De onvermijdelijkheid van verandering (Dansstorm)

Tekst Diana Van Bergeijk – fotografie Eric Rottée

Op zaterdag 17 mei bezoeken we Dansstorm in Brugge, een driedaags festival georganiseerd door Danspunt vzw.

Voor de voorstelling Shift – all forms are changing spreken we met Elien Lefevere, verantwoordelijk voor communicatie bij Danspunt én amateur danseres (moderne dans). Elien vertelt ons dat Danspunt de amateur en semi-professionele danssector ondersteunt met coaching, opleidingen, advies en projectondersteuning. Dansstorm wil dansers helpen om uit de black box (de theaterbox) te komen en de publieke ruimte te verkennen. Daardoor komen toevallige passanten in aanraking met dans.

Dansstorm wordt dit jaar voor de derde keer georganiseerd. De vorige keren werd het in Kortrijk en Mechelen gehouden. Dit jaar is het in Brugge in het Koningin Astridpark met de Heilige Magdalenakerk die voor het park staat. Twee jaar geleden is er al met lokale partners contact gelegd, zoals met het cultuurcentrum Brugge. In Brugge gebeurt er veel rond dans. Er zijn relatief veel dansscholen. Tijdens Dansstorm worden er eigen projecten geprogrammeerd, projecten van het Cultuurcentrum, van Kaap (Kunstencentrum, partner van Danspunt, zij programmeren podiumkunsten in Brugge en Oostende) en organiseren dansscholen initiatielessen. 

De locatie is samen met het Cultuurcentrum gekozen. Er is o.a. een meetingpoint in het park en het openluchttheater van Dansstorm dat tijdens elke editie van het festival op een bijzondere locatie wordt opgebouwd. Met de partners beslist Danspunt welke artiesten waar optreden, in het park of elders in de stad. Er is geen specifiek thema voor het festival. Danspunt bedenkt welke projecten ze hebben ondersteund en welke daarvan ze tijdens het festival een podium kunnen geven. Er komen vaak maatschappelijke thema’s naar boven. Zo speelt mentale gezondheid een belangrijke rol, waarbij het bewustzijn gecreëerd wordt dat je gelukkig wordt door te dansen.

Alle voorstellingen zijn gratis. Voor Dansstorm deelt Danspunt de kosten met de lokale kunstpartners. Danspunt zelf ontvangt subsidies van de overheid zoals alle amateurkunstenorganisaties.

Tijdens het festival zijn er veel vrijwilligers actief, van Brugge en eigen vrijwilligers van Danspunt. Compagnie Cordial (vroeger Refu Interim – nieuwkomers die als vrijwilliger ingezet worden) helpt ook mee om het festival te realiseren.

In de mooie Heilige Magdalenakerk die is aangekleed met moderne kunst, zien we de dansvoorstelling Shift – all forms are changing, gedanst door Svitlana Kolesova met muziek van Jozef Sercu en Pieter Elias. In het stuk komen de thema’s onvermijdelijkheid van verandering, het omgaan met wat voortdurend in beweging is, hoe daagt verandering ons uit, hoe verbindt verandering, duidelijk naar voren, zowel door de expressieve dans als de muziek met verschillende instrumenten.

Na de voorstelling ontmoeten we Svitlana, Jozef en Pieter buiten voor de kerk voor een gesprek. Daarbij is één vraag over het ontstaan van de voorstelling genoeg om de drie uitgebreid te laten vertellen. Svitlana vertelt dat het idee vanuit haar is ontstaan. Ze werkt als docent aan het Conservatorium van Brugge. Ze had al langer zin om weer eens iets te creëren. Zoals ze zelf zei “Ik had honger naar creëren”. Toen ze de vraag van Danspunt kreeg of zij iets wilde tonen tijdens Dansstorm heeft ze de ideeën waar ze al langer mee in haar hoofd zat, voorgelegd aan haar man Jozef. Ze werkten eerder samen en om “zichzelf niet te herhalen” hebben ze er goede vriend Pieter bij gevraagd en is het een co-creatie geworden. Een co-productie die al snel overging in een vloeiend creatief proces, van binnenuit. Het idee over ‘loslaten, afscheid nemen’, niet noodzakelijk van erge dingen, maar ook iets als ouder worden, mensen achterlaten, in het geval van Svitlana haar moederland achterlaten, zaken die spelen in ieders leven, zat al langer in haar hoofd. Svitlana heeft haar gedachten en gevoelens over wat ze in haar hoofd had aan de muzikanten voorgesteld en zij zijn samen gaan zitten om haar ideeën om te zetten in muziek. De muziekvoorstellen van Jozef en Pieter bleken al snel aan te sluiten bij wat Svitlana voor ogen had en daarna zijn ze met drie verder gaan werken.

