ONTIJ – TINE GUNS


tekst Rik Guns

Tine Guns – Deuss Gallery – 16.05 – 06.07.2024

van donderdag tot zaterdag – van 2 tot 6 pm (of op afspraak)
Provinciestraat 11 – 2018 Antwerpen
ingrid@ingriddeuss.be – +32 475 56 22 83

Tine Guns denkt na en doet nadenken; ze is geïntrigeerd en ze intrigeert; ze bewondert en laat bewonderen. Dat doet ze met een fotografische verbeelding, met ontroerend mooi resultaat.
Het is haar tweede solotentoonstelling bij galerie Deuss. Ik ging er langs, een uur of zo vóór de opening, lekker alleen in die grote ruimte. Ik beschrijf wat ik zag, in de volgorde waarin ik het in me opnam.

A Beam – 2023 – 2 x (70×100) – Hahnemühle Fine Art Photo Rag on Dibond 3 mm in EX-25 frame

Tine projecteert woorden, begrippen die er voor haar toe doen. Het zijn persoonlijke bekommernissen en maatschappelijke uitdagingen. Ze toont zich kwetsbaar, dat is het mooie en het moedige van kunstenaars. Het rustige ritme van de projectie geeft me de tijd om de woorden te verwerken, de automatische herhaling stoort niet, integendeel.  De tijd wordt onbelangrijk. Ik kijk naar de beelden links en rechts van de projectie. De woorden, de emoties verbinden beide kanten.

Links is er een tweeluik, een prachtig, contemplatief beeld: stil, intiem, mysterieus, contrastrijk, veel diepte en toch zacht, met kleur in donkere partijen die ruimte laten voor verbeelding. Het ritmische lijnenspel van licht en schaduw op de voorgrond creëert spanning. Het is een beeld dat me blijft intrigeren.

Chance-reeks – 2024 – 60,5 x 31 – Risoprint on Munken Cream framed with passepartout & museumglass

Rechts van de projectie hangt een reeks van vier keer drie foto’s. Op het eerste gezicht lijken het banale snapshots; Tine heeft ze genomen met een smartphone, zoals miljarden mensen miljarden fotootjes ‘nemen’ ter bevestiging van onszelf, op jacht naar instant voldoening.

De beelden lijken banaal maar dat zijn ze niet. ‘Wide White Space Gallery’ en Marcel Broothaers, het onderwerp in de eerste reeks, waren baanbrekend voor de conceptuele kunst. De foto is vluchtig genomen, maar Tine doet er iets prachtigs mee. Ze maakt er ‘riso-prints’ van, die ze in de volgende fragmenten van de reeks combineert met andere smartphone-foto’s. ‘Risografie’ is een van oorsprong Japans drukproces, vergelijkbaar met zeefdruk of stencil, maar ecologisch en energiezuinig. De beelden die Tine ermee gecreëerd heeft zijn 4 keer door de machine gegaan. Het resultaat is gelaagd, letterlijk en figuurlijk, met deels een verwacht, deels een verrassend resultaat. Vandaar de naam ‘Chance’? Ik noem het fotografisch schilderen: prachtig. De inkadering is mooi, nog mooier was het geweest mocht ik het tactiele van de prints hebben kunnen aanvoelen. Ik ben blij de complete ‘Chance-reeks’ te zien. Het verhaal is het mooist als alle fragmenten samen bekeken kunnen worden.

Ik ga in het midden van de galerie staan. De foto’s en de projectie zijn mooi opgesteld. Er is ruimte om alles rustig in me op te nemen. Dan draai ik me om naar de andere kant van het verhaal.

Links: Paradise – 2024 – 80 x 120 – Hahnemühle Fine Art Photo Rag on Dibond in 3 mm in EX-25 frame
Rechts: Whenever in Doubt – 2024 – 120 x 80 – Hahnemühle Fine Art Photo Rag on Dibond in 3 mm in EX-25 frame

Ik word overdonderd door een kleurenpracht en daarnaast zwartwit. Ik bekijk de magistrale zwart-witfoto en ik word me bewust van mijn eigen nietigheid. Ik zoom in op het detail, onduidelijk van op afstand, maar haarscherp van dichtbij, zoals het is in de realiteit en ik denk aan ‘het oog van God’, zoals Jan Van Eyck dat noemde 600 jaar geleden. Ik zet een paar stappen achteruit. De foto blaast me van mijn sokken.

Weer was dit voor Tine maar een aanzet. Het onderscheidt de kunstenaar van de fotograaf. Ze print fragmenten van de natuurfoto’s op ‘cortenstaal’. Blootgesteld aan lucht en vocht, krijgt dit materiaal een eigen leven. De kleuren veranderen en er ontstaan onverwachte effecten. Tine creëert een beeld door haar natuurfoto aan de natuur terug te geven; ze neemt geen foto, ze eigent zich niets toe, ze maakt iets nieuws, in harmonie met een natuurlijk proces. Het resultaat is verbazingwekkend (het Engelse ‘stunning’ geeft mijn emotie beter weer): kleur, diepte, schakering, structuur. De beelden veranderen ook subtiel met wijzigende lichtinval. Buitengewoon. De natuurlijke oxidatielaag van het staal vormt een bescherming tegen verder doorroesten. Daardoor worden de creaties tijdloos.

van links naar rechts
1 Whenever in Love – 2024 – 33 x 50 – Hahnemühle Fine Art Photo Rag Print mounted on Dibond 3 mm in EX-25 frame
2 Whenever in Love – 2024 – 25 x 35 – UV Print on steel, Acids EX-25 frame
3 Whenever in Mist – 2024 – 25 x 35 – UV Print on steel, Acids EX-25 frame
4 Whenever in Doubt, Wheatering Steel – UV Prints on steel, Acids EX-25 frame

In een tijd waarin we overstelpt worden met vluchtigheid, oppervlakkigheid, egocentrisme, nijd, angst en negativisme is er nood aan kunstenaars zoals Tine. Gun(s) jezelf een moment van rust, van reflectie, laat je ontroeren door schoonheid. Ga kijken.

tekst Rik Guns foto Rik Guns foto’s tentoonstelling Tine Guns

Briefverkeer

met auteur Gert-Jan van den Bemd

tekst Kathleen Ramboer

foto Thomas Sweertvaegher

Schrijver Gert-Jan van den Bemd bracht me op de hoogte van zijn nieuwste en vierde roman -Lex- . Gert-Jan is een Nederlandse schrijver die in Breda woont. Ik ontmoette hem in 2022 naar aanleiding van zijn vorige roman Branco & Julia.
zie kunstpoort
https://kunstpoort.com/2022/04/14/een-nederlandse-schrijver-in-oostende/
Voor een kunstpoortreporter is het niet evident naar Breda te reizen voor een interview. Een brief schrijven leek me een logische en originele oplossing. De schrijver zou me zeker één terug sturen. Ja! En wat voor één; een nostalgisch getypte brief, getypt op “Een mosgroene Olympia SM3, een machine uit de late jaren vijftig.” (zie brief Gert-Jan van den Bemd)

Brief aan schrijver Gert-Jan van den Bemd

Gent 2 april 2024

Dag Gert-Jan

Je mailtje verbaasde me niet. Ik had een vermoeden dat er een nieuw boek op stapel stond. Op sociale media postte je regelmatig beelden vanuit je geliefde, vanwege het Ensorjaar door een horde toeristen overspoelde, Oostende. Maar jij komt er als Nederlander al jaren, je houdt van Oostende, de zee, zijn kroegen, zijn bevolking. Je houdt van dat tikkeltje surrealisme dat Oostende rijk is, van zijn verval en van zijn stilaan vernieuwde glorie. Je blog is gevuld met verhalen uit Oostende, ooit de koningin der badsteden. Je schrijft er graag je verhalen, ook je romans, in het voetspoor van beroemde schrijvers: Joseph Roth, Stefan Zweig, James Joyce… Koen Peeters.
Wat me wel verwondert is dat je nieuwe roman zich hoofdzakelijk afspeelt in je home town Breda en maar een ietsje pietsje in Oostende. Hoe en waar groeide dat idee? Als Vlaming ken ik Breda enkel als tussenstop op de treinroute Brussel – Amsterdam. Daar moet ik bewust iets aan doen. Wie weet krijg ik zin in een dagje Breda na het lezen van je boek, misschien kriebelt het dan om de aangehaalde plekjes te ontdekken? Ongetwijfeld zal de ‘couleur locale’ van het boek me bekoren omdat jij een situatie, een tafereel zo beeldend kunt beschrijven, met het oog van een fotograaf. Fotografie is dan ook een van je stokpaardjes. Je schrijft filmisch met het oog van een cameraman maar omdat Lex nu eenmaal een boek is, stel ik voor die te illustreren met enkele van je heerlijke inkt tekeningen. De klank die speelt vanzelf wel door mijn hoofd en dat van de lezers. Dat tikkeltje subtiele humor van je tekeningen zou dat de tekst ondermijnen of precies nog sterker maken? Jij alleen weet het antwoord.
De grafische- en kunstwereld is me lief, dat weet je wel, daarom ben ik zo benieuwd naar de cover, overtuig je het lezers- en koperspubliek met een foto, een tekening, met felle uitbundige kleuren of net niet? Gebruikt de vormgever een schreefletter, een schreefloze, een hippe, een coole, een klassieke letter… om de titel te communiceren? Of heb je daar geen inspraak in? Misschien vind je dat ook niet zo belangrijk. Bezorg je me een afbeelding van de cover? Of is die nog top secret?

Je liet me weten dat ‘Lex’, het hoofdpersonage, in een kringloopwinkel een oude typemachine (een Olympia SM3) op de kop tikt. Hij is ervan overtuigd dat tikken op het klavier van een typmachine hem kan helpen makkelijker te schrijven. De laptop zet hij opzij. Gert-Jan je beloofde me, daar ben ik blij om, als antwoord op mijn schrijven een op ene Olympia SM3 getypte brief. Daarom heb ik een licht vermoeden dat Lex autobiografische trekjes heeft. Corrigeer me als ik het fout heb. Een Olympia SM3 is echt old school. Nostalgie en melancholie horen stilletjes aan bij mijn leeftijd (die verklap ik niet). Ik vind een confrontatie tussen oud en jong wel fijn.

Je vorig boek Branco en Julia dateert van 2 jaar geleden. Wanneer is het zaadje voor je nieuwe boek ‘Lex’ geplant? Welk voorval zette je aan tot het schrijven van deze vierde roman? Welke tijdsspanne deed je erover? Liep het vlot? Werd je vierde roman in Oostende geboren? Of is in Oostende de verleiding te groot om er rond te dwalen, te genieten van een koffietje of drankje met ‘Oostendse’ vrienden zodat het schrijven op de achtergrond verdwijnt. Vele schrijvers werken met de regelmaat van een klok. Ik vermoed dat dit bij jou ook het geval is.

 ‘Lex’ is ongetwijfeld opnieuw een spannende, psychologische roman, waar jij ondertussen een patent op hebt. We zijn razend benieuwd naar de karakterschetsen en het plot. Je komt altijd zo onverwacht uit de hoek.
Zoveel vragen en suggesties… en ik heb er nog eentje: “Wanneer en waar is een boekvoorstelling gepland?”

Een groet van

Kathleen

Kunstpoort reporter

Antwoord per brief van Gert-Jan van den Bemd

Dag Kathleen,

Wat een goed idee, een échte brief! Het schrijven op papier gaat gepaard met meer zorgvuldigheid dan een snel e-mailtje. Het vraagt ook om een geschikt moment, waardoor mijn antwoord wat langer op zich liet wachten. Een fysieke brief sluit perfect aan op mijn nieuwe boek. In ‘Lex’ kampt de gelijknamige hoofdpersoon met een writer’s block. Of misschien is het wel meer dan dat. Hij nam ontslag van zijn werk bij de krant om zich volledig op zijn passie te kunnen storten: het schrijven van thrillers. Maar die beslissing blijkt na enkele maanden niet zo verstandig. Er komt geen letter meer op het beeldscherm van zijn laptop. Tijdens het bezoek aan een kringloopwinkel stuit hij op een oude typemachine. Hij meent dat hij daarmee de blokkade kan opheffen. Een typemachine vereist een andere manier van werken: voor je de toetsen beroert, heeft de zin zich al in het hoofd gevormd, meer dan bij het schrijven met de laptop, waarbij de uiteindelijke zin soms pas na talloze correcties ontstaat.

