichtenbundel?

Anne Provoost Ik werk al meer dan tien jaar aan het oorlogsverhaal van mijn grootmoeder in de Belgische Westhoek. Zij werd als klein meisje per trein weggevoerd uit de frontstreek in het jaar 1915 omdat in haar dorp aan het Ieperleekanaal de Duitsers de eerste grote aanval met gifgas inzetten. Onze overheid heeft na die inbreuk op de Conventie van Den Haag vier jaar lang kinderen weggehaald uit de gevarenzone. Ik wist nagenoeg niets van die grootscheepse evacuatie tot de VRT me vroeg om hier samen met Rita Mosselmans een documentaire over te maken voor Canvas. Ik dacht dat het bij die docu zou blijven, maar op een of andere manier heb ik zonder het goed te beseffen dat verhaal vervolgens geïnternaliseerd. Vooral het feit dat de kinderen – het waren er bijna 20.000 – met treinen werden weggebracht zette zich vast in mijn hoofd. De cadans van de stampers van de locomotief en het slaan van de ijzeren wielen op de bielzen werden ineens hoorbaar in mijn zinnen. Ik begon met een dreun te schrijven, alsof ik spoken word maakte, of misschien was het mitrailleurvuur. De dieperliggende reden was allicht dat ik best wel verbijsterd was over de wreedheid van wat zich in mijn geboortestreek heeft voorgedaan zonder dat iemand me er ooit over heeft verteld: kinderen die werden verminkt door granaatscherven, kinderen met een handicap die spoorloos verdwenen, familieleden die stierven. De nadruk op ritme ging zo ver dat ik de inhoud van mijn verhaal begon te wijzigen, in functie van versvoeten, en dat in een prozatekst. Zeker in een roman die op werkelijke feiten is gebaseerd is dat natuurlijk niet de bedoeling. Ik wilde van die cadansstress af, die hang naar klankmaat moest uit mijn systeem, en zo kwamen de gedichten.

Alja Spaan Recensent Herbert Mouwen, Meander, gelooft niet in ‘het gescheiden houden van de verschillende schrijfgenres waarvan een auteur zich bedient.’ Jij wel?

Anne Provoost Voor mij is het onderscheid heel scherp. In een journalistieke tekst is er een obligate één op één verhouding met de werkelijkheid. In een fictietekst wordt die verhouding minder stringent, maar hij is er nog steeds, want dubbelzinnigheid leidt ook daar tot misverstanden. Poëzie doet het omgekeerde. Betekenis is niet langer de essentie. Er gebeuren interessantere dingen in een gedicht dan het overbrengen van beduidenis.

Appelflauwte
Opgedragen aan Herman de Coninck

Degenen die er zo zeker van zijn dat het leven
van hen is mogen over mijn geboortewond praten
terwijl ik nog een beetje drink

Zoals we gedichten niet begrijpen omdat ze
in onze ogen schijnen, blijft alles wat hier staat
behoorlijk geslepen, want Nederlands is mijn
tweede taal en de film van mijn vroege beschaving
kan breken

Mijn heldere gedachten botsen als platen
want een letterlijke vertaling dobbert
als een meerboei in een plas

Mijn oude iconen zijn door Scheideggers geratel
al lang van de plank
hun zuivere intenties tot proppen gedraaid
met hun roep om meer klaarheid

Van dat beeld kan ik niet slapen, ook al
dwaalt er in iedere controverse een waarheid
dus houd ik mijn zachte meesters tussen mijn regels
als tussen smetteloos witte lakens en val regelmatig flauw
maar laat het niet zien

Alja Spaan Waarin verschilt het schrijven van poëzie met al je voorgaande werk?

Anne Provoost Je veroorzaakt een sensatie, eerst bij jezelf, later wellicht ook bij je lezer. Gedichten laten deurtjes in de hersenen openklappen. Je zet al het cognitieve opzij, je haalt de letterlijkheid weg, je hijst de witte vlag en geeft toe dat betekenis meestal tekortschiet, en dat je dus andere middelen zult inzetten om een indruk of een gevoel of een toestand van een zender naar een ontvanger te laten gaan. Meer hermetische verzen invoegen is een manier om net dat aan de lezer duidelijk te maken. Je zegt eigenlijk: ik ben vrij en jij ook, dus laat je meevoeren, kom in mijn krochten, geef je weerstand op, misschien ontmoeten we elkaar dan wel.