Het bewustzijn dat het leven constant in beweging is, dat er steeds veranderingen zijn, negatieve én positieve, waar wij ons steeds op moeten aanpassen, soms gemakkelijk, maar soms ook heel moeizaam. In ieders leven zijn er onverwachte gebeurtenissen waar we mee moeten dealen, dat kan gaan om een verhuizing, een huwelijk, een kind, maar ook over een ruzie, de dood. Dat Svitlana uit Oekraïne komt (ze is voor de liefde naar België gekomen) heeft niet per se tot dit stuk geleid, maar de gebeurtenissen daar, haar familie die daar nog is, de veranderingen die daar gaande zijn, hebben haar natuurlijk wel beïnvloed.

De muziek is de verandering

Pieter en Jozef vertellen over hun proces. De muziek in het stuk ís de verandering. De dans ondergaat die veranderingen. Ze hebben wat studie gedaan naar rouwprocessen, naar hoe mensen doorgaans omgaan met veranderingen, welke veranderingen er in een leven zijn, grote en kleine en welke veranderingen we zien komen, nog niet willen, maar die onvermijdelijk zijn, zoals ouder worden. De muziekinstrumenten zijn heel bewust gekozen. Ze symboliseren de krachten, de veranderingen in het leven. Svitlana met haar dans ondergaat en visualiseert de verandering. De muziek is het leven zelf dat verandert. De processen die zich voltrekken in het leven. Zowel de danseres als de muzikanten kunnen hier niets aan doen. Het leven doet maar. Elke kleine handeling heeft een effect. De muziek vertegenwoordigt dat dringende leven, is oordeelloos, trekt zich niets aan van de persoon die dat ondergaat. Ook de verplaatsing van de muzikanten op het podium gebeurt om een nieuwe verandering aan te geven. Als voorbeeld van de bewuste instrumentkeuze halen ze aan dat de grote trom die ze aan het einde gebruiken, staat voor het hart van de kosmos. Dat hart is overal, maar je kan het alleen maar horen als je de dingen neemt zoals ze zijn, als je tot acceptatie komt.

We sluiten het interview af met de woorden van Jozef: “Veel mensen zijn ontroerd na de voorstelling, wij zelf ook. De klank, de warmte van de marimba, de diepte van de grote trom, brengt je tot iets wat heel dichtbij is, maar toch ook heel ver. Het is troostend en zorgt voor een diep gevoel van acceptatie.”

Denkt u aan gelegenheden waar ruimte is om producties als deze te creëren of deze voorstelling te mogen brengen? Neem contact op met Danspunt.

https://www.danspunt.be
https://dansstorm.be

Tekst Diana Van Bergeijk – fotografie Eric Rottée

Theaterstage JongDOEK tijdens Landjuweelfestival was meer dan toneelspelen

Tekst Diana Van Bergeijk – fotografie Eric Rottée

22 jongeren stranden op een luchthaven. Ze komen uit allerlei windstreken, spreken diverse talen, maar begrijpen allemaal het Engels van de omroepster. Eerst lijkt het alleen om een vertraging van het vliegtuig te gaan. Later worden alle vluchten geannuleerd. Wat doe je dan? Boosheid, frustratie, berusting. Aan alle emoties wordt uiting gegeven, maar dan lijkt er een oplossing. Met materiaal dat ze vinden op de luchthaven maken ze met z’n allen een soort vliegmachine en vliegen alsnog naar hun bestemming.

Dat is het resultaat van 4 dagen jongerenstage in de Tinnenpot in Gent. De stage werd van zaterdag 26 t/m dinsdag 29 oktober 2024 georganiseerd door JongDOEK, de jongerenafdeling van OPENDOEK, tijdens het Landjuweelfestival*. De stage wordt jaarlijks georganiseerd met ca. 15 jongeren. Dit jaar nemen er zelfs 22 acteurs deel aan de stage doordat het Oekraïense theatergezelschap Kalambur aangesloten is. 

Het eerste gesprek is met de coördinator van JongDOEK, Hannah Baudouin. “JongDOEK bestaat al zo’n 8 jaar. Wij organiseren van alles voor jongeren tussen de 13 en 26 jaar en ook regelmatig jongerenstages. De deelnemers van deze stage zijn leden van toneelgezelschappen die een voorstelling hebben ingestuurd voor het Landjuweelfestival, maar als vereniging niet geselecteerd zijn. Ons doel is kruisbestuiving. De Oekraïense groep is betrokken voor ultieme kruisbestuiving.” Volgens Hannah zijn er best veel jongeren en jongerenverenigingen. Er is wel een soort tussenleeftijd, rond de 30, die wegvalt.