Ook ik kocht tijdens het schrijven van ‘Lex’ een oude typemachine. Niet met als doel om daarop het manuscript te schrijven, eerder uit een nostalgisch verlangen. Het is een mosgroene Olympia SM3, een machine uit de late jaren vijftig. Het is een prachtig apparaat, dat ook door de mij bewonderde Patricia Highsmith werd gebruikt. Af en toe tik ik er een stukje op, of zoals nu, deze brief. Natuurlijk zie ik ook de voordelen van een laptop, maar soms verlang ik naar het meer fysieke schrijven. Of naar het old school ontwikkelen en afdrukken van foto’s. Ik heb nog een traditionele opleiding in de fotografie gevolgd. De magie van de donkere kamer, daar kan de digitale fotografie niet tegenop! Maar in onze moderne, haastige tijd is er weinig geduld meer. We willen alles nú, liefst zonder al te veel inspanningen. Misschien verklaart dat de terugloop van het aantal lezers. Het ‘consumeren’ van een verhaal door het te lezen vereist nu eenmaal meer energie, concentratie en doorzettingsvermogen dan het kijken naar een beeldscherm.

Ik ben inderdaad net terug van een maand Oostende. Dat is een jaarlijkse traditie. Ik vind het heerlijk om er te dwalen. Ik ken de stad inmiddels beter dan mijn woonplaats Breda. Oostende geeft me een dubbel gevoel. Er zijn mooie wijken, gebouwen, straten, maar vaak worden die ontsierd door gedrochten van beton en glas. Er wordt veel gesloopt, vaak gebouwen die behouden zouden moeten blijven, maar vanwege de verwaarloosde staat is dat meestal onbetaalbaar. Op de lege plek verschijnt dikwijls een oogverblindend appartementencomplex, waarmee tweede-huizenbezitters hun vermogen veiligstellen voor de toekomst. Dat resulteert in veel leegstand in de wintermaanden, dan is Oostende op bepaalde plekken net een spookstad. Hoogzomer is het er daarentegen een gekkenhuis. Toch, of misschien wel vanwege die tegenstellingen, kom ik er graag. Het is geen grote stad, maar ze is dynamisch, er gebeurt van alles. Dat geeft inderdaad de nodige afleiding. Ik heb er dit jaar vooral veel getekend, ik heb er leuke mensen ontmoet, Duvels gedronken… en misschien heb ik er ook wel wat ideeën opgedaan voor een nieuw boek. Ik wil al jaren een verhalenbundel over Oostende schrijven, of een roman, maar zover is het nog niet gekomen. Wel een eerste aanzet: het laatste hoofdstuk van ‘Lex’ speelt zich in Oostende af. Dus misschien is dat de opmaat.

Het verwondert je dat ik mijn woonplaats Breda als locatie voor mijn nieuwe boek heb gekozen, maar eigenlijk is die keuze niet zo vreemd. De aanzet werd gevormd door een waarneming van mijn vrouw. Tijdens haar vaste wandelroute langs de singels van Breda zag ze hoe een man zijn auto parkeerde en een betaalbewijsje uit de automaat haalde. Daarna gebeurde iets merkwaardigs: de man stapte direct weer in zijn auto en reed weg. Had hij zich vergist, was hij iets vergeten? Maar de week erna gebeurde exact hetzelfde. Dat zette mijn brein aan het werk.

De waarneming van mijn vrouw verplaatste ik naar Karla, de vriendin van Lex. Ze vertelt het voorval aan Lex, in de hoop dat hij zijn drive om te schrijven hervindt. Dat gebeurt ook: Lex raakt gefascineerd door de man, hij bijt zich in hem vast. Maar dat had hij beter niet kunnen doen…

De Bredase ‘couleur locale’ maakt ‘Lex’ extra leuk voor de bewoners van deze stad én voor de mensen die Breda bezoeken. Vanwege de prima treinverbinding zijn dat ook veel Vlamingen. Zelf vind ik het altijd heel leuk om een boek te lezen dat gesitueerd is op de plek waar ik verblijf. Ik denk dat veel mensen dat met mij delen, dus ik verwacht dan ook veel belangstelling voor ‘Lex’.

Helaas, de tekeningen moet je er zelf bij denken. Misschien komt er ooit een boek waarin ik wél mijn tekeningen verwerk. Ook zou ik graag een boek maken waarin ik foto’s en teksten combineer. Dat deed ik eerder, in ‘Wachten op de Ronde van Lombardije’, mijn thesis van de kunstacademie. Het schrijven geïnspireerd op foto’s vond en vind ik erg leuk. Je hebt gelijk, ik ben visueel ingesteld, de scenes die ik schrijf, zie ik voor me. ‘Lex’ is een boek dat roept om een verfilming. Dat zou ook voor Breda een mooie kans zijn om onze fraaie stad aan een groot publiek te tonen. Dus regisseurs of producenten, kom maar op!

Ik deel jouw liefde voor de grafische- en kunstwereld. Ik kijk graag naar covers van boeken. Het is interessant om te zien hoe vormgevers lettertypes, kleuren, grafische elementen en fotografie inzetten om een boek een eigen karakter te geven. En op te laten vallen tussen die honderden andere boeken in de winkel. Sommigen zijn daar heel goed in, zoals mijn vormgever Herman Houbrechts. Hij heeft de covers van mijn vorige boeken ook verzorgd. Hij is zeer vakkundig, hij denkt mee met de redacteur, de uitgever en de auteur. Bovendien is hij een aimabel man. Ook dit keer heeft hij een fraai ontwerp gemaakt. (Ik stuur je de afbeelding via e-mail). De cover van ‘Lex’ is misschien niet heel opvallend, eerder ingetogen, hij past uitstekend bij de duistere sfeer van het boek. De drie rode kruizen verwijzen naar het stadswapen van Breda.

De presentatie van ‘Lex’ is op zaterdag 8 juni bij boekhandel Van Kemenade & Hollaers in Breda, om 16.00 uur. Ik hoop dat ik ‘Lex’ ook bij boekhandels in Vlaanderen mag presenteren. Ik vind het leuk om met lezers in gesprek te gaan over mijn boeken. Dus boekhandelaren, leden van leesclubs en organisaties van festivals, stuur me gerust een mailtje: info@grandfoulard.com. Ik kom graag langs!

Kathleen, ik laat je weten als ik weer in de buurt van Gent kom, dan gaan we een Duvel drinken (het mag ook iets anders zijn, hoor!)

Met een Bredase ‘houdoe’,

Gert-Jan van den Bemd

vormgever cover Herman Houbrechts

INFO auteur

info@grandfoulard.com
https://www.grandfoulard.com/
https://www.facebook.com/grandfoulard
https://www.facebook.com/gertjan.vandenbemd
https://www.instagram.com/gertjanvandenbemd/?hl=nl
https://www.instagram.com/grandfoulard/?hl=nl
redacteur van REALmag., magazine
https://www.realmag.nl/

INFO roman LEX– literaire thriller

LEX
uitgeverij Manteau
ISBN 9789022341322
320 pags
24 euro

https://www.grandfoulard.com/lex/

Ann Bonne, een kunstenaar met metier en passie

tekst Kathleen Ramboer

Ann met een vroegwerk uit 1978

Als reporter van kunstpoort is het een feest in dialoog te gaan met Ann Bonne, een kunstenaar die het goed weet te verwoorden en haar uitgebreide kennis graag deelt. Als kunstenaar heeft ze veel metier en dat is zeldzaam in een hedendaags kunstklimaat dat vooral gericht is op concept en minder op creatie. Als leerkracht tekenkunst weet ze ongetwijfeld haar studenten te begeesteren en een balans aan te kaarten tussen inhoud, vorm en functie.

Om gerichte vragen te stellen bestudeerde ik de website van de kunstenaar.
https://annbonne.wixsite.com/arts

Kunstpoort Groeide je op in een gezin met liefde voor de kunst?
Ann Bonne Kunst zit in de genen die ik via moeders zijde meekreeg. Ik ben de achterkleindochter van kunstschilder Leo Steel, toen een befaamd portrettist. Ook zijn zonen Georges, Albert en Etienne (mijn grootnonkels) waren kunstenaar. Toch stootte ik op verzet van thuis toen ik een kunstrichting uit wou. Na een jaar rechten aan de universiteit, ben ik toch vrije grafiek gestart. Het bloed kruipt waar het niet gaan kan. Ik wilde tekenen en dat is mijn leven lang een constante.

Kunstpoort Was je studietijd aan de Sint-Lucas Hogeschool bepalend voor je manier van werken van nu? Zijn er leerkrachten die je kunst beïnvloed hebben, die je veel hebben bijgebracht?
Ann Bonne Leerkracht Dirk De Bruycker was mijn mentor. Hij verlegde grenzen in mijn hoofd. Hij besteedde niet alleen aandacht aan figuratie maar ook aan abstractie.

Kunstpoort Ben je na je studies onmiddellijk beginnen les geven?
Ann Bonne Inderdaad, ik heb het al doende geleerd.

Kunstpoort Kunnen de leerlingen je ook iets bijbrengen. Is er een wisselwerking?
Ann Bonne Er is een dialoog. Mijn studenten, met minder academische vorming, hebben een onbevangen blik waar ik voor open sta. Persoonlijk probeer ik hen een balans tussen concept, vorm, materiaal en techniek mee te geven.

Kunstpoort Twijfel je aan je kunst of ben je overtuigd, wat ik maak is goed.
Ann Bonne Als kunstenaar moet je zoals een wetenschapper geloven in je onderzoek.

Kunstpoort Wat zijn je inspiratiebronnen? Natuur? Muziek? Oude meesters? Het onderbewuste?
De Nederlandse licht installatie kunstenaar Jan Van Munster zegt: ‘Als kunstenaar kom je sowieso niet verder dan je eigen biografie.’ Klopt dat voor je? Ben je ook zo een kunstenaar of kijk je verder dan je eigen leefwereld?
Ann Bonne Natuur, muziek, literatuur… kan me inspireren. Mijn werk is niet biografisch wel omgevingsgericht. Een 17de -eeuwse lievelingsdreef en een liederlijke beek ook daterende van de 17de eeuw zijn dicht bij huis mijn geliefkoosde tekenlocaties. Tekenen is de vorm maar er is ook de bevrijding, het wandelen in de geest. Als kunstenaar moet je indringen in de tijd. Verstilling, de tijd nemen om te kijken en naar de kern gaan, de essentie verbeelden is belangrijk; een luxe, zeldzaam in deze jachtige tijden. Ook de beschouwer vraag ik die attitude. Ik heb nood aan mentale vernieuwing. Om de 15 jaar vernietig ik werk. Een mentaal archief helpt me verder te gaan.
Mijn motto is een tekst van Thomas Mann.
“Ook persoonlijk beschouwd is de kunst immers een geïntensiveerde vorm van leven. Zij maakt dieper gelukkig, zij doet sneller opbranden. Zij kerft in het gezicht van wie haar dienen de sporen van geestelijke avonturen, en zij veroorzaakt, zelfs als het uiterlijk bestaan kloosterachtig stil is, op de duur een verwendheid, oververfijning, afmatting en geprikkeldheid van de zenuwen zoals een leven vol uitspattingen van hartstocht en genot ze vrijwel nooit teweeg kan brengen.”
Uit ‘De dood in Venetië’

Kunstpoort Je ‘Waterschappen’ zijn suggestief, niet echt figuratief te noemen. Hoe noem je ze abstract of figuratief, abstract/figuratief? Mochten deze werken geen titel hebben, dan zou ik stilletjes wegdromen, mijn fantasie laten spreken. Waardeer je het als de beschouwer een eigen interpretatie geeft aan je ‘Waterschappen’?

oud werk: schilderijen met onderwerp: de opaalkust

Ann Bonne Voor mijn reeks ‘Waterschappen’ zoek ik een evenwicht tussen figuratie en abstractie.
Kunstpoort Dit schrijft Ann Bonne over haar reeks ‘Waterschappen’: “De lichtstralen worden avontuurlijke kringelende draden, abstracte draden, wervelende krabbels waaruit het licht tevoorschijn komt.”
Ann Bonne Deze houding is me niet vreemd. Mijn eerste schilderijen met onderwerp de opaal kust, tonen vereenvoudiging, leggen de essentie van een waarneming bloot. Ik probeerde de rust van de zee te vatten, de typische kleur, de transparantie.
Het verhaal mag niet primeren. Een persoonlijke interpretatie van de kijker is zeker welkom.