Alja Spaan Mouwen haalt uit een radio-interview van je dat ‘het een kwestie was van iets dat eruit moest, het zat opgekropt.’ Is het schrijven noodzakelijk (geweest) voor jezelf of wilde je een algemeen gevoel verwoorden?

Anne Provoost Die gedichten schrijven was voor mij in ieder geval geen hobby. Het voelde meer als een kuur. Ik moet wanneer ik schrijf altijd wel iets kwijt, maar ik moet het daarom niet altijd kwijt aan een publiek. In eerste instantie deelde ik mijn gedichten met intimi, onder meer met kunstenares Annabel Keijzer in Amsterdam, die er dan telkens een heel kleurrijk schilderij bij maakte. Gedichten gaan voor mij om het spel, om de dans, het slaan van de hakken. Ik hoop oprecht dat de lezer van mijn bundel de uitbundigheid voelt van een vrouw van 57 die als een kind de mogelijkheden ontdekt van het dichten.

Alja Spaan Uit dat interview spreekt ook dat je denkt aan de lezer terwijl je schrijft – je wilt ‘de woorden en hun mogelijke betekenissen samen onderzoeken’. Is de taal van de poëzie rijker? Heeft het de interactie met de lezer nodig? Is juist niet bij poëzie de taal omgebogen tot een duidelijke vorm?

Anne Provoost Een schrijver is allicht op zoek naar een lezer, maar hij is ook zijn eigen lezer. Elk menselijk brein heeft altijd wel schizofrene potentie, vermoed ik, en dus kun je als schrijver ook de ontvanger zijn van je eigen gedicht. Gedichten worden de hoogste vorm van taalgebruik genoemd, en dat zijn ze ook. Maar poëzie is daarom nog geen hogere kracht. De dichtkunst drukt het onvermogen uit om ons diepste zelf te verwoorden. Vaak maakt die dus gewoon duidelijk dat we helemaal niet in staat zijn om die woorden ook echt te vinden. We botsen op het onzegbare, en we zoeken er metaforen voor, maar dat betekent niet dat we daarmee een stap dichter bij het onzegbare zijn gekomen, laat staan dat we het hebben geïnterpreteerd of verklaard. Onze geest is nu eenmaal sterk begrensd, onze harde schijf te klein voor een hoop fundamentele inzichten. Poëzie kan daar niet veel aan veranderen. De dichter bezweert zijn gedachten door ze door op papier te zetten, meer niet. Om te leven en te overleven is de wetenschap nuttiger dan de poëzie. Van zodra men poëzie omschrijft als iets esoterisch – ik denk bijvoorbeeld concreet aan de beweringen van Mathias Desmet die nu in Vlaanderen ineens actueel zijn – haak ik af. Een duidelijke vorm? Ik zou zeggen, er is vorm, maar hij is niet altijd duidelijk.

Alja Spaan Mouwen zegt dat hij ‘soms vastloopt in de stapeling van beelden’. Is dat erg?

Anne Provoost Het gedicht lijkt een organisme, maar is het niet. Een organisme groeit uit zichzelf, en een gedicht wordt door een dichter gemaakt. Op een gedicht kun je ingrijpen. Al kan dat ingrijpen ook tegenvallen. Soms probeer ik twintig wijzigingen uit, om dan weer uit te komen bij de allereerste versie. Ik kan zelf ook niet goed tegen stapelingen van beelden. Je moet nooit proberen alle hoeken van de kamer ineens te laten zien. Ik dacht dat ik mijn beelden strak in de hand had, want elk gedicht baken ik af met mentale strepen in het zand. Vanuit één basiskleur vertrekken, en enkel afwijken om te contrasteren, niet om te variëren, is voor mij een belangrijke vuistregel. Maar ik zal vast niet de enige zijn die dichterlijke principes beter kan belijden dan ze in de praktijk omzetten.

Alja Spaan Je dicht over alledaagse dingen, stelt hij. Hoe ga je te werk?