We spreken met 5 spelers over hun ervaringen. Ze vertellen dat ze vooral zin hebben om te spelen. De een vertelt dat ze tot haar studie veel aan theater heeft gedaan, via de academie woord en in een toneelgezelschap, maar dat ze sinds haar studie aan het hoger onderwijs niet veel meer heeft gespeeld. Drie speelsters komen uit Lot waar ze zelfs drie afdelingen met jongeren hebben. Er is iemand die zich afvraagt of ze theater wil studeren en gebruikt de stage om haar beslissing te kunnen nemen. Allemaal vonden ze het heel spannend om hieraan mee te doen. “Je kent niemand. Komt hier alleen. Maar direct de eerste dag, zelfs de eerste 10 minuten, was dat over.

Het zijn allemaal toffe mensen.” Wat het vooral spannend maakte was het gaan spelen met de Oekraïners. De Vlaamse acteurs zagen de taal als een barrière en vroegen zich af of ze wel spontaan zouden kunnen acteren. Dat gevoel waren ze eigenlijk al heel snel kwijt. “We begonnen met twee groepen, maar geleidelijk gingen de groepen in elkaar over. We verstonden elkaar ook al spraken we niet allemaal even goed Engels. De regisseurs hebben ons daarin super enthousiast begeleid.”  De vier dagen waren intensief met van 10 tot 16u repetitie, vooral improvisatie en ’s avonds twee voorstellingen van het Landjuweelfestival. Ze hebben veel ideeën kunnen opdoen voor hun eigen vereniging. En iedereen is het erover eens dat ze veel van de Oekraïners hebben geleerd. “Zij doen dat mooi en goed. We willen allemaal terugkomen.”

Ten slotte spreken we met twee van de drie regisseurs Niels Nijs en Silke Claessens.  Silke heeft de regie na twee dagen overgenomen van Elisa Goossens. Niels en Silke vertellen dat ze zich bij het begin heel bewust waren dat de groep Oekraïners in hun eigen land al samen in een gezelschap speelden en de Vlamingen zo goed als niet. De eerste dag hebben ze iedereen samengezet en een soort kennismakingsoefeningen gedaan. “We hebben ingezet op verbinding, samenspelen om op die manier dichter tot elkaar te komen en niet de verschillen speciaal in de verf zetten. De Oekraïners hebben hun verhaal verteld, maar voor hen was het vooral belangrijk om in een veilige omgeving te mogen spelen en met het theatervak, waar ze heel veel van houden, bezig te zijn.”

“De groep functioneerde eigenlijk zoals in het begin met elke andere groep: in de pauzes apart, maar op de vloer was er snel contact. Dag na dag groeide het groepsgevoel. Vanaf dag drie was de groep één geheel. Toen zag je ze ineens samenzitten in de pauzes, telefoonnummers uitwisselen, filmpjes delen. De Vlaamse spelers werd een Oekraïens nummer aangeleerd. Het op zondagavond zien spelen van de Oekraïense groep in het programma van het Landjuweelfestival met de voorstelling ‘Because it’s my home‘ was ook belangrijk om de dynamiek verder te ontwikkelen.” Silke: “De kracht die deze jongeren binnenbrachten, zullen de Vlaamse jongeren ook zeker hebben gevoeld. We zijn onder de indruk. We moeten hier een week van bijkomen. Er is geen nieuwsartikel dat harder binnenkomt dan de verhalen hier.”

Over het stuk zelf vertelt Niels: “We hadden een ideeënconcept: veel mensen hebben het inherente verlangen om te kunnen vliegen. Hiervan hebben we elke dag een ander facet verkent. Welke personages kunnen we opvoeren, welke taal spreken ze, … Elke dag gaven we een improvisatieopdracht en specifieke maakopdrachten, zoals ‘Bouw eens een  machine. Welk lied zouden jullie zingen om die machine in gang te krijgen.’ Het raamwerk hebben wij gebouwd, maar de inrichting, alle planken, alle meubels, alle glazen hebben zij in elkaar gezet. De inhoud hebben zij gedaan. Silke en ik hebben alleen maar gekeken hoe het dan geworden was.”

Het resultaat hebben ze al snel losgelaten. Silke: “Als theatermakers ben je altijd benieuwd naar het resultaat. Hier was het resultaat van ondergeschikt belang.  Het gevoel overheerste dat wat er is, wat er bestaat, zal wel overeind blijven. Het is een groep met zeer veel kwaliteiten. De spelers hebben elke seconde alles gegeven wat ervoor zorgde dat we er vertrouwen in hadden. We hadden het gevoel ‘het zal er wel staan.’” Niels: “Het feit dat zij vier dagen hebben kunnen spelen, was voor hen een groter cadeau dan dat er allerlei lof zou komen over de voorstelling. Het gaat om wat ze hier hebben meegemaakt, de mensen die ze hebben leren kennen, de ervaring waar ze mee vertrekken.”