Kunstpoort Ik veronderstel dat je belang hecht aan techniek, dat je onderzoek doet naar een tekenproces dat het best bij je werk past. Je ‘Waterschappen’ zijn zilvertekeningen. Wat moet ik me daar bij voorstellen? Welk materiaal gebruik je?

zilverpennen

Ann Bonne Met mijn grondstoffen ga ik creatief om, probeer die naar mijn hand te zetten. Voor ik start met de tekening heb ik al wat werk verricht. Het papier, Zerkall aqua- en etspapier, prepareer ik met een kalklaag. Onder de kalklaag maak ik eerst een houtskooltekening. Op de kalklaag teken ik met een zilverpen. Door het gebruik van de zilverpen treedt een bijtende chemische reactie op en komt bij blootstelling aan de lucht, de tekening zichtbaar. Het zilver oxideert. Als bij magie komt de tekening tevoorschijn, eerst zacht, dan donkerder en donkerder tot ze de grens van donkerbruin bereikt.

Kunstpoort Je volgde vrije grafiek daarom heb ik een stil vermoeden dat tekenen met zilverpen verwant is aan het etsen.
Ann Bonne Vergelijk het met droge naald. Met een zilverpen kan je geen contrasten leggen. Zoals bij de droge naald techniek, verkrijg ik door arcering nuances van donker en licht. Het ritme en dynamiek van het vrije arceren vind je terug in mijn oudere droge naald werken.

links WATERSCAPE III 1 2023  zilverpen, krijt op aqua Zerkall 35,4 x 38 cm
rechts WATERSCAPE III 2 2023  zilverpen, krijt op aqua Zerkall 35,6 x 38 cm

Kunstpoort Je werken zijn teer, kwetsbaar, letterlijk en figuurlijk. Fixeer je de tekeningen?
Ann Bonne Ik verpak mijn werk in pergamijn (kristalpapier), vervaardigd op basis van zuurvrije, zuivere cellulose.

Kunstpoort Na het zien op je website van je reeks ‘Mani di Milano’ heb ik het gevoel dat je geboeid bent door de oude meesters. Bestudeer je hun manier van werken, hun techniek? Wie is je grote voorbeeld? Welke oude meester bewonder je?
Ann Bonne Ik kijk op naar Leonardo da Vinci en beschouw hem als een leermeester. Gefascineerd door ‘Het Laatste Avondmaal’ een olieverfschilderij op de pleistermuur van het klooster Santa Maria della Grazie in Milaan, maakte ik een uitgebreide, vergaande studie over de handen voorkomend op het eind 15de -eeuwse muurschilderij. Diverse handen blijken ook op andere schilderijen van Leonardo da Vinci voor te komen, vaak in spiegelbeeld.

mani di GIOVANNI ‘in pettine’  40 x 48 cm  zilver, houtskool, pastel, gesso op kalei-paneel

Ann aan het werk in de abdij van Tongerlo

Kunstpoort Over die handen geeft Anne Bonne een toelichting: De handen van Johannes brengt ‘het rustig in zichzelf gekeerd zijn’, de ‘stille smart’ tot uitdrukking. Da Vinci bereikt met deze handen, de vingers ineenstrengelend, een verstillend moment. Het is deze verstilling die mij ontroerde en inspireerde.
Anne Bonne De handen, de houding, bevatten een onderliggende betekenis. Zo drukken de handen van Petrus verontwaardiging uit. Ik tekende 26 handen, ware grootte,  op 24 panelen, de eerste in 2015, de laatste in 2023.
Als voorbereiding voor de reeks ‘Mani di Milano’ bestudeerde ik, juli 2015, uitgebreid een kopie in de Norbertijnen abdij van Tongerlo. Daar bevindt zich  de wellicht meest getrouwe en ook mooiste replica van ‘Het Laatste Avondmaal’ van Leonardo da Vinci. Het doek is 8,80 meter op 4,60 meter, geschilderd door een lid van de ‘Leonardeschi’ in opdracht van de toenmalige Franse koning, Louis XII. Deskundigen onderzoeken nu of Andrea Solario het doek geschilderd heeft en of Leonardo da Vinci enkele delen voor zijn rekening nam, onder andere het hoofd van Christus.
In de abdij onderzocht  en bestudeerde ik de renaissancistische maten en verhoudingen met behulp van metingen en fotografie.
De reeks ‘Mani di Milano’ bestaat zoals ‘Waterschappen’ ook uit zilvertekeningen. Dit maal is gebruikt gemaakt van geprepareerde panelen. Ik kies ervoor; de geschiedenis, de sporen van het tekenproces te laten meespelen in een gelaagde tekening. De zichtbaar onderliggende lagen versterken het expressieve karakter van de doorleefde handen. De lijnvoering en arceringen zorgen voor tonaliteit, tenslotte komt door oxidatie zoals bij ‘Waterschappen’ een warm timbre naar voren.

mano di GIUDA destra  40 x 40 cm zilver, houtskool, gesso op kalei-paneel

Kunstpoort Je reeks ‘Klankschappen’ ook gezien op je site, vertoont volgens mij een meer expressieve vorm van tekenen, je potlood bereikt op zeker ogenblik een hoogtepunt zoals het Italiaans crescendo, het geleidelijk aanzwellen van de muziek.
Anne Bonne Inderdaad, zoals bij ‘Waterschappen’ is de gestiek, de lijnvoering, de schriftuur belangrijk, het materiaal is expressiever en zet ik naar mijn hand.
De partituren waarop ik teken zijn bewust gekozen, ze zijn de dragers waarop maat, ritme, kleur en ruimte samenkomen. De partituren ondergaan een technisch proces dat, interessant voor de beleving, zichtbare sporen nalaat. Zo werk ik met houtskool, plakkaatverf, gesso… op bladmuziek gemaroufleerd op Japans papier. De vooraf geprepareerde dragers neem ik mee op locatie. De tekeningen vertalen de muziek die ik in mijn hoofd hoor en waar ik zo van hou, liederen van Franz Schubert, mijn lievelingscomponist. Ik tekende op partituren van
Der Wanderer D493 Schubert
Ich komme vom Gebirge her,
Es dampft das Tal,
es braust das Meer.

70 x 100 cm, 8 partituurbladen, gouache en houtskool, marouflage op Japans papier

Wohin? opus 25, D 795 Die schöne Müllerin Schubert

70 x 100 cm, 8 partituurbladen, gouache en houtskool, marouflage op Japans papier

Kunstpoort Beoefen je naast de tekenkunst nog andere kunstdisciplines?
Ann Bonne Door een ongeval ben ik toch wel beperkt in mijn keuze. Zo was ik genoodzaakt het beeldhouwen stop te zetten.

Kunstpoort Wat is en wat betekent kunst voor je?
Ann Bonne Kunst is een bewustzijnsversneller. Kunst zet kunstenaar en kunstbeschouwer aan tot nadenken, tot dieper ingaan op de inhoud, tot interpreteren, tot intenser leven. Kunst bant oppervlakkigheid uit je leven. Goethe beweert: ‘Wie kunst heeft, heeft religie. Wie geen kunst heeft, heeft religie nodig.’ Een kunstenaar heeft een eigen religie, iets bovenzintuiglijk. Ben ik aan het werk, dan hoor ik niets, ruik niets… bepaalde zintuigen vallen uit. In opperste concentratie vergeet ik de wereld om me heen. Graag werk ik gestructureerd, volgens schema, op vaste uren. Eenmaal in mijn atelier, heb ik geen besef van tijd, daarom is het op die ogenblikken raadzaam een wekker op te diepen.

Kunstpoort Ik vind online weinig over je. Ik zie geen werk van je op sociale media. Vind je het niet belangrijk je werk te tonen? Heb je geen ambitie? Of werk je liever in de luwte?
Ann Bonne Ik hou niet van het vluchtige, oppervlakkige van de sociale media. Mijn tekeningen zijn het resultaat van intens werk, zijn doorleefd, daarom hou ik er niet van dat de surfer die in één oogopslag, snapshot, beoordeelt, kan ‘like-n’ of ‘niet like-n’. Weinig tentoonstellen is een bewuste keuze.

Kunstpoort Wat bewonder je bij andere kunstenaars?
Ann Bonne Zoals bij een wetenschapper blijkt voor een kunstenaar het onderzoekvermogen van intens belang, bij een kunstenaar is dat het beeldend onderzoekvermogen naar inhoud en vorm. Dat maakt het verschil met wat we noemen een ‘zondagsschilder’.
Ik waardeer een kunstenaar die zijn kunst steevast heruitvindt. Dit kan alleen in financiële vrijheid.

Kunstpoort Kan je wat meer vertellen over de expo ‘waarschijn – de stilte van het licht’
licht beeldende zilvertekeningen in dialoog met het namiddagatelier tekenkunst SLA
Ann Bonne Mijn studenten stel ik de vraag: ‘Wat betekent inhoudelijk en formeel water voor je?’ ‘Hoe verbeeld je water 2D?’ Ik gaf hen de opdracht thuis te werken, los van alle invloeden. Het leren werken buiten de les, eigen oplossingen zoeken, is betekenisvol. Enkele vertrokken vanuit inhoud, andere vanuit de vorm. Ik gaf iedereen een boekomslag waarmee ze aan de slag gingen. Door dit project maken de leerlingen kennis met het proces van tentoonstellen, met alles wat ermee gepaard gaat.

‘aquaria’ van de leerlingen van het ‘namiddagatelier Tekenkunst Sint-Lucas Academie-Gent’

Kunstpoort Wat zijn je toekomstplannen? Verder les geven?
Ann Bonne Na 42 jaar les geven, werk ik verder in mijn atelier. Als leerkracht wil ik graag mijn kennis doorgeven. Misschien organiseer ik workshops toegespitst op materiaal en techniek, wie weet ook zomercursussen tekenen ‘en plein air’.
Tuin, interieur, kleur zijn ook uitlaatkleppen voor mijn creativiteit. Drie tuinontwerpen zijn van mijn hand.

Kunstpoort Van welke kunstenaar, hedendaags, oude meester, bekend of niet… zou je graag een schilderij in je atelier of woonkamer ophangen zodat je er uren kan naar kijken?
Ann Bonne Ik ga voor een abstract, minder toegankelijk werk. Waarom geen Rothko?

atelier en studies

Kunstpoort Een verrassende keuze voor iemand met een fascinatie voor oude meesters. Of toch niet? Een groene oase, een levend natuur-schilderij, omringt de leefruimte en het atelier van Ann. Mogelijk is hierdoor nood aan abstractie. Schilderijen van Rothko staan buiten de tijd en voelen aan als een wandeling in een stil bos. Bovendien kan je Rothko’s kleurvlakken beschouwen als geabstraheerde landschappen, een raakpunt met de verstilde, geabstraheerde ‘Waterschappen’ van Ann. We hopen niet alleen dat die stilte verder deel uitmaakt van haar kunst maar ook dat de poorten van de kunstwereld voorzichtig openen voor deze tijdloze zilver- en andere tekeningen.

INFO expo

Ann Bonne
waarschijn – de stilte van het licht
licht beeldende zilvertekeningen

Het namiddagatelier tekenkunst Sint-Lucasacademie Gent
aquaria

stellen tentoon in de Sint-Amanduskapel
n.a.v. Ann’s 40 jarig jubileum tekenkunst SLA

Opbouw van de expo waarschijn-stilte van het licht –
Ann Bonne
Aquaria – namiddagatelier tekenkunst SLA

Campo Santo
Sint-Amanduskapel
Joannes Roegierspad
Sint-Amandsberg

Open
24-25-26 mei 2024
31mei-01-02 juni 2024
14 – 18 u

https://www.facebook.com/ann.bonne.5
https://annbonne.wixsite.com/arts

tekst Kathleen Ramboer
foto Kathleen Ramboer en
copy right Ann Bonne

Jean-Paul van der Poorten: een woordkunstenaar die zich begeeft op het pad van de beeldende kunst

tekst Kathleen Ramboer

De stille grijze morgen brengt rust. In de woonkamer van kunstenaar Jean-Paul van der Poorten omarmen woord en beeld mij langzaam. Blij verwonderd ontdek ik een bakermat van vrolijke kunst, kunstige uitgaven, gedichten… De kunstenaar tovert een morgen lang deze ruimte om in een klein museum en jawel ook in een podium. Voor de welgevulde boekenkast met een aanzienlijk aantal persoonlijke uitgaven citeert hij met veel passie, voor de raap, de bril in de hand, enkele gedichten. Hier huist een theaterman, dichter, kunstenaar, organisator, uitgever… een artistieke duizendpoot.