Anne Provoost Het is de cadans die het voortouw neemt. De woorden echoën in mijn hoofd tot ik ze neerschrijf. Ik zoek naar wat woorden in nieuwe combinaties verluiden, en hoe ze dat doen. En ik stel verluiden hier bewust tegenover verbeelden. Beelden zijn maar beelden. In een crisis is naar mijn ervaring het eerste wat je wil doen taal vinden zodat je het overweldigende ervan kunt saucissoneren. Daarzonder ben je in vrije val. Taal is ons meest menselijke houvast. Als de crisis toeslaat vind je de werkelijkheid niet terug, maar je vindt er misschien wel enige taal voor. Het gebeurt dan dat we een gedicht of een dichter iets universeels ‘toedichten’, maar dat is er volgens mij enkel door projectie. Misschien is dat wat Mouwen bedoelt met die ‘alledaagsheid’. Als aan mijn gedichten allerlei universele waarden zouden worden toegekend, dan zou ik me daarvan distantiëren, denk ik. Elk gedicht blijft voor mij anekdotisch. Het is geschreven doordat mij iets is overkomen of opgevallen, niet iemand anders. Een vrouw die dood wordt binnengebracht op de spoedafdeling in Gujrat in Pakistan omdat ze een abortus heeft ondergaan, mijn betovergrootmoeder die werd gedwongen met haar twintig jaar oudere schoonbroer te trouwen nadat haar zus in het kraambed stierf, mijn neef die verongelukte op zijn fiets, mijn ouders die voor het eerst hun achterkleinkind ontmoeten als het al maanden oud is omdat ze het niet hebben mogen zien vanwege Covid, twee vrouwen in Frankrijk die worden vrijgesproken nadat ze hun man hebben vermoord, … de alledaagsheid van leven en dood inderdaad. Ik wilde geen ingesloten of symbolische wijsheden in mijn gedichten stoppen. Anderen mogen dat doen, maar ik ga die interpretaties beamen noch ontkennen. Ik verkoop geen wijsheid. Ik zou veel te ongerust zijn om als betweterig over te komen, of om een aanbieder te zijn van tegelwijsheden. Enkel de wetenschappen zijn een goed kompas als je wijsheid zoekt, want de wetenschap is onze echte gedeelde werkelijkheid. Kunst is zoals de liefde, beide zijn fantastisch om te hebben, maar de poëzie moet niet willen fungeren als een parallelle wereld om dingen op te lossen. Gedichten kunnen misschien een mens genezen, maar ze kunnen de wereld niet genezen. Wie het laatste veronderstelt leeft in een delusie.

Pik-pik-pik

Het einde begint als na een winter van monocultuur kauwen boven het meer
zweven als marionetten aan draden, zich verspreiden in een hoek van de
afbeelding en zich keren tot het straatparlement dat erin slaagt de hele schepping
in één gewichtloze lengte te dragen: ze bijten een hoekworm in helften.

We krijgen koude en broze voeten op deze weg van oud koraal, want we hebben
een kwestie over het hoofd gezien, we zijn in de atlas van broedvogels gaan staan,
apen en andere grondbewerkers hebben de meer realistische kijk gehad: zij
trokken zich terug in de wereld die dan toch niet vergaat zoals aangekondigd in
dat andere gedicht.

De machine die onze leeftijd kan raden verlaat het station als een sneltrein, een
aandeel terug voor elke minuut dat hij is vertraagd, de vooruitgang ebt weg,
het lied van de zangers van diverse pluimage raakt ons met een snavel, drukt ons
verlangen over de rand waar wij lijken te –

Alja Spaan Ook noemt hij dat het voor je prozawerk kenmerkend is dat je pijnlijke kwesties verzwijgt. Je gedichten daarentegen zijn heel direct. Geeft poëzie je daarmee meer kansen dan proza?

Anne Provoost De gedichten zijn een uitlaatklep voor mijn bezorgdheid over onder meer liefdes die groter worden naarmate je beseft dat je ze kunt verliezen. Ze opschrijven voelde echt als het lossen van een ventiel. Het genre was gewoon geschikter dan proza om de totale ontreddering te beschrijven die opsteekt als je èn in een pandemie zit, èn in een klimaatcrisis, èn je daarbij ook nog eens vaststelt dat je in een razend tempo veroudert. Ik kan er niets aan doen, maar dan ga ik op zoek naar handvatten om situaties vast te pakken en te beheersen. De handvatten zitten in het verwoorden, met cynisme en relativering, en in de esthetische ervaring die je krijgt als een versregel goed bolt. Dat laatste altijd onder voorbehoud. In crisistijd wordt de poëzie vanzelf een stuk minder lyrisch.