Complimenten over samenwerking, het ritme, nemen beide regisseurs dankbaar in ontvangst. Op de vraag of ze nog iets toe te voegen hebben, antwoorden ze samen: “Ongelofelijk straf dat Landjuweel de voorstelling van de Oekraïense groep ‘Because it’s my home’ heeft geprogrammeerd en we zijn zeer dankbaar dat we met die groep hebben mogen werken. Het was waanzinnig.” Niels: “Ik hoop met gans mijn hart dat hun voorstelling nog in andere theaters in gans België en zelfs daarbuiten mag spelen. Alleen al zodat die groep terug samenkomt. Iedereen moet dit gezien hebben. Hoe zij hun verhaal vertellen, matuur, met nog steeds een optimistische open houding.” Silke: “Ze hebben zoveel meegemaakt en toch geven ze geen enkel moment het gevoel dat ze je niet vertrouwen. Ze blijven maar geven. Geef deze mensen opnieuw een podium! Ik heb dat nog nooit zo sterk gevoeld als nu.”

* https://www.opendoek.be/beleven/landjuweelfestival

Links:
https://www.instagram.com/theatre_kalambur/
https://www.jongdoek.be
https://www.opendoek.be

Tekst Diana Van Bergeijk – fotografie Eric Rottée

Murmures épars – Louise Limontas

Nelson Mandela plein – Sint-Lambrechts-Woluwe

Tekst Diana Van Bergeijk Foto Eric Rottée

Als je van het Woluwe shopping center richting de ring rijdt, kan je er niet omheen kijken. De 8 panelen in graffiti stijl fleuren het fraai aangelegde plein Nelson Mandela op. Je denkt dat het graffiti is, maar als je dichterbij komt, blijkt dat de panelen bekleed zijn met touw, een deel geknoopt (macramé) en een ander deel geweven. 

Geïntrigeerd door het bijzondere gebruik van textiel en de oude technieken voor een kunstwerk dat ook nog eens buiten staat, zoeken we de kunstenares op in haar atelier in Anderlecht. Louise Limontas ontvangt ons daar hartelijk.
In haar atelier, dat Louise deelt met andere kunstenaars, valt ons meteen op hoe netjes en ordelijk alles is. Met voorbeelden van verschillende technieken en materialen laat ze zien wat ze allemaal kan en doet. Er hangt zelfs een werkje dat met kantklossen is gemaakt, een techniek die we tegenkomen in de kantwinkeltjes op de Grote Markt in Brussel, of die je kent van je overgrootmoeder. 

Louise laat ons haar machine zien waarmee ze zelf touw maakt door verschillende diktes en soorten touw met elkaar te combineren. Het touw dat ze verwerkt, koopt ze in bij een leverancier die voornamelijk gerecycleerd materiaal gebruikt. 

Het is vooral het maakproces dat Louise interesseert en het experimenteren met verschillende combinaties en dichtheden. Het is voor haar een uitdaging om technische details en technisch design op een artistieke manier te gebruiken. De koorden waarmee geweven werd in het kunstwerk Murmures Épars heeft ze ook zelf gemaakt. 

Bij haar weefgetouw toont ze hoe micro ze normaalgesproken werkt. Dit in tegenstelling tot het project in Woluwe. Dat is dan ook helemaal met de hand gebeurd. Ze werkte direct op het kader dat er speciaal voor gemaakt werd. 

Op de vraag hoe haar interesse voor textiel is ontstaan, antwoordt Louise: “Ik wist altijd al dat ik iets met mode wilde doen. Ik volgde ontwerpers die conceptueel werkten, zoals Hussein Chalayam, die zijn kleren begraven heeft om te zien wat er gebeurde met de materie.” Zelf heeft ze mode en textiel gestudeerd. Daarbij vond ze de zoektocht naar de materie het meest interessant, meer dan de kleding zelf, alhoewel ze het ook interessant vond om rond het lichaam te werken, de ruimte, het thema van het huis, alledaagse rituelen.

“Zo’n tien jaar geleden deed ik het afstudeerproject van mijn studie textiel rond Litouwse rituelen. Mijn grootvader was een Litouwer. Ik ben een jaar terug naar mijn roots in Litouwen gegaan. Ik vind de paganistische cultuur daar heel interessant. Ik hertekende Litouwse dekens, drapeerde de motieven en maakte daaruit nieuwe stoffen.”