Dichter en beeldend kunstenaar

Jean-Paul van der Poorten is een woordkunstenaar die zich begeeft op het pad van de beeldende kunst. De dichter leeft samen met de beeldende kunstenaar, ze vormen een hecht paar, hebben elkaar nodig, twee identiteiten in één. De kunstwerken zijn als zingende strofen met een kleurrijke regel voor en na. Verzen verbergen een kleurrijk en vrolijk beeld.

Het begon allemaal figuratief

De liefde voor woord en beeld was er al van bij de geboorte. Vader, Firmin van der Poorten, had een passie voor de letteren. Hij was jarenlang redactiesecretaris van het tijdschrift Nieuwe Stemmen*. Moeder, Philomena De Decker, was modiste en ontwierp hoeden.
Zoals de maskers en prullaria in het winkeltje van Ensors moeder een inspiratiebron bleken voor meesterlijke canvassen, zo inspireerden de hoeden, ontwerpen van de moeder van Jean-Paul de kunstenaar tot gekke, vrolijke, melancholische vrouwelijke portretten op papier. Later verdween het figuratieve en haalde abstract de bovenhand. Deze speelse, originele, abstracte werken wil ik graag in deze beschouwing een forum geven.

Techniek en formaat

Door de jaren heen heeft de kunstenaar een vrije, persoonlijke techniek ontwikkeld. Jean-Paul van der Poorten hanteert gewoonlijk een klein formaat (doorgaans 15 x 21 cm) en toch bezit zijn kunst een zekere monumentaliteit. Een afbeelding laat niet vermoeden hoe klein sommige werken wel zijn. Jean-Paul werkt bij voorkeur met ecoline op sterk zuigende papiervellen. Dat levert tevens een achterkant op die je kan bekoren zoals de goede muziek met minder hit potentieel op de B-kant van een vinyl single. De verso verbergt ongewild een tweede werk dat doet denken aan de aquarellen en werkwijze van Emile Nolde. Nolde liet de waterverf doordruppelen aan de keerzijde van het papier en bracht opnieuw verf aan op de al natte achterkant: nat in nat.

De werken van Jean-Paul van der Poorten verbergen een niet te achterhalen scheppingsverhaal. Ze zijn een raadsel in kleur. Misschien tast ook de kunstenaar in het duister? Jean-Paul is inventief in zijn materiaalkeuze. Een pipet bijvoorbeeld zorgt voor zwierige, kleurrijke lijnen die gezwind hun weg zoeken, op een pad dat er niet is, naar de randen van het vel papier om dan tijdig af te remmen; de compositie houdt het rustig.

Kleuren, vormen en lijnen

Zijn werk lijkt beheerste spielerei van een volwassene. Op zijn papier is er orde in de chaos, onrust die gaat liggen. Ik kijk als betoverd naar een geometrisch lijnenspel op een achtergrond van naar elkaar zoekende kleuren eindigend in een zachte omarming. Organische vormen tuimelen, buitelen en maken gekke sprongen, vakkundig een botsing ontwijkend, in een zwembad van kleuren. Ze zijn vrolijke figuranten op een malle draaimolen. De kleine vellen papier zijn een wervelend feest voor het oog, een poëtische dans van kleur, vorm en lijn.

Inspiratiebronnen, invloeden

Het bekijken van dit fascinerende werk brengt me in een melancholische bui en herinnert aan een magische kindertijd. De cobrabeweging schuilt in dit werk. Ik herken de schriftuur, de absolute vrijheid, het naïeve en het intuïtieve van de cobra. Met een snuifje Keith Haring street art er bovenop voel je perfect de sfeer aan van de kunst van Jean-Paul van der Poorten.

Ongetwijfeld houdt de kunstenaar ook van traditionele Afrikaanse kunst. De gedachte aan universeel ‘Afrikaans’ textiel dringt zich naar voor. ‘Afrikaanse’ prints, batiks, patronen voor stoffen…, ik zie dit allemaal op deze levendige vellen papier. Lijnen zingen een ‘Afrikaans’ lied, wriemelen druk over op en in elkaar, op het roodbruine, oranje met aardkleuren bedekte oppervlak.

De ziel

Jean-Paul van der Poorten heeft een grote bewondering voor Toon Hermans. Dat mag geen verrassing zijn. Hij creëert kunst zoals Toon Hermans schildert en schrijft, ongecompliceerd, eenvoudig en met een tikkeltje humor. Ik zie een vrolijk, blij mens al is er ook tristesse. Het attractieve oeuvre van de kunstenaar is authentiek en weerspiegelt de blije ziel van de kunstenaar.

Mijn verbeelding slaat op hol, mijn handen jeuken. Ondeugend wil ik zwarte bolletjes schilderen op de kleurrijke vellen, een hoekje omvouwen, randen scheuren, gaatjes prikken…  Ik volg de vlucht van een zwarte vogel langs de wirwar van lijnen en zie hem neerstrijken in de kleurrijke holtes van het donkere oppervlak. Of ik verbeeld me een fladderende vlinder dronken van kleur, één en al vrolijkheid. Zijn werk zet de fantasie van de toeschouwer aan het werk, wekt het kind in ons. Wie kan daar iets op tegen hebben?

* Tweemaandelijks literair tijdschrift Nieuwe Stemmen (1944-1978)
Directeur-hoofdredacteur: A. van den Daele

tekst Kathleen Ramboer
fotografie copyright Jean-Paul van der Poorten

Kunstalbum Schrifturen & vormen.
Lettering titel: Goedele Soetewey.

INFO kunstuitgave

Schrifturen & vormen
een kunstuitgave van
Jean-Paul van der Poorten
met een woord vooraf van Kathleen Ramboer

VOORSTELLING boek

galerij pi kwadraat in Erpe ter gelegenheid van hun 25 jarig bestaan
zondag 2 juni 2024 om 15 uur

TENTOONSTELLING
schrifturen & vormen

tekens & symbolen

met werk van
André Berner, Jos Bolle, André Bruylandt, Annette Defoort, Magali De Vlaeminck, Hans Droesbeke, Ronald Ergo, Linde Fobe, Christel Foncke, Lydia Liekens, MAIMAI, Achiel Pauwels, Marieke Pauwels, Goedele Soetewey, Lies Van Acker, Guy Van Assche, Patrick Van Craenenbroeck, Jan Van der Burght, Jean-Paul van der Poorten, Cathy Vijverman, Els Vos, Carry Wouters, Paul Yperman en Stijn Yperman

Opening
zondag 2 juni 2024 om 15 uur
Openingsuren
van 2 tot en met 23 juni
vrijdag, zaterdag en zondag van 14 tot 18 uur en na afspraak.
vrije toegang

Beyond Borders: Magic of Mixed Materials 

tekst en fotografie Bip Van de Velde

Clo Dierickx °Zottegem, 1951

Als talentvolle leerling 4de jaar Beeldhouwen aan de Hamse Academie kreeg Claudine Dierickx, alias Clo, de eer om haar werk tentoon te stellen in de exporuimte van het Academiegebouw waar ze les volgt.
Wat zij, onder de noemer ‘Beyond Borders’ exposeert zijn assemblages: eigen en gevonden voorwerpen, kunstig tot één geheel vervlochten. Fijne kunstwerken zijn het, zowel letterlijk als figuurlijk. Zelfs een meer volumineus werk oogt fijn.

In alle werkjes zitten symbolen verborgen, je kan ze als toeschouwer ontdekken of er gewoon een eigen invulling aan geven.

Herken je de symbolen in dit werk?

“Dat is wat zo heerlijk is aan kunst”, zegt Clo, “in alle vrijheid creëren, zonder regels, zonder een patroon te moeten volgen, vrij om gevoelens gestalte te geven. Vaak zijn dat innerlijke gevoelens die niet met woorden uit te drukken zijn. Ook de vrijheid die de toeschouwer heeft bij het interpreteren van een werk. Alles mag, niets moet.”
Clo geeft de toeschouwer een zet, een duwtje en de rest, de invulling, is aan hem/haar.  


Clo werkt intuïtief. Geen vooraf bedacht plan of voorontwerp. Soms werkt ze aan één stuk door, soms blijft het werk een hele tijd liggen, waarna ze het door een plotse ingeving, een andere look geeft en alsnog afwerkt.
Ze is heel bedreven in het werken met kleur. Clo ademt kleur, in haar werk en in haar voorkomen. In een vorig leven was ze mannequin, werkte ze in de modewereld, en ook als kleur- en stijlconsulente .
Clo heeft veel gereisd, veel van de wereld gezien, diverse culturen opgesnoven, er zelfs in geleefd. Maar 4 jaar geleden begon ze aan een heel speciale reis, met name een artistieke, aan de Academie van Hamme, in haar woonplaats.

Eerst volgde ze 2 jaar ‘initiatie’, waarin alles kan uitgeprobeerd worden wat er ook maar in beeldende kunsten gegeven wordt: schilderen, boetseren, tekenen, etsen, grafiek etc.
Daarna koos ze de richting beeldhouwen waar ze nu in het 4e jaar zit. Haar leraar is Wim Van Den Bossche, een ‘crème’ van een leraar, zegt ze. Hij helpt de student met raad en daad en stimuleert hem/haar om zijn/haar eigen stijl te ontwikkelen en geeft hem/haar bovendien het nodige zelfvertrouwen om out of the box te durven komen.

© Clo Dierickx

De academie is pas 2 jaar geleden gebouwd en is super gelegen. Ze heeft mooie grote ruimtes met de nodige accommodatie en veel licht. Clo is blij dat ze daar kan en mag werken. Clo troont me mee naar de grote atelierruimte waar haar beeldhouwwerken vorm krijgen.

Ze boetseert nu een hoofd waarvoor een vrouw met hoofddoek model heeft gestaan. Ook een archaisch uitziende kop en een buste wachten op de laatste toets. 

Clo is een bezige bij, met heel veel interesses. Zij blijft zich vervolmaken in allerlei disciplines. Naast beeldhouwen heeft ze nu ook een opleiding schilderen aangevat.

© Clo Dierickx

De tentoonstelling ‘Beyond Borders’ loopt nog tot 07/05/2024 gedurende de openingsuren van de Academie Hamme, academiezaal, Marktplein 20, 9220 Hamme.
https://www.academiehamme.be/expobeyondborders

Van 10 tot en met 12 mei zijn er 2 werken van Clo te zien op het Kunstenparcours ‘Kunst Onderweg 2024’, parcours dat loopt langs de gemeenten Elversele, Waasmunster en Hamme. Haar werken pronken in Natuuratelier en Orangerie Sombekedries 3, Waasmunster.
https://www.facebook.com/natuuratelier/?locale=nl_BE

clodierickx@gmail.com
https://www.facebook.com/clo.dierickx
https://www.instagram.com/dierickxclo/?hl=nl

Van deze kunstenares  hebben we zeker het laatste nog niet gezien. Er volgen ongetwijfeld nog exposities.

Tekst en fotografie: Bip Van de Velde

Christophe Annys maakt kunst om bij stil te staan.

Tekst Kathleen Ramboer

Kunstenaar Christophe Annys is ontroerd en beroerd door de wereld om zich heen. Met zijn kunst weet hij woordeloos de kijker te treffen, een ervaring mee te geven en een poëtische vinger op de wonden van onze maatschappij te leggen.
De werken van Christophe Annys zijn als puzzelstukken die in elkaar passen met als rode draad de kwetsbaarheid van mens, natuur en maatschappij. Toch staat hij positief in het leven.
Spreken over kunst, over zijn beeldhouwkunst, brengt een risico met zich mee. Door erover te praten gaat de poëzie van een werk vaak verloren. Zijn werk heeft het overleefd.
Zijn kunst ‘is een boek dat nog niet af is’ dixit Christophe Annys
De kunstenaar verhaalde me hoe het allemaal begon en evolueerde. Tijdens het interview maakte ik kennis met een kunstenaar ‘pur sang’.