Zoals je nog zei toen ik stierf

Zoals je nog zei toen ik stierf waren we gewoon
lichamen bezorgd om de wind, chimaera’s
van vreugde en blijheid. We ademden en zuchtten
met de regelmaat van vallende appels.
Ons licht startte in ramen. We moesten
absoluut de klokken verslaan, want er zat geen geluid
in het gerucht. De zon werd een vuurvogel en
we leefden om het antwoord te horen, maar
het probleem werd niet opgemerkt door God de Vader.
Alles is rakelings voorbijgegaan behalve het vergeet-me-niet.
Het ga-niet-weg werd zo gewichtig als de steen
op een graf.

Er stond een boom in het bos met een gat in de bast,
daar woonden internettrollen, ze hadden gebochelde
ruggen en een slavencomplex. We lieten ze slapen, we wilden
niet een heel persoon de oven in duwen, het wordt zo ook
wel donker als een ongeschilde aubergine. De beek raakte lek
en de koeien werden vlekken, en hoogten en diepten hielden
slechts met lijm nog contact.

Dus scheld me nu maar uit met je laatste woorden, want
er is tussen ons iets enorms aan de gang. Maak me
jaloers op mezelf. De herfst heeft een koude ziekte, maar
wij hebben de kinderen, er branden waxinekaarsen
in de palm van hun hand.

Alja Spaan Hoe belangrijk is het fysieke element in je gedichten? Mouwen noemt het soms ‘de erotische laag’.

Anne Provoost De beslissing om poëzie aan te bieden aan de lezer is aan de liefdesdaad verwant. Je mompelt iets onverstaanbaars, en je probeert de ontvanger te verleiden om mee te gaan tot het eind. Dat is voor beide partijen zowel betoverend en beangstigend. Je weet niet wat er gaat gebeuren. Een gedicht kan je veranderen. Die liefdesdaad mag je heel breed opvatten. Zinnen formuleren impliceert bijna altijd uitreiken naar iemand anders, meerdere individuen samenbrengen rondom iets wat potentieel kan worden gehoord en begrepen, en dus gemeenschappelijk wordt.

Alja Spaan Kun je je herinneren wat het eerste gedicht was dat je las?

Anne Provoost Toen ik veertien jaar oud was beantwoordde ik een oproep in de krant. Een zanger vroeg naar teksten om te toonzetten, en ik zond mijn pubergedichten in. Ik kreeg een heel lange brief terug, handgeschreven, want zo ging dat in die tijd. De zanger had boven mijn gedichten streepjes en boogjes gezet. Hij legde uit dat versvoeten noodzakelijk waren als je van een tekst een lied wilde maken. Sindsdien weet ik dat gedichten alles met muziek te maken hebben. Veel jonge mensen vandaag hebben dat veel eerder dan ik begrepen. Ze maken van poëzie een collectieve ritmische bezwerende beweging in plaats van in te zetten op verstilling.
Ik denk overigens dat die hang naar dansmaat en fonetische nadruk eigen is aan een maatschappij onder spanning.

Alja Spaan Op Wikipedia staat dat je begon met schrijven toen je vier was maar dat nog niet echt kon en daarom de verhalen aan je moeder dicteerde. Wat een heerlijke start. Heeft je moeder je altijd gelezen?

Anne Provoost Ze leest me inderdaad nog steeds. Ze leest ook alle recensies. Laatst was haar reactie: ‘Hmm, die begrijpt het denk ik of… de auteur heeft het nog anders bedoeld! Laat ze maar gissen.’ Ze heeft door dat wat dubbelzinnig is, of triple-zinnig of quadruple-zinnig, in even grote mate wordt veroorzaakt door de lezer als door de schrijver. De schuifjes zijn open gegaan, de lezer is aan het ‘verlezen’, in mijn dialect betekent dat sorteren wat nuttig voor je is, en zo hoort het.

De gedichten in dit interview komen uit de bundel Krop.