“Ik vind bijvoorbeeld de stof van een dekbed of een canapé in een huis heel boeiend en hoe die vorm krijgt rond het lichaam. Hoe dat een aanwezigheid kan creëren zonder dat er iets onder is. Het contrast tussen aanwezigheid en afwezigheid van iets, gelinkt met de dood. Wat blijft erachter, de sporen die mensen achterlaten via objecten, via stoffen. Zo kreeg ik ook de gelegenheid om langere tijd in het huis van mijn oma te verblijven dat was leeggemaakt. Er bleven matrassen achter. Wat is daar allemaal mee gebeurd? Dat is een thema dat bij mij veel terugkomt.”

Sinds 2019 doet Louise projecten  waarbij ze bij mensen verhalen ophaalt. Die integreert en verwerkt ze vervolgens in een kunstwerk. Ze was drie maanden in Daon in Frankrijk en had daar een atelier met een groot weefgetouw ter beschikking. Ze ging bij de mensen langs voor verhalen, indrukken en objecten en verwerkte die in haar weefgetouw. Ze laat een foto zien van een abstract werk van een nummerplaat van een oude doodsauto.  Een beeldhouwer reed daarmee rond en af en toe sliep hij er zelfs in. Hij vertelde veel over wat hij allemaal had meegemaakt. 

In Woluwe heeft ze er ook voor gekozen om een participatief project te doen. Ze heeft drie maanden ateliers en workshops georganiseerd met groepen inwoners van Sint-Lambrechts-Woluwe. De vraag was steeds: ‘Wat is vrijheid?’.  Als voorbeeld geeft ze dat ze met een groep jongeren van het Franstalig atheneum rond graffiti werkte. “We hebben woorden gezocht en uitgetekend en samen geweven om zo deeltjes van iedereen in het kunstwerk verwerkt te hebben in de hoop dat ze ook fier zijn op het werk. De ateliers hadden ook de bedoeling om de mensen met textiel en vergeten technieken in aanraking te brengen.” Voor de ateliers had ze meerdere weefgetouwen in gebruik gekregen en resten touw van haar leverancier in koorden.

Louise heeft zichzelf die vergeten technieken aangeleerd. Ze had er altijd al een fascinatie voor: “Processen die veel tijd nemen ook half-mechanische technieken, die aan de basis van industriële processen liggen. De link met de industrie vind ik interessant. We leven in een wereld waar alles zo snel gaat. Waar het moeilijk is om tijd te nemen voor iets. Ik heb het idealistische idee dat alles wat ik draag of in mijn huis heb, zelfgemaakt zou moeten zijn. Ik vind het belangrijk dat we weten hoe iets gemaakt wordt. Dat er respect is voor objecten, voor alles, voor materiaal, om iets bij te houden. Ik bewaar en ook mijn familie bewaart veel van het verleden. Er is niet altijd een reden voor, maar er zit veel emotie in. Ook in de dingen die ik maak zit veel emotie en verhalen, van mezelf en van anderen.”

Over de keuze van de vorm van het kunstwerk in Sint-Lambrechts-Woluwe zegt Louise: “Ik vind het interessant om te spelen met de ruimte. Iets wat gemeenschappelijk is. Graffiti, is een kunst op zich. Het gaat hierbij om jezelf te uiten, maar ook om het innemen van de publieke ruimte. Iets heel persoonlijks en intiems zet je op een muur die niet van jou is, open en bloot. Met de graffiti muur in gedachten maakten we met 8 panelen een soort waaier. Op de tekening die ik als basis voor het kunstwerk maakte, had ik vooral groenachtige en bruinachtige kleuren met een paar kleuraccenten gekozen. Die kleurkeuze gebeurt vaak intuïtief. Ik ben gebonden aan ongeveer 10 kleuren van mijn kleurenkaart. Omdat het kunstwerk buiten staat, moest ik ook rekening houden met wat het licht doet met kleur. Daarom zit er geen rood in, want dat verbleekt snel. Het viel sommigen op dat er geen geel verwerkt was, maar dat is niet opzettelijk. Wit en zwart zijn het belangrijkste. Dit is ook weer gebaseerd op graffiti waar de vormen door wit en zwart afgebakend worden.” Aan het weven en knopen heeft Louise zes maanden gewerkt. Het weven deed ze alleen. Voor het macramé had ze drie maanden hulp.

“Ik voelde me een soort projectmanager. Het was moeilijk om iemand te vinden die de omkadering kon maken en ook kon plaatsen. Je moet er dan ook wel op kunnen vertrouwen dat het op tijd in orde komt. Het  laten passen van de tekening in de kaders was heel spannend. De installatie gaf veel stress door slecht weer.” 