Kunstpoort Door welk voorval ben je kunstenaar geworden?
Christophe Annys Een goede student was ik niet, ik wilde naar de kunstschool Sint-Lucas te Gent maar stootte op een neen van mijn ouders. Gent dat was te ver van Brugge. Ik behaalde het diploma van drukker maar dat beroep was niet mijn ding. Per toeval ontmoette ikPieter Boudens en leerde bij hem 2 jaar lang het ambacht van letterkapper. Als freelancer werkte ik af en toe bij de beeldhouwer Karel Van Roy van Beernem. Voor mij is hij heel belangrijk geweest. Door hem werd mijn kennis over stenen en technieken aangescherpt. Ik verhuisde naar Gent en startte een eigen zaak als letterkapper. Dat deed ik 25 jaar lang maar de laatste 10 jaar was de fut eruit.

Kunstpoort Bij een gebrek aan uitdagingen?
Christophe Annys Neen dat was het probleem niet. Ik hunkerde naar meer dan alleen het ambachtelijke. Ruimtelijk denken is mij aangeboren, waarom zou ik geen beeldhouwer worden? Mijn job liet ik achter me en ik koos resoluut voor de kunstwereld. Met enthousiasme besloot ik les te volgen aan de academie van Gent, het volwassenen onderwijs, in de Offerlaan. Kunst moet je leren. Sommige krijgen gevoel voor kunst mee van hun ouders die ook kunstenaar zijn, bij anderen stond hun wieg in een kunstminnend nest. Ik verlangde mijn hele leven lang al naar het kunstenaarschap. Pas in de academie leerde ik wat kunst is of kunstenaar zijn betekent.

Kunstpoort Aanvankelijk werkte je figuratief, sculpturen, hoofden… denk je ooit nog terug te keren naar het figuratieve of blijf je bij je installaties, assemblages, eerder conceptuele kunst?
Christophe Annys Ambachtelijk werken dat wou ik achter mij laten. Ik stortte me op de ruwe handelingen van de beeldhouwkunst. Het mocht woest en rauw zijn. Werken met een slijpschijf, sporen nalaten, vechten met steen, ik hield ervan. In de academie creëerde ik 2 figuren met onder meer betonijzer, 2 destructieve figuren in een gevecht verwikkeld. Of ik ooit nog figuratief zal werken, daar heb ik geen idee van, wie weet?

Kunstpoort Van waar komt de liefde voor carrara marmer? Waar haal je die marmer vandaan? Zoek je die persoonlijk uit? Ik weet dat kunstenaars vaak zelf naar Italië trekken om marmer uit te kiezen.
Christophe Annys Het is een logisch gevolg van mijn tegenwoordige job. Ik werk drie dagen in de week bij een firma die stenen tabletten voor keukens vervaardigt. Ik zit dus aan de bron, zo kan ik me industrieel marmer aanschaffen. Het is een job zonder mentale verplichtingen of bekommernissen die me in staat stelt mijn geest vrij houden voor het creatieve proces in mijn werkplaats.

Kunstpoort Je tekent en schildert ook op marmer: ‘painted landscapes’. Had je een landschap voor ogen als je deze werken maakte?
Christophe Annys Eerst waren er de ruimtelijke tekeningen op marmer later de schilderijen. Vorig jaar maakten we een reis door Laos. We trokken door fantastische berglandschappen, de drang om in mijn atelier te werken overviel me. Eenmaal thuis, kreeg ik de ets drukinkt van mijn dochter in het vizier en ging geestdriftig aan de slag. Mijn foto’s inspireerden me. Voor de duurzaamheid fixeer ik de inkt.

‘painted landscapes’

Kunstpoort Is het schilderen op marmer een zijsprong of iets waar je verder mee wil?
Christophe Annys Geen idee.

Kunstpoort Je vervaardigde ook een werk voor een openbare ruimte, voor een kinderdagverblijf te Deurne. Vaak is publiek werk moeilijk omdat je rekening moet houden met de ruimte, voorbijgangers, bezoekers, klimaatomstandigheden, duurzaamheid… Hou je van dergelijke uitdaging?
Christophe Annys Dit werk in de openbare ruimte is een buitenbeentje. Ik diende een voorstel in en men keurde het goed. De ruimte vulde ik met keien in diverse volumes en materialen zoals inox, marmer, steen… en daarnaast kwamen een viertal stapstenen. Op die manier creëerde ik een tactiele omgeving die aanzet tot interactie. De keien en stapstenen prikkelen en stimuleren het kind tot een spel van glijden, klimmen, springen, vallen en opnieuw opstaan.

Kunstpoort Het gebruik van keien doet me denken aan een installatie van je: de iglotenten waar een kei in geborgen ligt. Deze was opgesteld bij IJsberg, Damme voor ‘niemand is een eiland’
Christophe Annys Dit werk was oorspronkelijk niet bedoeld als een blijvend kunstwerk. Het is eerder een therapeutisch werk dat deel uitmaakt van een verwerkingsproces. Na een bezoek aan de vluchtelingen kampen aan de noord Franse kust was ik enorm geëmotioneerd. Als persoonlijk verwerkingsproces drapeerde ik een gouden deken, vervaardigd  van survivaldekens, over een bunker, ooit een onderdeel van de Atlantikwall en nu een stille getuige van een donker verleden.  Enerzijds houdt een survival deken onderkoelde mensen, mensen in nood warm, anderzijds heb je daar ook die gouden glans, goud een symbool van onze rijke westerse wereld.
Ik ontwierp ook kleine tentjes van plastic boodschappentassen, die symbool staan voor een wegwerp- en kapitalistische maatschappij die de ongelijkheid in stand houdt. In de tent deponeerde ik een kei van de stranden waar de vluchtelingen hun kampen opslaan.
link naar video van de installatie
https://www.christopheannys.be/?18
Later kwam een tent op grotere schaal voor Damme.

‘ataraxia’

Kunstpoort In je sculpturen van marmer integreer je telkens opnieuw het survival deken. Zo is er het fragiele kaartenhuis in carrara marmer dat je op een survival deken presenteert. Valt onze wereld uit elkaar zoals een kaartenhuisje? Een rijke grondstof zoals carrara marmer, plaats je tegenover het survivaldeken, een redmiddel om te overleven. Je werken zijn eyeopeners. Kan kunst bijdragen tot een bewustwording van de problemen in deze wereld? Is je kunst sociaal bewogen?
Christophe Annys Ik ben geen rebel, ik sta niet op de barricades. Het is wel de plicht van een kunstenaar de tijd waarin hij leeft mee te nemen in zijn werk. Mijn sculpturen en installaties zijn eerder beschouwend, niet hoogdravend, stellen de wereld van vandaag in vraag.

‘we build this world’

Kunstpoort Op je website lees ik bij ‘fragments’ het volgende
Naast het maatschappelijk thema waarrond ‘fragments’ draait, legt dit werk een verrassend dilemma bloot: maken of kraken? Als kunstenaar ben ik ervan overtuigd dat ik hier iets creëer. Het landschap dat spontaan ontstaat wanneer de steen de grond raakt. Als niet-kunstenaar zie ik een steen vallen en breken. Iets wat wij, jongens, zo geweldig vinden 🙂
Waarom is dit werk en ook wel deze performance, kunst voor jou? Is deze actie niet veeleer destructief, het vernietigen van schoonheid?
Christophe Annys Het gebroken marmer is een ingreep van een kunstenaar, het resultaat van een performance. De stukken marmer verbeelden de Noordpool met zijn smeltende en gebroken ijskappen, veroorzaakt door menselijke gedragingen, hier het resultaat van een performance. Er is ook nog ‘reconstructing’, de gebroken plaat puzzelde ik terug in elkaar, de stukken schuurde ik glad als kussentjes en kleefde die op een survival deken.

‘reconstructing’ vervolg op ‘fragments’

Kunstpoort In het geheel van je verhaal zie ik sporen van fatalisme en optimisme. Wat haalt de bovenhand?
Christophe Annys Ik ben heel zeker niet fatalistisch en toon kunst in een context.

Kunstpoort Wanneer ik je website en de sociale media raadpleegde, vielen me enkele werken op:
‘are we still OK?’, ‘The other side of the window’  plus ‘ataraxia’ de installatie met iglotenten in recup materiaal. Ze stralen niet alleen kwetsbaarheid uit maar zijn ook heel poëtisch.
Vind je zelf je kunst poëtisch?
Christophe Annys Ik probeer poëtische kunst te creëren die op zijn minst aanspreekt, aantrekkelijk en verrassend is.  ‘borderless perspective’, een gouden zeil zwevend doorheen de ruimte van de ontwijde kerk van Meulestede, Gent, bracht mijn levendige fantasie aan het dagdromen. In mijn creatieve verbeelding  zie ik een immens, 50m lang gouden zeil opbollen, de hoogte in zwiepen, wiegen op het ritme van de wind, en het publiek in een lyrische vervoering brengen. Misschien vind ik ooit een geschikte, voldoende grote locatie. Nu concipieer ik om praktische redenen kleiner werk.

“are we still OK?

Kunstpoort Hoe wordt een idee, een concept, geboren? Ben je geïnspireerd door een ervaring, een foto, een gebeurtenis… ?
Christophe Annys Alles en iedereen kan me, meestal onbewust, inspireren. Onze reizen voeden een interesse voor andere culturen, een belangstelling die ik met mijn vrouw die modeontwerpster is, deel. Zo waren we ooit op reis in Japan en ik kreeg als geschenk een workshop kalligrafie bij Hiroshi Ueta. zie account @hiroshi_ueta op instagram Toen ik voorstudies aan het maken was, ontdekte ik plots de vlekken van de Japanse kunstenaar.
Ik heb een zwak voor de suggestieve kunst van Sarah Sze. Wie weet sluipt gedachteloos haar kunst in mijn werk. Bij sommige werken speelt emotie een rol zoals bij het visualiseren van het vluchtelingenprobleem. Ervaringen op reis, foto’s kunnen een rol spelen.

Kunstpoort Prikkelt Gent, je thuishaven, je tot het voortbrengen van kunst?
Christophe Annys Niet echt. Op reis kom je in een andere sfeer terecht, weg van het alledaagse, buiten de werksfeer. Dat maakt je ontvankelijker voor creativiteit.

Kunstpoort Als een beeld af is, wat voel je dan? Tevreden? Twijfel? Ben je in je hoofd al bezig met een volgend werk of project?
Christophe Annys Meestal ben ik overtuigd en wanneer niet dan herwerk ik het werk of maak ik een andere versie. Wanneer ik ontevreden ben over een schilderij op marmer, dan kan ik gewoon de inkt afschuren en opnieuw beginnen.

Kunstpoort Vind je het belangrijk om tentoon te stellen?
Christophe Annys Ik werk graag aan mijn kunst en heb behoefte om tentoon te stellen, dat ben ik aan mijn werken verplicht.

Kunstpoort Wat is echte kunst? Heb jij daar een visie op?
Christophe Annys Niemand heeft daar een sluitend antwoord op. Kunst moet je in zijn context zien en vraagt integratie in de maatschappij. Er is ook de vraag, kan je elementen van kunst die horen tot de cultuur van een minderheid zoals de Inuit, de Native Americans of de eerste bewoners van het Australisch continent… aanwenden buiten zijn origineel kader? Culturele toe-eigening kan dat? Wanneer ben je geïnspireerd en wanneer eigen je je iets toe? Kunst moet in hoofdzaak weten te ontroeren, je raken.

Kunstpoort Antony Gormley, antropoloog en beeldhouwer, beweert ‘Eigenlijk is kunst onze manier om de tijd die alsmaar doorgaat stil te zetten. Via kunst zetten we iets in de wereld dat ons als het ware vereeuwigt. Dat ‘iets’ zegt: ‘Dit ben ik, ik ben hier geweest en dit laat ik hier achter om te tonen dat de mens de tijd toch kan stilzetten.’ Kan je  je hierin vinden?
Christophe Annys Ongetwijfeld. Mijn drang is groot om iets achter te laten, om wat te betekenen voor iemand. Bevestiging opzoeken zoals zovele kunstenaars op sociale media, ga ik niet doen.

Kunstpoort TOT SLOT Mocht je één dagje mogen samenwerken met een kunstenaar om een gezamenlijk kunstwerk te scheppen, aan welke kunstenaar denk je dan?
Christophe Annys Ik weet het echt niet. Veel kunstenaars zijn ego trippers dus makkelijk zou dat niet worden, misschien een kunstenaar met een andere discipline? Een performer lijkt me het meest geschikt omdat een performance niet blijvend is en vluchtig, als een soort tegengewicht voor mijn beeldhouwwerk.

Bij het verlaten van het atelier van kunstenaar Christophe Annys besluipt me deze gedachte.
Veel kunst van nu en van vandaag zal vergeten worden. Niet omdat het slechte kunst is, maar omdat niemand erbij stilstaat. Hier woont een kunstenaar die werkt aan een oeuvre waarin alle werken in relatie staan tot elkaar. Het is een coherent geheel, het ene werk wekt associaties op aan een ander, wat vorm, materiaal en vooral wat inhoud betreft. Hier woont een kunstenaar met visie en betrokkenheid tot de maatschappij, een kunstenaar van deze tijd. In de luwte werkt hij verder, verlangend om zijn werk te tonen. Wie weet laat hij kunst na, om het met de woorden van Antony Gormley te zeggen, ‘die aantoont dat de mens toch de tijd weet stil te zetten’. Ik wens hem een oeuvre dat niet verdwijnt op de bodem van de geschiedenis, een oeuvre dat hem vereeuwigt.
Zijn kunst houdt in elk geval deze gedachte levendig.

INFO

https://www.christopheannys.be

https://www.instagram.com/christophe.annys

https://www.facebook.com/christophe.annys

EXPO
we ask because nothing is certain

Van woensdag 1 mei tot en met zondag 2 juni
vernissage 1 mei om 14u, inleiding 14u30
vrijdag, zaterdag van 9u tot 18u
zondag van 9u tot 14u.

Galerie Drie
Sint-Amelbergastraat 3a
9000 Gent

Tekst Kathleen Ramboer Fotografie © Christophe Annys en Kathleen Ramboer

LUC DE ROECK over schilderen en overschilderen

Tekst en fotografie Rik Guns

Luc De Roeck (1956) is een kunstenaar ‘pur sang’, die technisch talent heeft kunnen koppelen aan een verbluffende theoretische en praktische kennis van de schilderkunst. Maar in de eerste plaats is hij iemand met een onverzadigbare drang naar creëren. Zijn hele oeuvre – honderden doeken, duizenden studies – is een zoektocht, een spel van verrassen en verrast worden, van verschijnen en verdwijnen. Zijn doeken lezen als gelaagde verhalen, intrigerend en fascinerend. Maak kennis met een man die kunst ademt en geniet mee van enkele werken die zelden of nooit getoond zijn (gebruik een groot scherm).

MINIMAL CAR (2004-1989-1986-1985)

Ik kijk naar een schilderij in zijn woonkamer. Het dateert van 2004 maar heeft een rijke voorgeschiedenis. Het diepe maar subtiele coloriet doet denken aan colour field painting maar het beeld is onrustiger dan het contemplatieve bij Mark Rothko of Barnett Newman. Kleurenveld (colour field) past hier overigens letterlijk. Het beeld is geschilderd vanuit het perspectief van een vogel die hoog boven de Mojavewoestijn, in de Valley of Fire vliegt. Het vlak wordt doorbroken door een recht afgeplakte zwarte lijn van de autoweg die eindeloos eentonig door het landschap snijdt. Er rijdt een minuscuul zilverkleurig autootje op, met een stofwolk achter, het is de kunstenaar op zijn tocht, zich bewust van zijn nietigheid in dat onmetelijk panorama. De titel van het werk (Minimal Car) is ook een subtiele verwijzing naar minimal art. Het is heel gevoelig geschilderd, door een kunstenaar die zich terug in dat surreële landschap droomt en opgaat in de glooiende ongereptheid ervan. Zijn auto heeft hij pal op de gulden snede gecapteerd, kunstenaarsplezier, maar ook een teken van respect voor de indiaanse cultuur, waarin evenwicht van mens en natuur fundamenteel is. “Wij zijn het land, de aarde is de geest van de mensen, zoals wij de geest van de aarde zijn” schreef Paula Gunn Allen (Amerikaans dichteres, schrijfster, activiste…). Voor indianen is de aarde geen middel om te overleven, geen setting voor zaken, maar een onderdeel van ons zijn. De aarde, dat zijn wij. Luc is al heel zijn leven aangetrokken tot de indiaanse cultuur, hij vindt er essentie in terug.

Gefascineerd kijk ik naar het schilderij. Dan toont Luc me een grijze voorstudie uit 1985. “Picasso”, zeg ik spontaan. Hij lacht: “Dan is dit is mijn Guernica”. Ik herken een vogel linksboven, de indiaan op het paard in het midden, een hand en twee rode stippen in een groot centraal masker; rechts: een hoofd, gefragmenteerd in profiel en frontaal en verder overal indiaanse symboliek. Het geheel is geometrisch perfect in evenwicht. De punten boven-onder-links-rechts (NZOW) kregen extra aandacht. Ze creëren een ruimte, waarin je op ontdekking gaat en je jezelf verliest.

De voorstudie was de basis van een eerste schilderij (nu onderschildering) uit 1986: één en al kleur. De vogel linksboven is opgegaan in het landschap, de gemaskerde ruiter is verenigd tot een vogel (een raaf?), het paard is ook versmolten in het beeld maar kijkt ons nu frontaal aan, terwijl de gevederde indiaan rechts nu in driekwartzicht getoond wordt; de centrale indiaan met de bebloede hand komt uitdrukkelijker in beeld…. Vanop afstand blijf je de diagonale, horizontale en verticale verdeling herkennen, het evenwicht in de chaos.

Vier jaar later: het schilderij bestaat nog, maar het is verdwenen, overschilderd. “Het was niet af”, zegt de kunstenaar. “Ik vond de voorstelling te exotisch, te paradijselijk, terwijl de werkelijkheid toch wat anders was.” Hij heeft het o.a. over de conquista van Zuid-Amerika. In de overschildering laat hij in uitgespaarde contouren een schip voorbijvaren op de golven vanhet landschap dat met een roodbruine beits-glacislaag verzinkt in de aarde. Het nieuwe beeld verwijst zowel naar de kolonisatie als naar de zeevaartkennis van de indianen zelf.  “Schepen hebben een opdracht” luidt de titel van zijn tentoonstelling in 1989.

En nog is het werk niet af. Na reizen in o.a. Navajoland (VS) en Ecuador, overschildert Luc het verhaal een laatste keer, zoals hij zich toen voelde: nietig in dat onmetelijk landschap, onder de indruk van de indiaanse culturen, de kleuren, de geometrische patronen, de traditie en het respect voor de aarde.  Om de eindeloosheid nog meer in de verf te zetten heeft hij het werk platter afgesneden. Het resultaat is prachtig, gelaagd, rijk, kwetsbaar en mysterieus, zoals de geologische lagen van de grond waar het doek naar verwijst.

Hoe langer ik ernaar kijk, hoe meer het me meevoert. Ik ga nu dichter staan en zoom in op details, eerst linksonder. Ik zie het plamuursel, een tactiele referentie aan de aarde (een knipoog naar Antoni Tàpies, vermoed ik, een schilder die hij ook bewondert). Ik geniet van het ritme, de complexe gelaagdheid, dat prachtig warm coloriet. Herken ik nu een zeilschip op de golven links? Of laat ik me meedrijven in een droom?

Dan verschuif ik mijn focus naar een fragment rechtsboven, naar het autootje dat door het stoffige landschap scheurt. Ik herken de bebloede hand in het midden en ik voel de confrontatie van de eenzame reiziger met dat onmetelijk landschap dat de geschiedenis van een volk in zich draagt. Beide fragmenten zijn kunstwerken op zich.

OVER SCHILDEREN

Luc De Roeck tekent en schildert al langer dan een halve eeuw. Vroeger combineerde hij drie carrières: een academische als docent; een commerciële, als illustrator in opdracht; en een carrière als kunstenaar. Op zijn 67ste wijdt hij zich enkel nog aan de kunst, zonder kan hij niet. Hij wordt oprecht gewaardeerd door collega’s en ex-studenten, maar daarbuiten is hij relatief onbekend. Hij zoekt de publiciteit niet op. Je vindt op het internet welgeteld één tentoonstelling over hem en hij blijft weg van de sociale media. “Er zijn te veel beelden”, zegt hij. Ik ben het met hem eens, er is te veel vluchtige beeldconsumptie, zeg maar visuele pollutie.

Ik ben benieuwd of hij zich tot een kunststroming rekent. Zijn antwoord is even kort als veelzeggend: “Kunst is een vrijstaat”. De kunstenaar laat zich graag beïnvloeden, hij bestudeert, analyseert, maar hij laat zich niet in een keurslijf dwingen. Hij is soeverein. Er staan meer dan 800 kunstboeken in zijn atelier, alfabetisch gerangschikt. Hij neemt er een uit, het volledige oeuvre van Mondriaan, hij doorbladert het samen met mij en becommentarieert: “Kijk naar al die werken: realisme… impressionisme… fauvisme… kubisme… pure abstractie… en uiteindelijk ‘De Stijl’ waarvan Mondriaan bekend is, maar kijk dan, een paar jaar later: het veel speelsere ‘Victory Boogiewoogie’, zonder die zwarte lijnen, zonder die grote vlakken en in een ruit, geen vierkant of rechthoek meer. Mondriaan bleef zoeken, evolueren, veranderen, enkel zijn dood kon hem stoppen. Tot welke stroming behoort hij dan?” Het is een retorische vraag. Luc heeft gelijk. Wat is de relevantie gecatalogeerd te worden tot een kunststroming?

Toch kan je niet om de tijdsgeest heen, we zijn allemaal kinderen van onze tijd, antwoord ik. Hij studeerde af eind de jaren ’70, in een periode van werkloosheid, onzekerheid, defaitisme. “De grote verhalen zijn dood” schreef de Franse filosoof Jean-François Lyotard over het postmodernisme: de maatschappij was niet maakbaar, universele waarden waren zinloos, het individu is allesbepalend. Ik vraag hem of die periode zijn kunst heeft beïnvloed. Hij weet het niet. We zijn het er beiden eens over dat Lyotards wereldbeeld bewaarheid is geworden als we naar het doorgeslagen individualisme van vandaag kijken. Misschien daarom dat ik geen fan ben van popart, antwoord ik, ik vind het vlugge consumeerkunst, zogezegd uit protest, maar in wezen is het conformistisch eigenbelang, gemaakt om te behagen. Luc is het niet met me eens. Hij toont hij me een boek van Jasper Johns. Ik moet mijn mening bijstellen: werken als ‘Alphabets’ (1957), ‘False Start’ (1959), ‘Racing Thoughts’ (1983) …zijn ongemeen knap in al hun eenvoud en eerlijkheid.

 “Als je een beeld wil maken, moet je in iets geloven” zegt hij, “zo niet trap je in het ijle”. Schilderen is voor hem een engagement, een zoektocht, een proces van ontdekken, van analyseren, van beleving en van communicatie. Hij is zich bewust van zijn technisch talent, waardoor hij zich ongehinderd kan uiten op doek, maar daarnaast gaat hij ook op zoek hoe hij verworven vaardigheden een hak kan zetten, kan loslaten, hoe hij de beheersing uit handen geeft om verrast te worden. Hij is een kunstenaar die graag de grenzen opzoekt, plezier vindt in de uitdaging. Het is alsof hij de creatieve onrust nodig heeft om tot rust te komen.

Vijftig jaar schetsen en schilderen, duizenden vellen papier en honderden doeken: zijn oeuvre is omvangrijk en divers. “Het wordt tijd dat ik mijn werk begin te inventariseren” zegt Luc, “nu ik me nog alles herinner. Ik zou het jammer vinden dat al die verhalen, al die processen, de kern van al dat werk vervagen of verloren gaan. Terwijl hij dit zegt bladert hij door een van zijn ontelbare schetsboeken. We houden halt bij een reeks portretten uit 1984, van bekende kunstenaars, geschetst in Oost-Indische inkt: Eugène Delacroix, Franz Mark, Paul Gaugain, Pablo Picasso, Juan Miró, Nicolas de Staël, Mark Rothko, stuk voor stuk prachtige beelden, met stijlelementen die kenmerkend waren voor elk van de betrokken kunstenaars. “Intussen heb ik vele andere, recentere kunstenaars leren kennen en appreciëren, ook tijdgenoten en mensen dichter bij huis”, zegt hij. Het typeert de kunstenaar die nooit ophoudt met zoeken en ontdekken.

Van Rothko maakte hij ook een geschilderd portret, buitengewoon mooi: die vastberaden blik, zacht verdwijnend in het canvas, contemplatief, maar geschilderd in verticale borstelstreken. Ik zet er een foto van Luc naast. Het is alsof Rothko, de man die twintig jaar lang enkel zachtjes rafelende horizontale kleurenvelden schilderde, hem aankijkt: “Did you do this”?  Typisch Luc De Roeck, denk ik: hij bewondert maar hij is geen slaaf. Hij aapt niet na.