Het Nelson Mandela plein met het kunstwerk Murmures Épars is officieel geïnaugureerd op 11 juni in het bijzijn van de Zuid-Afrikaanse ambassadrice. Over die officiële ceremonie zegt Louise: “De ambassadrice gaf een heel mooie speech. Er waren verrassend veel mensen aanwezig. Het is goed dat er zoveel aandacht voor was. Ik ben blij met het resultaat en vind het kunstwerk zelfs mooier dan ik van tevoren had gedacht. Het is geslaagd door de diversiteit, door de verschillende talen. Dat waar Nelson Mandela voor stond, komt naar voren in het werk. Samen met de mensen heb ik altijd rond Nelson Mandela en het thema vrijheid gewerkt. Ook met de jongeren die ik dan vroeg of ze Nelson Mandela kenden. Toen we startten met de ateliers was net de oorlog in Oekraïne begonnen, dus het onderwerp was heel actueel. De geschiedenis blijft zich herhalen en we leren er niet uit. Het is belangrijk om daar iets mee te doen. Brussel is heel multicultureel. Ik als Brusselse vind dat een pluspunt. Ik vind het belangrijk om dat positief te benaderen, al die verschillende talen en culturen. Ik vind dat inspirerend. In het kunstwerk staat dan ook bijvoorbeeld een Hindisch woord, een Russisch, een Perzisch, … 

De naam Murmures Épars heeft Louise zelf bedacht. Murmures staan voor de fluisteringen tussen de mensen in de workshops en mij. Dingen die ik op een bepaalde manier verwerkt heb. Het zijn ‘onverhalen’. Het is intiem. Het is als een geheime code. Je hebt de tekening ernaast, maar dan nog zijn er woorden in vreemde talen gecombineerd met die graffiti stijl en de gebruikte techniek die niet goed leesbaar is. Het is een beetje flou. Épars betekent verspreid, maar die vertaling is eigenlijk niet poëtisch genoeg. MurMures – spelen met muur, omdat het een soort muur is. Épars staat dan voor geen heel dichte muur.

“Ik heb meerdere dromen. Als ik fulltime verder kan doen wat ik nu doe, zou ik al superblij zijn. Dat zou ideaal zijn. Ik heb zin om naar plekken te gaan waar technieken gebruikt worden die amper meer gedaan worden. Ik hoop ooit nog in Litouwen projecten te kunnen gaan doen. Ik heb daar een jaar gewoond, ik heb contacten en ik spreek de taal. Het land ligt me nauw aan het hart. Wat ik ook heel leuk vind zijn de workshops die ik met mensen doe. Projecten met menselijke en collectieve aspecten. Daar wil ik naartoe. Alleen al een textielatelier samen met de mensen uit de buurt en ze laten ontdekken wat er mogelijk is, vind ik heel fijn.  Daarom ga ik ook in op de vraag van vzw’s of gemeenschapscentra om ateliers te organiseren.”

Het is duidelijk dat we nog wel een en ander mogen verwachten van Louise. Inspiratie genoeg en de ‘vergeten’ technieken worden door haar op een heel bijzondere manier weer modern. 

https://www.louiselimontas.com
https://www.facebook.com/louise.limontas
https://www.instagram.com/louiselimontas/

Tekst Diana Van Bergeijk
Foto’s Eric Rottée

Het verhaal achter Drink and Draw in Brussel

Tekst Diana Van Bergeijk – Foto’s Eric Rottée

Als ik op donderdagavond 25 april om half 8 het Belgisch Stripmuseum aan de Zandstraat in Brussel binnenstap, lijkt het alsof ik niet op de juiste plek ben. Het is stil in de hal van de verborgen parel in Art Deco stijl en het lijkt alsof het museum zoals op andere avonden gesloten is. Aan het onthaal is niemand aanwezig, maar bovenaan de trap die je direct bij binnenkomst ziet, zie ik toch wat beweging. Ik ga de trap op en heb al snel door dat het event Drink & Draw wel degelijk hier plaatsvindt. Op de eerste verdieping zitten rond de balustrade aan de vide zo’n 60 mensen voorovergebogen over hun tekenpapier, schetsblok of schrift en zijn geconcentreerd bezig met een tekening. Ik zie dat de tekenaars gebruikmaken van potloden, stiften en krijt van zichzelf, maar ook van wat er voor hen op tafel is gelegd.

Aan de zijkant van de ruimte staan wat tafels. Achter een tafel zit een DJ die tijdens het tekenen zorgt voor muziek in verschillende stijlen. Er is een kleine bar waar je doorlopend de ‘drinks’ kan kopen. Na een paar minuten stopt de muziek en begrijp ik de gang van zaken. Voor de tafels waaraan de DJ zit, staat organisator Leticia Sere klaar om de tekenaars een nieuwe opdracht te geven waar ze opnieuw een kwartier voor krijgen. De opdracht betreft de opwarming van de aarde en wordt geïllustreerd met een projectie op een scherm achter haar. Daarna is het de beurt aan de gast-illustratoren die voor deze avond zijn uitgenodigd. O.a. Charlotte Dumortier geeft een opdracht en gaat de tafels langs voor tips en bewondering.

Dit is het moment waarop Leticia zich even kan terugtrekken en ik haar wat vragen mag stellen. Veel moeite kost dit niet, want ze vertelt uit zichzelf het verhaal achter Drink and Draw.
Het idee van Drink and Draw is een internationaal concept. Het wordt georganiseerd in verschillende steden in de wereld en elke organisator vult het in op haar/zijn eigen manier. “Het is bedoeld om tekenaars uit te dagen vanuit hun eigen tekenwereld, hun eigen realiteit. Ik nodig professionele tekenaars uit, elke keer anderen en praat het programma aan elkaar. Het concept is altijd hetzelfde. Andere steden organiseren soms ook modeltekenen, in de stad gaan schetsen of zo, de zgn. urban sketchers. Bij ons zijn er altijd Belgische of internationale tekenaars die de sessies begeleiden. De maandelijkse avonden zijn telkens op een andere locatie. Vanavond dus in het Belgisch Stripmuseum en we waren bijvoorbeeld al op de boekenbeurs, in verschillende culturele centra en volgende maand zijn we in het Design museum.”

Op mijn vraag naar wat de drijfveer is van Leticia antwoordt ze dat ze zelf tekenaar en schilder is. “Ik geniet ervan om te tekenen, om met andere tekenaars een fijne avond te beleven, om andere mensen, vaak beginners, in contact te brengen met andere tekenaars. Er gaat een wereld voor ze open en dat is heel belangrijk. Er is geen druk, je hoeft niet goed kunnen tekenen, het is voor alle niveaus. Op het einde gooien we de tekeningen toch weg. Er is niets helemaal afgerond.”
Leticia organiseert de avonden al vier jaar. “De deelnemers zijn vooral vrouwen, maar ook mannen van alle leeftijden. Alle talen worden er gesproken en daarom spreken we Engels. Gemiddeld bezoeken rond de 80 personen de Drink and Draws.” Leticia geniet van zoveel enthousiaste mensen die aan het tekenen zijn. “Het is een activiteit die mindful is, maar ook sociaal. Je trakteert jezelf op een fijn moment. Als je tekent kom je in de ‘zone’ zoals wij dat noemen, je bent dan aan het creëren. Op deze avonden doe je dat in groep.”

De Drink and Draw avonden worden zonder extra financiering georganiseerd. Er is de samenwerking met de plek waar de avond georganiseerd wordt. “Uit de samenwerkingen, vloeien weer andere samenwerkingen, zoals tentoonstellingen. Voor het Anima Festival (het internationaal animatiefestival van Brussel) hebben we stills van tekenfilms uitgegeven als prenten. We willen toe naar partnerschappen waar iets nieuws uitvloeit.”
Het valt me op dat Leticia steeds over ‘we’ spreekt. Ze legt uit dat zij dit allemaal niet alleen doet. “Ik betrek graag andere kunstenaars in mijn avonturen. En we werken ook als illustratiestudio. Zo heb ik voor een opdracht van Cinema Palace 10 tekenaars gevraagd om samen filmposters te maken.”


Op mijn vraag waar zij zich als tekenaar op richt vertelt ze dat haar illustraties helemaal anders zijn dan haar schilderijen. De schilderijen zijn heel serieus en haar tekeningen juist heel vrolijk, kleurrijk. Leticia is van opleiding kunsthistorica. “Ik ben begonnen zonder opleiding in illustratie en heb me bijgeschoold aan de School of Arts in Londen. Ik wou in mijn leerproces ook anderen betrekken en ben daarom begonnen met de workshops.”