FEEDBACK

Feedback” is een ‘work in progress’ van 16 schilderijen, elk 1,8 meter hoog met een reusachtige gitaar, niet meer dan dat. Een aantal doeken zijn klaar.  Als ze alle 16 af zijn zou de kunstenaar ze graag tentoonstellen als een galerij waartussen de bezoeker kan wandelen, als in een stroom van visueel geluid, oorverdovend stil. De beelden verwijzen naar gitaren van Neil Young, voor wie Luc een grote bewondering koestert.

De schilder voelt zich verwant met de muzikant die graag buiten de lijntjes kleurt en die nieuwe muzikale oorden blijft opzoeken. Young werd wereldberoemd met zijn rock en folk-ballades maar hij smeet zich met even veel overtuiging op country (“Old Ways”), blues (“This note’s for you”) en rockabilly (“Everybody’s rocking”); ooit omschreef hij zichzelf als “a maker of noise”; hij componeerde en speelde filmmuziek (“Dead Man”); hij omarmde techno (in “Trans”, waarin hij zich o.a. liet beïnvloeden door Kraftwerk) …  Minstens even baanbrekend is zijnactivisme: voor Farm Aid; tegen de Keystone XL pijpleidingen door indiaans gebied; tegen Spotify toen die weigerden een podcastcontract op te zeggen met een notoir covid-ontkenner (onlangs kwam dat contract ten einde en Young zit terug op Spotify); tegen Ticketmaster, dat grof geld verdient aan het opdrijven van ticketprijzen… Het hoeft niet te verwonderen dat een kunstenaar als Luc De Roeck inspiratie vindt bij een kunstenaar als Neil Young.

Eind 2009 zag Luc de legendarische film The Neil Young Trunk Show, een concert waarin demuzikant na het eerste deel met akoestische ballades en zachte songs onverwacht overschakelde naar een radicaal elektronische jamsessie, waarin hij, als in trance, met rauwe, oorverdovende grooves, in zijn ziel liet kijken, alsof hij een statement wilde maken: “Jullie dachten me te kennen? Fuck all! Hier ben ik!” Action painting op gitaar. Zo ging de muzikant op een bepaald moment op het podium in dialoog met de feedback van Old Black, zijn iconische 1953 elektrische Gibson Les Paul. Dat was een bron van inspiratie voor Luc voor een project waaraan hij nu al langer dan tien jaar werkt. Het concept erachter zou je animistisch kunnen noemen, het herkennen van een ziel in een voorwerp: de gitaar op het podium van Neil Young (die het instrument een naam geeft, een identiteit, waarmee hij communiceert) en de gitaar op canvas van Luc De Roeck.  Om de pret van de première niet te vergallen, toon ik in deze preview maar één van de zestien schilderijen volledig. Voor de rest beperk ik me tot een paar fragmenten.

Het is onbegonnen werk om de inhoud van elk doek te analyseren, daarvoor zou je in het hoofd van de kunstenaar moeten kunnen kruipen op het moment dat hij het schildert. Sommige schilderijen ogen turbulent en rauw, maar niet onbesuisd, de schilder kladt er niet gewoon op los. Alles is weldoordacht via studies en schetsen. Maar eens de schilder zich op het canvas gooit, laat hij zich leiden door gevoel, ritme en verrassing. (Ik herinner me een opmerking die hij maakte tijdens de lunch: “Jackson Pollock danste rond zijn canvas, hij liet zich verrassen door het resultaat van zijn bewegingen, maar hij wist wat hij deed, heel bewust”).

Ook in ‘Feedback’ valt de gelaagdheid op, de oude glaceertechniek. Lyrisch abstracte penseelstreken overschildert hij met strak geometrische vlakken. De onderwerpen daarvoor zijn gebaseerd op snapshots: een raam uit een kamer in Parijs, de binnenplaats van de Academie, een station in Praag, een kat op een ladder… banale beelden, die hij in schetsen synthetiseert tot een minimalistisch spel van lijnen en vlakken, van licht en donker, vooraleer ze kleur te geven op het canvas. Ik vraag hem: “Vanwaar die weerkerende geometrie in je werk?” Hij is gepassioneerd door de schoonheid van wiskunde, zegt hij, de gulden snede, Fibonacci, het evenwicht, de essentie.

Op, of beter ‘in’ de gitaren zie ik ook handen geschilderd, in heel expressieve vormen, soms als bovenste laag, soms onder een vlak. Hij heeft er een dik schetsboek aan besteed, tientallen bladzijden, alleen maar handen in alle mogelijke houdingen, eerst natuurgetrouw getekend en daarna gestileerd als bloem, blad, boom, dier… Bruikbare resultaten heeft hij boven zijn werktafel gehangen.

Ten slotte schildert hij alles wat zich rond de vorm van de gitaren bevindt weg, in een tint van wit, grijs of donker. Op sommige doeken brengt dat rust, op andere schemeren beelden door, een decor van ervaringen, met elkaar verweven maar vervaagd. Enkel de gitaren zijn niet gedempt, niet overschilderd, zij geven hun “feedback”, ongefilterd.  Zoals ‘Old Black’ met Neil Young communiceerde via de versterker, communiceert elk doek nu met de schilder via de gitaar. In beide gevallen is de toeschouwer een getuige die zich kan laten meevoeren door de ziel van het werk.

En zelfs daar stopt het creatief proces niet. De vorm van de gitaar heeft nog een betekenis. In een schetsboek zie ik dat Luc tekeningen gemaakt heeft van dogū (oervormen van moederfiguren, zoals de Jōmon Venus (3000-2000 v.C.). De contouren van de schetsen lijken op de rondingen van een gitaar. De suggestie is gemaakt: Luc laat de steel van elke gitaar eindigen in een vrouwenhoofd.

‘Feedback’ is een bizar en intrigerend schouwspel. Ik ben nu al benieuwd om ooit door die galerij van gitaren te wandelen. Wanneer? Dat weet de kunstenaar nog niet. Hij laat zich door niets of niemand opjagen. Kunst is een vrijstaat.

Rik Guns

27.03.2024

STIEN MIGNAUW en ORDE IN DE CHAOS

Tekst en fotografie Kathleen Ramboer

Het atelier bezoeken van Stien Mignauw is één groot avontuur. Al staat de deur op een kier, in een fractie van een seconde vang je een glimp op van haar immens oeuvre. Haar huis, van onder tot boven, bergt schatten die je niet voor mogelijk houdt. Ze vragen om ontdekt te worden. Dat doe ik dan ook 2 uur lang en val van de ene verbazing in de andere. Ondertussen volgt de kater ons aandachtig. Hij is een stille goedkeurende getuige van de kunstminnende verhalen op de achtergrond.
Haar huis blijkt een betoverend pakhuis in een veilige haven met een zee van kunst. ‘Een zee van kunst’ is hier zeker op zijn plaats want de kunstenaar houdt van de opaalkust en die zit veilig verborgen in haar werk. Niet alleen de zee ook bergen, planten, mensen vinden een schuilplaats in haar schilderijen.

SCHILDEREN GEEFT BETEKENIS AAN HAAR LEVEN.

Stien Mignauw: ‘Eenmaal ik er niet meer ben, dan zijn mijn schilderijen waardevolle getuigen van wie ik was, stille getuigen van mijn zijn.’ Ieder werk, dat niet bij een nieuwe eigenaar thuishoort, bewaart de kunstenaar want zegt Stien Mignauw: ‘Ze spreken geschiedenis.’ Schilderen blaast ook alle eenzaamheid naar buiten.
Bij een eerste oogopslag laat niets je vermoeden dat hier een gevoelige, intieme wereld nestelt  onder de vele picturale niet figuratieve lagen. Kruip in het schilderij, worstel je doorheen rasters, lijnen, kleurvlakken… en je bent klaar om thema, inhoud en de betekenis van het canvas te ontdekken. Onder iedere laag schuilt een bijna onzichtbaar verhaal. Haar dochter met een meloen, ma met de kat, bergen, planten… ze verbergen zich onder de rebellie van de voorgrond als een verleden dat verdwijnt in de mist.
De toeschouwer kan het oeuvre van Stien Mignauw op 2 manieren benaderen.
Je kan haar werk in één oogopslag ‘mooi’ vinden of je gaat op zoek naar de weg die is afgelegd, naar het onzichtbare, het onuitsprekelijke. Interpretatie en verbeelding gaan hand in hand. Ze houdt van feedback daarom omarmt Stien Mignauw elke creatieve commentaar als een geschenk. Opteren voor een aandachtgerichte kijkwijze is een must.


HOE HET ALLEMAAL BEGON

Stien Mignauw beheerst een persoonlijk, onnavolgbaar schilderproces. Het verhaal begon met op papier geborstelde stillevens, later kwam het landschap en ook de mens kreeg een plaats op het doek. Nu levert het figuratieve een gevecht met kleurvlakken, met stevige lijnen die het doek doorklieven, kordate drippings zoeken hun weg. Vanwaar komt die stijlbreuk? Is het een uiting van onvrede, een wolk van protest of een rebelse reactie, een ageren op de mening van een toeschouwer? Stien Mignauw bracht me het antwoord.
Ik kreeg kritiek op enkele slierten verf die over mijn doek slingerden. Een kijker opperde: ‘dit lijkt me zonder meer een goedkoop trucje. Teleurgesteld en uit protest drip en drupte ik verder, van links naar rechts, van boven naar onder, het canvas draaiend in het rond, uren lang tot de compositie goed zat. De techniek heb ik verfijnd. Stilaan verdwijnen ook de achtergrondverhalen.

@ Stien Mignauw

SCHILDEREN IS EEN UITBUNDIG PLOETEREN

@ Stien Mignauw

De atelierliving (of is het livingatelier?) is vrij klein maar Stien Mignauw denkt graag groots. Fysisch schilderen is voor haar cruciaal. Ze schuwt het grote gebaar op het witte canvas niet. Aanzienlijke doeken zijn de norm. Is het profileerdrang omwille van haar kleine gestalte? Voelt het aan als action painting dit te lijf gaan van het grote doek? Ze schildert, zonder voorstudies, snel en ongedwongen, vanuit de pols met een vinnig bewegend penseel. Wie weet brengt een nog grotere ruimte, atelier, de speelvogel in haar naar boven en gaat ze een intens gevecht aan met het doek bij het nemen van buitengewone risico’s? Op een voor haar minder geslaagd schilderij zwoegt ze verder tot het resultaat haar bevrijding brengt. Vaak start ze figuratief, een foto van de zee, de bergen… inspireren haar. Later goochelt de kunstenaar het herkenbare weg tot een mysterieus doek verschijnt. Ze kruipt in haar schilderij, ploetert, zoekt en vindt, geeft er nooit de brui aan. Krassen, vegen, schrapen, wegverven, vegen, frotteren… zijn handelingen die het schilderij maken tot wat het is, doorwerkt en doorleefd. Ze verkiest vaak acryl verf boven olieverf omdat die snel droogt en uiterst geschikt is voor haar manier van werken: intuïtief en geconcentreerd. Stien Mignauw erkent en herkent de complexiteit van het abstract schilderen, orde scheppen in de chaos is een doel. De kunstenaar streeft niet naar de perfectie van de oude meesters die met hun techniek tot op het bot gingen. Ze wil niet behagen maar wel vernieuwen, haar grenzen verleggen. De kunstenaar bewijst dat je met abstract werk ook de kijker kan beroeren.
Vaak schildert Stien Mignauw synchroon aan meer dan één werk. Zo ontstaat eenheid in methodiek en kleur.

MUZIKALE, THEATRALE SCHILDERIJEN

Stien Mignauw genoot een theater opleiding, bewegingstheater. Dat verklaart het fysisch schilderen en de grote formaten. Haar kijk op de wereld en op de kunst veranderde door deze opleiding, deelt ze mee. ‘Le seul, le vrai, l’unique voyage, c’est de changer de regard’ Marcel Proust, staat op haar site te lezen. Zonder deze opleiding zou haar werk een andere richting uitgegaan zijn.
Een andere opleiding, een muzikale, zorgt voor melodie in haar schilderijen. Zoals een muzikant muziek componeert en speelt, zo werkt Stien Mignauw. Ze schildert ritmisch en repetitief. De klank van kleur klinkt vaak heftig op haar doeken om dan later weer te gaan liggen. 