Kunst maken, Drink and Draws organiseren én er is de winkel Grafik in Schaarbeek. Leticia vertelt hierover: “Onze winkel is een klein paradijs voor illustratie liefhebbers. Je vindt er alles voor de illustrator. Het is er vol met boeken en prenten. We organiseren tentoonstellingen, workshops, kleine Drink and Draws voor de gemeenschap in Schaerbeek, … “Voor de winkel heb ik vanaf het begin een architect gevraagd om mee na te denken over een multifunctioneel gebruik van de ruimte om zowel projecties te kunnen doen, workshops te organiseren, en winkel te hebben. De winkel kan ik openhouden dankzij stagiaires. Ik begeleid studenten van verschillende kunstscholen met het opdoen van ervaring in de praktijk. Dat kan gaan van het organiseren van evenementen tot het maken van kunst, het ontdekken van technieken. Een vaste opdracht aan de studenten is om een sticker te ontwerpen voor de winkel die ik kan gebruiken voor het netwerken, dus als visitekaartje.”

Heb je dit allemaal met een vooropgesteld plan opgezet? “Veel komt door ervaring gaandeweg. Het is vanaf het begin een bewuste keuze geweest om voor kwaliteit te gaan. Maar het is wel een soort opoffering waar ik aan vast zit. Voor de winkel heb ik moeten investeren en een lening aangaan. Het is heel fijn, want er zijn geen andere mensen die dit aandurven. Mensen reageren heel positief. Ik heb aanvragen vanuit heel Europa. Laatst zelfs een bezoeker vanuit Maleisië.” Leticia beantwoordt nu mijn vraag van het begin: “Ik ben door passie en motivatie gedreven. Dat moet wel, anders lukt het niet.”
Ze zegt het soms ook best zwaar te vinden om zoveel te combineren. Naast de kunst heeft ze nog een halftijdse job, kinderen en moet ze ook nog de tijdrovende administratie doen die bij haar zelfstandige activiteiten komen kijken.  
Ze zegt chaotisch te zijn, maar ik trek dat in twijfel. Leticia zegt daarop dat het echt waar is, maar dat ze geleerd heeft om gestructureerd te werken. Ze moet met lijstjes werken. 

Ik kom nog even terug op de Drink and Draws en vraag wie de special guests van de Drink and Draws zijn. Leticia vertelt dat dit meestal kunstenaars zijn die professioneel met kunst bezig zijn. Het kunnen kennissen of vrienden zijn uit het circuit, maar er passeren ook internationale kunstenaars die ze niet kent. Het is niet dat ze elke keer dezelfde kunstenaars uitnodigt. Er zijn er al heel veel gepasseerd met alle stijlen uit alle landen. Het geeft ze weer kansen. Het is niet zeldzaam dat Leticia na zo’n avond een opdracht aan de gast-tekenaar kan doorgeven.

Ik sluit het interview af met de vraag wat ze graag nog zou willen vertellen. 

‘Wees niet bang om iets te proberen wat je nog nooit hebt gedaan. De meest originele tentoonstellingen kwamen uit probeersels. Zo hebben wij bijvoorbeeld ook eens behangpapier met illustratiewerk gemaakt met superresultaat. En een tentoonstelling met spiegels gedaan rond personages van videogames. Ik kan niet iemand bedenken die dat ook gedaan heeft.
En wat Leticia zeker nog gezegd wil hebben: “Welkom in de winkel Grafik in Schaarbeek!”

Als ik terugkom bij de tafel is mijn collega-reporter Eric geconcentreerd met zijn tekening bezig. Het tekenen roept herinneringen op aan zijn jonge jaren toen hij heel veel tekende. Tegenover ons zit een moeder met haar zoon. De zoon is vandaag 18 geworden en ze nemen samen deel aan de Drink & Draw om de verjaardag te vieren. De jongen vond tekenen altijd al wel leuk, maar is er sinds een jaar serieus mee bezig. En hij kan het. Met relatief simpele figuurtjes maakt hij een mooi verhaal.
En ook zijn moeder is getalenteerd. Vroeger maakte ze tekeningen voor haar kinderen, zodat zij die konden inkleuren. Nu is het iets wat ze voor zichzelf doet. 
Moeder en zoon genieten zichtbaar van het gezelschap met dezelfde interesse.

Rond half 10 roept Leticia op om nog een laatste drankje te gaan kopen omdat de bar nog maar een kwartiertje geopend zal zijn. De tekenaars maken af waarmee ze bezig zijn en babbelen nog wat na. Langzamerhand loopt de zaal leeg. De DJ begeleidt ons met zijn muziek naar buiten.

Ik heb vanavond kennisgemaakt met een zeer gedreven kunstenares met een prachtige missie en ontdekt dat ondanks de digitalisering van de maatschappij tekenen met potlood en krijt voor jong en oud nog altijd een fijne hobby is. 

https://www.grafik.brussels
https://www.instagram.com/grafik1030/
https://www.facebook.com/grafik1030

Tekst Diana Van Bergeijk  
Foto’s Eric Rottée