# Stien Mignauw

ABSTRACT EXPRESSIONISME

Haar schilderijen verraden haar liefde voor het abstracte expressionisme. Drippings, zoals die Jackson Pollock introduceerde, vinden hun weg op het canvas. Kopieergedrag is het zeker niet. Haar picturale lijnen hebben een andere functie, ze vervagen het figuratieve. Net als bij Mark Rothko en Barnett Newman springt kleur naar voor in haar canvassen. Onbewust is Stien Mignauw beïnvloed door kunststromingen en kunstenaars. Is iedere kunstenaar dat niet? Ja, kijk daar ontdek ik blauw/geel/rode Mondriaan kleurvlakjes op het doek.

ALLES IS INSPIRATIE

Alles kan Stien Mignauw inspireren: het poëtisch beeld van een fiets gezien door het beregend glas van een bushokje, de ontmoeting van ex-president Donald Trump met de Noord-Koreaanse president Kim Jong-un, museumbezoekers bewonderend voor een schilderij van Rik Wouters, het hartverwarmend beeld van het huppelend geëvacueerd Afghaans meisje met gele broek op de Belgische luchthaven … Ze schildert dit op een abstraherende manier waarin het onderwerp niet uitdrukkelijk naar voren treedt.

De passie laait op tot de onrust komt te liggen. Compositie wint het van de chaos. Abstractie dwingt het figuratieve de dieperik in. Wat mogen we nog verwachten van deze kunstenaar met een ziel die een voet heeft in het verleden en huppelt naar de toekomst?

INFO Stien Mignauw

https://www.facebook.com/stien.mignauw
https://www.instagram.com/mindjow/?hl=nl
https://stienmignauw.com/

INFO expo

EXPO SINT – LUCAS ACADEMIE
HEDWIG THYS
INGRID VAN KERKHOVE
JUAN JAUREGUIBERRY zie interview op kunstpoort
https://kunstpoort.com/2023/12/03/de-veelzijdige-multiculturele-en-persoonlijke-kunst-van-juan-jaureguiberry/
MARLIES VAN GELDER zie reportage op kunstpoort
https://kunstpoort.com/2024/02/27/een-ode-aan-de-natuur-in-zwart-wit/
SANDRA TROTTEYN
STIEN MIGNAUW

Vernissage
vrijdag 8 maart 2024
van 19.00 tot 22.00 u
expo
09/10/16/17 maart 2024 van 14.00 tot 18.00 uur
Ijskelderstraat 62 A
9000 Gent

Tekst en fotografie Kathleen Ramboer

EEN ODE AAN DE NATUUR IN ZWART WIT


een kijk op de foto’s van Marlies Van Gelder

tekst kathleen Ramboer

Marlies Van Gelder @ kathleen Ramboer

Mag je Marlies Van Gelder een ‘natuur’ fotograaf noemen? Volgens mij wel maar in de bredere zin van het woord. Fotograferen van landschappen, planten, flora… is voor haar niet de werkelijkheid kopiëren wel een ervaring vastleggen, de ervaring van het wandelen. Haar trektocht is slechts geslaagd als ze haar persoonlijke beleving van de natuur kan vastleggen. Ze neemt de kijker mee op een fascinerende reis doorheen weiden, bossen, meren, dalen…

Te midden van de wildgroei van digitale beelden in ons digitale tijdperk nodigt Marlies ons uit om ‘haar’ kostbare analoge herinneringen te omarmen, de stilte in haar foto’s langzaam te ontdekken en te beleven. Haar foto’s wijzen op een noodzaak om af en toe de vrije natuur op te zoeken voor er nog meer ongereptheid verdwijnt. Probeert Marlies de natuur te doorgronden? Ik weet er geen antwoord op. Door haar fotografie kan ze wellicht doordringen in diepe, mystieke geheimen van een bos, de samenhang tussen de fauna, de flora en de klimaatomstandigheden aanvoelen.

HOE HET ALLEMAAL BEGON

Het begon allemaal met haar vader, amateur/fotograaf, als voorbeeldfiguur. Zijn donkere kamer in de kelder was tot haar grote spijt voor haar verboden terrein. Dit doka verbod wekte ongetwijfeld haar nieuwsgierigheid en sluimerende interesse voor de fotografie. Als haar vader sterft probeert ze tijdens een workshop ‘Stilte’ zijn dood te verwerken in kleurfoto’s. Na de dood van haar vader biedt fotografie troost en wordt een bondgenoot, een hulp bij het verwerkingsproces. Het is een manier waarop Marlies haar gedachten, gevoelens en ideeën uit en deelt.
Met haar drie kinderen bezoekt ze na het overlijden van haar vader drie maal het ouderlijk huis. Ze besluit haar kinderen, zijn kleinkinderen, te portretteren om drie emoties bij een overlijden te belichten: ongeloof, verwerking en verdriet. De foto’s creëren een emotionele en fysieke verbinding tussen de personen die hem lief waren. Het werden fotografische zwart/wit portretten met een emotionele kracht. Opdoemend uit de witte achtergrond wekken ze een beeld op van intense droefenis.

  

@ Marlies Van Gelder

coverfoto: @ Marlies Van Gelder

HUMAN INTEREST FOTOGRAFIE

Deze drie innemende portretten vormen een begin van human interest fotografie. Marlies volgt meerdere personen uit haar omgeving die een pijnproces doorstaan. Met doorleefde digitale foto’s vereeuwigt ze lijden, pijn, wanhoop en moed. Haar foto’s van het lief en leed van buurvrouw Krista Bracke, ex presentator en producer bij Radio 1, in 2009 getroffen door een immuunziekte, getuigen van een immens inlevingsvermogen. Zelf noemt Marlies deze projecten emotionele fotografie. Marlies is trouwens de fotograaf van de cover van het boek ‘Mijn leven op stelten’ van Krista Bracke, en maker van twee foto’s in het boek zelf.

HET FOTOGRAFEREN VAN DE NATUUR

Het pad van de digitale human interest foto’s verlaat Marlies Van Gelder voor een avontuurlijke tocht doorheen de analoge fotografie. ‘Ik wilde de geportretteerde maximaal tevredenstellen, verloor mijn eigen identiteit. Mensen verwachten teveel van je, het was tijd voor fotografie waardoor ik meer mezelf kon zijn.’ ‘Graag vertel ik mijn eigen verhaal in beelden, dat ligt me meer dan spreken.’ deelt ze me vertrouwelijk mee. De natuur biedt haar die mogelijkheid. Dat besefte ze voor het eerst toen ze met haar vader in het jaar 2000 Thailand doorkruiste.
In een breed scala van grijstinten toont ze bomen, plassen, struiken, wolken… alles wat een wandelaar vaak achteloos aan voorbijloopt. Haar poëtische blik neemt grijstinten waar, veegt kleur weg tot de natuur haar gemoed beroert. Ondanks het kleine afdruk formaat zijn haar zwart/wit beelden magistraal en benemen ze de aandachtige kijker de adem.

@ Marlies Van Gelder

WAAROM ZWART/WIT FOTOGRAFIE?

In een tijd dat AI de fotografie binnensluipt, kiest Marlies Van Gelder voor ongecompliceerde, analoge zwart/wit beelden. De computer is niet haar grootste vriend, voor haar analoge fotografie is hij overbodig. Digitale fotografie doodt volgens haar de verbeelding. Ze houdt niet van instant resultaat en laat zich liever verrassen. Zeg nu zelf, een belicht filmrolletje na 3 maanden ontwikkelen houdt toch de verwondering levendig?
Marlies Van Gelder: ‘Kleur foto’s zijn vermoeiend om naar te kijken.’ ‘Met zwart/wit fotografie kan ik meer focussen op mijn onderwerp’ ‘Zwart/wit foto’s zijn rustgevend.’ ‘Zwart/wit foto’s zijn delicater, verfijnder’. Dit kan ik alleen maar beamen.

DE DONKERE KAMER

Marlies Van Gelder legde een lange weg af. Via talrijke opleidingen kent ze de geheimen van de fotografie en in het bijzonder van de donkere kamer. Ze keert terug naar de oorsprong van de fotografie, naar het manuele, het ambachtelijke. Zo kan je letterlijk en figuurlijk de foto’s naar je hand zetten. Ontwikkelen en afdrukken, daar houdt ze van. De doka brengt haar rust, stilte en tijd voor zichzelf. In het rode of gele licht lijkt de tijd stil te staan. Ze is er alleen maar niet eenzaam. Het experiment schuwt ze niet: een ontwikkelbad blijkt een vat vol bevreemding; nabelichten, doordrukken… Ze doet het gecontroleerd en nauwkeurig, op zoek naar exacte nuances, sfeer en gemoed, naar het artistieke laagje dat haar foto’s speciaal maakt.

HET ONTBREKEN VAN MENS EN DIER

Wat me opvalt bij het bekijken van haar natuur foto’s is het ontbreken van mens en dier. Misschien zouden levende wezens het landschap beschadigen? Het ontbreken van elke referentie biedt een archetypische blik op de natuur. Met haar universele bossen kan ze meer mensen bereiken dan met een anekdotische foto waar mens en dier als figurant ronddwalen.

@ Marlies Van Gelder

WERKWIJZE

Marlies Van Gelder kiest niet voor geënsceneerde fotografie wel voor eerlijke fotografie. Technische perfectie streeft ze niet na wel het overbrengen van emotie bij het zien van wat groeit en bloeit, bij het horen van geluiden, van kabbelend of stromend water, van fluitende vogels of van een ruisende wind. Ze fotografeert intuïtief, wat haar ontroert en legt daarbij het innerlijke bloot. Kadrage en licht, twee sterk beïnvloedende factors, neemt ze in één oogopslag waar voor ze de knop indrukt. Daarin volgt ze Sally Mann, de Amerikaanse fotografe voor wie ze een grenzeloze bewondering heeft.

Bij het bekijken van de zwart/wit fotografie van Marlies Van Gelder merk je een dankbaarheid voor alles wat mooi en goed is. Haar foto’s zijn niet alleen een ode aan het leven maar stralen ook een grote bezorgdheid uit.

INFO

instagram https://www.instagram.com/marlies_vangelder/?hl=nl
facebook https://www.facebook.com/mies.vangelder

Marlies Van Gelder neemt deel aan de expo van het projectatelier van de Sint-Lucas academie DKO
Ijskelderstraat 62A, Gent
Vernissage vrijdag 8 maart 2024 van 19:00 tot 22;00
09/10//16/17 maart 2024 van 14:00 tot 18:00


Tekst Kathleen Ramboer
Fotografie Marlies Van Gelder, Kathleen Ramboer

OPEN CALL voor kunstenaars 2024

Startende kunstenaars gezocht

Ben je een startende kunstenaar met professionele ambities? Stel je dan kandidaat voor de Open Call van Kunst in Huis. Samenwerken met Kunst in Huis bezorgt je zichtbaarheid onder een breed publiek van kunstliefhebbers en een select gezelschap van kunstprofessionals en kan je carrière een boost geven.

In 2024 organiseert Kunst in Huis 2 Open Calls met de deadlines 1 maart en 1 oktober

Kunst in Huis is voortdurend op zoek naar nieuwe kunstenaars om de collectie mee uit te breiden. Daarvoor wordt er actief gescout naar nieuw, opkomend talent door een externe jury van experten. Kunstenaars die zich zelf kandidaat willen stellen voor een samenwerking met Kunst in Huis kunnen deelnemen aan de Open Call. Meer gedetailleerde info over de indien – en selectieprocedure vind je hier.

Kunst in Huis streeft naar een kwalitatief hoogstaand, inhoudelijk sterk en visueel divers aanbod. We engageren ons voor de kunstenaars waar we een samenwerking mee aangaan. Daarom beoordelen we kunstenaars op hun oeuvre: op de ontwikkeling die is doorgemaakt in de afgelopen jaren en het potentieel dat we in iemand zien voor de toekomst. We zetten in op beginnende carrières van zowel jong als niet meer zo jong talent. We zijn vooral opzoek naar talent met een professionele ambitie in de beeldende kunsten. Bekijk hier de informatiebrochure voor kunstenaars.

Denk jij dat je in aanmerking komt voor een samenwerking met Kunst in Huis? Mail dan je digitale dossier (portfolio, cv en een voorstel van werken die voor uitleen in aanmerking komen) op uiterlijk 1 maart 2024 naar artistiek@kunstinhuis.be.

info aan Kunstpoort medegedeeld door Kunst in Huis